thumb|Blauwe estelada, embleem van de onafhankelijkheidsbeweging. Dit artikel behandelt de geschiedenis van Catalonië, het gebied dat tegenwoordig de autonome gemeenschap van Catalonië omvat en de aansluitende Franse landstreek Roussillon.

Inleiding thumb|Decretos de Nueva Planta uit 1716. Dit gebied werd voor het eerst bewoond tijdens het Midden-paleolithicum. Net zoals de rest van de Middellandse Zeekust van het Iberisch Schiereiland werd het in latere tijden gekoloniseerd door de Grieken en de Carthagers. Er ontstond een sterke interactie met de lokale pre-Romeinse Iberische volkeren in de eerste plaats via handel maar ook via culturele uitwisseling. Samen met de rest van Hispania werd het vervolgens een deel van het Romeinse Rijk om vervolgens na het verval ervan door de Visigoten veroverd te worden. Het noordelijkste gedeelte is korte tijd door de Moren (Al-Andalus) bezet geweest in de achtste eeuw. Nadat Emir Abdul Rahman Al Ghafiqi in 732 in de slag bij Poitiers door Karel Martel verslagen werd, herwonnen de lokale Visigotische vorsten hun autonomie. Ze verkozen echter zichzelf te onderwerpen aan het opkomende Frankische Rijk waardoor de Spaanse Mark ontstond.

In 1137 aanvaardde Ramon Berenguer IV, graaf van Barcelona, het voorstel van koning Ramiro II van Aragon om te trouwen met koningin Petronila. Dit resulteerde in de oprichting van de dynastieke unie van het graafschap Barcelona met het koninkrijk van Aragon en de vorming van de kroon van Aragon. Het graafschap Barcelona en de andere Catalaanse graafschappen namen een gemeenschappelijke politieke entiteit aan, bekend als het vorstendom Catalonië. Hierin werd een institutioneel systeem ontwikkeld (Corts, Constitucions, Generalitat) dat de macht van de koningen beperkten. Catalonië heeft bijgedragen aan de verdere ontwikkeling van de Aragonese handel en militairen, met name hun marine. De Catalaanse taal bloeide en breidde uit naarmate er meer gebieden aan de Kroon werden toegevoegd, waaronder Valencia, de Balearen, Sardinië, Sicilië, Napels en, kort, Athene. De crisis van de 14e eeuw en een burgeroorlog (1462-1472) verzwakt de rol van het Vorstendom in Kroon en internationale aangelegenheden.

Met het huwelijk van Isabella I van Castilië en Ferdinand II van Aragón in 1469 kwam Catalonië in een personele unie met Castilië terecht. Hierdoor begon de politieke macht van Catalonië naar Castilië te verschuiven. In de hieropvolgende eeuwen behield Catalonië grotendeels zijn eigen wetten aangezien de unie van Spanje meer een personele unie was dan een volledige eenmaking. Geleidelijk aan begonnen de vorsten toch de lokale wetten aan te tasten ten voordele van het centrale gezag. Dit proces kende zijn hoogtepunt toen koning Karel II van Spanje, de laatste van de Spaanse Habsburgers, in 1700 overleed zonder een erfgenaam na te laten, wat leidde tot de Spaanse Successieoorlog. Ook deze keer bleek Catalonië aan de verliezende kant te staan; de door Castilië verkozen Filips won de oorlog en zijn Decretos de Nueva Planta ontnamen Catalonië elke vorm van autonomie, schaften de lokale politieke instituten af en legden een militair regime op.

In de tweede helft van de 19e eeuw werd de regio het centrum van de industrialisering van Spanje. Nu is het een van de meest geïndustrialiseerde regio's, samen met het Baskenland. Gedurende de eerste dertig jaar van de 20e eeuw kende de regio afwisselend meer of mindere mate van autonomie. Hier kwam drastisch verandering in na de nederlaag van de Tweede Spaanse Republiek (opgericht in 1931) in de Spaanse Burgeroorlog (1936-1939). Onder het dictatoriale regime van Francisco Franco werd zelfs het gebruik van het Catalaans in het openbaar verboden.

Na diens dood in 1975 en de restauratie van de Spaanse monarchie kreeg de regio weer een zekere mate van culturele en politieke autonomie.

