thumb|De Atlas van Farnese, rond 150 n.Chr. thumb|De globe van Behaim uit 1492 thumb|Jodocus Hondius met een van zijn globes thumb|De Blaeuglobe, uit het laatste decennium van de zeventiende eeuw thumb|Een zakglobe uit 1716. Aan de binnenzijde van het omhulsel zijn kaarten van een hemelglobe aangebracht thumb|Een tafelglobe uit 1765, waarop een Noordwestelijke Doorvaart is aangegeven thumb|Een hemelglobe uit 1792/93 thumb|Een globe uit de negentiende eeuw, bedoeld voor gebruik in het onderwijs, met analemma van de zon thumb|"Worldwind", open source kaartensoftware uit 2017, aanvankelijk ontwikkeld door NASA Een globe is een bolvormige kaart, oftewel een schaalmodel van de Aarde. Op een globe zijn de verhoudingen in grootte, vorm en afstand tussen de meeste landen en continenten beter te representeren, wat met een platte kaart niet mogelijk is. Echter zijn er sommige continenten die op veel ouderwetse wereldbollen niet volledig accuraat zijn gerepresenteerd, zoals het continent Afrika.globe, nationalgeographic.com, geraadpleegd 28 juli 2015. Gearchiveerd op 30 september 2015.
Er bestaan ook globes van de sterrenhemel, zogenaamde hemelglobes. Daarop wordt niet het oppervlak van een hemellichaam weergegeven, maar de hele hemelbol met de helderste sterren en/of andere hemelobjecten die niet lijken te bewegen ten opzichte van de Aarde. Zon, maan en planeten ontbreken om die reden. De hemelglobe is ouder dan de aardglobe en dat vindt zijn weerslag in wat bewaard is gebleven: de oudste nog bestaande hemelglobe, de Atlas van Farnese, dateert van 150 n.Chr. De oudste aardglobe die is behouden, de Erdapfel, werd in 1492 vervaardigd. Het perspectief van een hemelglobe is opmerkelijk: het toont de sterren alsof de kijker zich buiten, ofwel achter, de hemelbol bevindt.
In het verleden waren globes veel meer dan simpelweg modellen: het waren instrumenten om kennis over de planeet en het universum mee te delen en verspreiden. Met onderdelen ervan, zoals de horizonring en de meridiaanring konden astronomische verschijnselen berekend worden. Een globe heeft een as door de polen, waardoor ze kan draaien. Vroeger zat daarop soms een uurcirkel, waarmee het verstrijken van de tijd rond de Aarde werd aangegeven, lang voordat de wereld in tijdzones werd verdeeld. Ten slotte heeft het instrument een stabiele voet, vroeger wel met een waterpas of kompas uitgerust.
Etymologie Het Nederlandse woord globe, in het verleden ook wel 'gloob', is ontleend aan het Frans. Daarvan is het Latijnse 'globus' voor 'bol' de bron.Globe, etymologiebank.nl, geraadpleegd 1 augustus 2015. Gearchiveerd op 24 september 2015. Het instrument wordt ook wel 'wereldbol' genoemd, maar dat kan een wat verwarrende term zijn, omdat dit woord ook gebruikt wordt voor de planeet.
Achtergrond De geschiedenis van de globe hangt nauw samen met de ontwikkeling van wetenschap en techniek in het algemeen. Om te beginnen is een bolvormig model van de Aarde pas zinvol als men weet dat de planeet een bol is. Ook voor iemand die er niet van overtuigd is dat de Aarde rond is, kan de sterrenhemel bolvormig lijken, onder meer door de draaiing van de Aarde. Daarom waren er eerder hemel- dan aardglobes. De menselijke kennis over planeet, continenten en oceanen heeft tot de achttiende eeuw nodig gehad om alleen al op hoofdlijnen duidelijkheid te verschaffen en de ontwikkeling van de globe reflecteert die inspanningen. Daarnaast speelden bij de geschiedenis van globes die van de boekdrukkunst en de cartografie een rol.
