Jan Wolters van de Poll (1759 – 1826) was een directeur van de Sociëteit van Suriname (1785-1791) en burgemeester van Amsterdam van 1808 tot maart 1811.
Biografie Van de Poll was de zoon van Jacobus van de Poll (1724-1807), bewindhebber Vereenigde Oostindische Compagnie en Cornelia Jacoba Wolters (1726-1795) en erfde van hen enkele familieportretten.Deze collectie vererfde op zijn zuster Sara Maria Dedel-van de Poll, die vijf jaar later overleed. Daarna kwam de collectie terecht bij Harmen van de Poll (1774-1834) en daarna bij diens zoon Harmen Jan van de Poll (1809-1870). In 1935 is de collectie ondergebracht in de Van de Poll-Wolters-Quinastichting. Hij trouwde met de koopmansdochter Bregje Agatha de Smeth (1760-1823) en woonde op Herengracht 48, 435, 440 en 537. Ze kregen vijf kinderen,DTB Stadsarchief Amsterdam die allen op jonge leeftijd overleden.
In december 1811 werd Van de Poll door Napoleon Bonaparte benoemd tot senator. Dit hield zijn verheffing tot comte de l'Empire (graaf van het Keizerrijk) in, maar deze titel werd later door koning Willem I niet erkend.
Jagtlust Van de Poll was eigenaar van de buitenplaats Jagtlust in De Bilt. In 1797 kocht hij de ernaast gelegen boerderij Ekelestein van de erven van Eduard Sanderson, kanunnik in het Kapittel van Sint-Marie in Utrecht. Toen Van de Poll drie jaar na zijn echtgenote overleed, werden Jagtlust en Eikelestein per openbare veiling verkocht aan Willem Diemont.
Categorie:Burgemeester van Amsterdam Categorie:Directeur van de Sociëteit van Suriname Categorie:Nederlands lid van de Sénat conservateur Jan Wolters Categorie:Napoleontische adel Categorie:Persoon in de Nederlanden in de 18e eeuw