Prehistorie thumb|450.000 jaar oude schedel van de homo erectus tautavelensis gevonden bij Tautavel De eerste menselijke nederzettingen in Catalonië dateren uit het midden-paleolithicum. De oudste sporen van menselijke aanwezigheid is een kaakbeen gevonden in Banyoles, volgens sommige bronnen zou dit een pre-neanderthaler kaakbeen zijn van zo'n 200.000 jaar oud. Andere bronnen houden het op een derde van die ouderdom.ESR and U-series analyses of enamel and dentine fr... J Hum Evol. 2006 - PubMed Result. Gearchiveerd op 24 maart 2019.

Sommige van de belangrijkste prehistorische resten werden gevonden in de grotten van Mollet (Serinyà, Pla de l'Estany), de Cau del Duc in de Montgrí berg ("cau" betekent "grot"), de resten bij Forn d'en Sugranyes (Reus) en de schuilplaatsen Romaní en Agut (Capellades), resten uit het Laat-paleolithicum zijn gevonden bij Reclau Viver, de grot van Arbreda en de Bora Gran d'en Carreres, in Serinyà, of de Cau de les Goges, in Sant Julià de Ramis.

Resten uit de volgende prehistorische era's het epipaleolithicum en het neolithicum worden hoofdzakelijk gedateerd tussen 8000 v.Chr. en 5000 v.Chr. Vindplaatsen hiervan zijn Sant Gregori (Falset) en el Filador (Margalef de Montsant).

Het neolithicum begon in Catalonië rond 4500 v.Chr., alhoewel de bevolking zich niet zo snel vestigde in vaste nederzettingen als elders door de overvloedige bebossing die een voortzetting van de jager-verzamelaar culturen bevorderde. De belangrijkste resten zijn de grot van Fontmajor L'Espluga de Francolí), de grot van Toll (Morà), de grotten van Gran and Freda (Montserrat) en de schuilplaatsen van Cogul en Ulldecona.

Het chalcolithicum of kopertijd liep van 2500 tot 1800 v.Chr. De bronstijd liep van 1800 v.Chr. tot 700 v.Chr. Er zijn maar weinig overblijfselen gevonden uit deze periodes op enkele nederzettingen langs de Segre. De bronstijd viel samen met de aankomst van de Indo-Europeanen die in verschillende golven naar de regio migreerden vanaf 1200 v.Chr. Zij waren verantwoordelijk voor de eerste proto-stedelijke nederzettingen. Rond het midden van de 7e eeuw v.Chr. begon de ijzertijd in Catalonië.

Opkomst van de Iberische Cultuur thumb|Nederzetting te Empúries Na afloop van de ijzertijd ontwikkelde er zich een Iberische cultuur, vermoedelijk uit een vermenging van plaatselijke oerbewoners en immigranten uit Noord-Afrika. Deze cultuur omvatte stammen zoals de Indigetes, Ilercavones, Castellani,.. In latere tijden kwam er een influx van Keltische stammen uit het noorden die zich vermengden met de lokale Iberische volkeren. Hierdoor sprak men dan ook van Keltiberiërs als men het had over het volk dat door deze mengeling ontstond. Vanaf de 6e eeuw v.Chr. ontstonden er Griekse en Carthaagse kolonies langs de kust van de westelijke Middellandse Zee.

Belangrijkste hiervan was Empúries aan de Golf van Roses in de huidige provincie Girona. Oorspronkelijk was er een Fenicische kolonie op een eilandje in de golf. In de 6e eeuw v.Chr. werd er door Grieken uit Phocaea op het vasteland een kolonie gesticht. De stad kende een sterke groei rond 530 v.Chr. door de instroom van vluchtelingen uit de moederstad toen deze door de Perzen werd ingenomen. De stad lag op de handelsroute tussen Massalia (Marseille) en Tartessos.

Van de 8e tot de 7e eeuw v.Chr. kwamen de autochtone inwoners in contact met de kolonisten en duiken de eerste ijzeren objecten op in de regio. In de periode van de 7e tot de 5e eeuw v.Chr. vond de consolidatie plaats van de Iberische cultuur. De bloeiperiode was van de 5e tot de 3e eeuw v.Chr.

Romeinse tijd thumb|Romeins aquaduct van Tarragona De Romeinen arriveerden tijdens de Tweede Punische Oorlog. In 218 v.Chr landde generaal Publius Cornelius Scipio Africanus maior nabij Empúries om zo de toevoerlijnen naar Carthago Nova af te snijden. De Romeinse troepen onder leiding van generaal Gnaeus Cornelius Scipio Calvus die in 210 v.Chr. in Hispania zoals de regio toen genaamd was aankwamen zagen zich geconfronteerd met een groot Carthaags leger onder leiding van Hasdrubal broer van Hannibal Barkas die vallei van de Ebro controleerden. Bij de eerste schermutselingen in 211 v.Chr. sneuvelden zowel Gnaeus Cornelius Scipio Calvus als Publius Cornelius Scipio I respectievelijk oom en vader van Publius Cornelius Scipio Africanus maior. De komende jaren zou Catalonië het strijdtoneel zijn van de strijd om de macht over de Middellandse Zee tussen Rome en Carthago. Voor Hispania was het tijdperk van Romeinse overheersing echter begonnen.

