Mario Gabriele Andretti (Montona, 28 februari 1940) is een voormalige Amerikaanse autocoureur. Hij werd in 1978 wereldkampioen Formule 1 in een Lotus.
Andretti wordt beschouwd als een van de meest succesvolle Amerikaanse autocoureurs. Hij is met Dan Gurney een van de twee rijders die races kon winnen in zowel de Formule 1, de Champ Car, de NASCAR en het World Sportscar kampioenschap. Verder won hij races in de Midget car- en Sprintcarraceklassen. Hij won de Daytona 500 in 1967 en de Indianapolis 500 in 1969. Hij won tijdens zijn loopbaan in de Formule 1 twaalf races. Zijn laatste overwinning behaalde hij tijdens de Grand Prix van Nederland in 1978 en hij is tot op heden (peildatum oktober 2023) de laatste Amerikaan die een Grand Prix in de Formule 1 won. Naast zijn Formule 1-titel uit 1978 won hij vier titels in de Amerikaanse Champ Car, drie georganiseerd door de United States Automobile Club in 1965, 1966 en 1969 en de vierde en laatste titel uit 1984, die georganiseerd werd door de CART. In 2000 werd hij als erelid opgenomen in de International Motorsports Hall of Fame.
Biografie Mario Andretti en zijn tweelingbroer Aldo werden geboren in een Italiaans gezin in Montona, toen Italiaans gebied, maar na de Tweede Wereldoorlog werd het als Motovun bij Joegoslavië ingedeeld naar aanleiding van het Verdrag van Parijs. De familie verliet Montona en kwam met een omweg langs Italië in de Verenigde Staten terecht, waar de familie zich vestigde in Nazareth, Pennsylvania. In 1964 werd Andretti Amerikaans staatsburger. Hij huwde in 1961 met Dee Ann, de vrouw die hem Engels leerde. Ze kregen twee kinderen, Michael en Jeff, die beiden in de voetsporen van hun vader traden. Michael werd Champ Carkampioen in 1991 en Jeff reed 21 races in deze raceklasse. Michaels zoon Marco werd eveneens autocoureur. Mario's broer Aldo had kortstondig een carrière als autocoureur en zijn zoon John had een lange carrière in de NASCAR en reed daarnaast acht jaar lang in de Champ Car.
Na zijn actieve loopbaan als autocoureur werd Andretti zakenman en is hij onder meer vicevoorzitter van een wijnbedrijf, dat zijn naam draagt. Hij woont in Bushkill Township in Northampton County, Pennsylvania.
Carrière Mario en zijn broer Aldo startte met racen op een onverhard ovaal circuit dat gelegen was in hun woonplaats Nazareth. Mario reed tussen 1966 en 1969 veertien races in de NASCAR Grand National Series. In 1967 won hij de iconische Daytona 500.
Champ Car Van 1956 tot 1979 werd het belangrijkste Formuleracingkampioenschap in de verenigde Staten georganiseerd door de United States Automobile Club en stond het kampioenschap informeel bekend als de IndyCar alsook de Champ Car. Andretti debuteerde in deze raceklasse op 19 april 1964 tijdens een race in Trenton. Hij finishte tijdens zijn debuut op de elfde plaats en reed dat jaar twaalf andere races, met een derde plaats op de Milwaukee Mile als beste resultaat. Hij boekte zijn eerste overwinning een jaar later in 1965 toen hij vanaf poleposition vertrokken was op de Lucas Oil Raceway in Indianapolis en hij werd dat jaar voor de eerste keer kampioen voor A.J. Foyt, die met vijf overwinningen tweede werd in de eindstand. Andretti won in 1966 acht races en won het kampioenschap voor de tweede keer op rij. In 1967 en 1968 werd hij vicekampioen toen de titels respectievelijk naar A.J. Foyt en Bobby Unser gingen. In 1969 won hij de titel voor de derde keer.
Formule 1 thumb|Mario Andretti in een Lotus tijdens de training voor de Grote Prijs van Duitsland 1969. Andretti debuteerde op 6 oktober 1968 in de Formule 1 tijdens de Grand Prix van de Verenigde Staten in een Lotus. Hij moest opgeven met mechanische pech. Tot 1974 reed hij enkele races per jaar in de Formule 1 en de rest van het jaar concentreerde hij zich op de races in de Verenigde Staten. In 1971 reed hij vijf races voor Ferrari. Hij kon zich dat jaar niet meer kwalificeren voor de Grand Prix van Monaco, maar hij won wel de openingsrace van het jaar, de Grand Prix van Zuid-Afrika. Vanaf 1975 ging hij zich fulltime toeleggen op de Formule 1. Dat jaar reed hij voor Parnelli. In 1976 reed hij naast twee races voor Parnelli, dertien races voor Lotus. Hij won met Lotus de Grand Prix van Japan. Hij bleef de volgende vier jaar bij Lotus rijden. In 1977 werd hij met vier overwinningen derde in de eindstand van het kampioenschap.
thumb|Mario Andretti in de Alfa Romeo tijdens de Grote Prijs van Nederland 1981. In 1978 startte hij en zijn teamgenoot Ronnie Peterson in de Lotus 78. Andretti won de openingsrace van het jaar in Argentinië en Peterson kon winnen in Zuid-Afrika. Na vijf races werd de Lotus 79 geïntroduceerd, het alom geprezen ontwerp van Colin Chapman. Andretti won meteen de eerste race in deze auto tijdens de Grand Prix in België en hij won verder in Spanje, Frankrijk, Duitsland en Nederland en tussendoor won Peterson de regenrace in Oostenrijk.