Afbeeldingen van de wereld en de kosmos waarin we leven maken mensen al sinds de vroegste vormen van beschaving. De oudst bekende landkaart staat op een Babylonisch kleitablet uit de 24e eeuw v.Chr. Pas in het Oude Griekenland werd cartografie tot wetenschap verheven en werden daarbij aanzienlijke vorderingen gemaakt.Stevenson, Vol. I, p. 1. Pythagoras introduceerde het idee van een bolvormige Aarde in de zesde eeuw v.Chr. en hij vond navolging bij onder meer Plato en Aristoteles enkele eeuwen later.Sumira, p. 13. Eratosthenes maakte rond 240 v.Chr een berekening van de omtrek van de planeet. Rond deze tijd moet het idee ontstaan zijn van een bolvormig model van de wereld.Stevenson, Vol I, p. 7.
Ontstaan Hemelglobes In de derde eeuw v.Chr. moet een hemelglobe vervaardigd zijn door Eudoxus van Cnidus. Daarover bestaan slechts verwijzingen in geschriften van anderen, zodat er verder niets over bekend is.
De Atlas van Farnese is Romeinse kopie van een Grieks beeld van de god Atlas (mythologie) die het hemelgewelf op zijn schouders torst. Op deze hemelglobe uit het midden van de tweede eeuw v.Chr. zijn 41 sterrenbeelden afgebeeld. Uit dezelfde periode zijn nog twee metalen hemelglobes bewaard gebleven, met een diameter van 6,3 respectievelijk 11 cm.
Aardglobes De eerste aardglobe waarvan met enige zekerheid gesteld kan worden dat zij gemaakt moet zijn, was van de hand van Krates van Mallos, halverwege de tweede eeuw v.Chr.Bilić, T. (2012); "Crates of Mallos and Pytheas of Massalia:Examples of Homeric Exegesis in Terms of Mathematical Geography", in: Transactions of the American Philological Association, vol. 142 (2012) p. 297. Online hier. Uit ruwweg dezelfde tijd stammen vermeldingen van globes die in het onderwijs werden gebruikt, doch daarvan is verder niets bekend.
Ptolemaeus Na Krates van Mallos heeft in elk geval de Griekse geograaf Ptolemaeus met en aan globes gewerkt. Ptolemaeus bewees het wetenschappelijk nut van meridianen en parallellen op een globe.Stevenson, Vol I, p. 10. Hij toonde aan dat het een stelsel van geografische coördinaten opleverde waarmee plaatsen op Aarde eenduidig kunnen worden weergegeven. Ook stelde hij voor globes te voorzien van een meridiaanring zodat afstanden en hoeken makkelijker afgelezen konden worden.
Middeleeuwen Veel van de door de Grieken opgedane kennis raakte in Europa in de middeleeuwen in verval. Van globes was dan ook zo'n 900 jaar geen sprake meer. In de Arabische wereld werden nog wel hemelglobes gemaakt, doch pas vanaf de negende eeuw.Sumira, p. 14. Een eeuw later wordt melding gemaakt van een hemelglobe in Europa en in 1444 zou Nicolaas van Cusa er eentje aangeschaft hebben.
Er zijn spaarzame vermeldingen over het bestaan van aardglobes in de vijftiende eeuw, maar het oudst bewaard gebleven exemplaar is de Erdapfel uit 1492. Deze werd door Martin Behaim vervaardigd, in opdracht van en betaald door de Rijksstad Neurenberg, die het instrument voor haar burgers tentoonstelde. Op de Erdapfel ontbreken Australië, Noord- en Zuid-Amerika. Japan ligt op 1500 km ten westen van Europa. Dat komt zo sterk overeen met de informatie waarop Christoffel Columbus zijn reis naar (vermoed) Indië over de Atlantische oceaan baseerde, dat Behaim en Columbus hun kennis uit dezelfde bron moeten hebben verkregen.Behaim's Erdapfel: The Oldest Extant Terrestrial Globe, website UC Santa Barbara, geraadpleegd 28 juli 2015.
Manuscriptglobes Vóór 1500 waren globes unieke exemplaren, die voor één doel of één opdrachtgever werden vervaardigd. Het kaartmateriaal werd met de hand op een bol aangebracht. Dat noemt men een manuscriptglobe. De uitvinding van de boekdrukkunst zorgde voor verspreiding van allerlei soorten kennis, de Renaissance bracht hernieuwde belangstelling voor hetgeen de Klassieken hadden voortgebracht. Daarnaast werden diverse ontdekkingsreizen ondernomen, die de kennis over verre oorden deden toenemen, waardoor allerlei cartografie telkens achterhaald bleek en nieuwe nodig was. Begin zestiende eeuw werden al veel kaarten gedrukt en vandaar was het een relatief kleine stap naar het drukken van kaartafbeeldingen voor globes, waardoor men deze in serie kon gaan produceren.