In de eerste eeuw voor Christus wordt Tarragona de hoofdstad van dit deel van het Romeinse Rijk, de provincie Hispania Tarraconensis.

Middeleeuwen thumb|Karel de Kale bevestigt Wilfried de Harige als soeverein thumb|De Corts van Catalonië in 1495 Na de val van het West-Romeinse Rijk werd Catalonië overspoeld door de Visigoten, wat een van de etymologische verklaringen zou kunnen zijn voor de naam, afgeleid van Gothalonië. Dit is eveneens de periode van kerstening. De Visigoten stichtten het koninkrijk Toulouse waar Catalonië deel van uitmaakte tot de verovering door de Moren in 718. Deze werden al spoedig verdreven, zo kwamen de graafschappen Girona in 785 en Barcelona in 805 weer in christelijke handen.

Karel de Grote beslist om een bufferzone op te richten in 801 tussen zijn rijk en de Moren. Deze Marca Hispánica omvat de graafschappen Ribagorça, Roussillon, Vic, Cerdanya, Urgell, Girona, Barcelona, Pallars en Osona. Door de afwezigheid van een centraal gezag konden de graven van Barcelona gaandeweg hun soevereiniteit over het gebied herwinnen. Wilfried de Harige ziet zich als soeverein bevestigd door Karel de Kale en hij kan tevens een erfopvolging instellen.

In de loop van de tiende en elfde eeuw differentieerde de Catalaanse taal zich van haar buren het Castiliaans en het Occitaans.Michael Keating, "The New Politics of Nationalism in Quebec, Catalonia and Scotland," Palgrave Macmillan 1996.

Na de val van het Omajjadenkalifaat in 1031 profiteren de Catalanen hiervan om hun gebied uit te breiden. Zo slaagt Raymond Berengarius IV erin Tortosa en Lleida te veroveren op de Moren in 1148-1149. In 1137 wordt hij prins-regent van een nieuwe Catalaans-Aragonese federatie die geschiedkundigen thans de Kroon van Aragón noemen. In 1150 wordt hij dan door huwelijk ook officieel koning van Aragon en gaandeweg breiden de Catalanen hun grondgebied uit in Zuid-Frankrijk. Zo veroveren ze in 1229 Mallorca, in 1231 Menorca en in 1235 Ibiza. Ook het koninkrijk Valencia komt bij Aragon in 1238. Met het verdrag van Corbeil eindigt de soevereiniteit van de Franse koningen over de Catalaanse graven officieel; in ruil maken de koningen van Aragon geen aanspraak meer op de Languedoc.

Op hetzelfde moment ontwikkelde het Vorstendom Catalonië een complexe institutioneel en politiek systeem dat gebaseerd was op het concept van een pact tussen de Staten en de koning. De wetten (Constitucions) werden gemaakt in de Corts van Catalonië, een van de eerste parlementaire organen van Europa dat de koninklijke macht verbood om eenzijdig wetten te maken (sinds 1283)."Las Cortes Catalanas y la primera Generalidad medieval (s. XIII–XIV)".

Wanneer in 1410 Martinus I kinderloos sterft, gaat de heerschappij over op Ferdinand van Antequera, zoon van de koning van Castilië. Tijdens het bewind van Johan II veroorzaakten sociale en politieke spanningen de Catalaanse Burgeroorlog (1462–1472).

In 1520 verschijnt het Llibre de coch, het begin van de gedrukte geschiedenis van de Catalaanse keuken. Het kookboek was vernieuwend omdat het aan de traditionele Europese keuken vele Amerikaanse ingrediënten toevoegde die later vaste waarden werden in de mediterrane keuken, zoals tomaten, paprika's en aubergines. Vanaf het begin van de 20ste eeuw zouden er ook kookboeken verschijnen die op nationalistische gronden een eigen Catalaanse keuken trachtten te definiëren.Michael Eaude, blz. 248 in "Catalonia - A Cultural History," Oxford University Press 2008.

Spaanse tijd