Garrelt Andreas van Borssum Buisman (Haarlem, 26 september 1915 – Emst, 28 januari 1991) was een Nederlands beroepsmilitair. Hij was cavalerist.

Levensloop Van Borssum Buisman werd tot officier opgeleid aan de School Reserve Officieren Bereden Artillerie (SROBA) in de P.L. Bergansiuskazerne te Ede, en werd op 21 december 1936 benoemd tot reserve-tweede luitenant bij het Wapen der Artillerie. Op 16 september 1939 werd hij benoemd tot beroepsofficier. Hij was de broer van Jan van Borssum Buisman, die aan de Zwitserse Weg meewerkte.

Naar Engeland via de zuidelijke route Tijdens de Tweede Wereldoorlog ging Van Borssum Buisman in het verzet. In 1942 vertrok hij naar Spanje. In Namen ontmoette hij Philip Jacobs, met wie hij een stuk door bezet Frankrijk reisde. Bij de rivier de Cher, die de grens met het toen niet door de Duitsers bezette Vichy-Frankrijk markeerde, bleek de brug te zijn opgeblazen en moesten zij de 200 meter brede rivier zwemmend oversteken. Dit deden zij tijdens de lunchpauze van de Duitsers.

Ze werden kort daarop gearresteerd en zouden teruggebracht worden naar bezet Frankrijk, maar wisten te ontsnapten. Van Borssum Buisman ging naar Zwitserland en Jacobs naar Toulouse. Uiteindelijk reisde Van Borssum Buisman op de Cabo de Hornos naar Zuid-Amerika. Aan boord ontmoette hij Ad Kanters, wiens vader Janus Kanters dokter was in Grave. Via Zuid-Amerika bereikte Van Borssum Buisman Engeland.

Terug naar bezet Nederland Na zijn opleiding tot agent bij het Bureau Inlichtingen (BI) werd Van Borssum Buisman samen met de radiotelegrafist/codist Hendrik Letteboer in de nacht van 22 op 23 juni 1943 boven Overijssel geparachuteerd in de buurt van Mariënberg, ten oosten van Ommen. De parachutering verliep zonder moeilijkheden, maar het vliegtuig werd enkele minuten later boven het IJsselmeer neergeschoten. Tijdens zijn radiocontacten met het BI gebruikte Van Borssum Buisman de codenamen 'Philip', 'Gerard de Meester' en 'Heintje I'. Tijdens zijn contacten in “het veld” gebruikte hij de schuilnamen 'Gerard' en 'Van Berkom'.

Zijn voornaamste opdracht was om de contacten met de Ordedienst (OD), die in de loop der tijd waren verwaterd, aan te halen en te verbeteren. Daarnaast diende hij ten behoeve van het radiocontact tussen de Ordedienst en het BI en de Nederlandse regering in Londen een zendgroep op te richten. De zendgroep moest bestaan uit ten minste vijf seinposten. Van Borssum Buisman had de beschikking over een aantal volmachten om bij de leiding van het verzet opheldering te krijgen. Hij droeg de verantwoordelijkheid van een regeringsvertegenwoordiger.

Van Borssum Buisman legde contact met Allard Oosterhuis in Delfzijl, zijn contactpersoon bij de OD. Die regelde de introductie Van Borssum Buisman bij het hoofdkwartier van de Ordedienst in Amsterdam en diens leider Pieter Jacob Six. Via deze weg konden Van Borssum Buisman en de telegrafisten van de Zendgroep Barbara samenwerken met Gerben Sonderman en Chris Tonnet van de inlichtingendienst van de OD, die voorbereidingen trof voor de komst van agenten van de BI. De zendgroep was vernoemd naar de Heilige Barbara, de schutspatroon van de Artillerie.

Een geschikt opvangadres Voor de dropping van de agenten zocht Van Borssum Buisman in Grave naar een geschikt opvangadres voor hen. Zij moesten een onderduikadres hebben om van daaruit hun meegenomen materiaal te kunnen bergen. Veldwachter Gerard Beuvink in Escharen hielp Van Borssum Buisman daarbij.

Tussen 19 september 1943 en 6 november 1943 werden BI vier koppels agenten boven bezet Nederland geparachuteerd ten behoeve van de Zendgroep Barbara. Dit waren Pieter Hoekman en Bram Grisnigt (bij Grave, 19/20 september 1943), Johan Paul van der Stok en Otto Martin Wiedemann (bij Middenmeer, 19/20 september 1943), Willem Jan Hubertus Schreinemachers en Joseph Lodewijk Theodorus van Alebeek (bij Malden, 8/9 oktober 1943), Marinus Verhage en Jan Hendrik Diesfeldt (bij Grave, 5/6 november 1943). De zendgroep was operationeel van 22 juni 1943 tot 12 juli 1944. Van de tien agenten werden er zeven door de Sicherheitsdienst (SD) gearresteerd en kwamen er drie om het leven.

