China (uitspraak: [ˈʃina]; ), voluit Volksrepubliek China (), is een land in Oost-Azië. De Volksrepubliek China heeft een sterk gecentraliseerd en autoritair bestuur met een communistische staatsinrichting en een eenpartijstelsel, maar een semi-vrije markt en sterk geïndustrialiseerde en snel groeiende economie. De hoofdstad is Peking (Beijing) en de grootste stad is Shanghai. Daarnaast liggen in China tientallen andere miljoenensteden. Bestuurlijk is de volksrepubliek verdeeld in 23De Volksrepubliek China ziet Taiwan als een van haar 23 provincies, maar heeft er geen controle over; Taiwan wordt namelijk bestuurd door de Republiek China. provincies, vijf autonome regio's, vier stadsprovincies en twee speciale bestuurlijke regio's.

Met een bevolking van 1,4 miljard is China qua inwoners het op een na grootste land ter wereld (na India). Met een oppervlakte van is het land nummer vier qua oppervlakte (na Rusland, Canada en de Verenigde StatenSoms wordt het oppervlak van de Volksrepubliek China als groter dan dat van de Verenigde Staten opgegeven. Wanneer kustwateren en de wateroppervlaktes van de grote meren niet worden meegerekend in de oppervlaktetellingen, is China inderdaad iets groter dan de VS. Het CIA World Factbook geeft op 20 april 2006 de VS als derde land weer. Ook de Verenigde Naties geven de VS op als iets groter dan China.).

China kent diverse landschappen, met hoge gebergtes als de Tian Shan en de Himalaya en de Taklamakan- en de Gobi-woestijnen in het westen, en vruchtbare vlaktes en plateauland in het oosten. Deze laatste kennen in het noorden een landklimaat met zeer koude winters, maar in het zuiden subtropische regenwouden aan de grens met Vietnam en Laos. Het grondgebied wordt in het noorden begrensd door Mongolië en Rusland, in het oosten door Noord-Korea, en in het westen door Afghanistan, Kazachstan, Kirgizië, Tadzjikistan en Pakistan. In het zuiden zijn India, Nepal, Bhutan, Myanmar, Laos en Vietnam de buren. Daarnaast heeft China een kustlijn van 6400 km aan het oosten en zuiden die grenst aan de Gele Zee, de Oost-Chinese Zee en de Zuid-Chinese Zee.

China is een van de vroegste centra van beschaving en werd vrij vroeg in de wereldgeschiedenis een groot verenigd land met een geavanceerde cultuur op het vlak van kunst en wetenschap. Door de millennia heen verenigden keizerlijke dynastieën China tijdens stabiele perioden, die werden afgewisseld met perioden van politieke onrust en verandering. De Volksrepubliek ziet deze dynastieën als haar directe voorgangers. De eerste keizer, Qin Shi Huangdi, kwam in 221 v.Chr. aan de macht door het land voor het eerst te verenigen. Hij liet het Terracottaleger en de eerste Chinese Muur achter. De laatste keizerlijke dynastie, de Qing, kwam in 1911 ten einde toen de Republiek China werd uitgeroepen. Het midden van de 20e eeuw was echter een periode van chaos en rampspoed, met de militaire inval van Japan, de Chinese Burgeroorlog, en economisch wanbeleid en hongersnoden onder Mao Zedong, onder wiens leiding de communisten in 1949 de burgeroorlog wonnen. De Volksrepubliek wordt internationaal erkend sinds 1971, toen het de plaats van de Republiek China, Taiwan, overnam als Chinese vertegenwoordiger bij de Verenigde Naties. Sinds het begin van economische hervormingen in 1978 heeft China een spectaculaire economische groei doorgemaakt. Gemeten naar bbp is China sinds 2010 de tweede economie ter werld, en gemeten naar koopkrachtpariteit is het sinds 2016 de grootste economie. Onder de Communistische Partij is China snel gemoderniseerd. Hoewel het Chinees volksgeloof niet bleek uit te bannen, is de traditionele religie van het land, gekenmerkt door taoïsme, confucianisme en boeddhisme, in het openbare leven naar de achtergrond gedrongen. Het religieuze leven staat onder controle van de staat. De tiende president van de Volksrepubliek, Xi Jinping, leidt het land sinds 2013 op een toenemend nationalistische en autoritaire wijze. Xi heeft de politieke vrijheden verder beperkt en de macht van de president vergroot.

