thumb|Melodie van Zie ginds komt de stoomboot thumb|Sinterklaasliedje Daar wordt aan de deur geklopt thumb|Kinderen zingen sinterklaasliedjes bij de kachel nadat ze hun schoen hebben gezet (2015). thumb|Liedblad met het sinterklaaslied: Hoe prettig is nu 't schemeruurtje (A.L. de Rop, ong. rond 1900). Een sinterklaaslied is een lied dat wordt gezongen in aanloop naar en tijdens het sinterklaasfeest. Met name kinderen zingen voor Sinterklaas tijdens de intocht, bij een bezoek van de Sint (aan bijvoorbeeld school of in winkels), bij het zetten van hun schoen en aan het begin van pakjesavond.

Hoewel de liedjes tegenwoordig in boeken te vinden zijn en op geluidsdragers en op radio en tv te horen zijn, worden ze in de eerste plaats mondeling doorgegeven en staan ze nog altijd in de traditie van de actieve zangbeoefening.

De oudste liederen over Sint-Nicolaas die in liedbundels bewaard zijn gebleven, stammen uit de zestiende eeuw.Het oudste lied over Sint-Nicolaas in de Nederlandse Liederenbank van het Meertens Instituut is het lied Laet ons blij sijn op desen dach / godt lovende met blijde moet, onder de titel Den sesten December. Sint Nicolaes Bischop. Confessoer. In: Enige hymnen en lofzangen (Utrechtse liedbundel van 1582). Geraadpleegd najaar 2014. Het gaat aanvankelijk met name om heiligenliederen over de heilige bisschop Nicolaas van Myra. De klassieke liedjes die in de twintigste en eenentwintigste eeuw traditioneel worden gezongen, gaan voor het overgrote deel terug op de negentiende en de eerste helft van de twintigste eeuw. Naast enkele volksliedjes uit de mondelinge overlevering, gaat het om liedjes van tekstdichters als J.P. Heije, Jan Schenkman, Katharina Leopold, Simon Abramsz, Antoinette van Dijk en Herman Broekhuizen.

Het zingen van sinterklaasliederen thumb|Aankomst Sinterklaas en Zwarte Piet (in: J. Schenkman, St. Nikolaas en zijn knecht, 1905) Het zingen van sinterklaasliedjes is een van de tradities die met het folkloristische sinterklaasfeest verbonden zijn. Enkele tientallen liedjes gaan al zo'n honderd tot bijna tweehonderd jaar mee en geven zo het feest al generaties lang mede vorm, inhoud en sfeer. Samen met traditionele kinderliedjes en sint-maartensliedjes behoren de sinterklaasliedjes tot de best bewaard gebleven Nederlandse zangcultuur. Ze horen daarmee tot de weinige liedcultuur die nog gekenmerkt wordt door actieve zangbeoefening (sinds de opkomst van muziek op de radio of op geluidsdragers).

Er zijn een aantal momenten in de sinterklaastijd die zich in het bijzonder lenen voor het zingen van sinterklaasliedjes: de intocht, het zetten van de schoen en pakjesavond.

Tegenwoordig komt Sinterklaas ongeveer drie weken voor zijn naamdag (6 december) in Nederland en België aan. Zowel bij de landelijke intocht als bij de vele plaatselijke intochten, worden Sint-Nicolaas en Zwarte Piet toegezongen door de kinderen die ze staan op te wachten. Verschillende traditionele liedjes gaan over de aankomst van Sinterklaas, zoals Daar is een stoomboot aangekomen / al over de grote zee (ca. 1925)De oudst bekende bron voor dit liedje is Vroolijk St. Nicolaas-feest: 20 oude en nieuwe St. Nicolaas-liedjes, samengesteld door H.A. Almoes (Amsterdam 192x). Misschien is dit liedje ouder. Naar vindplaatsen gezocht in de Liederenbank, DBNL, kb.nl en Google Boeken in het najaar van 2014.; Hij komt, hij komt / die lieve goede Sint (K. Leopold, 1898, melodie van Frohlicher Landmann van Robert Schumann); en Zie ginds komt de stoomboot uit Spanje weer aan (J. Schenkman, ca. 1850).

thumb|links|Meisje zingt sinterklaasliedje met klomp voor de kachel, Nationaal Archief, 1959. thumb|Intocht van Sint en Piet (in: J. Schenkman, St. Nikolaas en zijn knecht, 1905). thumb|Drie kinderen zetten hun schoen voor de haard en zingen een sinterklaasliedje (in: Hopsasa: knie- en bakerdeuntjes uit de oude doos, 1873).

