right|150px|Kleinood VIe Klasse De Meest Illustere Orde van de Chula Chum Klao (Thais: "เครื่องราชอิสริยาภรณ์จุลจอมเกล้า" of "Khrueangratcha-Isariyaphon Chunlachomklao") werd op 16 november 1873 door Koning Rama V van Thailand ingesteld om de Koninklijke Familie der Chakri, de Thaise adel, de hovelingen en de "ambtenaren van het Voorhof", de zogeheten "Fai Naa" te kunnen onderscheiden. De orde werd op de 21e verjaardag van de koning ingesteld en de achtergrond van de stichting was dat de jonge vorst die op zijn vijftiende jaar zijn vader moest opvolgen de trouw van zijn aanhangers wilde belonen. De koning vierde ook het achttiende lustrum van zijn in 1783 aan de macht gekomen dynastie.

De orde kreeg zijn portret als medaillon en draagt de familienaam der Chakri. Koning Chulalongkorn (1868-1910) werd en wordt door de Thai "Chula Chom Klao" of "Rama V" genoemd. De koning stelde een zeer ingewikkeld statuut op waarin ridders en dames in drie klassen en zeven graden kunnen worden benoemd. Voor iedere graad en klasse zijn maximale aantallen benoemingen vastgelegd en ook voor bevorderingen binnen de orde golden termijnen en strenge regels.

Het bestuur van de orde werd in handen van een kapittel gelegd dat uit de "Eerste Grootmeester", "Eerste Orde-Kanselier, Eerste Secretaris en een archivaris bestaat. In eerste instantie werd de orde alleen aan Thai verleend maar er zijn enige uitzonderingen bekend. Het is zeker niet gebruikelijk dat deze exclusieve ridderorde aan vreemdelingen wordt verleend.

De koning stelde in 1887 in een decreet vast dat de orde in het vervolg ook aan de vrouwelijke ambtenaren van het "Fai Nai" zou worden toegekend. Omdat een benoeming in deze orde zeer werd gewaardeerd werd ook het aantal benoemingen vergroot.

Aan de graden werden titels verbonden. Sommigen mochten zich baron of "Tan Khun Ying" (baronesse) noemen. De titels zijn nu voor de heren vervallen maar nog steeds is een Dame in deze orde een "Tan Khun Ying" of "Khun Ying" (vergelijkbaar met het Britse "Dame"). thumb|Ster van de Koning van Thailand Men zou deze orde die ook wel de "Familieorde" genoemd wordt tot de huisorden of dynastieke orden rekenen, ware het niet dat in Thailand geen verschil tussen deze staatsrechtelijk verschillende vormen maakte en ook nu nog niet maakt. De officiële Thaise bronnen gebruiken het begrip huisorde nergens. De orde wordt in één adem met de staatsorden opgesomd.

Het secretariaat van het Thaise kabinet is verantwoordelijk voor het beheer en de verlening van de Thaise orden. Er is in Thailand ook na het verdwijnen van het absolutistische koningschap en de invoering van ministeriële verantwoordelijkheid geen regeling getroffen voor orden die mogelijkerwijs niet onder die ministeriële verantwoordelijkheid zouden vallen.

Erfrecht en adelsrecht thumb|Ster der Ie Klasse Maximilian Gritzner noemt ook de positie van de talrijke prinsen uit de eerdere regerende Thaise dynastieën en de behoefte aan een nieuw adelstatuut. De Europese beïnvloeding van Thailand zorgde ervoor dat de Aziatische vorstenhuizen hun adel naar Europees model reorganiseerden.

De agnaten van de eerdere dynastie werden in deze orde opgenomen en de koning controleerde of ook de oudste zoon van een prins zijn vaders decoratie en titel zou erven. Zo werden de oudere vorstenfamilies afhankelijk van de gunst der Chakri.Gritzner

Rama V gaf de ridders dus toestemming om de orde aan een erfgenaam na te laten. Erfelijke ridderorden zijn zeldzaam en hier was het gebruikelijk dat de erfgenaam een lagere graad in de orde ging bekleden dan de erflater. De koning kon op deze regel een uitzondering maken. Wanneer vader en (oudste) zoon of erfgenaam waren gestorven was het aan de koning of ook de volgende generatie weer in de Orde van Chula Chom Klao werd opgenomen en tot de adelstand zou behoren.

