thumb|Producten uit Mexico die te maken hebben met bijgeloof; thee voor diabetici, liefdeszeep, een kaars voor bescherming tegen vijanden en poeder voor geld thumb|Gelukskoekje thumb|Een sikkel wordt in de grond geprikt in een contour van het lichaam van de zieke, in dit geval in het hoofd wat zou moeten werken tegen hoofdpijn, Korea. thumb|De taijitu binnen trigrammen en spiegel beschermen tegen kwade geesten en ongeluk. thumb|Bijgeloof rondom kinderboom, Zweden Bijgeloof, volksgeloof of alternatieve religiositeit is geloof in het bovennatuurlijke, afwijkend van of niet gebaseerd op de gevestigde, 'officiële' geloofsovertuiging. De term 'bijgeloof' is in het verleden vaak gebruikt om een dominante godsdienst te legitimeren en wordt thans in de (godsdienst)wetenschap niet meer gehanteerd. Strikt genomen is een onderscheid tussen geloof en bijgeloof niet te maken.
Onder bijgeloof of volksgeloof wordt doorgaans verstaan dat iets veroorzaakt zou kunnen worden door bovennatuurlijke krachten of machten. Door bepaalde handelingen uit te voeren zou men deze krachten kunnen neutraliseren, oproepen of bijsturen. Meestal heeft het betrekking op het verwerven van geluk en het afweren van ongeluk. Het heeft vaak betrekking op voorwerpen en symbolen.Van Dale, Online woordenboek, Definitie van bijgeloofWoordenboek van Kernerman, geraadpleegd via woorden.org
In het verleden speelde bijgeloof of volksgeloof een belangrijke rol in het dagelijks leven. Het "verklaarde" schijnbare toevalligheden - weliswaar vaak achteraf - en gaf hoop om de kans op ongeluk af te wenden. Hoewel het tegenwoordig minder invloed heeft op het openbare leven, is het nog altijd wijdverbreid in de samenleving aanwezig. Dergelijke overtuigingen komen waarschijnlijk voort uit de menselijke eigenschap om verschillende concepten met elkaar te verbinden, ook al is er geen verband.
Bijgeloof of volksgeloof De term 'bijgeloof' is relatief. De betekenis ervan hangt af van degene die de term gebruikt. Vaak is geloof voor de een immers het bijgeloof van de ander. De term bijgeloof kan gebruikt worden om het geloof van een ander te ridiculiseren. De Romeinse keizer Constantijn bestempelde heidendom als bijgeloof en Tacitus noemde het christendom een schadelijk bijgeloof. Evenzo noemen veel protestanten de katholieke verering van beelden en prentjes van heiligen bijgeloof of zelfs afgoderij. Aanhangers van de grote godsdiensten beschouwen het totemgeloof van de Aborigines in Australië als bijgeloof. In Suriname is winti lange tijd als zodanig beschouwd.
Bijgeloof is dus een waardeoordeel. Om die reden is de term wetenschappelijk achterhaald. Wanneer het gaat over geloofsovertuigingen naast het gangbare christelijke geloof wordt tegenwoordig eerder van 'volksgeloof' gesproken (hoewel ook hieraan een waardeoordeel kan kleven).
Bijgeloof versus religie Een verschil tussen (populair) bijgeloof en (gevestigde) religie is dat het eerste zich vaak op specifieke aardse zaken richt en de mogelijkheid om daar greep op te krijgen. Religie is veelomvattender en richt zich meer op zingeving in een groter geheel; alle religieuze verhalen en regels vormen een geheel, vaak vastgelegd in (oude) geschreven bronnen.
In Europa gaat het onderscheid tussen geloof en bijgeloof grotendeels terug op de christelijke cultuur. Binnen het christendom wordt bijgeloof gezien als een zonde, omdat het een overtreding zou zijn van de eerste der tien geboden. Hiernaast beroept men zich op Bijbelteksten uit de boeken Leviticus (19:31) en Deuteronomium (18:9-12). In de teksten van Leviticus en Deuteronomium staat dat men zich niet mag bezighouden met occulte praktijken (magie etc.), waarmee ook bijgeloof wordt bedoeld. Een nogal barbaarse vorm van bijgeloof is het offeren van mensen (kinderen bij Moloch) of dieren; al komt ook dit voor in de Bijbel (Abraham die gevraagd wordt zijn zoon te offeren, maar dit uiteindelijk niet ten uitvoer hoeft te brengen). Bijgeloof wordt afgewezen in zowel de Catechismus van de Katholieke Kerk als in de Heidelbergse catechismus.
