Lymeziekte, lymeborreliose of ziekte van Lyme, is een infectieziekte die veroorzaakt wordt door bepaalde leden van het geslacht Borrelia: schroefvormige bacteriën (spirocheten) van 3 tot 8 µm lengte. Het is een vectorziekte die wordt overgedragen door de schapenteek (Ixodes ricinus) en de hertenteek (Ixodes scapularis). De ziekte is vernoemd naar het dorpje Old Lyme in Connecticut, waar in 1975 een epidemie van deze ziekte uitbrak.

Geschiedenis De ziekteverschijnselen en de mogelijke relatie met teken zijn al in 1764 in Schotland beschreven door de bioloog en predikant John Walker. Dat was ook de tijd dat veel mensen uit dat gebied wegtrokken naar Noord-Amerika, en het is niet uit te sluiten dat de bacterie toen met een van de emigranten is meegereisd.

In 1883 beschreef internist Alfred Buchwald in het Duitse Breslau, de ziekte die we momenteel kennen onder de naam Acrodermatitis chronica atrophicans: het derde stadium van de lymeziekte. Op een congres in 1909 besprak de Zweedse dermatoloog Arvid Afzelius een geval van ringvormige rode huidafwijkingen bij een oudere vrouw die door een teek gebeten was. Hij noemde deze huidafwijking 'erythema migrans'. In de jaren 1950 werd algemeen de relatie tussen tekenbeten en een combinatie van symptomen erkend en behandeld met penicilline.

Pas toen in 1975 in het plaatsje Old Lyme en omgeving in Connecticut een groot aantal jonge mensen gewrichtsklachten ontwikkelden, werd door onderzoekers van de Yale-universiteit ontdekt dat het ging om dezelfde ziekte als de Europese door teken overgebrachte aandoening.

DNA van Borrelia is teruggevonden in een teek uit 1884 in een Duits museum en een dode muis uit Cape Cod die is overleden in 1894. Ook in de Italiaanse, 5300 jaar oude ijsmummie Ötzi is Borrelia-DNA aangetroffen, zodat hij de oudst bekende drager van deze ziekte is.

Ontdekking van de veroorzaker Bij de uitbraak van deze ziekte in 1975 in Old Lyme werd door bewoners, en met name door Polly Murray die zelf de ziekte had en moeder was van twee kinderen met gewrichtsklachten, krachtig aangedrongen op verder onderzoek. Uiteindelijk werd Allen Steere, toen reumatoloog in opleiding aan de Yale-universiteit (inmiddels hoogleraar reumatologie aan de Harvard-universiteit), erop afgestuurd. Hij onderzocht de patiënten en vernam van een Europese arts dat dit beeld overeenkomsten vertoonde met erythema migrans, waarvan dankzij het werk van Afzelius bekend was dat het een relatie vertoonde met tekenbeten. Ofschoon de relatie met teken toen dus bekend was, duurde het toch nog tot 1982 voordat de in Zwitserland geboren Amerikaanse wetenschapper Willy Burgdorfer de verantwoordelijke bacterie ontdekte, die naar hem is genoemd: Borrelia burgdorferi.

Oorzaak van besmetting Teken dragen soms bacteriën van het geslacht Borrelia bij zich. Een mens kan hiermee geïnfecteerd worden door een tekenbeet. Er zijn aanwijzingen dat de ziekte ook door andere dieren kan worden overgedragen. Halouzka J, Wilske B, Stünzner D, Sanogo YO, Hubálek Z.: Isolation of Borrelia afzelii from overwintering Culex pipiens biotype molestus mosquitoes. De bacterie kan ook via bloed-op-bloed-contact overgedragen worden. Omdat de bacterie verwant is aan Treponema pallidum, de bacterie die syfilis veroorzaakt, is er nog discussie gaande of lyme ook via onbeschermd seksueel contact overgedragen kan worden. Ondanks het nodige onderzoek is er nog nooit een besmetting op deze wijze gerapporteerd. American Lyme Disease Foundation

Inmiddels is duidelijk dat er diverse varianten van deze bacterie bestaan, die zeer waarschijnlijk verschillende ziekteverschijnselen veroorzaken. Bij huidverschijnselen is vaak sprake van B. afzelii, bij neuroborreliose van B. garinii.Lebech AM, Hansen K, Wilske B, Theisen M. Taxonomic classification of 29 Borrelia burgdorferi strains isolated from patients with Lyme borreliosis: a comparison of five different phenotypic and genotypic typing schemes. Med Microbiol Immunol (Berl). 1994 Dec;183(6):325-41. In de VS komt een variant voor die vooral gewrichtsklachten veroorzaakt; de soorten in Europa geven vaker huidverschijnselen. De microbiologie van Borreliasoorten is zeer complex en de kennis op dit gebied vertoont nog vele lacunes. Per jaar verschijnen er echter vele tientallen wetenschappelijke publicaties over dit onderwerp.