In de weken dat Sint in het land is, mogen kinderen een of enkele keren 's avonds hun schoen zetten bij de open haard of de kachel, maar bij gebrek daaraan ook wel onder de brievenbus of onder een raam. Zij laten hierbij soms hooi of een wortel achter voor het paard, of een tekening voor Sint en Piet, en zingen enkele sinterklaasliedjes. De liedjes klinken door de schoorsteen tot op het dak, waar Sint-Nicolaas ze zou kunnen horen. De volgende dag vinden de kinderen dan wat lekkers of een klein geschenkje in hun schoen. Het gebruik van de schoen zetten gaat terug tot zeker de vijftiende eeuw, toen armen hun schoen in de kerk zetten en rijke burgers daar geld in stopten dat onder de armen verdeeld werd.Onder meer archief Nicolaaskerk Utrecht, zie artikel Sinterklaas/Schoenzetten. In het lied Wy vyeren heden na d'oude seden / Der Katholijcker Kercken (J. Stalpart v. d. Wiele, Gulde-Jaers Feest-Daghen, Antwerpen 1635) wordt in het 5e couplet verwezen naar het vullen van de schoen met zilver en goud: Nu werd de schoe vervult / Van nicht, van neve, / Met silver en verguld. Op dbnl.org. Al vanaf de zeventiende eeuw wordt er in volksliedjes naar het zetten van de schoen verwezen (met inbegrip van het achterlaten van hooi en het klinken van het lied door de schoorsteen).Bijvoorbeeld in het lied Compt kinderen bly, nae d'ouwe seeden, in: C. Vermeulen, ’t Ronde jaer (Antwerpen 1644) wordt in het 5e couplet verwezen naar het zetten van de schoen (Maer nu wert de schoen (...) / Liberael vervuldt). Ook in Sinter Claes heeft vande Nacht / 't Bruytje wat gegeven, in: Amsterdamsche Vreugde-stroom (Amsterdam 1655) wordt hiernaar verwezen (set jou kous en schoenen). In het lied Wat is 'er al Vermaak en Vreugd, / Te zien op Zinter-Klaas, in: Apollo's St. Nicolaas Gift, Aan Minerva (Leiden ca. 1741), 4e couplet, wordt ook het hooi en water genoemd (Met Hooy en Water dienst te doen / Aan 't Paard van Zinter-Klaas). Op dbnl.org. Zie ook vorige voetnoot. Ook onder de huidige bekende liedjes zijn er liedteksten die verwijzen naar het zetten van de schoen, waaronder Sinterklaas is jarig, 'k zet mijn schoen vast klaar (W. Oostveen, ca. 1925); Sinterklaas kapoentje / gooi wat in mijn schoentje (mondeling overgeleverd volksliedje); en O, kom er eens kijken / wat ik in mijn schoentje vind (K. Leopold, 1898).

In Nederland vindt pakjesavond gewoonlijk plaats op 5 december, aan de vooravond van Nicolaas' naamdag op 6 december. Terwijl de kinderen wachten tot de pakjes worden bezorgd, kunnen zij een heel aantal sinterklaasliederen zingen. Liederen die naar pakjesavond verwijzen, zijn onder meer: Zie de maan schijnt door de bomen / makkers staakt uw wild geraas (J.P. Heije, 1843); en Hoor de wind waait door de bomen / hier in huis zelfs waait de wind (ca. 1925). Na het cadeautjes uitpakken kan er nog worden afgesloten met Dag Sinterklaasje / dag, dag (A. van Dijk, 1926),De oudst bekende bron voor dit liedje is St. Nicolaasliedjes met pianobegeleiding, bijeengebracht door R.A. van Pelt en J.H. Boon (Den Haag, 1926). Mogelijk is dit liedje ouder. Naar vindplaatsen gezocht in de Liederenbank, DBNL, kb.nl en Google Boeken in het najaar van 2014. en, op dezelfde melodie, Dank Sinterklaasje / dank, dank.