Met nog drie races te gaan had Andretti twaalf punten voorsprong op Peterson en had de derde in de stand, Niki Lauda mathematisch geen kans meer om de titel te winnen. Peterson was akkoord gegaan om de teamorders te volgen en de titel aan Andretti te laten. Peterson startte de Grand Prix van Italië in de oude Lotus 78 en raakte betrokken bij een crash. Hij stierf een dag later aan zijn verwondingen. Andretti was kampioen en Peterson werd vervangen door Jean-Pierre Jarier, maar noch hij, noch Andretti konden nog punten sprokkelen tijdens de laatste twee races van het seizoen.
Andretti reed nog twee jaar voor Lotus, maar kon geen races meer winnen. In 1981 stapte hij over naar Alfa Romeo. Het werd zijn laatste volledige seizoen in de Formule 1. Hij kon dat jaar maar één keer binnen de punten rijden. In 1982 reed hij nog drie races in de Formule 1, hij werd derde in een Ferrari tijdens de Grand Prix van Italië.
Opnieuw Champ Car Andretti had tijdens zijn jaren in de Formule 1 het racen in de Verenigde Staten nooit helemaal opgegeven en bleef af en toe races in de Champ Car rijden tussen de Grands prix door. In 1980 reed hij vier races in de Champ Car en won hij dat jaar op de Michigan International Speedway. Een jaar later reed hij zeven races en vanaf 1982 reed hij weer het volledige programma en hij bleef dat doen tot bij zijn afscheid op het einde van 1994. In 1984 won hij zes races en werd hij met Newman-Haas Racing kampioen, zijn vierde en laatste titel in de Champ Car. Vanaf dat jaar reed zijn zoon Michael fulltime in de Champ Car en streden vader en zoon meermaals voor de zege. Op 4 april 1993, drie weken voor zijn 53e verjaardag won hij op de Phoenix International Raceway, zijn 52e en laatste overwinning uit zijn carrière. Daarmee staat hij op de tweede plaats voor het recordaantal gewonnen wedstrijden in de Champ Car, na A.J.Foyt die 67 overwinningen op zijn naam schreef.
Indianapolis 500 Andretti reed 29 keer de Indianapolis 500. Hij vertrok drie keer vanaf poleposition en kon de race één keer winnen. Tijdens de race van 1969 vertrok hij vanaf de tweede startplaats, reed hij 116 ronden aan de leiding en finishte hij op de eerste plaats voor Dan Gurney en Bobby Unser. In de Amerikaanse pers is vaak sprake van de "Andretti vloek" omdat hij vaak met pech af te rekenen kreeg tijdens de belangrijkste race van het jaar. In 1994 reed hij de race voor de laatste keer. In 2003 probeerde hij terug te keren om zich een dertigste keer te kwalificeren voor de race, maar tijdens de voorbereidende trainingen had hij een zware crash waarna hij besloot om te stoppen.
Andere races Andretti won de 12 uren van Sebring drie keer, in 1967 met Bruce McLaren, in 1970 met Ignazio Giunti en Nino Vaccarella en in 1972 met Jacky Ickx. Andretti en Ickx wonnen datzelfde jaar ook de 24 uur van Daytona. Andretti nam acht keer deel aan de 24 uur van Le Mans. Hij werd eerste in 1995 in de WSC-klasse en tweede overall.
