thumb|Daisy de Melker Daisy Louisa Hancorn-Smith, beter bekend als Daisy Louisa de Melker (Seven Fountains, 1 juni 1886 - Pretoria, 30 december 1932) was een vermeend Zuid-Afrikaans seriemoordenares die twee echtgenoten en haar zoon door vergiftiging met arseen om het leven bracht.

De Melker werd als tweede blanke vrouw ooit in Zuid-Afrika (na Dorethea van der Merwe) door ophanging terechtgesteld.

Levensloop

William Alfred Cowle De Melker (23) - dan nog Hancorn-Smith - was verpleegster en trouwde op 3 maart 1909 in Johannesburg met haar eerste man, William Alfred Cowle (36). Ze kregen vijf kinderen, van wie er vier al jong een natuurlijke dood sterven. Eerst een te vroeg geboren tweeling die de babytijd niet overleefde, vervolgens Lester (†4) en Eric (†2). Alleen het derde kind Rhodes Cecil (11 juni 1911) haalde de volwassenheid.

Op 11 januari 1923 werd Cowle ziek nadat hij een door zijn vrouw bereide magnesiumsulfaatoplossing had ingenomen, voor zijn vaak terugkerende maagproblemen. Er kwam een dokter bij die hem bromide voorschreef. Toen een tweede dokter arriveerde nadat Cowle er erger aan toe was, was hij al aan het schuimbekken, zijn gezicht was blauwig en hij schreeuwde het uit totdat hij nog dezelfde dag stierf.

Volgens de autopsie was zijn dood het gevolg van chronische nefritis en een hersenbloeding. De Melker erfde £ 1795,-.

Robert Sproat De Melker hertrouwde in 1926 met de zestien jaar oudere Engelsman Robert (Bob) Sproat. Deze werd in oktober van 1927 eveneens ernstig ziek. Ondanks veel pijn en spierspasmes die op die van Cowle leken, leek hij te herstellen. Op 6 november 1927 ging het alsnog mis en Sproat overleed na het drinken van een biertje in het bijzijn van De Melker en stiefzoon Rhodes Cecil.

De dienstdoende arts wees arteriosclerose en wederom een hersenbloeding aan als doodsoorzaak. De Melker erfde £ 4560,-

Rhodes Cecil Cowle De Melker trouwde op 21 januari 1931 in Germiston met haar derde man, Sydney (Sid) Clarence de Melker, een oud-speler van het Zuid-Afrikaans rugbyteam. In februari 1932 kocht ze onder haar oude naam Sproat arseen 'om een zieke kat om te brengen', vertelde ze de winkelier. Zoon Rhodes Cecil - inmiddels bekend als een man van 12 ambachten en 13 ongelukken - werd begin maart echter flink ziek nadat hij koffie dronk uit de thermosfles die zijn moeder hem meegegeven had. Collega James Webster had ook van de koffie gedronken, maar niet zoveel en herstelde binnen een paar dagen. Rhodes Cecil overleed diezelfde week nog, op 5 maart. De lijkschouwing bepaalde de doodsoorzaak op malaria in de hersenen.

Arrestatie De broer van tweede echtgenoot Sproat, William, vertrouwde het inmiddels niet meer en stapte met zijn verdenkingen naar de politie. Op 15 april kregen die toestemming om de lijken van de drie overleden mannen op te graven voor onderzoek. De analisten vonden vervolgens arseen in de ingewanden, de wervelkolom en het haar van Rhodes Cecil. In de wervels van zowel Cowle als Sproat werd arseen en strychnine aangetroffen. Bovendien werd er arseen gevonden in het haar en in de nagels van Webster - Rhodes Cecils oude collega - én in de oude thermoskan. De conclusie was vergiftiging.

De Melker werd een week later gearresteerd en haar huis doorzocht. De winkelier van wie ze onder valse naam arseen kocht, herkende haar en een toxicoloog presenteerde het forensisch bewijs. Hoewel de advocaten de aanklacht voor de moorden op De Melkers eerste twee echtgenoten hebben laten vallen wegens gebrek aan bewijs, achtte de rechter haar wel schuldig aan de dood van haar zoon.

Op 30 december 1932 werd De Melker in de Pretoria Central Prison opgehangen.

Categorie:Zuid-Afrikaans crimineel Categorie:Zuid-Afrikaans geëxecuteerd persoon Categorie:Vrouwelijke seriemoordenaar