Jozef Werner Renilde (Jos) D'hollander (Sint-Pauwels, 8 januari 1934) is een Belgisch beiaardier, organist, muziekpedagoog, componist, dirigent en publicist. Hij is de vader van Geert D'hollander (1965-), eveneens beiaardier en componist.

Biografie Jeugd en opleiding D'hollander kreeg zijn eerste muzieklessen van zijn moeder, daarna van de organist en pianovirtuoos Léon de Caluwé in het Instituut Onze-Lieve-Vrouw Onbevlekt Ontvangen (de Broedersschool) te Sint-Niklaas. Daar trad hij op 12-jarige leeftijd (tijdens het schoolfeest van 1946) reeds op als pianist met Impromptu's van Franz Schubert. Bij Ignace de Sutter kreeg hij begeleidingspraktijk, orgelkunde, muziekpedagogie, gregoriaans en muziekgeschiedenis. Hij schreef er zijn eerste canon op tekst van Guido Gezelle (zie liedbundel 'Jubilate' 1952) die werd uitgevoerd op het schoolfeest van de Bisschoppelijke Normaalschool. Zijn leerkrachten aan het Lemmensinstituut te Leuven waren onder meer kanunnik Jozef Joris (contrapunt), Marinus De Jong (piano en compositie), Flor Peeters (orgel) Staf Nees (praktische harmonie), Hilarion Servaes (gregoriaans, ontledende en geschreven harmonie), drs. Marcel Andries (muziekpedagogie, muziekgeschiedenis en literatuurgeschiedenis), dr. Louis Goffinet (kunstgeschiedenis) mgr. Jules Vijverman (koordirectie) Frantz Mertens (stemvorming). Hij werd laureaat van het Lemmensinstituut en behaalde er in 1957 de Prix d'Excellence als solist met het Pianoconcerto in d van Marinus de Jong, waarbij de toondichter de gereduceerde orkestpartituur speelde op de bijkomende vleugel. Orgel, koor en beiaard hebben een grote rol gespeeld in zijn muzikale loopbaan.

Loopbaan Zijn loopbaan begon in Nederland. Hij was drie jaar directeur van de Kempische Streekmuziekschool in Bladel. Daar was hij organist aan de dekenale kerk, koorleider en muziekleraar in het mulo (middelbaar onderwijs). Hij componeerde er voor zijn pastoor-deken dr. P.J.W. Kersemaekers (voorzitter van de Nederlandse klokken- en orgelraad), zijn Missa Pastorum, ad tres voces inaequales et organum. Hij voerde als eerste muziekleraar het Orff-Schulwerk in Nederland in.

Er volgden enkele jaren in Aalst (Oost-Vlaanderen), als dirigent en organist aan de Sint-Jozefskerk in het stadscentrum, docent orgel aan de Muziekacademie, leraar muziek en esthetica in het Sint-Maarteninstituut. In 1964 keerde hij terug naar zijn geboortestreek, werd organist van de Onze-Lieve-Vrouwekerk te Sint-Niklaas en concertorganist van het Koninklijk Sint-Gregoriusgild van Sint-Niklaas. Hij werd muziekleraar Middelbaar Onderwijs aan het Sint-Jozef-Klein-Seminarie, startte in 1965 met de "Mariakantorij" in de Onze-Lieve-Vrouwekerk in de geest van Vaticanum II. Hij leidde dit koor tot 1984. Het was ook dit koor waarmee hij in 1977 een reis naar Rome maakte. D'hollander droeg zijn psalm 'Jerusalem' (vierstemmig gemengd koor en orgel) op aan Paus Paulus VI, voerde het werk uit tijdens de pauselijke audiëntie, gaf een concert voor Radio Vaticana, in de Academia Belgica, in de basiliek Cristo Re in de concertreeks Incontri Musicali di Cultura Europee en trad op in de Santa Maria Maggiore. De paus liet voor dit optreden in het Vaticaan, een zilveren herinneringsmedaille bezorgen via het Bisdom Gent. Zijn optredens met de Mariakantorij resulteerden in de elpee 'Zingen in de Abdij van Male', ingeleid en gecommentarieerd door Ignace De Sutter (zie Opnames en reportages).

In 1965 werd hij docent gregoriaans en kerklied, praktische harmonie, improvisatie op orgel en op piano aan het Lemmensinstituut. In 1972 behaalde hij het diploma aan de Koninklijke Beiaardschool Jef Denyn te Mechelen met een extra bekroning van zijn eindcompositie (Rotary Mechelen K.B.S.). In 1973 werd hij ook docent aan de Koninklijke Beiaardschool

In 1973 startte hij in Sint-Niklaas met een comité 'De vrienden van de beiaard'. In 1974 richtte hij in het Verhaerenmuseum te Sint-Amands-aan-de-Schelde de tentoonstelling in BEIAARDKUNST IN VLAANDEREN op verzoek van het museumbestuur. Hetzelfde jaar werd hij bestuurslid van de Belgische Beiaardiersgilde.