Er zijn strikte regels gesteld aan de vererving:

Een Ridder Grootlint laat zijn rang en versierselen na aan zijn zoon. De orde vererft binnen de familie totdat er geen mannelijke erfgenaam meer is. Een Ridder Grootkruis laat zijn insignia en rang na aan zijn oudste zoon. De titel en versierselen worden niet door een kleinzoon geërfd. Een Ridder Grootcommandeur of Ridder Commandeur laat zijn insignia en rang na aan zijn oudste zoon. De titel en versierselen worden niet door een kleinzoon geërfd. In beginsel erft de oudste zoon de rang en de versierselen. Een jongere zoon kan de plaats van een overleden oudste zoon innemen. Een krankzinnige of dode kan de orde niet erven. In dat geval neemt de zoon volgens het principe van de staaksgewijze opvolging of oudste broer van de krankzinnige of dode zijn plaats in. Wanneer een zoon insignia (met uitzondering van grootlint en grootkruis) van zijn vader erft wordt hij Companion in de orde. Wanneer een kleinzoon het lidmaatschap (met uitzondering van grootlint en grootkruis) van zijn vader erft wordt hij Junior Companion in de orde.

De orde in de 21e eeuw thumb|Ster IIe Klasse Ie Graad In de 21e eeuw wordt de orde ook aan ministers en raadslieden van de kroon toegekend. De koning kan de orde ook verlenen aan "anderen die door de koning waardig worden geacht de Orde van Chula Chom Klao te dragen" verleend. Tot deze laatste categorie behoorde de Nederlandse Prins van Oranje die in 2004 zijn moeder vergezelde op een staatsbezoek aan Thailand. De Deense en Noorse koningen Frederik IX, Olaf V en Harald V ontvingen ook het Grootlint in de Bijzondere Klasse.

De benoemingen in deze orde zijn zeer gezien en begeerd. De hovelingen en hoge ambtenaren kijken ieder jaar uit naar de lijst met benoemingen. De adeldom voor de mannelijke dragers van de Orde van Chula Chom Klao is vervallen, alleen de dames dragen nog een titel.Larry Redmond

In 2007 vierde Koning Bhumibol, officieel Rama IX van Thailand, zijn gouden ambtsjubileum. De vorst zette de feestelijkheden luister bij door tal van onderscheidingen te verlenen. Zo werden er nieuwe benoemingen en bevorderingen in de Orde van Chula Chom Klao bekendgemaakt. De koning bepaalde daarnaast dat al de nog levende, door Rama VIII, zijn voorganger op de troon, benoemde leden werden bevorderd tot de eerstvolgende hogere graad.

Klassen en Graden in de Orde van Chula Chom Klao De koning van Thailand is grootmeester van deze orde en draagt een keten, een ster en een kleinood aan een grootlint. Al deze versierselen zijn met diamanten versierd die op de ring rond het portret van de stichter zijn gezet.

De koningin van Thailand draagt dezelfde versierselen maar ze zijn iets kleiner uitgevoerd.

De ingewikkelde inrichting van de orde en onbekendheid met de Thaise taal zorgen voor veel verwarring.

Eerste Klasse De Eerste Klasse is opgedeeld in twee divisies voor heren en een divisie voor dames. thumb|150px|Baton Ridder Grootlint (Bijzondere Klasse) Dame Grootlint (Bijzondere Klasse)

Deze in het Thais "ปฐมจุลจอมเกล้าวิเศษ" (bpà-tŏm jòo-laa jom glâo wí-sèt) genoemde graad geeft het recht de letters "ป.จ.ว." achter de naam te dragen. De Ridders- en Dames Grootlint dragen niet alleen het grootlint maar ook de ster, de keten en een zilveren kleinood of medaille, als van een "Junior Companion", aan een lint op de borst. De graad bestaat sinds 1900. In 1992 werden vier benoemingen gedaan. ประกาศสำนักนายกรัฐมนตรี เรื่อง ลำดับเกียรติเครื่องราชอิสริยาภรณ์ไทย เล่ม ๑๑๐, ตอน ๒๙ง ฉบับพิเศษ, ๑๒ มีนาคม พ.ศ. ๒๕๓๖, หน้า ๑. In: Thai Government Gazette. 110, Nr. 29 ง, 12. März 1992, S. 368-371

De dames die deze graad ontvangen dragen een kleiner kleinood maar kroon en lauwerkrans zijn met diamanten versierd. Op de keerzijde van hun kleinood staat geen olifant maar het jaartal "1884".

De dames en heren dragen op de linkerborst een ster met een ring van briljanten rond de blauwe ring met het motto. De ster van de dames is iets kleiner. Het aantal ridders en dames is onbeperkt. thumb|150px|Baton Ridder Grootkruis (Eerste Klasse) Dame Grootkruis (Eerste Klasse)

Deze in het Thais "ปฐมจุลจอมเกล้า"(bpà-tŏm jòo-laa jom glâo) genoemde graad geeft het recht de letters "ป.จ." achter de naam te dragen. De dertig Ridders- en twintig Dames Grootlint dragen niet alleen het grootlint maar ook de ster en de keten. Het kleine zilveren kleinood aan het lint op de linkerborst ontbreekt bij deze graad. In 1992 werden zes heren benoemd. Onder de sinds 1893 benoembare dames werden ook zes benoemingen gedaan.Thai Government Gazette. De graad bestaat voor heren sinds 1873.