Diagnose en identificatie van de specifieke lymespirochetenstam wordt bemoeilijkt doordat er in toenemende mate co-infecties samen met lyme overgedragen worden. Lyme muteert zelf ook.

Ziekteverschijnselen Lymeborreliose is een systeemziekte met een grillig verloop en vele verschijningsvormen die steeds diverser worden doordat er steeds vaker co-infecties met andere ziekteverwekkers optreden. De wetenschappelijke informatie vertoont nog lacunes en is deels tegenstrijdig. Het is inmiddels wel mogelijk de bacterie te kweken en in een hoog percentage van de gevallen lukt het het DNA van de bacterie aan te tonen door middel van een polymerasekettingreactie. Toch ontbreekt nog een door iedereen erkende gouden standaard voor het stellen van de diagnose. Dit geldt overigens ook voor de behandeling, de definitie van genezing of voor het vaststellen van het effect van behandeling. Met de toename van de kennis en de technieken wordt lymeborreliose wel steeds meer een 'gewone' spirocheteninfectie die detecteerbaar en behandelbaar is.

Een infectie met Borrelia burgdorferi leidt vaak niet tot ziekteverschijnselen, zoals uit het voorkomen van antistoffen bij mensen uit risicogroepen (bosarbeiders) blijkt, waarvan er veel wel besmet zijn (geweest) met de spirocheet, zoals uit bloedonderzoek blijkt, maar die daar nooit iets van gemerkt hebben.Cisak E, Chmielewska-Badora J, Zwolinski J, Wojcik-Fatla A, Polak J, Dutkiewicz J. Risk of tick-borne bacterial diseases among workers of Roztocze National Park (south-eastern Poland) Ann Agric Environ Med. 2005;12(1):127-32. In de Verenigde Staten is seropositiviteit zonder symptomen daarentegen zeldzaam.Steere AC, Sikand VK, Schoen RT, Nowakowski J. Asymptomatic infection with Borrelia burgdorferi. Clin Infect Dis. 2003 Aug 15;37(4):528-32. Wanneer er ziekteverschijnselen ontstaan, worden deze in drie stadia ingedeeld. De indeling in stadia is enigszins arbitrair.

Stadium 1: lokale huidinfectie; erythema migrans (EM) thumb|Erythema migrans De lokale huidinfectie begint meestal als een rood plekje, vaak na 4 à 10 dagen en bijna altijd binnen drie maanden na een tekenbeet. De afwijking breidt zich in de loop van dagen tot weken uit tot een (5–40 cm in diameter) min of meer ronde of ovale rode plek, vaak met centrale verbleking. De plek is meestal pijnloos, jeukt meestal niet en is niet verheven, behalve soms aan de randen. Voorkeurlokalisatie: romp, benen, oksels en liezen. Deze afwijking wordt erythema (chronicum) migrans genoemd. Bij de lokale huidinfectie wordt soms een griepachtig ziektebeeld met malaise, koorts, keelpijn en spierpijn gezien. Dit beeld kan ook in een latere fase van de ziekte gezien worden.

Als een typisch erythema migrans (EM) wordt geconstateerd is er vrijwel zeker sprake van lymeborreliose. Variaties van het erythema migrans komen echter voor. Zo kan het erytheem egaal rood blijven, ontstaan er ter plaatse blaren of kunnen er meerdere ringen om elkaar heen zichtbaar zijn. Ook jeuk en pijn kunnen in een minderheid van de gevallen voorkomen. Meerdere EM-laesies tegelijk of terugkerende EM-laesies zijn beschreven.

De helft van de patiënten met erythema migrans heeft geen tekenbeet opgemerkt. Sommige studies geven aan dat de atypische (niet-typerende) vormen van erythema migrans vaker voorkomen dan de hierboven beschreven typische vorm.