Statistieken Formule 1 thumb|Andretti's Lotus 79 uit 1978
Formule 1 resultaten Seizoen Team Chassis Races Over- winningen Pole Positions Podiums Punten Rang 1968Team LotusLotus 49B 2 0 1 0 0 – 1969Team LotusLotus 63 3 0 0 0 0 – 1970STP Formula One TeamMarch 701 5 0 0 1 4 16 1971Ferrari312B 6 1 0 1 12 8 1972Ferrari312B2 5 0 0 0 4 12 1974ParnelliVPJ4 2 0 0 0 0 – 1975ParnelliVPJ4 12 0 0 0 5 14 1976Team LotusLotus 77 15 1 1 3 22 6 1977Team LotusLotus 78 17 4 7 5 47 3 1978Team LotusLotus 79 16 6 8 7 641 1979Team LotusLotus 80 15 0 0 1 14 12 1980Team LotusLotus 81 14 0 0 0 1 20 1981Alfa RomeoAlfa Romeo 179 15 0 0 0 3 17 1982Williams F1 FerrariFW07C 126C2 3 0 1 1 4 19
Overwinningen
+Nr.Grand PrixJaarTeam 1 Grand Prix van Zuid-Afrika 1971 Ferrari 2 Grand Prix van Japan 1976 Team Lotus 3 Grand Prix van de Verenigde Staten west 1977 Team Lotus 4 Grand Prix van Spanje 1977 Team Lotus 5 Grand Prix van Frankrijk 1977 Team Lotus 6 Grand Prix van Italië 1977 Team Lotus 7 Grand Prix van Argentinië 1978 Team Lotus 8 Grand Prix van België 1978 Team Lotus 9 Grand Prix van Spanje 1978 Team Lotus 10 Grand Prix van Frankrijk 1978 Team Lotus 11 Grand Prix van Groot-Brittannië 1978 Team Lotus 12 Grand Prix van Nederland 1978 Team Lotus
Champ Car 1964196519661967196819691970197119721973197419751976197719781979198019811982198319841985198619871988198919901991199219931994Totaal Aantal races 10 16 15 19 27 24 18 10 10 15 11 4 4 6 8 1 6 9 12 14 16 15 18 16 16 16 17 18 16 17 17 421 Aantal zeges 0 1 8 8 4 9 1 0 0 1 0 0 0 0 1 0 1 0 0 2 6 3 2 2 2 0 0 0 0 1 0 52 Aantal pole-positions 0 3 9 4 8 5 4 0 1 1 1 0 0 0 0 0 2 1 0 2 8 3 3 9 0 0 0 0 1 1 0 66 Eindrangschikking 11 1 1 2 2 1 5 9 11 5 15 23 9 7 17 11 16 11 3 3 1 5 5 6 5 6 7 7 6 6 14 20px (4x)
Indianapolis 500 thumb|Andretti's winnende auto van de Indianapolis 500 in 1969 Jaar Auto Motor Start Finish 1965 Brawner Hawk Ford 4e 3e 1966 Brawner Hawk Ford 1e 18e 1967 Brawner Hawk Ford 1e 30e 1968 Brawner Hawk Ford 4e 33e 1969 Brawner Hawk Ford 2e 1e 1970 McNamara Ford 8e 6e 1971 McNamara Ford 9e 30e 1972 Parnelli Offy 5e 8e 1973 Parnelli Offy 6e 30e 1974 Eagle Offy 5e 31e 1975 Eagle Offy 27e 28e 1976 McLaren Offy 19e 8e 1977 McLaren Cosworth 6e 26e 1978 Penske Cosworth 33e 12e 1979Geen deelname 1980 Penske Cosworth 2e 20e 1981 Wildcat Cosworth 32e 2e 1982 Wildcat Cosworth 4e 31e 1983 Lola Cosworth 11e 23e 1984 Lola Cosworth 6e 17e 1985 Lola Cosworth 4e 2e 1986 Lola Cosworth 30e 32e 1987 Lola Chevrolet 1e 9e 1988 Lola Chevrolet 4e 20e 1989 Lola Chevrolet 5e 4e 1990 Lola Chevrolet 6e 27e 1991 Lola Chevrolet 3e 7e 1992 Lola Ford-Cosworth 3e 23e 1993 Lola Ford-Cosworth 2e 5e 1994 Lola Ford-Cosworth 9e 32e
24 uur van Le Mans Jaar Klasse Auto Team Co-rijders Ronden Pos. KlassePos. 1966 P+5.0 Ford GT40 Mk.IIFord 7.0L V8 Holman & Moody Lucien Bianchi 97 DNF DNF 1967 P+5.0 Ford GT40 Mk.IVFord 7.0L V8 Holman & Moody Lucien Bianchi 188 DNF DNF 1983 C Porsche 956Porsche Type-935 2.6L Turbo Flat-6 Porsche Kremer Racing Michael Andretti Philippe Alliot 364 3e 3e 1988 C1 Porsche 962 CPorsche Type-935 3.0L Turbo Flat-6 Porsche AG Michael Andretti John Andretti 375 6e 6e 1995 WSC Courage C34Porsche Type-935 3.0L Turbo Flat-6 Courage Compétition Bob Wollek Éric Hélary 297 2e 1e 1996 LMP1 Courage C36Porsche Type-935 3.0L Turbo Flat-6 Courage Compétition Jan Lammers Derek Warwick 315 13e 3e 1997 LMP Courage C36Porsche Type-935 3.0L Turbo Flat-6 Courage Compétition Michael Andretti Olivier Grouillard 197 DNF DNF 2000 LMP900 Panoz LMP-1 Roadster-SÉlan 6L8 6.0L V8 Panoz Motorsports David Brabham Jan Magnussen 315 15e 8e
Externe links Officiële website Statistieken op racing-reference.info
Categorie:Wereldkampioen Formule 1 Categorie:Amerikaans autocoureur Categorie:NASCAR-coureur