Binnen de islam wordt bijgeloof betiteld met de term shirk, waarmee ruwweg het er op nahouden van andere goden of krachten wordt bedoeld.
Atheïsten zien geen of slechts een gradueel verschil tussen bijgeloof en religie.
Populair bijgeloof Getallen / ongeluksgetal 13 thumb|De lift in een flatgebouw in Shanghai, de etages 4, 13 en 14 ontbreken (de begane grond is verdieping 1, vandaar dat ook de 0 ontbreekt) thumb|Een klavertjevier, een hoefijzer, symbolen en getallen Een van de bekendste voorbeelden van bijgeloof is het hechten van betekenis aan het getal 13, in de westerse wereld bekend als een ongeluksgetal. Sommige hotels en ziekenhuizen hebben geen dertiende kamer of dertiende verdieping en in vliegtuigen ontbreekt vaak de 13e rij stoelen: na verdieping, kamer of rij 12 komt nummer 14. Dit bijgeloof of de angst hiervoor is de triskaidekafobie.
Als de dertiende dag van de maand op een vrijdag valt, wordt dit aangeduid als ongeluksdag (zie Vrijdag de dertiende). In Amerika is becijferd dat een vrijdag de dertiende de economie miljarden dollars kost. In grote steden merkt men aan het openbaar vervoer dat er op die dag meer mensen thuisblijven. Vrijdag de dertiende wordt in veel landen als een ongelukkige dag beschouwd. In Spanje is dat dinsdag (martes trece); in Griekstalige landen is dat dinsdag de dertiende.
Een verklaring voor 13 als ongeluksgetal is het volgende; aan het Laatste Avondmaal zaten dertien personen, waaronder Judas, de verrader van Jezus. Een oudere verklaring zegt dat het getal dertien niet in het twaalftallige stelsel paste. De Romeinen zagen in het getal een symbool van dood, verwoesting en ongeluk. Een verklaring ligt in de Egyptische kalender; vijf toegevoegde (ongeluks)dagen samen vormen de dertiende maand. Het was een ongelukkige periode, omdat het Nijlwater op zijn allerlaagste peil stond, wat insectenplagen meebracht die zich samen met de koude noordenwind verplaatsten. Bovendien verkeerde iedere weldenkende Egyptenaar in bange afwachting of de ster Sopdet (ook wel Sothis) wel terug zou verschijnen en aldus de komst van de nieuwe vruchtbare Nijlvloed aankondigen. In de Griekse mythologie is Isis-Sothis (Sirius) de grote Hondsster (zie ook Hondsdagen).
Overigens zijn sommige mensen ervan overtuigd dat 13 juist een geluksgetal is. Het verhaal dat het een ongeluksgetal zou zijn, is volgens hen bedoeld om de rest van de mensheid zand in de ogen te strooien, zodat rij 13 vrijgehouden blijft voor de slimmerik die doorheeft dat 13 eigenlijk een geluksgetal is. Heksen zouden graag vergaderen met z'n dertienen.
Prins Bernhard beschouwde 13 als zijn geluksgetal en hij reed altijd in een auto met kenteken AA-13.
Ook China kent een bijgeloof wat nummers betreft. De 8 wordt gezien als een geluksgetal. Uit een onderzoek in China bleek bijvoorbeeld onder meer dat mensen bereid waren een aanmerkelijk hoger bedrag te betalen voor een nummerplaat voor hun auto met het cijfer 8 er in (het Chinese geluksgetal). Nummerplaten met een cijfer 4, het ongeluksgetal, waren veel goedkoper.
Hoefijzers Een hoefijzer zou beschermen en geluk brengen, zoals in het volksverhaal Met de nachtmaar getrouwd. Volgens het bijgeloof verdubbelt het aldus verkregen geluk, als het hoefijzer boven een deur gespijkerd wordt.
Als de opening naar boven wordt gehangen, wordt het geluk als het ware opgevangen, als de opening echter naar beneden hangt loopt het geluk uit de opening en trekt het hoefijzer ongeluk aan. Ironisch genoeg zijn er ook landen waar het hoefijzer juist met de opening naar beneden moet worden opgehangen, zodat het ongeluk eruit loopt.
