thumb|Foto's uit het familiearchief Regout (collectie HCL Maastricht) Het geslacht Regout of de familie Regout is een van oorsprong Maastrichtse familie van industriëlen en politici. Tot het geslacht behoren de oprichters en bestuurders van bedrijven als Thomas Regout, Koninklijke Sphinx, Koninklijke Mosa en Kristalunie Maastricht, alsmede enkele Nederlandse ministers, Eerste en Tweede Kamerleden, en provinciale en plaatselijke politici en bestuurders. In 2012 waren er 365 naamdragers die afstamden van de pater familias, Petrus Laurentius Regout. Hiervan woonde het merendeel in België, met name in de omgeving van Brussel en Luik. Van de nakomelingen van Petrus' broer Thomas zijn geen naamdragers meer in leven.Regout/Regout (1966/1996), pp. 89-90.
Leden van de familie Regout waren in de negentiende eeuw verantwoordelijk voor de ontwikkeling van Maastricht als vroege industriestad. De producten van de kristal-, glas- en keramiekfabrieken van Petrus Regout en zijn zonen genoten internationale faam en boden aan duizenden arbeiders werk. Hoewel Petrus als typisch negentiende-eeuwse ondernemer autoritair optrad in zijn fabrieken, zorgden met name enkele van zijn zonen voor het slechte imago dat de Regout-fabrieken aan het einde van die eeuw hadden. Vanaf begin twintigste eeuw bekleedden leden van de familie tevens leidende functies in het bedrijfsleven in België.
De eerste generaties Regout trouwden voornamelijk met notabelen uit Limburg en Luik; vanaf begin twintigste eeuw in toenemende mate met telgen uit (voornamelijk Belgische) adellijke families. Het geslacht Regout werd in 1910, 1931/32 en in 1998 opgenomen in het Nederland's Patriciaat. Diverse kastelen en landhuizen in de omgeving van Maastricht, Luik en Namen zijn of waren ooit in bezit van familieleden. Het familiearchief en de diverse bedrijfsarchieven zijn belangrijke bronnen voor de geschiedenis van Maastricht in de Moderne Tijd.
Naam: herkomst en verspreiding Volgens het Meertens Instituut en de Annuaire de la noblesse de Belgique zou de familienaam Regout een patroniem kunnen zijn, een adaptatie van een Germaanse voornaam, bijvoorbeeld Rickolf, Richold of Rikwald (rîk = rijk; wald = heersen)., 'Voorouders', in: Kroniek van de familie Regout / Chronique de la famille Regout, N°. 13 (dec. 2001), pp. 16-17.Zie ook 'Regout' op genwiki.nl.
In Maastricht gaat het geslacht Regout niet verder terug dan de tweede helft van de zeventiende eeuw. De naam Regout, op deze wijze gespeld, wordt omstreeks 1700 ook onder andere vermeld in Leiden en Den Haag. Variaties op de naam kwamen ook al in de zestiende eeuw voor: Regoud in Haarlem en Rigouts in Lier. Ook elders in Vlaanderen en in Frankrijk kwam variaties op de naam voor, maar een link met de Maastrichtse Regouts kon tot op heden niet worden aangetoond. Dat de familie zou afstammen van een Venetiaanse glasblazersfamilie Rigo, is een veronderstelling die evenmin bewezen kon worden.Regout/Regout (1966/1996), pp. V, VIII. Een uit Londen afkomstige familie van glasblazers Rigo vestigde zich in 1651 in Amsterdam.Regout e.a. (1959), p. 11.
Van de 347 naamdragers en directe afstammelingen van Petrus (I) Regout was in 2001 iets meer dan de helft (177) vrouw. Iets minder dan de helft (167) was jonger dan 40 jaar. Bijna twee derde (229) was Belg., 'Family Statistics', in: Kroniek van de familie Regout / Chronique de la famille Regout, N°. 12 (juni 2001), pp. 33-34. In 2008 woonden 64 Regouts in het Brussels Hoofdstedelijk Gewest; tien jaar eerder waren dat er nog 80. In 2007 woonden ongeveer honderd naamdragers verspreid over Nederland, met een lichte concentratie in het westen, midden en zuiden van het land. Dat aantal is dalende, want in 2001 woonden er nog 118 Regouts in Nederland.
