De Acadische orogenese is een fase van gebergtevorming die wordt teruggevonden in de Appalachen in het oosten van Noord-Amerika. Deze fase vond plaats in het Vroeg-Devoon (ongeveer 410 tot 390 miljoen jaar geleden). Soms wordt de naam ook gebruikt voor latere tektonische fases die tot het Mississippien (Onder-Carboon, 350 miljoen jaar geleden) plaatshadden.

Geologie De Appalachen hebben een ingewikkelde geologische geschiedenis. De Acadische orogenese volgde op een oudere fase, de Taconische orogenese, en zou zelf weer opgevolgd worden door de Alleghenische orogenese. De Acadische orogenese wordt herkend in grote delen van de Appalachen, maar is vooral duidelijk aanwezig tussen New York en Newfoundland. Hoewel de belangrijkste deformatiefase tijdens het Devoon was, vonden tot in het Carboon metamorfose en intrusie van magma plaats.

De Acadische orogenese was toevalligerwijs ongeveer gelijktijdig met de Antlerorogenese in het westen van Noord-Amerika.

Tektonische geschiedenis In het Vroeg-Paleozoïcum vormde het tegenwoordige Noord-Amerika het paleocontinent Laurentia. Dit continent was vanaf het Ordovicium bezig zich samen te voegen met twee andere paleocontinenten, Baltica (tegenwoordig Noord-Europa) en het kleine continent Avalonia. De botsing van Avalonia met Laurentia veroorzaakte de Salanische fase in Noord-Amerika (ongeveer 450-420 miljoen jaar geleden), de botsing van Baltica en Laurentia veroorzaakte de Caledonische orogenese in Groenland en Noord-Europa.

De nieuwe landmassa die zo ontstond wordt Euramerika, Laurussia of Old Red Continent genoemd. Het voormalige Avalonia vormde er de zuidelijke rand van. Deze zuidelijke rand van Euramerika was een actieve marge. Vanuit het zuiden subduceerde de Rheïsche Oceaan onder Euramerika. Dit proces zorgde voor 'Acadische' accretie van terreinen en gebergtevorming, grofweg tussen 420-350 miljoen jaar geleden (Laat-Siluur tot Midden-Devoon).

In de Appalachen kwam bij de Acadische fase grootschalig plutonisme voor, het omhoogkomen en intruderen van magmalichamen.

In het oosten is de fase ook herkenbaar in het Bekken van Wales en de Anglo-Brabantgordel in de ondergrond van het oosten van Engeland en België. Daar leidde de Acadische fase niet tot plutonisme of grootschalige overschuivingstektoniek. In Europa wordt deze tektonische fase de Acadische of Brabantse fase genoemd. De dikke, van water verzadigde gesteentepakketten uit het Cambrium tot Siluur werden er intens geplooid en door breuken verplaatst. Er onstond een accretiewig boven de subductiezone, maar het bleef bij een lichte graad van metamorfose.

Categorie:Orogenese Categorie:Devoon Categorie:Geologie van Noord-Amerika