Etymologie De Nederlandse woorden China en Sino- stammen vermoedelijk af van 'Qin' (秦, Qín), de naam van de eerste keizerlijke dynastie. Deze naam is vanaf die dynastie via verschillende talen langs de Zijderoute naar Europa overgedragen. De niet-verwante Chinese naam voor China is 'Zhōngguó' (中国), hetgeen betekent: 'Het Rijk van het Midden'.

Tijdens de Chinees-Japanse oorlogen (1894-1895 en 1937-1945), werd China door de Japanners "Shina" (支那) genoemd; sinds het einde van de Tweede Wereldoorlog spreken de Japanners officieel eveneens van 中国 (in het Japans uitgesproken als Chūgoku). In het Chinees wordt 支那 thans nog gebruikt om te verwijzen naar gebieden zoals Indochina ().

miniatuur|China (het huidige Guangdong ), Mangi (binnenland van Xanton ) en Cataio (binnenland van China en Chequan, met de hoofdstad Cambalu, Xandu en een marmeren brug ) worden op deze kaart uit 1570 van Abraham Ortelius allemaal als aparte regio's weergegeven. Het woord "China" wordt al sinds de 16e eeuw in het Nederlands gebruikt; het werd echter niet door de Chinezen zelf gebruikt in die periode. De oorsprong van het woord is via het Portugees, Maleis en Perzisch terug te voeren op het Sanskrietwoord Cīna, dat in het oude India werd gebruikt. "China" komt voor in het dagboek van de Portugese ontdekkingsreiziger Duarte Barbosa uit 1516, dat vertaald is door Richard Edens in 1555 . Barbosa leidde dit woord af van het Perzische Chīn (چین), dat op zijn beurt is afgeleid van het Sanskrietwoord Cīna (चीन). Over de oorsprong van het Sanskrietwoord is nog geen consensus. Cīna werd voor het eerst gebruikt in vroege hindoeïstische geschriften, waaronder de Mahabharata (3e eeuw v.Chr. - 4e eeuw n.Chr.) en de Wetten van Manu (2e eeuw v.Chr. - 2e eeuw n.Chr.). Martino Martini suggereerde in 1655 dan weer dat het woord China is afgeleid van de naam van een Chinese dynastie, de Qin-dynastie (221–206 v.Chr.). Hoewel de Indiase bronnen werden gemaakt voor deze dynastie ooit aan de macht kwam, wordt deze verklaring nog steeds in verschillende bronnen gebruikt. Andere verklaringen zijn onder meer de namen voor de Yelang en de Jing- of Chu-staat. Wade, Geoff. "The Polity of Yelang and the Origin of the Name 'China' Archived 17 November 2017 at the Wayback Machine". Sino-Platonic Papers, No. 188, May 2009, p. 20.

De officiële naam van de huidige staat is de "Volksrepubliek China" ( versimpeld Chinees: 中华人民共和国; traditioneel Chinees: 中華人民共和國; pinyin: Zhōnghuá rénmín gònghéguó). De kortere versie is "China" (中国;中國; Zhōngguó), van zhōng ('centraal') en guó ('staat'), een term die zich ontwikkelde onder de Westelijke Zhou-dynastie met betrekking tot het koninklijke domein. Het werd in officiële documenten gebruikt als synoniem voor de staat van de Qing-dynastie. De naam Zhongguo wordt in het Nederlands ook vertaald als 'het Middenrijk'. Er wordt soms naar China gerefereerd als het vasteland van China of "het vasteland" als je het wil onderscheiden van de Republiek China of de Speciale Administratieve Regio's van de Volksrepubliek China .

Geschiedenis thumb|links|Chinese rebel in de Bokseropstand (1900).

China is een van de vroegste centra van beschaving en werd vrij vroeg in de wereldgeschiedenis een groot verenigd land met een geavanceerde cultuur op het vlak van kunst en wetenschap.

De eerste dynastie zou al rond 2200 v.Chr. ontstaan zijn, in het huidige Henan. Onder het regime van de Zhou-dynastie (1122 v.Chr. – 256 v.Chr.) ontwikkelde zich de basis voor de latere Chinese cultuur, literatuur en filosofie. Pas in 221 v.Chr kwam de eerste keizer, Qin Shi Huangdi, aan de macht, die het land verenigde na eeuwen van onrust. Hij liet onder andere het Terracottaleger en de Chinese Muur achter toen hij in 210 v.Chr. stierf. De naam China is overigens ook afgeleid van Qin.