Na pakjesavond verdwijnen Sint en Piet over het algemeen ongemerkt weer naar Spanje, waardoor er in Nederland op de eigenlijke naamdag van Sint Nicolaas, 6 december, meestal geen sinterklaasliederen meer worden gezongen. In België daarentegen is het gebruikelijk om pakjesochtend te vieren. Die vindt gewoonlijk op de ochtend van 6 december plaats.

Een overzicht van al deze liedjes is te vinden onderaan dit artikel.

Liederen over Sint-Nicolaas door de eeuwen heen thumb|Jan Steen, Sinterklaasfeest (tussen 1670 en 1675). thumb|John Pintard, Saint Nicholas (1810). Met Engelse vertaling van het volksliedje 'Sancte Claus goed heylig Man'. De oudst bewaard gebleven liederen rond Sint-Nicolaas stammen zoals gemeld uit de zestiende eeuw. In de loop van de eeuwen veranderen de thematieken in de liederen, waarmee de liedjes veranderingen in het sinterklaasfeest weerspiegelen.Marita Kruijswijk en Marian Nesse, Nederlandse jaarfeesten en hun liederen door de eeuwen heen (Hilversum, 2004), blz. 229: "De sinterklaastraditie is wel het beste voorbeeld van hoe een jaarfeest zich kan ontwikkelen door in de loop van de eeuwen met de tijdsgeest mee te gaan. (...) Was hij in eerste instantie een geëerd heilige (...) in de zeventiende eeuw verscheen hij in lange, balladeachtige liederen als een familiaire allesweter aan wie geschenken en huwelijkspartners konden worden gevraagd (...). Door al deze eeuwen blijft Sinterklaas echter ook controle uitoefenen op het gedrag van kinderen (...) dit is de enige rol die hij in de negentiende eeuw overhield. De negentiende en begin twintigste eeuw is het hoogtepunt van zijn rol als helper bij de opvoeding: hij is een kindervriend, een vaderfiguur, maar hij straft met harde hand als dit nodig is, al doet het pijn in zijn hart. Uit deze tijd stammen de nieuw gemaakte sinterklaasliederen die we nu nog kennen en die vaak een moralistisch tintje hebben. Vanaf het midden van de twintigste eeuw verandert Sinterklaas in een goeiige, waardige man, licht verstrooid en steun zoekend bij zijn Pieten. Hij straft nauwelijks meer.

Tot in de zeventiende eeuw voeren heiligenliederen de boventoon, over het leven, de goede daden en de wonderen van de heilige Nicolaas uit Myra in Lycië (het zuidwesten van het huidige Turkije). In deze eeuw zijn er daarnaast al een handjevol liedjes te vinden over Sint-Nicolaas als huwelijksmaker. Dit genre raakt in de achttiende eeuw wijd verspreid. In deze liedteksten, vaak liefdesklachten of kluchtliedjes, wordt de heilige om een huwelijkspartner gevraagd. In de negentiende eeuw nam de populariteit van dit onderwerp sterk af en ontstond er belangstelling voor het verzamelen van traditionele volksliedjes, veelal korte kinderliedjes en kinderdreunen, die (mogelijk al tientallen jaren, of de voorlopers ervan nog langer) mondeling werden overgeleverd en nu werden opgetekend. Daarnaast werden er in de negentiende en twintigste eeuw veel nieuwe liedjes geschreven, waarvan er enkele tientallen tot in de eenentwintigste eeuw bekend zijn gebleven.Zie de sinterklaasliederen in de Nederlandse Liederenbank van het Meertens Instituut, met de zoekwoorden sinterklaaslied, sinterklaas en sint nicolaas (de treffers overlappen elkaar gedeeltelijk). In de Liederenbank zijn enkele honderden sinterklaasliedjes en varianten uit tientallen bronnen van de zestiende tot de eenentwintigste eeuw ontsloten. Geraadpleegd najaar 2014.