Toch zijn in en na de zestiende eeuw nog manuscriptglobes gemaakt. Een voorbeeld daarvan is de globe van Hunt-Lenox, die rond 1510 werd gemaakt door een onbekende.The Hunt-Lenox Globe, website Bibliotheek van New York, geraadpleegd 27 juli 2015. Op het westelijk halfrond toont de globe een groot eilandcontinent van Zuid-Amerika, "Mundus Novus" (nieuwe wereld) genaamd. Ten noorden daarvan liggen slechts een paar verspreide eilanden. De globe is van gegraveerd koper en wordt bewaard in de New York Public Library.
Zestiende eeuw In 1507 produceerde de Duitse cartograaf Martin Waldseemüller een kaart die op bolvormig object kon worden geplakt, waarmee een globe werd verkregen. Daarvoor maakte hij als eerste gebruik van segmenten die als duigen van een ton om de bol werden gevouwen. Tegelijk maakte hij een platte wereldkaart. Op beide kaarten beeldde hij als eerste het continent Amerika af en Waldseemüller was degene die het werelddeel haar naam gaf.Het continent werd ook weergegeven, maar niet genoemd, op een kleine globe die mogelijk uit 1504 stamt. Dit is echter niet met zekerheid vast te stellen.
De eveneens Duitse geograaf, cartograaf en astronoom Johannes Schöner, een leerling van Waldseemüller, produceerde vanaf 1515 globes in een relatief grote oplage, die daarom ook algemeen verspreid raakten. Hij maakte doorgaans paren van een aard- en een hemelglobe. Voor het kaartmateriaal deed hij een beroep op de kennis die van Ptolemaeus was overgeleverd, aangevuld met reis- en ontdekkingsverslagen van onder meer Marco Polo. Daarnaast moeten enkele kaartdelen aan de fantasie ontsproten zijn, toentertijd niet ongebruikelijk, zoals het door Schöner afgebeelde Terra Australis. Hij maakte gebruik van houtsnedes voor het drukken van zijn segmenten, die bij veranderende of toegenomen kennis niet konden worden hergebruikt. In 1520 en in 1533 gaf hij daarom nieuwe edities uit. Zijn hemelglobes waren ten opzichte van voorgangers verbeterd door toegenomen kennis, onder meer door sterrenkaarten van Albrecht Dürer.
De Nederlandse geograaf en wiskundige Gemma Frisius (1508-1555) was de volgende globemaker die aanzienlijke verbeteringen in het ontwerp aanbracht. Ten eerste maakt hij zijn globes door laagjes papier op een houten frame te lijmen, waarna aan de buitenkant een laagje gips werd aangebracht. De gedrukte kaart werd vervolgens op het gips aangebracht. Deze productiewijze zou tot ver in de negentiende eeuw de standaard zijn. Ten tweede maakte Frisius gebruik van de techniek van de kopergravure, waarmee meer details zijn aan te brengen dat met houtsnedes en verbeterde hij het onderstel. Ten slotte maakte Frisius van het produceren van globes teamwork, waar verschillende specialisten bij betrokken waren. Voor het drukken van het kaartmateriaal deed hij onder meer een beroep op Gaspard van der Heyden en op Gerard Mercator.
Mercator De Vlaamse kosmograaf en cartograaf Gerard Mercator maakte naast vele landkaarten aardglobes in grote oplages. Vanaf zijn eerste editie in 1541 tot circa 1590 was hij Europees marktleider op dit gebied. Mercator introduceerde de loxodroom op zijn globes, waarmee navigatie vereenvoudigd werd.Sumira, p. 20. Ook voorzag hij zijn instrumenten van een meridiaanring, een horizonring en soms een kwadrantboog waarmee hoekmetingen ten opzichte van de meridiaan konden worden uitgevoerd. In een enkel geval voorzag hij het onderstel van een kompas. Met deze aanpassingen was een globe van Mercator een multifunctioneel geografisch instrument geworden en veel meer dan slechts een model van de planeet.
Met de aanpassingen door Mercator kwam min of meer een eind aan 50 jaar experimenteren met onder meer constructie, kaartproductie en onderdelen van de globe sinds Behaims Erdapfel. De globe van 1590 zou in grote lijnen de standaard blijven tot diep in de negentiende eeuw.
Zeventiende eeuw