John Christopher (Johnny) Depp II (Owensboro, 9 juni 1963) is een Amerikaans acteur, muzikant en kunstenaar. Hij ontving meerdere onderscheidingen, waaronder een Golden Globe Award en een Screen Actors Guild Award, naast nominaties voor drie Academy Awards en twee BAFTA's.

Vroege jaren Depp werd geboren op 9 juni 1963 in Owensboro, Kentucky, als jongste van vier kinderen van serveerster Betty Sue Palmer (geb. Wells, 1935-2016) en stedenbouwkundige John Christopher Depp. Hij heeft een broer (Danny) en twee zussen (Christy en Debby). Depps familie verhuisde tijdens zijn jeugd vaak en vestigde zich uiteindelijk in Miramar, Florida in 1970. Door de vele ruzies thuis werd hij vooral opgevoed door zijn moeder die hem mishandelde. Depps ouders scheidden in 1978 toen hij 15 jaar oud was. Zijn moeder trouwde later met Robert Palmer, die een inspiratie was voor Depp.

Depp is voornamelijk van Engelse afkomst, met enkele Franse, Duitse en Ierse voorouders. Zijn achternaam is afkomstig van een Franse hugenoten-immigrant, Pierre Dieppe, die zich rond 1700 in Virginia vestigde. In interviews in 2002 en 2011 beweerde Depp deels van indiaanse afkomst te zijn, via zijn overgrootmoeder, die als Cherokee of misschien Creek opgevoed zou zijn. Dit leidde tot kritiek van de indiaanse gemeenschap, aangezien Depp geen gedocumenteerde inheemse voorouders heeft.

Depps moeder gaf hem een gitaar toen hij 12 was, en hij begon al snel te spelen in verschillende bandjes. In 1979 stopte hij op 16-jarige leeftijd met school om een rockmuzikant te worden. Twee weken later probeerde hij weer terug te komen, maar de directeur van Miramar High School zei hem zijn droom na te jagen en muzikant te worden. In 1980 speelde Depp als gitarist in de rockband The Kids. Na een bescheiden succes, verhuisde de band naar Los Angeles op zoek naar een platencontract. Depp zorgde voor zijn levensonderhoud door het telefonisch verkopen van balpennen. In december 1983 trouwde Depp met visagiste Lori Anne Allison, de zus van de bassist en zanger van zijn band. De Kids gingen in 1984 uit elkaar. Door geldgebrek zette Depp zijn muzikale carrière in de wacht en zocht een betaalde baan. Allison introduceerde Depp bij Nicolas Cage. Deze overtuigde hem ervan dat acteren wel iets voor hem was en hielp hem aan een agent in de film- en televisiewereld. Depp was een paar jaar eerder al geïnteresseerd geraakt in acteren door het lezen van een biografie van James Dean en het kijken naar Rebel Without a Cause. Depp en Allison scheiden in 1986.

Acteercarrière 1984–1989: Eerste rollen en 21 Jump Street Cage hielp Depp aan een auditie voor de horrorfilm A Nightmare on Elm Street (1984) van Wes Craven. Mede dankzij de dochter van Craven, kreeg Depp de rol van het vriendje van het hoofdpersonage, een van de slachtoffers van Freddy Krueger.

Hoewel Depp geen wens had om acteur te worden, bleef hij in films spelen. Hij verdiende genoeg geld om de rekeningen te betalen die zijn muzikale carrière onbetaald had gelaten. Na hoofdrollen in de jeugdfilms Private Resort (de enige film waarin hij naakt te zien is) en Slow Burn, werd Depp gecast voor de hoofdrol van het schaatsdrama Thrashin''' uit 1986 door de regisseur van de film, maar de producent negeerde de beslissing. In plaats daarvan speelde Depp een kleine bijrol als een Vietnamees sprekende soldaat in Oliver Stones Vietnamoorlogsdrama Platoon (1986). De meeste scenes waren uit de film geknipt (een deel ervan is te zien op de dvd die in 2006 uitkwam).

