thumb|Lezing van Thea Hilhorst (Wageningen University) over noodhulp - Universiteit van Nederland Humanitaire hulp of noodhulp is hulp aan slachtoffers van een natuurramp of door de mens veroorzaakte rampen (bijv. gewapende conflicten). Het primaire doel van noodhulp is het redden van levens, het verminderen van menselijk lijden en het bewaren en beschermen van menselijke waardigheid.Development Initiatives, Global Humanitarian Assistance 2007/2008, United Kingdom, February 2008 De hulp wordt gegeven in acute noodsituaties, zoals rampen, aanslagen, hongersnoden, humanitaire crisissen en overstromingen. Daarnaast wordt ook hulp gegeven aan landen die langdurig in crisis of oorlog verkeren.

Humanitaire hulp, noodhulp, of humanitaire noodhulp zijn termen die vaak door elkaar worden gebruikt, maar in details verschillen. Humanitaire noodhulp refereert meestal aan acute ondersteuning bij rampen, waarbij humanitaire hulp gericht is op de iets langere termijn, herstel van de samenleving en capaciteitsopbouw. Humanitaire hulp onderscheidt zich tevens van ontwikkelingshulp: ontwikkelingshulp richt zich op de aanpak van de onderliggende socio-economische oorzaken van armoede en crisissituaties. Het kan dus losstaan van een ramp of juist de vervolgstap zijn na een periode van humanitaire (nood)hulp.

Noodhulp wordt verstrekt in de vorm van geld, goederen en personeel. In praktijk gaat het meestal om het verlenen van onderdak voor ontheemden, medische zorg, voedsel, drinkwater en sanitatie, onderwijs, bescherming van kwetsbare mensen, en terugkeer en herhuisvesting van vluchtelingen en ontheemden. Humanitaire hulp

Rampen thumb|Het aantal gerapporteerde rampen stijgt sterk Er zijn verschillende soorten rampen. Zo zijn er rampen veroorzaakt door de natuur (vulkaanuitbarsting, tsunami, aardbevingen, orkaan, pandemie etc.), rampen veroorzaakt door invloeden van buitenaf (meteoorinslag) en rampen die hun oorzaak vinden in menselijke interactie of ingrijpen. Voorbeelden zijn o.a.: oorlogen, milieu en de gevolgen van veranderingen hierin (droogte, opwarming van de planeet, onbalans in economische verhoudingen). De eerste twee decennia van 21ste eeuw zijn het aantal gerapporteerde rampen sterk toegenomen.

Tussen 1994 en 1998 werden jaarlijks gemiddeld 428 rampen genoteerd, tussen 2003 en 2007 waren dat er 727 per jaar.P. Develtere, De vrije markt van de ontwikkelingssamenwerking, Davidsfonds Uitgeverij Leuven, 2009In 2020 werden er 398 rampen gerapporteerd, tegen 2030 worden er 530 rampen per jaar verwacht.

Het aantal slachtoffers steeg, zoals mensen die hun woning verloren, honger leden of geen toegang hadden tot drinkwater. Het Internationale Rode Kruis schatte hun aantal tussen 1998 en 2007 op 280 miljoen per jaar. Droogte en hongersnood zijn de meest dodelijke rampen.

Financiering De financiering van noodhulp komt uit verschillende bronnen. De belangrijksten zijn overheden, VN-organisaties, niet-gouvernementele organisaties (ngo's), het Rode Kruis en de Rode Halvemaan, particuliere donaties, lokale bevolkingsgroepen en overschrijvingen van migranten.

Het is moeilijk om het totaalbedrag aan humanitaire hulp vast te stellen, omdat niet alle betalingen zichtbaar zijn. Een aantal landen en organisaties zijn verplicht te rapporteren wat ze uitgeven aan noodhulp. Dat geldt voor multilaterale instellingen, de EU en donorlanden die lid zijn van de Development Assistance Committee (DAC) van de OESO, de Organisatie voor Economische Samenwerking en Ontwikkeling. Ook een aantal niet-DAC-landen rapporteert de uitgaven aan noodhulp. Deze donorgemeenschap gaf in 2008 een bedrag van bijna 12 miljard dollar uit aan noodhulp.Office for the Coordination of Humanitarian Affairs, OCHA annual report 2008, United Nations, Geneva, 2008

