Ischemie is een onvoldoende doorbloeding naar een orgaan of weefsel, waardoor er in het betreffende weefsel een zuurstoftekort optreedt dat de energieleverende celademhaling en vervolgens de hele stofwisseling in de weefselcellen belemmert.
Ieder orgaan in het lichaam, van mens en van dier, heeft voor het functioneren een zekere hoeveelheid zuurstof, energieleverende stoffen en bouwstoffen nodig, die bij alle organen door het bloed worden aangevoerd. Stoffen afkomstig van de stofwisseling in de weefselcellen, bijvoorbeeld bilirubine, kunnen worden afgevoerd. Vermindert of stopt de bloedtoevoer, dan komt het orgaan in moeilijkheden. Dat gebeurt na een tijdsduur die omgekeerd evenredig is met de intensiteit van de stofwisseling in het betreffende weefsel of orgaan.
Oorzaken Er zijn twee oorzaken voor ischemie: problemen in de aanvoer van bloed en problemen bij de afvoer. Het laatste komt minder vaak voor, maar is wel van belang. Als alle afvoerende bloedvaten zijn verstopt, is de doorstroming ook in gevaar.
Er is in de meeste gevallen sprake van problemen in de aanvoer. Mogelijke oorzaken daarvan zijn: Het hart klopt te langzaam of niet voldoende krachtig, de symptomen van hartfalen. De aanvoerende slagader is verstopt door: een trombus. Dat geeft trombose. een embolie arteriosclerose atheromatose De slagader is afgekneld door: een tumor een beklemde breuk, een complicatie bij onder andere een navelbreuk en liesbreuk torsie, bijvoorbeeld een gedraaid stuk darm intus-susceptie, een ineengeschoven stuk darm onvoldoende circulerend bloedvolume door bloedverlies bij een verwonding sikkelcelanemie
Gevolgen De hersenen zijn het gevoeligst voor ischemie en lopen al na enkele minuten zonder toevoer van zuurstof en voedingsstoffen, de celbrandstof glucose, onomkeerbare schade op. Een ander kwetsbaar orgaan is de hartspier. Veel andere weefsels en organen kunnen enkele uren van zuurstof en voedingsstoffen verstoken blijven, mits ze worden gekoeld. De stofwisseling in weefsel en organen met een lagere temperatuur dan gewone lichaamstemperatuur verloopt langzamer dan normaal. Bijvoorbeeld een gekoelde donornier kan bij 0°C worden vervoerd om deze vervolgens bij een nierpatiënt te implanteren.
Behandeling De behandeling ligt in theorie voor de hand: de doorstroming weer op gang brengen door de pompfunctie van het hart te herstellen, het bloedvolume op peil te brengen en de geblokkeerde vaten weer open te maken. In de praktijk is dit een van de lastigste problemen van de geneeskunde. Vooral naarmate de geblokkeerde vaten kleiner zijn, is het moeilijker de doorbloeding te herstellen. Het is voor het herstel van het lichaam na een voorval in de hersenen en in het hart, omdat die gevoelig voor een gebrek aan zuurstof zijn, belangrijk de behandeling erna snel uit te voeren.
Voorbeelden van behandelingen om de doorbloeding te herstellen zijn trombolyse, PTCA of dotteren en een overbruggingsoperatie.
Voorbeelden Bekende, op ischemie berustende klachten bij de mens zijn onder andere: in het hart: hartinfarct angina pectoris, dat is een pijn op de borst door doorbloedingsstoornissen van de hartspier in de hersenenneurologische aanvalstypen TIA, transient ischemic attack, kortstondige ischemische aanval cerebrovasculair accident, beter bekend als beroerte of attaque tussenvormen hiervan: RIND of reversible ischemic neurological deficit amaurosis fugax, een gevolg van een doorbloedingsstoornis van het netvlies etalagebenen, claudicatio intermittens angina abdominalis, plotselinge heftige buikpijn vasculaire gangreen
Categorie:Aandoening