Arrestaties In het begin van februari 1944 werd de Ordedienst en de zendgroep getroffen door een golf van arrestaties en dook Van Borssum Buisman tijdelijk onder. Hij plande namelijk een reis naar Londen om bij het BI en de Nederlandse regering in Londen persoonlijk rapport uit te brengen. Via een medewerkster van Fiat Libertas, die gespecialiseerd was in de passage door bezet gebied, werd Van Borssum Buisman aan de benodigde valse papieren geholpen, maar zij werd door de SD gearresteerd. Bij de huiszoeking kwam een foto van Van Borssum Buisman in handen van de SD.

Rechercheonderzoek van SS-Hauptscharführer Heinrich Kurt Otto Haubrock en zijn dienst naar de verblijfplaats van Van Borssum Buisman leidden op 2 en 3 februari 1944 tot de arrestatie van diverse agenten, waaronder Grisnigt, Van der Stok en Letteboer. Op 5 februari 1944 werd Van Borssum Buisman bij toeval op de Willemsparkweg in Amsterdam door de SD gearresteerd. Hij werd naar Den Haag overgebracht en verhoord. Van Borssum Buisman had korte aantekeningen van verzonden telegrammen op zak.

Na een proces voor het Kriegsgericht in Utrecht werden Van Borssum Buisman en de op 5 januari 1944 gevangengenomen Chris Tonnet ter dood veroordeeld. Terwijl anderen voor het vuurpeloton werden gezet werden Van Borssum Buisman en Tonnet op transport naar een tuchthuis in Duitsland gezet, mogelijk om hen in gijzeling te houden. Onderweg naar Hamelen sprongen Tonnet en Van Borssum Buisman op 2 november 1944 in Duitsland ter hoogte van Detmold uit het raam van een rijdende trein.

Van Borssum kwam ten val, raakte zwaargewond en belandde in Detmold in het ziekenhuis, maar wist het ziekenhuis te ontvluchten. Uitgeput bereikte hij Oldenzaal en pakte bij het Nederlands verzet de draad weer op. Na de bevrijding van Nederland meldde hij zich terug bij het BI in Eindhoven. Tonnet wist zich ook in veiligheid te brengen.

Na de oorlog Na de oorlog bleef Van Borssum Buisman de krijgsmacht trouw. Op 23 oktober 1967 werd hij benoemd tot kolonel bij het Wapen der Cavalerie, en op 5 april 1973 werd hij eervol ontslagen uit de militaire dienst.

Van 1962 tot 1970 was Van Borssum Buisman het hoofd van de Inlichtingen tak van Operatiën & Inlichtingen. Dit was de Nederlandse tak van operatie Gladio.

thumb|60px

Onderscheidingen Van Borssum Buisman heeft verschillende onderscheidingen gekregen. Militaire Willems-Orde, Ridder 4de Klasse (MWO.4), uitgereikt op 30 augustus 1948 (tegelijk ook aan Cornelis Hendrik van Bemmel, Arie van Driel, Cornelis Pieter van den Hoek, Hendrik de Jonge, Maarten Knottenbelt, Jan de Landgraaf, Bib van Lanschot, Kees van de Sande)Databank dapperheidsonderscheidingen, Militaire Willems-Orde: Borssum Buisman, G.A. van. Gezien op 17 september 2016. Gearchiveerd op 18 september 2016. Kruis van Verdienste bij K.B. van 25 februari 1943 nr. 11Databank dapperheidsonderscheidingen, Kruis van Verdienste: Borssum Buisman, G.A. van. Gezien op 17 september 2016. Gearchiveerd op 18 september 2016. Distinguished Service Order (DSO) op 5 september 1946Onderscheidingen.nl, decorati, De Distinguished Service Order aan Nederlanders verleend. Gezien op 17 september 2016. Gearchiveerd op 5 juli 2023.

Bronnen

Categorie:Nederlands landmachtofficier Categorie:Nederlands verzetsstrijder in de Tweede Wereldoorlog Categorie:Ridder in de Militaire Willems-Orde Categorie:Engelandvaarder Categorie:Nederlands kolonel