Het prinsbisdom Chur was een tot de Zwabische Kreits behorend prinsbisdom binnen het Heilige Roomse Rijk. miniatuur|Bisdom Chur. In 451 werd de eerste bisschop van Chur vermeld. Het bisdom behoorde toen bij de kerkprovincie Milaan. In 799/806 werd het graafschap Chur gescheiden van het bisdom, waardoor de wereldlijke rechten verloren gingen. In 843 werd het bisdom bij de kerkprovincie Mainz gevoegd. In 952/5 werd de tweede helft van de stad Chur verworven en in 960 Bergell. In 1055 kwam de rijksvoogdij en het halsgerecht aan de bisschop, een belangrijke stap voor het vormen van een vorstendom. In 1089 werd de bisschop graaf in Raetien. Oberengadin en Chiavenna (Duits: Cläven) werden in 1139 verworven. Sinds 1170 was de bisschop rijksvorst.

In de 12e eeuw bestond het prinsbisdom uit: de dalschappen: Vier Dörfer, Bergell, Oberhalbstein, Oberengadin, Domleschg en Münstertal de lage rechtspraak in Unterengadin en Vintschgau Bormio(=Worms), Bivio on Stalla en Poschiavo

Verdere uitbreidingen waren: Räms en Oberhalbstein (1258), Aspermont (1275), Greifenstein en Bergün (1394), Trimmis (1400), Obervatz en Schams (1456), Heintzenberg en Vals (1475), 1483: Gruob, Flims, Lugnetz en Ilantz (1483).

Al met al omvatte het wereldlijke gebied van de bisschop van Chur in Zwitserland grote delen van het huidige Graubünden, Chiavenna, Bormio en de Vinschgau.

Al in de 14e eeuw gingen de graafschappen van Chiavenna en Bormio verloren aan de hertog van Milaan. De Vinschgau kwam feitelijk onder controle van de graaf van Tirol. De bisschop zelf dreigde onder Habsburgse controle te komen.

De stad Chur, het domkapittel en de boeren uit de omliggende dalen vormden daartegen in 1367 de Gotteshausbund (Bond van Gods Huis). Onder soortgelijke omstandigheden ontstond in 1395 de Grauer Bund (Grijze Bond) in het westen in het bisdom Disentis. In 1436 ontstond in Noord Raetië Zehngerichtenbund (Bond van de Tien Rechtsgebieden). In 1450 sloten de drie bonden zich aaneen als de Drei Bünde. De Drei Bünde werd tot 1798 beschouwd als een vrijstaat.

In 1524/6 verloor de bisschop de wereldlijke rechten in de stad Chur, die daarmee de facto een vrije rijksstad werd. In 1717 werd de heerlijkheid Grossenengstingen met het bezit in Honau verkocht aan de abdij Zwiefalten. Op 15 maart 1798 verloor de bisschop zijn rechten die bij de landshoogheid hoorden.

In 1801 gingen de laatste rechten van de bisschop verloren, en werden deze overgedragen aan Graubünden. De historische staat moet worden onderscheiden van het rooms-katholieke bisdom Chur dat nog steeds bestaat, zelfs als de bisschop tot de ontmanteling van het prinsbisdom dezelfde man was.

Regenten 800- 820: Remigius 820- 833: Victor II 833- 844: Wernhar II (Warin) 844- 849: Gerbrach ? 844/9-879:Hessi 879- 887: Rudhar 887- 914: Dietholf 914- 949: Waldo I 949- 968: Hartbert 969- 995: Hildbold 995-1002: Waldo II 1002-1026: Ulrich I van Lenzburg 1026-1039: Hartmann I van Rapperschwyl 1039-1070: Dietmar van Montfort 1070-1078: Hendrik I van Montfort 1079-1088: Norbert van Hohenwart 1089-1095: Ulrich II van Tarasp 1095-1122: Wido 1122 1150: Koenraad I van Bibereck 1150-1160: Sankt Adelgod (Berber/Urber) 1160-1170: Egino van Ehrenfels 1170-1179: Ulrich III van Tägerfelden (abt van Sankt Gallen) 1179-1180: Bruno van Ehrenfels (abt van Räzüns ?) 1180-1193: Hendrik II van Arbon 1194-1200: Arnold I van Mätsch 1200-1209: Reginhar 1209-1209: Walther 1210-1221: Arnold II van Mätsch 1221-1222: Hendrik III van Realt 1221-1222: Albrecht van Güttingen 1222-1226: Rudolf van Güttingen 1226-1233: Berchtold I van Helfenstein 1233-1237: Ulrich IV van Kyburg 1237-1251: Volkhard van Neuenburg 1251-1272: Hendrik IV van Montfort 1272-1282: Koenraad II van Belmont 1282-1290: Frederik I van Montfort 1290-1298: Berchtold II van Heiligenberg 1298-1298: Hugo van Montfort 1298-1321: Siegfried van Geilenhausen 1321-1324: Rudolf II van Montfort (1322-1333: bisschop van Konstanz; 1330-1333: abt van Sankt Gallen) 1324-1325: Herman van Eschenbach (1324-1325: abt van Pfäfers) 1325-1331: Johan I van Pfeffenhardt 1331-1355: Ulrich V van Lenzburg 1355-1368: Peter I Jelito (1372-1381: aartsbisschop van Maagdenburg; 1381-1387: bisschop van Olmütz) 1368-1376: Frederik II van Mentzingen (1376-1396: bisschop van Brixen) 1376-1388: Johan II van Lenzburg 1388-1390: Bartholomaeus 1390-1416: Hartman II van Werdenberg-Sargans 1416-1417: Johan III Habundi/Ambundi (1318-1324: aartsbisschop van Riga) 1417-1440: Johan IV Naso 1440-1441: Koenraad III van Rechberg 1441-1452: Hendrik V van Hewen (administrator; 1436-1462: bisschop van Konstanz) 1453-1458: Leonhard Wissmayer 1458-1491: Ortlieb van Brandis 1491-1503: Hendrik VI van Hewen 1503-1541: Paul Ziegler van Ziegelberg 1541-1548: Lucius Yter 1548-1565: Thomas van Planta 1565-1581: Beatus van Porta 1581-1601: Peter II Rascher 1602-1627: Johan V Flugi van Aspermont 1627-1635: Joseph Mohr 1636-1661: Johan VI Flugi van Aspermont 1661-1692: Ulrich VI van Monte 1692-1728: Ulrich VII van Federspiel 1728-1754: Joseph Benedict van Rost 1755-1777: Johann Anton van Federspiel 1777-1793: Dionysius van Rost 1794-1833: Karl Rudolf Buol van Schauenstein

Zie ook Geschiedenis van Graubünden

Categorie:Chur Categorie:Geschiedenis van Graubünden Chur Categorie:Geschiedenis van Tirol Chur Chur