Daarnaast zijn wereldwijd duizenden non-gouvernementele organisaties betrokken bij noodhulp, zoals Artsen zonder Grenzen en Oxfam International. Wereldwijd spenderen deze organisaties naar schatting 4,2 miljard dollar aan noodhulp. Iets meer dan de helft van dit bedrag, circa 1,7 miljard dollar, komt van particuliere donaties. De rest van het bedrag bestaat uit overheidsfinanciering van deze ngo's.Development Initiatives, Public support for humanitarian crisis through NGOs, February 2009, revised edition

De omvang van lokale hulp na een noodsituatie wordt zelden gerapporteerd. Dat geldt ook voor overboekingen van migranten naar familie en bekenden in een getroffen gebied. Mogelijk is deze vorm van noodhulp meer waard dan alle andere vormen van hulp.

Organisatie Verenigde Naties De Verenigde Naties (VN) spelen een belangrijke rol in het organiseren van noodhulp. Deze taak is in handen van het Office for the Coordination of Humanitarian Affairs (OCHA), de noodhulporganisatie van de Verenigde Naties. Het OCHA zorgt voor de coördinatie van de humanitaire respons na een ramp of een noodsituatie. Zij doet dit uitsluitend op aanvraag van een regering van een getroffen land.

Het OCHA heeft hoofdkantoren in New York en Genève, en dertig regionale kantoren wereldwijd. OCHA wordt voor een klein deel direct gefinancierd door de VN, maar is grotendeels afhankelijk van bijdragen van lidstaten.

Consolidated en Flash Appeals Om noodhulp te stroomlijnen, gebruiken het OCHA en donoren het Consolidated Appeal Process (CAP). Dat betekent dat de VN en overige hulpverlenende organisaties gezamenlijk de behoeften van het land in kaart brengen, en duidelijk aangeven hoe donoren het beste kunnen helpen. Het CAP stelt vervolgens een Common Humanitarian Action Plan (CHAP) op, een strategisch plan voor humanitaire actie in een getroffen gebied.

En speciale categorie verzoeken vormen de Flash Appeals. Een Flash Appeal is bedoeld voor het stroomlijnen van humanitaire actie na een onverwachte ramp. Een Flash Appeal verschijnt binnen twee tot vier weken na de gebeurtenis, en richt zich in hoofdzaak op levensreddende hulpacties en beginnende herstelwerkzaamheden.

Central Emergency Response Fund Snelheid en voorspelbaarheid van de donaties zijn essentieel om betrouwbare noodhulp te verlenen. De contributies van donoren zijn echter niet altijd tijdig en voorspelbaar. In 2006 werd daarom een speciaal fonds ingesteld, het Central Emergency Response Fund (CERF). Het doel van het CERF is om de hulpverlening na een ramp sneller op gang te brengen. Het CERF beschikte in 2008 over 500 miljoen dollar. Maximaal twee derde is bestemd voor de financiering van noodsituaties, het overige bedrag is bedoeld voor de financiering van zogeheten vergeten conflicten.

Het CERF is een voorbeeld van een samengevoegd fonds, waarin donoren hun bijdragen samenvoegen om de uitvoering van projecten te versoepelen en te versnellen. Andere samengevoegde fondsen voor het verstrekken van noodhulp zijn Emergency Response Funds en Common Humanitarian Funds. In 2008 beschikten deze pooled funds over 859 miljoen dollar. Dat is iets meer dan 7 procent van het totale donorbedrag voor noodhulp.

Besteding In 2008 werd 7 miljard dollar aangevraagd via Consolidated en Flah Appeals. Donoren droegen een bedrag van 5,5 miljard dollar bij, iets minder dan de helft van hun totale budget voor noodhulp. Dat betekent dat in ongeveer 70 procent van de aangevraagde verzoeken werd gefinancierd.

De financiering fluctueert echter sterk. In 2004 werd er gemiddeld 1.241 dollar uitgegeven aan elk slachtoffer van de Aziatische tsunami, terwijl er slechts 23 dollar werd besteed aan slachtoffers van de humanitaire ramp in Tsjaad.In 2009 was dit gegeven te lezen op http://www.oxfamnovib.nl (geraadpleegd op 17 juni 2009)

Overfinanciering en 'vergeten conflicten' In een aantal gevallen krijgen landen méér geld dan zij hebben aangevraagd. In 2006 was dat het geval in Libanon, Kenia en Oost-Timor. Daar tegenover staan noodsituaties die veel minder geld ontvingen dan nodig. De Hoorn van Afrika, Burundi, Somalië en Congo ontvingen in 2006 minder dan de helft van het aangevraagde bedrag. De financiering van plotselinge rampen verloopt beter dan de financiering van langdurige noodsituaties, die ook wel vergeten conflicten worden genoemd.