Bij patiënten met een typisch erythema migrans is serologisch bloedonderzoek op Borrelia burgdorferi niet nodig voor het stellen van de diagnose. In een vrij aanzienlijk deel van de gevallen (30-50%) zijn in deze fase van de ziekte nog geen antistoffen aantoonbaar. Patiënten met erythema migrans dienen derhalve zonder verdere tests met een antibioticum te worden behandeld. Over de duur van behandeling en dosering bestaat geen overeenstemming onder deskundigen; de opgegeven duur kan uitlopen van 10 tot 21 dagen. In de acute fase kan ook lymphadenosis cutis benigna (borrelia pseudolymfoom) optreden, een paarsrood onderhuids bultje op de plaats van de beet of op afstand. Voorkeurslocatie: oorschelp, oorlel, tepel, neus, scrotum.

Stadium 2: vroege gedissemineerde infectie Na de tekenbeet kan Borrelia burgdorferi in de bloedbaan terechtkomen, hetgeen tot een gedissemineerde infectie leidt. In tegenstelling tot wat eerder gedacht werd, zijn er sterke aanwijzingen dat de bacterie al binnen enkele etmalen kan dissemineren (uitzaaien) en onder andere het centrale zenuwstelsel kan infiltreren. Bij deze demyelinisatie (degeneratieve verdwijning van de myelineschede van de zenuwvezels) ontstaat een gestoorde prikkelgeleiding die zich onder andere kan uiten als verlamming en/of sensibiliteitsafwijkingen.

Via de bloedbaan wordt de bacterie in het lichaam verspreid, maar de bacterie is meestal slechts kort in de bloedbaan aanwezig. Hoewel de bacterie in elk orgaan terecht kan komen, ontstaan de meeste ziekteverschijnselen in het zenuwstelsel, de gewrichten en het hart. Het blijkt dat de helft van de patiënten met een gedissemineerde infectie geen tekenbeet of erythema migrans heeft opgemerkt. Daardoor kan het voorkomen dat de ziekteverschijnselen niet direct met een infectie van Borrelia burgdorferi in verband worden gebracht.

Aandoeningen van het zenuwstelsel (neuroborreliose) De meest voorkomende acute aandoeningen van het zenuwstelsel zijn ontsteking van hersenzenuwen en/of ruggenmergzenuwen, met name een nervus facialisparese die een halfzijdige gezichtsverlamming geeft (aangezichtsverlamming van Bell), al dan niet in combinatie met een hersenvliesontsteking. De verschijnselen van de hersenvliesontsteking zijn meestal gering. Meestal hebben patiënten geen hoofdpijn, koorts, sufheid of nekstijfheid zoals bij andere, acute vormen van hersenvliesontsteking.

Daarnaast komen ook subacute en chronische vormen van de infectie van het centrale zenuwstelsel voor (subacute encefalopathie, zie chronische neuroborreliose).

Verschijnselen van hersenzenuwontsteking kunnen onder andere bestaan uit dubbelzien (parese of paralyse van de nervus abducens of een van de andere oogspierzenuwen) en halfzijdige aangezichtsverlamming en pijn in het verzorgingsgebied van de betreffende zenuw als het een gevoelszenuw betreft. Ook kunnen problemen met het gehoor optreden (gehoorverlies) met eventueel optreden van tinnitus. Lyme is in sommige gevallen de oorzaak van (eenzijdige) plotselinge doofheid, waarbij een aanzienlijk gedeelte van de gehoorfunctie uitvalt. Ook kan er sprake zijn van duizelingen.

Ontsteking van een ruggenmergzenuw veroorzaakt soms zeer heftige pijn in een arm of been of in de romp. Soms gaat dit samen met krachtsverlies en een doof, tintelend gevoel. Ontsteking van het ruggenmerg kan krachtsverlies en een doof gevoel in beide benen veroorzaken. Soms kan de urine niet worden opgehouden of wordt juist het plassen bemoeilijkt.

Naast deze veel beschreven verschijningsvormen zijn beelden die lijken op multiple sclerose (MS), amyotrofische laterale sclerose (ALS), multiple systeematrofie en dementie beschreven. Of deze allemaal samenhangen met een Borrelia-infectie is omstreden.