Het laatste keizerrijk Onder de laatste, door de Mantsjoes geleide, dynastie (de Qing-dynastie) nam de invloed van Russen en de Westerse koloniale machten toe. In de 19e eeuw leidden beperkingen op de handel door de Chinezen en de smokkel van opium door de Britten tot de Opiumoorlogen. Na de overwinning van de Britten in 1860 werd de Conventie van Peking (1860) opgesteld. Onder druk van de Britse en Franse troepen werd de Qing-dynastie in het ongelijke verdrag gedwongen afstand te doen van o.a. Kowloon (Hongkong) aan het Britse rijk, en delen van het oorspronkelijke leefgebied van de Mantsjoes, het huidige Kraj Amoer, aan het Russische rijk. Kort erna werd een verdrag gesloten met Portugal, dat het recht kreeg op bestuur van Macau. Intussen vond de door de protestantse Hong Xiuquan geleide Taiping-opstand plaats. Deze opstand kostte aan twintig tot dertig miljoen mensen het leven.

Republiek China

Rond 1900 vond de anti-Westerse Bokseropstand plaats, die mislukte. Hervormingen door het keizerrijk mislukten. Uiteindelijk werd in 1911 de laatste keizer afgezet en de Republiek China uitgeroepen, daarbij werd Toeva ingenomen door Rusland en verklaarden Mongolië en Tibet zich onafhankelijk. De grondlegger voor de republiek, Sun Yat-sen, werd de eerste republikeinse president. Het bleef echter onrustig in de republiek, doordat generaals en krijgsheren macht naar zich toe wilden trekken. In 1928 werden de krijgsheren onder leiding van Chiang Kai-shek verslagen. Daarop volgde een lange burgeroorlog tussen de nationalisten en de communisten, die door de Tweede Chinees-Japanse Oorlog werd onderbroken. Japan wist een groot deel van Oost-China in te nemen en richtte de marionettenstaat Japans-China op. Na 1941 kregen de Chinezen echter hulp van de Verenigde Staten, onder meer in de vorm van wapenleveringen.

Communistisch China

In 1945 werd de burgeroorlog hervat en in 1949 gewonnen door de communisten onder leiding van Mao Zedong. Het Kwomintang-regime vluchtte naar Taiwan, waar het zich handhaafde. Op 1 oktober 1949 werd de Volksrepubliek China uitgeroepen.

Al kort daarna raakte de Volksrepubliek betrokken in de Koreaanse Oorlog, toen de westerse VN-troepen na enkele maanden oorlog de overhand kregen en richting het noorden trokken. Men vreesde voor een vijandig buurland en uitbreiding van de oorlog tot het eigen territorium. Ook werden gebieden, die tijdens het keizerrijk onder China's macht vielen en de onafhankelijkheid hadden uitgeroepen, door Japan waren ingenomen of onder invloed van de Sovjet-Unie ook het communisme hadden ingevoerd, weer onder het centrale gezag van Peking geplaatst.

Met hulp van de Sovjet-Unie begon Mao de Chinese economie, met name de zware industrie, te ontwikkelen. Mao initieerde in 1958 een economisch en sociaal plan, de Grote Sprong Voorwaarts. Dit mislukte en misoogsten leidden tot een geschat aantal doden van tussen de 20 en 40 miljoen. Hierna besloot Mao tot de Culturele Revolutie, waarin hij brak met oude tradities en cultuur en waarin hij zichzelf ophemelde. Het beleid tijdens de Culturele Revolutie bleek desastreus en leidde tot chaos in het hele land. Rond die tijd verslechterden de betrekkingen met de Sovjet-Unie, zowel om ideologische redenen als uit traditionele geopolitieke motieven. In 1972 zocht premier Zhou Enlai daarom toenadering tot de Verenigde Staten, met als gevolg dat de Volksrepubliek een zetel in de VN-Veiligheidsraad kreeg, ten koste van Taiwan.

Marktsocialisme thumb|Deng Xiaoping en Jimmy Carter in 1979.