Eind jaren 80 werd hij een tieneridool, toen hij de hoofdrol aannam van Tom Hanson, een undercover-politieagent op een middelbare school in de televisieserie 21 Jump Street (1987). Hij accepteerde de rol om samen te kunnen werken met acteur Frederic Forrest, die hem inspireerde. Ondanks zijn succes vond Depp dat de serie hem veranderde in een 'product'. Het was een imago waar Depp eigenlijk niet op zat te wachten. Hij probeerde van alles om onder zijn contract uit te komen en was opgelucht toen hem dat na vier seizoenen eindelijk lukte. Zonder hem bleek de serie niet meer levensvatbaar en na nog een seizoen viel het doek.

1990–2002: Onafhankelijke films en eerste samenwerkingen met Tim Burton Gedesillusioneerd door zijn ervaringen als tieneridool in 21 Jump Street, begon Depp rollen te kiezen die hij interessant vond in plaats van rollen waarvan hij dacht dat ze veel zouden opbrengen. Zijn eerste filmrelease in 1990 was de muzikale jaren 50-komedie Cry-Baby, waarin hij de ruige nozem Wade Walker vertolkte. Hoewel het geen kassucces was bij de release, kreeg de film door de jaren heen een cultstatus. Hij brak pas echt door met zijn vertolking van de rol van het titelpersonage in Tim Burtons romantische fantasiefilm Edward Scissorhands met tegenspelers Dianne Wiest en Winona Ryder. Ter voorbereiding op de rol bekeek Depp veel Charlie Chaplin-films om te bestuderen hoe er sympathie kan worden gewekt zonder dialoog. Rolling Stone prees de prestaties van Depp en schreef dat hij kunstig het felle verlangen uitdrukt in de zachtaardige Edward en noemde het een geweldige acteerprestatie, The Washington Post schreef dat hij 'de welsprekendheid van het tijdperk van de stomme film naar deze rol van weinig woorden brengt, door het allemaal te zeggen met heldere zwarte ogen en de trillende zorg waarmee hij zijn horrorfilmhanden vasthoudt'. De film bezorgde Depp zijn eerste Golden Globe-nominatie en zorgde ervoor dat hij het imago van tieneridool volledig af kon schudden. Tevens markeerde Edward Scissorhands het begin van zijn langdurige samenwerking en vriendschap met regisseur Tim Burton. thumb|Johnny Depp in Cannes 1992|283x283px Behalve een kleine rol in Freddy's Dead: The Final Nightmare (1991), het zesde deel in de A Nightmare on Elm Street-franchise, had Depp de komende twee jaar geen filmreleases. In 1993 speelde hij een excentrieke en analfabete, stille filmfan die bevriend raakt met een aan een psychische aandoening lijdende vrouw en haar broer in de romantische komedie Benny & Joon. De film werd na verloop van tijd pas populair en een onverwacht succes. Depp kreeg voor de rol een tweede Golden Globe-nominatie. Daarna speelde Depp in Lasse Hallströms What's Eating Gilbert Grape (1993), een drama over een disfunctioneel gezin, met Leonardo DiCaprio en Juliette Lewis in de hoofdrol. Commercieel presteerde de film niet goed, maar critici waren zeer lovend. Depp oogstte ook succes met zijn rol in de surrealistische komedie/dramafilm Arizona Dream (1993), die de Zilveren Beer won op het Filmfestival van Berlijn.

In 1994 herenigde Depp zich met Burton en speelde de titelrol in Ed Wood, een biografische film over een van de meest onbekwame filmregisseurs uit de geschiedenis. Depp onthulde later dat hij destijds terneergeslagen was over (het maken van) films, maar dat hij binnen 10 minuten nadat hij over het project hoorde, toegewijd was. Hij ontdekte dat de rol hem een kans gaf om weer plezier te hebben en dat het werken met Martin Landau, die Bela Lugosi speelde, zijn liefde voor acteren opnieuw deed oplaaien. Hoewel het zijn productiekosten niet terugverdiende, werd Ed Wood positief ontvangen door critici, waarbij The New York Times schreef dat Depp zich had bewezen als een gevestigde, geweldige acteur en 'al het can-do-optimisme wist te vangen dat Ed Wood op de been hield, dankzij een buitengewoon grappig vermogen om naar de zilveren rand van elke wolk te kijken'. Depp werd voor de derde keer genomineerd voor een Golden Globe.

