Wilhelm Frederik Hennink (Woerden, 28 september 1886 – Amsterdam, 8 juni 1948) was een Nederlandse beroepsmilitair die werd onderscheiden voor zijn inzet tijdens de Slag om de Grebbeberg, tot Ridder 4e klasse in de Militaire Willems-Orde.
Levensloop Wennink trad in 1902 in militaire dienst en werd opgeleid tot officier aan de hoofdcursus in Kampen. In 1908 werd hij benoemd tot tweede luitenant der infanterie. In de jaren 20 werd Hennink vijf jaar uitgezonden naar Nederlands-Indië en deed dienst bij de KNIL. In 1936 werd hij benoemd tot majoor en in 1939 tot luitenant-kolonel, toen hij commandant werd van het 8e Regiment Infanterie.
Slag om de Grebbeberg Tijdens de Duitse aanval op Nederland in 1940 leidde Hennink het 8e Regiment Infanterie, dat met twee bataljons op de Grebbeberg en één ervoor de meest zuidelijke sector van de Grebbelinie verdedigde. Zijn commandopost lag op de noordwestflank van de Grebbeberg, in een uitgebouwd loopgravenstelsel nabij Ouwehands Dierenpark.
In de late avond van 9 mei 1940 ontving Hennink instructies voor paraatheid van zijn troepen. In de daaropvolgende nacht rapporteerde Hennink een groot aantal passerende vliegtuigen over Wageningen, die van oost naar west vlogen, en besefte dat deze neutraliteitsschending oorlog betekende voor Nederland. Op 10 mei werd dit bevestigd door aanvallen van Duitsche duikbommenwerpers op zijn stellingen.
Op 11 mei 1940 viel het SS-regiment Der Führer (Waffen-SS) de zuidelijke sector van de Grebbelinie aan. Deze stoottroepen van de 207e Infanterie Division hadden de opdracht door de Grebbelinie bij Rhenen te breken. Dit was het begin van de Slag om de Grebbeberg.
Het terrein tussen Achterberg en de Nederrijn lag boven de zeespiegel en was niet onder water gezet. Ter verdediging waren loopgraven aangelegd met zogenaamde 'weerstandbiedende voorposten'. Deze werden op 11 mei overlopen door de Duitsers. Het daar liggende bataljon viel uiteen: vele Nederlandse soldaten verlieten hun 'voorpost' (het waren dienstplichtigen met zeer beperkte training).
Op 12 mei werd de eigenlijke linie op de Grebbeberg aangevallen. De situatie werd in toenemende mate verward, waarbij stellingen soms verlaten werden door gedemoraliseerde troepen. Een tegenaanval liep op niets uit. In de namiddag van 13 mei 1940 besefte Hennink dat de val van zijn commandopost een kwestie van tijd was en dat de Grebbelinie verloren was. Twee van zijn drie bataljonscommandanten, majoor Jacometti en majoor Landzaat, waren intussen al gesneuveld. In de avond stuurde hij twee man weg met het regimentsvaandel om dit veilig te stellen.
Ondanks de uitgeputte en deels gedemoraliseerde troepen besloot Hennink door te gaan met de verdediging van zijn commandopost en hield de 14e mei stand, mede door de terugtrekking van Duitse troepen voor hergroepering. In de avond trok Hennink met een hondertal manschappen naar de Rijn waar ze zich verschansten in een kalkzandsteen-fabriek in de hoop om op enig moment naar de Betuwe over te steken. De volgende dag, 15 mei, berust hij 's middags in de nauwkeurigheid van berichten over de capitulatie.
Krijgsgevangene In de ochtend van 16 mei 1940 werd Hennink op straat door een Duitse officier aangehouden en krijgsgevangen gemaakt. Twee maanden later tekende hij de erewoordverklaring en werd vrijglaten. In mei 1942, wanneer de Nederlandse officieren wegens hun relatief grote betrokkenheid bij het verzet weer in krijgsgevangenschap werden geroepen, belandt Hennink in het krijgsgevangenkamp Stanislau (Stalag 371), in het tegenwoordige Ivano-Frankivsk in Oekraïne. In juni 1945 kwam hij vrij en keerde terug in Nederland.
Laatste jaren thumb|347x347px|Grafzerk van W.F Hennink Hennink werd in januari 1946 tijdelijk benoemd tot kolonel. Op 9 mei 1946 werd Hennink benoemd tot Ridder der vierde klasse van de Militaire Willems-Orde, wegens "Heeft zich in den strijd door het bedrijven van uitstekende daden van moed, beleid en trouw onderscheiden door de wijze waarop hij op 12 en 13 Mei 1940 het commando over zijn regiment op den Grebbeberg heeft gevoerd. Heeft ten slotte op 13, 14 en 15 Mei met ongeveer honderd man van verschillende onderdeelen zijn geïsoleerden en omsingelden commandopost aldaar tegen een overmachtigen vijand zoo hardnekkig verdedigd, tot zelfs na de hem toen nog niet bekend zijnde algemeene capitulatie, dat de vijand ondanks voortgezette aanvallen, zelfs met een pantserwagen, zich daarvan niet gewapenderhand heeft kunnen meester maken, terwijl omgekeerd vijandelijke zware mitrailleurs konden worden buitgemaakt. Heeft daardoor ook belet, dat de vijand zich van het regimentsvaandel kon meester maken. Hij heeft voorts mogelijk gemaakt, dat het vaandeldoek behouden is gebleven."
In juni 1946 verliet Hennink de militaire dienst, waarna in september 1946 zijn tijdelijke rang werd omgezet in een blijvende titulaire rang van kolonel. In juni 1948 overleed hij op 62-jarige leeftijd en werd met militaire eer begraven op het Militair ereveld Grebbeberg.
Onderscheidingen Hennink werd verschillende keren ondrscheiden: Mobilisatiekruis 1914-1918 Militaire Willems-Orde (MWO.4), 9 mei 1946 Officierskruis
Bronnen
Hennink, Willem Frederik Hennink, Willem Frederik Categorie:Nederlands kolonel Categorie:Nederlands krijgsgevangene in de Tweede Wereldoorlog