Oostwolderhamrik is een (voormalige) buurtschap en een vroeger kerspel in de gemeente Oldambt in de Nederlandse provincie Groningen. De buurt ligt aan de weg van Nieuwolda naar Woldendorp, even ten oosten van de buurtschap Nieuwolda-Oost, op de driesprong vanwaar de Langeweg in vrijwel kaarsrechte lijn naar het Oldambtster dorp Oostwold loopt.
Geschiedenis Het woord -hamrik verwijst naar het hamrik, de weidegronden in het buitengebied van Oostwold. De buurt ligt bij een van de oudste dijken die na het ontstaan van de Dollard werden aangelegd om het verdronken land terug te winnen. Het buurtje ligt op een voormalige inversierug van de rivier Munter Ae, die al in de middeleeuwen bewoond was. Er zijn verder twee kleine wierden te vinden, namelijk Hoogheem (Langeweg 1) en Hoofdweg-Oost 77.J. Molema et al., Nota archeologie gemeente Oldambt, Groningen 2010 (gearchiveerd), p. 50.
In de 17e en 18e eeuw trad Oostwolderhamrik op als een zelfstandig onderdeel van het kerspel Midwolda en soms als deel van Oostwold; oorspronkelijk was het misschien een eigen kerspel.Oostwolderhamrik had eigen schatregisters en viel binnen het Termunterzijlvest onder Oostwoldl. Zie C. Tromp, Inventaris van het archief van het kerspel Nieuwolda, Groningen 1982. Vgl. Groninger Archieven, 1, inv.nr. 126: Statenresolutie 8 januari 1642. RA Midwolda, 31 oktober 1724; 30 april 1725; 20 augustus 1725. De inwoners gingen in Midwolda en later Nieuwolda ter kerke. In 1808 werd de buurtschap bij de gemeente Nieuwolda gevoegd. Nieuwolda-Oosteinde werd daarna ook wel als Oostwolderhamrik aangeduid. De gemeente Oldambt beschouwt Oostwolderhamrik niet meer als een zelfstandige buurtschap en er zijn dan ook geen plaatsnamenborden.
Een historische boerderij uit 1771 (Langeweg 2) is in 2020 grondig gerestaureerd en ingericht als erfgoedlogies. Delen van de schuur zijn mogelijk ouder. Het gebouw met inpandige woonruites is typerend voor de eerste generatie Oldambtster boerderijen, zoals die sinds het begin van de 17e eeuw - vermoedelijk naar Hollands voorbeeld - werden gebouwd. De opkamer bevat een bedsteewand en plafonds met schilderingen in Rococostijl.
Bij de afwateringssluis tussen Oostwolderhamrik Nieuwolda-Oost - de Nijezijl - bevond zich in de Tachtigjarige Oorlog een kleine schans. Het Olde Zijldiepke staat nog afgebeeld op een kaart uit het midden van de 17e eeuw.Nationaal Archief, Hingman cat. nr. 3083: Kaart van landen en venen aan de Dollard, door Cornelius Edzkens, ca. 1638.
Corenswold Ten noordoosten van Oostwolderhamrik bevond zich een middeleeuwse buurtschap die Corenswold, Corenswoldt, Kornswoldt of Kornswolda moet hebben geheten. De naam wordt genoemd in onder meer 1554, 1599 en 1630.In 1554 had het klooster te Heiligerlee landerijen te Kornswolda, vermoedelijk behorend bij het nabijgelegen voorwerk van Lesterhuis. Diarium Egbert Alting, p. 23. De uitgang op -wold lijkt te wijzen op een middeleeuwse veenontginningsdorp, waarvan de bewoning door de Dollardinbraken is verlaten. De nederzetting hield misschien verband met het voormalige klooster Menterwolde. In de vroegere verkaveling lagen bij Oostwolderhamrik en Binnen Ae enkele blokken met opstrekkende percelen. Ook waren hier enkele kleine wierden te vinden die in de twintigste eeuw zijn geëgaliseerd. Een ervan was de Brorsz Bult (wellicht 'broedersbult', genoemd in 1599), die aansloot bij het kloosterbezit van Termunten. Corenswold was waarschijnlijk geen zelfstandig kerkdorp. De bewoners zijn misschien uitgeweken naar De Heemen.
Zie ook Nieuwolda-Oost Menterwolde (klooster)
Categorie:Geografie van Oldambt Categorie:Verdronken Dollarddorp Categorie:Buurtschap in Groningen