In 1982 werd hij stadsbeiaardier van Gent en richtte er in 1983 de VZW Gentse Beiaardkring op. Hij lag aan de basis van de verzwaring van de nieuwe Mechelse beiaard als mede-adviseur in 1979-80. Hij adviseerde ook andere beiaarden. De Rijksdienst voor Monumenten- en Landschapszorg droeg hem in 1981 voor aan het Gentse stadsbestuur om de historische beiaard van het belfort te adviseren en de restauratie ervan wekelijks op te volgen, waarop het stadsbestuur inging. De voorzitter van de Quaestuur van het Federale Parlement stelde D'hollander aan als adviseur en ontwerper van de beiaard van het Huis der Parlementsleden te Brussel (1988). D'hollander inaugureerde deze beiaard op de dag van de Eedaflegging van Koning Albert II. Hij schreef de Koningshymne als voorslag voor het uur, en bewerkte tien Vlaamse en tien Waalse volksliederen voor het automatisch speelwerk. Als huisbeiaardier van het Parlement speelde hij telkens het parlementaire jaar in. Hij bespeelde ook de parlementsbeiaard ter gelegenheid van de Troonsbestijging van Koning Albert II (1993) en de Troonswisseling van aftredend Koning Albert II en aantredend Koning Filip I in 2013, waarna hij ontvangen werd op het Koninklijk Paleis.

Internationale concerten en festivals Hij maakte drie concertreizen naar de Verenigde Staten en Canada op uitnodiging van de Guild of Carillonneurs of North America. Hij koppelde zijn eerste concertreis aan een Masterclass te Michigan bij dr. Llewellyn Frederick Marriott in de Kirk in the Hills. In New York en Chicago werden zijn concerten opgenomen door de televisie. In Berkeley inaugureerde hij de beiaard en werd hij onderscheiden met de Medal of California Honors, de hoogste onderscheiding van de universiteit van Berkeley. In 1984 introduceerde hij zijn 19-jarige zoon, die hier al naamsbekendheid had, voor het eerst in Florida. Hij nam deel aan de voornaamste internationale beiaardfestivals in Europa, zowel als uitvoerder dan als jurylid van de daaraan gekoppelde beiaardwedstrijden. Hij werd muzikaal adviseur (en jurylid) van de internationale Koningin Fabiolawedstrijd voor beiaard te Mechelen. In het kader van het Belgisch-Portugees Akkoord inaugureerde hij de beiaard van het nationaal Paleis van Mafra, en gaf in het Instituto do Patrimonium Cultural te Lissabon een initiatiecursus beiaard aan een tiental studenten van het conservatorium. Een van zijn Portugese cursisten werd na zijn eindstudies te Mechelen laureaat van de Koningin Fabiolawedstrijd. Hij inaugureerde de beiaard van de universiteit van Berkeley en werd onderscheiden met de Medal University of California Honors

Hedendaagse activiteiten Hij bespeelt nog steeds (anno 2017) de Gentse beiaard in de geprogrammeerde concertreeks van het zomerseizoen, de beiaard van Temse in het zomerseizoen, en als stadsbeiaardier van Sint-Niklaas de wekelijkse beiaardbespelingen op donderdagvoormiddag en bijzondere concerten. Als organist begeleidt hij het bekende mannenkoor uit Sinaai 'Gaudeamus' op de hoogdagen van het kerkelijk jaar en op de derde zondag van iedere maand. Hij werkt samen met de Kantorij St Catharina uit Sinaai en het Sint-Jozefkoor uit Temse-Tielrode. Daarnaast werkt hij aan zijn rijk geïllustreerd boek 'De mysterieuze wereld van torens en klokken', poëzie over klokken, verhalen en randschriften van de 11e tot de 21e eeuw.

Opnames en reportages D'hollander trad solistisch op of gaf zijn medewerking hetzij als organist, koorleider, beiaardier of toondichter aan een twintigtal opnames (lp's, cd's, dvd's, filmreportages, opnames van radio en televisie, week- en maandbladen). Hij werkte mee als beiaardier aan verschillende reportages, voor Dascafilms (1983), voor de tv-serie ‘A Portrait of Europe’(13 delen) – in het deel ‘The Fair Face of Flanders’ (beiaarden) voor het Amerikaanse Network P.B.S. in een productie van Jerry Grady met Jonny Sandler, in captatie voor 5.000 schoolsystemen in de Verenigde Staten, de filmreportage voor de BRT-televisie over de Gentse beiaard en het Openingsconcert met vijf Gentse koren (1985) in productie van Joannes Thuy; een reportage van Dennis Phillips over onze beiaardkunst voor SPHERE, het In-flight Magazine van de SABENA (19 juli 1986)(nu Brussels Airlines), en aan een reportage voor het tijdschrift van het Smithsonyn Institut te Washington (1994/11), een reportage in Mechelen Koninklijke Beiaardschool voor Kirchenzeitung für das Bistum Aachen (1977/1). Hij bracht ook enkele elpees uit.