Als men een hoefijzer vindt, behoort het over de linkerschouder geworpen te worden, nadat de betreffende persoon een wens heeft uitgesproken. Daarna moet men doorlopen zonder om te kijken. Vroeger hingen mensen vaak hoefijzers boven de deuren om betoveringen af te weren en te voorkomen dat toverfeeën de pasgeboren baby zou ontvoeren. Men geloofde dat heksen en feeën bovennatuurlijke overlevenden van lang geleden waren. In die tijd kende men nog geen ijzer, en daarom zouden heksen en feeën bang zijn voor het materiaal. De vorm van een hoefijzer doet denken aan de halve-maanvorm, die bij vele volkeren symbool stond voor welvaart en geluk. Onder andere Admiraal Nelson spijkerde een hoefijzer aan de mast van zijn vlaggenschip HMS Victory.
Een van de oudste verhalen waarin de bijzondere eigenschappen van het hoefijzer worden beschreven is de legende van Sint Dunstan, een Engelse bisschop die leefde in de tiende eeuw. Hij was niet alleen een groot geleerde, maar ook musicus en edelsmid. Op een zekere dag kwam de duivel bij de bisschop langs en vroeg hem zijn hoeven te beslaan. Dunstan zag meteen wie hij voor zich had, bond de duivel vast, zette een van zijn tangen op de neusgaten van de duivel en dwong hem zo te beloven dat hij nooit een huis zou binnengaan waar een hoefijzer aanwezig was. Er bestaan afbeeldingen van Sint Dunstan waarop hij de duivel met zijn tang bij de neus heeft.
Paraplu's Het binnenshuis openen van een paraplu betekent ongeluk. Veel mensen kennen die uitspraak. Maar er bestaan ook minder bekende varianten. Zo zou het laten vallen van een paraplu leiden tot acuut verstand- of geheugenverlies. Een gevallen zonne- of regenscherm zou men nooit zelf mogen oprapen, want dat leidt tot ongeluk in de toekomst. Wanneer een dame haar paraplu opraapt, zal zij een oude vrijster worden. Een paraplu cadeau doen of op een tafel of bed leggen lokt de kwade geesten uit die zich eronder verschuilen. Een paraplu openen als het mooi weer is, brengt al ongeluk.
Het klavertjevier Het klavertjevier is een teken van voorspoed en geluk. Klaver zou beschermen tegen betoveringen van heksen; vooral het klavertjevier. Als men dat in bezit heeft, zou men heksen van gewone mensen kunnen onderscheiden en onzichtbare feeën kunnen waarnemen. Dromen van een klavertjevier voorspelt een lang en voorspoedig huwelijk. Als een meisje een klavertjevier in haar rechterschoen doet, zal zij trouwen met de eerste man die zij tegenkomt, of iemand met dezelfde naam.
De klaver wordt in verband gebracht met St. Patrick (shamrock) en de leprechaun.
Een klavertje vijf zou juist ongeluk brengen.
Spiegels thumb|Men ziet zijn geliefde in de spiegel, Halloween. Een spiegel breken zou zeven jaar ongeluk betekenen. Dit geloof is afkomstig uit de tijd van het Romeinse Rijk; de weerspiegelingen zouden een reflectie van de ziel zijn, en een gebroken spiegel tastte de ziel aan. Vroeger veronderstelde men dat het lichaam elke zeven jaar van fysiologische samenstelling zou veranderen. Daardoor dacht men dat een periode van ongeluk automatisch zeven jaar in beslag nam.
Spiegels die niet werden gebruikt, moeten worden afgedekt; ze zouden de bliksem aantrekken. Ook in het huis van een overledene moest men de spiegels afdekken, om twee redenen: de dood zou de menselijke ijdelheid immers toch doorbreken, en de overleden ziel zou andere zielen met zich kunnen meetrekken.
Volgens het Amerikaanse bijgeloof kon een ongehuwde vrouw haar toekomstige echtgenoot in een spiegel zien. Daar was wel een bepaald ritueel voor nodig. Het moest op de vooravond van Allerheiligen, Halloween, gebeuren. Wanneer ze om middernacht met een brandende kaars in de hand in een spiegel keek zou het gezicht van haar toekomstige partner (liefde) verschijnen.
Er zijn ook veel horrorfilms gemaakt over spiegels. Die films zijn meestal gebaseerd op het oude bijgeloof dat als een spiegel onbedekt was en er iemand op een brute manier stierf, dat haar of zijn ziel in de spiegels werd gevangen. Deze demon zou iemand die de spiegel breekt dan 7 jaar ongeluk brengen.
Op hout afkloppen