Het jaar daarop speelde Depp tegenover Marlon Brando in de kaskraker Don Juan DeMarco (1995), als een man die gelooft dat hij 's werelds grootste minnaar, Don Juan is. Vervolgens in de minder goed ontvangen film, Dead Man (1995), een western die volledig in zwart-wit werd opgenomen. En in de laatste film van 1995, speelde hij een accountant die de opdracht krijgt een politicus te vermoorden om zijn ontvoerde dochter te redden, in de volgens critici geflopte film Nick of Time.In 1997 speelden Depp en Al Pacino in het misdaaddrama Donnie Brasco. Depp speelde Joseph D. Pistone, een undercover-FBI-agent die de naam Donnie Brasco aanneemt om te infiltreren in de maffia van New York. Ter voorbereiding op zijn rol bracht Depp tijd door met Pistone, op wiens memoires de film is gebaseerd. De film was een commercieel succes en kreeg lovende kritieken, en wordt beschouwd als een van Depps beste acteerprestaties. Depp debuteerde als regisseur en scenarioschrijver met The Brave (1997), waarin hij de rol van een arme indiaanse man speelt die een voorstel accepteert van een rijke man (Marlon Brando) om in een snuff-film te verschijnen in ruil voor geld voor zijn gezin. De film ging in première tijdens het Filmfestival van Cannes en kreeg over het algemeen negatieve recensies, waardoor Depp besloot The Brave niet in de VS uit te brengen.

Depp was een fan en vriend van schrijver Hunter S. Thompson, en speelde zijn alter ego Raoul Duke in de kaskraker Fear and Loathing in Las Vegas (1998), Terry Gilliams verfilming van Thompsons gelijknamige pseudo-biografische roman. In 1999 verscheen in Depp in drie films. In de eerste speelde hij met Charlize Theron in de scifi-thriller The Astronaut's Wife, die slecht werd ontvangen. In de tweede film; Roman Polański's The Ninth Gate, speelde Depp een verkoper van oude boeken die verstrikt raakt in een mysterie. De film was succesvol bij het publiek, maar kreeg gemengde recensies. Daarna speelde Depp, Ichabod Crane in Burtons succesvolle bewerking van The Legend of Sleepy Hollow (1999), samen met Christina Ricci en Christopher Walken. Depp liet zich voor deze rol inspireren door Angela Lansbury, Roddy McDowall en Basil Rathbone.

Depps eerste filmrelease van het nieuwe millennium was het Brits-Franse drama The Man Who Cried (2000), waarin hij samen speelt met Christina Ricci, Cate Blanchett en John Turturro. De film kreeg slechte recensies. In de veelgeprezen film, Before Night Falls (2000) had Depp een ondersteunende rol. De film Chocolat (2000) kreeg lovende kritieken. In deze film speelt Depp een Roma-man en het liefdesbelang van de hoofdpersoon, Juliette Binoche. Depps volgende rollen waren beide gebaseerd op historische personen. In Blow (2001) speelde hij de cocaïnesmokkelaar George Jung, die in de jaren tachtig deel uitmaakte van het Colombiaanse Medellínkartel. De film presteerde ondermaats en kreeg gemengde reacties. In de stripboekbewerking From Hell (2001) portretteert Depp inspecteur Frederick Abberline, die de moorden van Jack the Ripper in het Londen van het jaar 1880 onderzoekt. De film kreeg ook gemengde reacties, maar was een matig commercieel succes.

2003–2011: Pirates of the Caribbean, commercieel succes miniatuur|313x313px|Depp als Captain Jack Sparrow op de set van Pirates of the Caribbean: Dead Men Tell No Tales in 2015.