Jan Overduin (Leiden, 2 januari 1907 – Kampen, 11 september 1958) was een Nederlands christelijk romanschrijver.
Hij groeide op in een gelovig gezin. Zijn vader was hervormd en een aanhanger van de theoloog Hermann Friedrich Kohlbrugge. Zijn moeder was christelijk-gereformeerd. Zijn broer Jacobus werd predikant.
Hij studeerde in Leiden bij Albert Verwey. Hij slaagde cum laude: hoofdvak Nederlandse taal- en letterkunde, bijvakken wijsbegeerte en Kunstgeschiedenis. Na zijn studie Nederlands in Leiden werkte Overduin als leraar en vanaf 1949 als redacteur van de tweede druk van de Christelijke Encyclopedie.
Hij publiceerde in de jaren '50 de romans Huurling en herder (1951) en Het paradijs (1953). In beide boeken combineert Overduin morele kwesties rondom leven en dood met een psychologisch portret van de hoofdpersoon. Er verschenen vertalingen in het Duits en in 1999 herdrukken bij uitgeverij De Groot Goudriaan. Postuum kwam in 1964 bij uitgeverij Kok Tragedie in Toulouse uit, een historische roman over de rechtszaak tegen de hugenoot Jean Calas.
Het jeugdboek "De weesjongen van Leiden", verschenen onder het pseudoniem Kees Kander.
Hij overleed op 11 september 1958 in Kampen. Op zijn begrafenis sprak vriend prof. dr. Herman Ridderbos.
Bibliografie 1953 - Het paradijs. Roman (Digitale versie) 1955 - Huurling en herder 1964 - Tragedie in Toulouse 1975 - Maranatha 1976, onder red. van: J. Overduin en Jac. van Dijk 1976 - Maranatha 1977, onder red. van J. Overduin en Jac. van Dijk 1988 - Requiem voor een poes
Trivia Jan Overduin wordt vaak verward met zijn broer ds. Jacobus Overduin.
Categorie:Nederlands romanschrijver