Geschiedenis (genealogisch) Voorgeslacht De stamreeks begint met Carolus Regout (in de akten vermeld als: Richo, Ricco, Regau, Richaut en Regaut),Vergelijk de Maastrichtse uitspraak van de naam Regout (noot 1). die in de Maastrichtse Boschstraat woonde en op 22 december 1706 in die plaats overleed. Zijn derde zoon Petrus Carolus Regout (1704/05-1781) trouwde in 1729 in de Sint-Catharinakerk met Maria Margaretha Vasseur. Hij handelde in porselein en aardewerk en begon omstreeks 1734 tevens een pijpenfabriek.Regout e.a. (1959), pp. 11-12.
thumb|left|160px|Handtekeningen van vier generaties "P. Regout":1. P.C. Regout (1705-1781)2. P.H. Regout (1735-1784)3. P.L.D. Regout (1765-1814)4. P.L. Regout (1801-1878) Een zoon van Petrus Carolus, Petrus Henricus Regout (1735-1784), was eveneens actief in de porselein- en aardewerkhandel. Hij trouwde op 6 juni 1762 te Maastricht met Maria Agnes Ghijsen (1734-1780), maar scheidde in 1764 van tafel en bed. Mogelijk hield zijn poging om de door zijn vader opgezette pijpenfabriek in 1770 naar Luik te verplaatsen verband met deze scheiding. Na de scheiding begon Maria Agnes een porselein- en aardewerkwinkel in de Muntstraat, samen met haar zus Catharina Elisabeth. In 1779 werd ze opgenomen in een rooms-katholieke instelling, samen met haar tienerzoon. Na haar dood hertrouwde Petrus Henricus in 1781 met Maria Barbara Schuyvele.Regout e.a. (1959), pp. 12-14.
thumb|110px|Nieuwstraat 7-9 De enige zoon van Petrus Henricus Regout en Maria Agnes Ghijsen was Petrus Leonardus Dominicus Regout (1765-1814), die een half jaar na de scheiding van zijn ouders werd geboren. Ook hij was koopman in glas, porselein en aardewerk. In 1796 kocht hij het huis Nieuwstraat 5 (later nr. 735, thans nr. 9), voor zover bekend de eerste vastgoedaankoop van de Regouts in Maastricht. Op 9 juni 1800 trouwde hij met Maria Gertrudis Nijsten (1766-1835). Hun eerste zoon, de welbekende Petrus Laurentius werd een jaar later in het huis in de Nieuwstraat geboren. Petrus Leonardus en Maria Gertrudis bouwden aan de Nieuwstraat een succesvolle zaak op. In 1812 kocht het echtpaar in Limmel de Romerhof, een herenhoeve met twaalf hectare landerijen. Nadat het echtpaar in 1810 al de twee jongste kinderen had verloren, stierf vader Petrus in 1814, waarschijnlijk tijdens een cholera- of tyfusepidemie. Na zijn vroege dood – volgens de overlevering zou hij besmet zijn geraakt terwijl hij zieke garnizoenssoldaten bijstond – zette zijn weduwe de zaak voort. Zij was daarin zeer succesvol, wat onder meer blijkt uit de aankoop van meer landerijen in de omgeving van de Romerhof, een uitbreiding van de winkel in 1826 en, een jaar later, de aankoop van een groot huis aan de Boschstraat (destijds nr. 1303), waar haar oudste zoon Petrus Laurentius met zijn vrouw ging wonen. Met de verwerving van dit pand, pal tegenover de nieuwe binnenhaven Bassin, legde de weduwe Regout-Nijsten de grondslag voor de stichting van de Sphinx-fabrieken.Regout e.a. (1959), pp. 15-18.
Stamvaders: Petrus (I) en Thomas Van de vijf kinderen van het echtpaar Regout-Nijsten bereikten er drie de volwassenheid. Over de tweede zoon, Johannes Thomas ("Jean") Regout (1803-1871) is weinig meer bekend dan dat hij koopman was. Hij was het die de zaak van zijn ouders in de Nieuwstraat voortzette. Voor zover bekend bleef Jean ongehuwd en had hij geen nageslacht.
De oudste zoon, Petrus Laurentius Regout, ook wel "Pie" genoemd, meestal aangeduid als Petrus (I) (1801-1878), is de bekendste telg uit de familie. Hij was het die met de oprichting van de glas-, kristal- en aardewerkfabrieken Petrus Regout & Co., later De Sphinx genoemd, in het Maastricht van de jaren 1830 een economische en sociale omwenteling zonder weerga teweegbracht. Petrus was lid van de Eerste Kamer der Staten-Generaal, lid van de gemeenteraad van Maastricht, medeoprichter en president-commissaris van de Aken-Maastrichtsche Spoorweg-Maatschappij en voorzitter van de Vereeniging van en voor Nederlandsche Industrieelen. Petrus trad op 17 juni 1825 te Maastricht in het huwelijk met Maria Aldegonda ("Gonneke") Hoeberechts (1798-1878), dochter van Franciscus Hoeberechts (1761-1819) en Joanna Margaretha Botti (1768-1847). Het echtpaar kreeg tien kinderen, van wie er één de volwassenheid niet bereikte. Alle vijf zonen namen direct of indirect vooraanstaande posities in het bedrijf van hun vader of dat van hun oom Thomas Regout in.Regout/Regout (1966/1996), pp. 4, 6, 39, 46, 61, 71-73.
De derde zoon van het echtpaar Regout-Nijsten, Thomas Dominicus Regout (1805-1862), was in 1834 medeoprichter, en van 1843 tot 1862 enige directeur van de nog bestaande Maastrichtse Spijker- en Draadnagelfabriek v/h Thomas Regout, tegenwoordig Thomas Regout (International) B.V. geheten. Hij was evenals zijn broer Petrus lid van de gemeenteraad in Maastricht. Thomas trouwde op 12 april 1836 te Maastricht met Catharina Johanna Hubertina ("Jeannette") Ghysen (1812-1894), dochter van Matheus Dominicus Ghysen en Joanna Martina Simons. Het echtpaar kreeg zeven kinderen, vijf dochters en twee zonen. Van de zonen trouwde alleen de jongste, Oscar, maar omdat hij alleen twee dochters kreeg, stierf deze tak met hen uit.
Nageslacht van Petrus (I) thumb|Petrus en Aldegonda met de kleinkinderen (in koetsen) voor kasteel Vaeshartelt, ca. 1865 De hoofdlijnen in de genealogie van de familie Regout worden traditioneel bepaald door de vijf mannelijke 'takken', dat wil zeggen: de nakomelingen van de vijf zonen van Petrus (I) Regout en Aldegonda Hoeberechts, die de volwassenheid haalden en voor nageslacht zorgden. Bij het overlijden van Petrus en Aldegonda waren er van hun tien kinderen nog zeven in leven en van de 60 kleinkinderen nog 49 (plus vier achterkleinkinderen). Bij familiereünies dragen de aanwezigen herkenningstekens om de tak (branche) aan te geven waartoe ze behoren. Voor de familiefoto's die bij die gelegenheid gemaakt worden, stellen de familieleden zich per tak op.
De zonen met nageslacht die de vijf takken binnen de familie Regout vormen zijn: Petrus (II) (1828-1897), Edouard (1829-1878), Eugène (1831-1908), Louis (I) (1832-1905) en Gustave (1839-1923).
Eerste tak: Petrus (II) Petrus (II) (Pierre) Regout was het tweede kind en de oudste zoon van Petrus (I) Regout en Aldegonda Hoeberechts. Zijn nakomelingen vormen de eerste (mannelijke) tak binnen het geslacht Regout. In 2012 behoorden 127 van de 365 nakomelingen van Petrus (I) en Aldegonda tot de tak Petrus (II) (52 mannen en 75 vrouwen), daarmee de op een na talrijkste tak vormend. (1966/1996/2012): Généalogie de la famille Regout (bijgewerkte editie van 2012), inleiding. Stichting Regout. Tot de bekendere nakomelingen behoren de ondernemers Petrus (III) en (IV), Jules (I) en (II), Georges, Alfred, Ernest en Viviane Regout; verder de acteur/actrice Georgea Regout (zijtak Jules), de arts en olympisch roeier John ("Flip") Regout (zijtak Ernest), de autocoureur Hervé Regout (zijtak Alfred) en de striptekenaar-cartoonist Patrick Regout (zijtak Charles).
Tweede tak: Edouard Edouard Regout was het derde kind en de tweede zoon van Petrus (I) Regout en Aldegonda Hoeberechts. Zijn nakomelingen vormen de tweede (mannelijke) tak binnen het geslacht Regout. In 2012 behoorden 15 van de 365 nakomelingen van Petrus (I) en Aldegonda tot de tak Edouard Regout (11 mannen en 4 vrouwen), waarmee dit de minst talrijke tak binnen de familie Regout is. Tot de bekendere nakomelingen behoren de ondernemers Frederik, Joseph (I) en Joseph (II) Regout, en de politicus-bestuurder Edouard Descampe.
Derde tak: Eugène Eugène Regout was het vierde kind en de derde zoon van Petrus (I) Regout en Aldegonda Hoeberechts. Zijn nakomelingen vormen de derde (mannelijke) tak binnen het geslacht Regout. In 2012 behoorden 67 van de 365 nakomelingen van Petrus (I) en Aldegonda tot de tak Eugène Regout, waarvan 35 mannen en 32 vrouwen. Tot de bekendere nakomelingen behoren: de ondernemers Arthur en Fernand Regout, Yves Regout (zijtak Paul), Léon Lhoest (zijtak Laura) en de Belgisch-Canadese kunstenares Isabelle Regout (zijtak Arthur).
Vierde tak: Louis