De dames die deze graad ontvangen dragen een kleiner kleinood maar kroon en lauwerkrans zijn met diamanten versierd. Op de keerzijde van hun kleinood staat geen olifant maar het jaartal "1884"

De dames en heren dragen op de linkerborst een ster met een ring van briljanten rond de blauwe ring met het motto. De ster van de dames is iets kleiner. Het aantal ridders en dames is beperkt tot dertig en vijftig.

De Tweede Klasse Deze Tweede Klasse bestaat uit twee divisies voor heren en twee divisies voor dames. thumb|150px|Baton Ridder of Dame Grootcommandeur der Tweede Klasse Hogere Graad. (Thai: "ทุติยจุลจอมเกล้าวิเศษ", tóo dtiy-jòo-laa jom glâo wí-sèt), zij plaatsen achter de naam de letters ท.จ.ว. De insignia bestaan uit het kleinood, het grootlint en de ster. In 1992 werden dertien heren benoemd. Onder de dames werden ook dertien benoemingen gedaan.

Dame Grootcommandeur der Tweede Klasse Hogere Graad. (Thai: "ทุติยจุลจอมเกล้าวิเศษ" (tóo dtiy-jòo-laa jom glâo wí-sèt), zij plaatsen achter de naam de letters ท.จ.ว. De insignia bestaan uit het kleinood (zonder briljanten) en het grootlint. De Dames dragen geen ster. De Dames kunnen hun kleinood ok aan een strik op de schouder dragen. In 1992 werden achttien heren benoemd. Onder de dames werden ook achttien benoemingen gedaan.

De zilveren sterren van deze graad hebben gladde stralen. Het monogram heeft geen ingelegde briljanten.

Er zijn tweehonderd mannelijke Grootcommandeurs der Tweede Klasse Hogere Graad en sinds 1899 honderd Dames Grootcommandeur der Tweede Klasse Hogere Graad. In 1992 werd deze graad aan dertien heren en dertien dames verleend. thumb|150px|baton Ridder Commandeur der Tweede Klasse Lagere Graad. (Thai: "ทุติยจุลจอมเกล้า" of tóo dtiy-jòo-laa jom glâo), zij plaatsen achter de naam de letters ท.จ. De Ridders Commandeur dragen een kleinood aan een lint om de hals.

Dame Commandeur der Tweede Klasse Lagere Graad. (Thai: "ทุติยจุลจอมเกล้า" of tóo dtiy-jòo-laa jom glâo), zij plaatsen achter de naam de letters ท.จ. De Dames Commandeur dragen een kleinood aan een lint op een strik.

Er zijn 250 mannelijke en 100 vrouwelijke Ridders en Dames Commandeurs der Tweede Klasse Lagere Graad. De graad behoorde al in 1873 tot de Familieorde en telde maximaal 250 heren. In 1893 werd zij opengesteld voor dames, honderd in getal. In 1992 werd deze graad aan 18 heren en 18 dames toegekend.

De Derde Klasse De Derde Klase is verdeeld in drie divisies voor heren en een voor dames. thumb|150px|Baton Grand Companion Derde Klasse Hogere Graad

(Thai: "ตติยจุลจอมเกล้าวิเศษ" of "dtà-dtiy-jòo-laa jom glâo wí-sèt"), zij plaatsen achter de naam de letters ต.จ.ว. Deze graad wordt alleen aan heren verleend. De Grand Companions dragen een kleinood aan een lint met een rozet. Men kan de in 1914 aan de Familieorde toegevoegde decoratie daarom vergelijken met de rang van Officier in andere ridderorden.

Er zijn 250 Grand Companions Derde Klasse Lagere Graad. In 1992 werden 21 heren benoemd. thumb|150px|Baton Companion (Derde Klasse Lagere Graad)

(Thai: "ตติยจุลจอมเกล้า" of "dtà-dtiy-jòo-laa jom glâo"), zij plaatsen achter de naam de letters ต.จ. De Companions Derde Klasse Lagere Graad dragen een kleinood aan een lint zonder rozet op de linkerborst of aan een strik op de linkerschouder.

Er zijn 200 mannelijke en 250 vrouwelijke Grand Companions Derde Klasse Lagere Graad. In 1992 werden zevenentwintig heren en zevenentwintig dames benoemd. thumb|150px|Baton Junior Companion