Prijzen 1972 Rotaryprijs K.B.S. Mechelen voor zijn compositie 'Jan de Muldersuite'. 1972: laureaat Internationaal Beiaard- en Improvisatieconcours te Hilversum, in het kader van het Hollandfestival, met een gemiddelde van de twee disciplines met 85%. 1973: winnaar van de Léon Henry-prijs een wisselbeker voor interpretatie op de beiaard te Mechelen. De Prijs 'Léon Henry' won hij ook in 1974 en 1975 waardoor hij de 'wisselbeker' won, in de praktijk een bronzen klokje op zijn naam. In 1979 won hij ook de eenmalige Internationale A. Colsonprijs beiaardcompositie (prijs 50.000 BEF) en ook de A. Colsonprijs voor beiaardspel (bronzen herinneringsklokje op naam, gegoten door de Koninklijke Eijsbouts te Asten, NL). Koortornooien: in 1961 won hij met zijn mannenkoor van de dekenale kerk van Bladel (NL) het Kempens 'Koorzangtornooi Gregoriaans' met een tractus uit de veertigdagentijd. Op elk koortornooi, ingericht door de Provincie Oost-Vlaanderen, werd zijn gemengd koor Mariakantorij in Uitmuntendheid geklasseerd.

Bibliografie Flavie Roquet: Lexicon: Vlaamse componisten geboren na 1800, Roeselare, Roularta Books, 2007, 946 p., David M. Cummings, Dennis K. McIntire: International who's who in music and musician's directory, Twelfth edition 1990/1991, Cambridge, England: International Who's Who in Music, 1991. 1096 p., André Stoop en Bart Moenssens: Lexicon van het muziekleven in het Land van Waas, Stadsbestuur in samenwerking met V.Z.W. Bibliotheca Wasiana (Sint-Niklaas), deel 1. Biografieën; deel 2. Verenigingen.; D/1987/1133/3

Mark De Jode, Thierry Pauwels, Jos D'hollander: De Gentse stadsbeiaardiers, biografieën; Tijdschrift VZW Clocke Roeland, Gent 2015,2016. Edward & Peter Coppens: ""Wie is wie in Vlaanderen 2003-2005 " Biografische Encyclopedie, Druk Lannoo, Tielt, Lexycom.

Composities Als componist schreef hij vooral kerkmuziek (koorwerken en gezangen), maar ook profane muziek en werken voor zijn instrumenten (piano, orgel, beiaard) en soms voor koperen blaasinstrumenten. Verder schreef hij klaviergedichten geïnspireerd door teksten van Elisabeth Belpaire (Lentebloesems) en de uitvoering voor het congres Jong-Davidsfonds in het Sint-Jozef-Klein-Seminarie Sint-Niklaas 1955, en Variaties op een dorisch thema voor piano en blokfluit (1955).

Hij componeerde ook een 80-tal liederen (kerkgezangen en profane liederen) voor piano en solozang op teksten van Karel van de Woestijne, Alice Nahon, Yvonne Waegemans, Jan Verseypen, Xavier Verhaege, Albrecht Rodenbach, Guido Gezelle, Jozef Simons, E.P. Blomme, Hendrik Marsman, Peter Cornelius Boutens, Gerry Helderenberg, Felix Timmermans, René De Clercq, Leonce Reypens, Anton van Wilderode, Bert Van Woensel, José De Poortere, Willem Persoon, Cécile Van Camp, Julien Schoenaerts, Claude Van den Berge, Marc Colpaert e.a. Deze werden onder meer uitgevoerd door Hendrikje Van Kerckhoven, Lars Pisselé, het duo piano-zang Levente Kende-Zeeger Vander Steene, Jan Van Elsacker, Ilse Vaerendonck, Linda Van Handenhoven, e.a. In 2016 begeleidde hij Lis Vandeweghe Carolus Borromeus, (Antwerpen) en Anne Cambier (Sint-Niklaas).

Afzonderlijke werken Afzonderlijke werken van D'hollander zijn te zien door hieronder rechts op 'uitklappen' te klikken:

Publicaties D'hollander schreef een 250-tal artikelen in tijdschriften en brochures. Hij is auteur van de volgende boeken: