De Paneuropese Unie (Engels: International Pan-European Union, Duits: Internationale Paneuropa-Union) is een internationale beweging die zich inzet voor de politieke eenwording en samenwerking van Europese staten. De beweging werd in 1923 in Wenen opgericht door de Oostenrijks-Tsjechoslowaakse schrijver en politicus Richard Coudenhove-Kalergi, naar aanleiding van diens boek Pan-Europa uit hetzelfde jaar. De organisatie ontwikkelde zich tijdens het interbellum tot een van de belangrijkste particuliere bewegingen voor Europese integratie. Historica Katherine Sorrels omschrijft haar als de succesvolste Europese-integratiebeweging van vóór 1945.

De beweging bepleitte aanvankelijk een nauwe politieke en economische samenwerking tussen de staten van continentaal Europa, mede met het doel nieuwe Europese oorlogen te voorkomen en Europa een zelfstandiger positie te geven in de internationale politiek. Na de Tweede Wereldoorlog bleef de Paneuropese Unie actief binnen het bredere streven naar Europese samenwerking. Sinds februari 2025 is de Kroatische filosoof en voormalig minister Pavo Barišić internationaal president van de organisatie.

Bekende leden van de Paneuropese Unie waren onder andere Albert Einstein, Thomas Mann, Franz Werfel, Salvador de Madariaga, Charles de Gaulle, Aristide Briand, Konrad Adenauer, Franz Josef Strauß, Bruno Kreisky en Georges Pompidou.

Geschiedenis

Ontstaan De Paneuropese beweging ontstond tegen de achtergrond van de politieke instabiliteit die in Europa volgde op de Eerste Wereldoorlog en het uiteenvallen van onder andere Oostenrijk-Hongarije. Coudenhove-Kalergi ontwikkelde vanaf 1922 voorstellen voor Europese eenwording en publiceerde in 1923 zijn programmatische boek Pan-Europa. In dat werk bepleitte hij de vorming van een georganiseerde Europese statenbond die politieke conflicten tussen Europese landen moest verminderen en nauwere economische samenwerking mogelijk moest maken.

Volgens Sorrels ontstond de beweging niet alleen uit Coudenhove-Kalergi's persoonlijke ideeën, maar ook uit contacten met Weense pacifistische en progressieve hervormingskringen. Vanuit Wenen werden vervolgens nationale afdelingen opgericht en werd een internationaal netwerk van politici, intellectuelen en andere sympathisanten opgebouwd.

Het eerste grote Paneuropese congres vond van 3 tot 6 oktober 1926 in Wenen plaats. De beweging probeerde daarmee het idee van Europese eenwording van een intellectueel programma om te vormen tot een georganiseerde internationale politieke beweging.

Interbellum In de tweede helft van de jaren twintig kreeg de beweging bekendheid onder Europese politici en intellectuelen. De Franse staatsman Aristide Briand, die als minister van Buitenlandse Zaken een belangrijke rol speelde in het interbellum, ontwikkelde in 1929 binnen de Volkenbond zelf een voorstel voor nauwere samenwerking tussen Europese staten. Historisch onderzoek plaatst de Paneuropese beweging en Briands initiatief binnen dezelfde bredere discussie over Europese federatie, al waren beide projecten niet identiek.

Coudenhove-Kalergi zag een verenigd Europa tevens als onderdeel van een internationale wereldorde waarin grote continentale machtsblokken naast elkaar zouden bestaan. Zijn concept van Paneuropa was daardoor niet alleen een vredesproject, maar had ook een geopolitieke dimensie.

Een onderdeel van Coudenhove-Kalergi's interbellumdenken dat in later historisch onderzoek kritisch is onderzocht, was het concept Eurafrica. Daarbij werd een verenigd Europa economisch en geopolitiek verbonden gedacht met de Europese koloniale bezittingen in Afrika. Historicus Benjamin J. Thorpe laat zien dat de Paneuropese Unie dit concept in de jaren twintig mede gebruikte om Europese mogendheden zonder eigen koloniën perspectief op gemeenschappelijke toegang tot koloniale gebieden te bieden. Het concept weerspiegelde daarmee ook het koloniale denken van een deel van de Europese integratiedebatten uit die periode.

Nationaalsocialisme en ballingschap Na de machtsovername door de nationaalsocialisten in Duitsland in 1933 werd de Duitse Paneuropese organisatie ontbonden en werd Paneuropese literatuur verboden. Historisch onderzoek wijst erop dat Coudenhove-Kalergi door de nationaalsocialisten als politieke tegenstander werd beschouwd.

De positie van Coudenhove-Kalergi tegenover andere autoritaire regimes in de jaren dertig was complexer. Onderzoek naar zijn contacten met het Italiaanse fascisme laat zien dat hij vanaf 1933 probeerde steun voor de onafhankelijkheid van Oostenrijk tegen nazi-Duitsland te verwerven en daarvoor ook toenadering tot het regime van Benito Mussolini zocht. Tegelijk verzette hij zich tegen het nationaalsocialistische raciale gedachtegoed.

Na de annexatie van Oostenrijk door nazi-Duitsland in maart 1938 verliet Coudenhove-Kalergi Oostenrijk. De centrale organisatie van de beweging in Wenen werd door de nationaalsocialistische autoriteiten in beslag genomen. Coudenhove-Kalergi verbleef vervolgens onder meer in Zwitserland en Frankrijk en vertrok tijdens de Tweede Wereldoorlog naar de Verenigde Staten.

Na de Tweede Wereldoorlog Na 1945 keerde Coudenhove-Kalergi terug naar Europa en hervatte hij zijn activiteiten voor Europese samenwerking. In 1947 richtte hij de Europese Parlementaire Unie op, waarmee hij vooral parlementariërs uit verschillende Europese landen wilde samenbrengen. Volgens de archieven van de Raad van Europa behoorde een Europese vergadering met vertegenwoordigers van nationale parlementen tot de institutionele voorstellen waarvoor hij zich in deze periode inzette.

De ideeën van Coudenhove-Kalergi maakten deel uit van een veel bredere naoorlogse beweging voor Europese samenwerking, waarin daarnaast onder andere de Europese Beweging, de regeringen van verschillende West-Europese staten en politici als Winston Churchill, Robert Schuman, Jean Monnet en Alcide De Gasperi actief waren. De latere Europese instellingen kunnen daarom niet uitsluitend aan de Paneuropese Unie worden toegeschreven.

In 1955 stelde Coudenhove-Kalergi in een brief aan Paul M. G. Lévy van de Raad van Europa voor om de melodie van Ludwig van Beethovens Ode an die Freude uit de Negende symfonie als Europees volkslied te gebruiken. De Raad van Europa koos in 1972 uiteindelijk dezelfde melodie als Europees volkslied; de Europese Gemeenschappen namen deze in 1986 eveneens over.

Otto von Habsburg Na de dood van Coudenhove-Kalergi in 1972 werd Otto von Habsburg in 1973 president van de Internationale Paneuropese Unie. Hij bleef die functie uitoefenen tot 2004.

Tijdens de Koude Oorlog legde de organisatie onder zijn voorzitterschap sterk de nadruk op het beëindigen van de politieke deling van Europa en op contacten met Midden- en Oost-Europese oppositiebewegingen. Een bekend evenement waarbij de beweging betrokken was, was de zogenoemde Paneuropese picknick van 19 augustus 1989 bij Sopron aan de Oostenrijks-Hongaarse grens. Het Hongaars Democratisch Forum en de Paneuropese Unie traden op als organisatoren, terwijl Otto von Habsburg en de Hongaarse hervormingspoliticus Imre Pozsgay beschermheren waren.

Tijdens de tijdelijke opening van de grens maakten ongeveer zeshonderd à zevenhonderd burgers van de Duitse Democratische Republiek van de gelegenheid gebruik om naar Oostenrijk over te steken. Het evenement geldt als een van de gebeurtenissen die voorafgingen aan de verdere ontmanteling van het IJzeren Gordijn in 1989.