Voedselhulp De meeste noodhulp gaat op aan voedsel: tussen 2000 en 2006 werd 12,2 miljard dollar aan voedselhulp besteed. Dat was ruim de helft van alle noodhulp. Uitgaven in deze periode voor gezondheid, (1,4 miljard dollar), water en sanitatie (560 miljoen dollar), onderwijs (492 miljoen dollar) en onderdak (428 miljoen dollar) waren veel lager.

Een steeds groter deel van de noodhulp gaat naar Afrika. In 2006 ontving deze regio 46 procent van alle noodhulp. In 1995 was dat nog 31 procent. De noodhulp aan Azië steeg in diezelfde periode van 27 procent naar 34 procent, terwijl noodhulp aan Europa afnam van 18 naar 1 procent.

Uitvoering thumb|Voedseldistributie door Unicef in Kibati-camp, Goma, Congo, november 2008. Het enorme aantal mensen dat hulp nodig heeft maakt de distributie moeilijk. Terwijl het VN-kantoor OCHA verantwoordelijk is voor de coördinatie van noodhulp, ligt de uitvoering in handen van duizenden lokale en internationale organisaties. Twee organisaties die zich uitsluitend bezighouden met het verlenen van noodhulp, zijn het Rode Kruis en Artsen zonder Grenzen. Ook een aantal VN-organisaties speelt een belangrijke rol in het verlenen van humanitaire hulp, zoals het Wereldvoedselprogramma, het kinderfonds Unicef en UNHCR, het instituut van de Hoge Commissaris voor de Vluchtelingen. Het Bureau Humanitaire Hulp van de Europese Commissie (ECHO) is verantwoordelijk voor alle humanitaire hulpactiviteiten van de Europese Commissie. Voor veel ontwikkelingsorganisaties, zoals Oxfam Novib of Cordaid, is noodhulp een onderdeel van de activiteiten.

Nederland thumbtime=1:23|thumb|Bioscoopjournaal uit februari 1972. De organisatie Heel Vietnam verzamelt in het gebouw van het Rode Kruis te Den Haag grote hoeveelheden babyvoedsel en medische apparatuur in voor zowel Noord- als Zuid-Vietnam. Het Medisch Comité Nederland-Vietnam in Nijmegen richt zich op hulp aan Noord-Vietnam en heeft speciale fietsen voor Vietnam laten maken voor gebruik door artsen. Nederland verleent humanitaire hulp aan landen die al jaren in oorlog of crisis verkeren, en aan landen in acute noodsituaties. Nederland eist bij het aanbieden van noodhulp dat deze wordt gecoördineerd door OCHA, de noodhulporganisatie van de VN. In complexe noodsituaties gaat Nederland uit van het Consolidated Appeal Process (CAP). Nederland kijkt hoe zij kan bijdragen met geld, expertise of mankracht. In acute situaties richt de Nederlandse hulp zich op onderdak, voedsel en voedselzekerheid, (reproductieve) gezondheidszorg, water en sanitaire voorzieningen, en bescherming, terugkeer en hervestiging van vluchtelingen en ontheemden.Humanitaire hulp: hoe en wat?

Voorbeelden van Nederlandse humanitaire hulp zijn te vinden in Darfur (Soedan) en de Democratische Republiek Congo. Nederland gaf noodhulp na de tsunami in 2004 en de aardbeving in Pakistan in 2005. In Pakistan bood het Nederlandse Urban Search and Rescue Team (USAR) medische hulp en borg mensen uit de puinhopen. Nederland verleende ook hulp na de orkaan Katrina in de Verenigde Staten. Een Nederlands pompenteam hielp delen van New Orleans droog te pompen. In 2022 moest het Rode Kruis voor het eerst ook noodhulp verlenen in Nederland toen door stagnatie van doorstroom van vluchtelingen asielzoekers in Ter Apel buiten in het gras moesten slapen.

België Zie B-FAST

Kwaliteit Criteria