Eenentwintigste eeuw Otto von Habsburg werd in 2004 als internationaal president opgevolgd door de Franse politicus Alain Terrenoire. Terrenoire bleef president tot februari 2025. Tijdens een algemene vergadering van de Internationale Paneuropese Unie, gehouden van 14 tot 16 februari 2025 in het Europees Parlement in Straatsburg, werd Pavo Barišić tot zijn opvolger gekozen en kreeg Terrenoire de titel van erepresident.

Volgens de organisatie waren bij deze algemene vergadering ruim tweehonderd vertegenwoordigers aanwezig van dertig aangesloten organisaties uit 21 landen. De internationale organisatie bestaat uit nationale en regionale afdelingen in verschillende Europese landen. In bijna alle landen van West- en Oost-Europa zijn tegenwoordig nationale afdelingen van de Paneuropa Unie. In Nederland is echter geen afdeling. Sinds 1975 is er ook een aparte jeugdafdeling, die eveneens in vele landen actief is.

Doelstellingen en gedachtegoed Het oorspronkelijke programma van Coudenhove-Kalergi was gericht op politieke en economische samenwerking tussen Europese staten en op het voorkomen van nieuwe oorlogen. De precieze invulling daarvan veranderde in de loop van de twintigste eeuw onder invloed van de veranderende Europese politieke situatie.

De Internationale Paneuropese Unie omschrijft zichzelf tegenwoordig als een bovennationale en partij-overstijgende beweging. In haar eigen verklaringen bepleit zij verdere politieke integratie van Europa, samenwerking op het gebied van buitenlands beleid en veiligheid en een grotere Europese defensiecapaciteit. Ook spreekt zij zich uit voor verdere uitbreiding van de Europese Unie. Dit zijn standpunten van de organisatie zelf en geen officiële doelstellingen van de Europese Unie.

In de naoorlogse periode kreeg binnen verschillende afdelingen ook een christelijk geïnspireerd Europees waardebegrip een belangrijke plaats. De huidige organisatie verwijst onder meer naar menselijke waardigheid, vrijheid, vrede, democratie en een Europese culturele identiteit.

Organisatie De Internationale Paneuropese Unie functioneert als koepel van nationale en regionale Paneuropese organisaties. De leiding berust bij een internationaal presidium en een voorzitterschapsraad. Sinds 2025 is Pavo Barišić president en Alain Terrenoire erepresident. Vanja Gavran vervult de functie van secretaris-generaal.

De internationale presidenten sinds de oprichting zijn: Richard Coudenhove-Kalergi (1923–1972) Otto von Habsburg (1973–2004) Alain Terrenoire (2004–2025) Pavo Barišić (2025–heden)

Historische betekenis De Paneuropese Unie wordt in de historiografie vooral behandeld als een belangrijke niet-gouvernementele voorloper van het georganiseerde streven naar Europese integratie in het interbellum. Haar betekenis ligt daarbij niet in een rechtstreekse institutionele afstammingslijn naar de huidige Europese Unie, maar in haar bijdrage aan het publieke en politieke debat over supranationale samenwerking, Europese federatie en de plaats van Europa in de internationale orde.

De beweging vertegenwoordigde bovendien geen onveranderlijk of uitsluitend liberaal-democratisch integratiemodel. Onderzoek naar de interbellumperiode wijst zowel op pacifistische en kosmopolitische invloeden als op de aanwezigheid van geopolitieke, koloniale en in bepaalde perioden autoritair-conservatieve elementen in Coudenhove-Kalergi's denken. Daardoor wordt de Paneuropese beweging in hedendaags historisch onderzoek ook bestudeerd als voorbeeld van de uiteenlopende en soms tegenstrijdige opvattingen over Europese eenheid in de twintigste eeuw.

Literatuur

Externe link Officiële website van de Internationale Paneuropese Unie

Zie ook Europese integratie Unie van Europese Federalisten Manifest van Ventotene Geschiedenis van de Europese Unie

Categorie:Europese integratie Categorie:Internationale organisatie Categorie:Politieke organisatie Categorie:Pan-nationalisme