Willem Hendrik Dingeldein (18 augustus 1894 - 8 januari 1953) was een onderwijzer en heemkundig publicist uit Denekamp.

Biografie Willem Dingeldein, die zich als autodidact ontwikkelde tot groot kenner van de Twentse taal, geschiedenis, geologie en natuurlijke historie heeft een groot aantal publicaties over zijn streek Twente op zijn naam staan, die onder meer gaan over de geschiedenis van Denekamp en van Oldenzaal, over Singraven, Het Springendal en andere onderwerpen. Deze publicaties, waarvan "Het land van de Dinkel" de bekendste is, waren gebaseerd op wetenschappelijk onderzoek, maar toch populair geschreven. Hij maakte met collega-heemkundigen als J.J. van Deinse en Albert Meyling regelmatig tochten door Twente, waarbij hij veel van wat hij zag op de foto vastlegde. Als bestuurslid van een groot aantal verenigingen was hij invloedrijk en gezien. miniatuur

Meester Bernink

Willem Dingeldein werd in augustus 1894 in Denekamp geboren, aan de Wilhelminadwarsstraat nr. 2. Zijn hele leven zou hij in zijn ouderlijk huis blijven wonen, ongehuwd, inwonend bij zijn getrouwde broer die evenals hun vader kuiper van beroep was. Overgrootvader Johann Justus Dingeldein (1767-1828) kwam vanuit Reichelsheim (Odenwald) naar Twente. Op de Openbare Lagere School in Denekamp kreeg de jonge Willem onder anderen les van meester J.B. Bernink (1878-1954). Uit een notitieschrift van meester Bernink uit 1905 blijkt dat hij, in zijn woning aan de Brinkstraat, bijlessen gaf aan leerlingen uit de hoogste klassen als voorbereiding op de Normaalschool (kweekschool) in Oldenzaal. De elfjarige Willem Dingeldein was een van deze leerlingen. We mogen aannemen dat de leergierige Willem al op de lagere school door Bernink werd gestimuleerd in zijn liefde voor de natuur.

Onderwijzer en autodidact

Diezelfde meester Bernink wist Dingeldeins ouders te overtuigen hun zoon te laten doorleren. Zo zien we hem in 1909 in Oldenzaal aan de Rijks-Normaalschool een begin maken met de opleiding tot onderwijzer. Na in mei 1913 zijn onderwijzersakte behaald te hebben, volgde in 1914 zijn benoeming tot onderwijzer aan de lagere school in Noord-Deurningen. Voor de relatie Bernink en Dingeldein wat betreft Museum Natura Docet zie literatuuroverzicht in: 'Honderd jaar Natura Docet'.

Dingeldein kan voor wat betreft zijn werkwijze in zekere zin een 'Schüler' genoemd worden van prof. dr. Karl Döhmann (1858-1943), archivaris van de Fürst zu Bentheim-Steinfurt en van de stad Burgsteinfurt (Westfalen), tevens docent aan het Gymnasium Arnoldium aldaar. Tussen 1926 en 1935 werkte Döhmann aan de geschiedenis van de havezathe Singraven bij Denekamp - in opdracht van eigenaar-bewoner mr. W.F.J. Laan (1891-1966). Willem Dingeldein deed voor Döhmann veel aanvullend onderzoek, ontwierp kaarten, maakte de meeste foto's en vertaalde uiteindelijk dit groots opgezette vierdelige standaardwerk in het Nederlands. Op de vier titelpagina's wordt Dingeldein als medewerker vermeld en in elk blad handgeschept Van Gelderpapier van de vier banden is zowel de handtekening van Döhmann als die van Dingeldein als watermerk aangebracht. Zie hierover literatuuroverzicht: Jaarboek Twente 2015.

Dingeldein liet na zijn dood in 1953 een uitstekend Denekamper lexicon na, dat echter niet werd gepubliceerd en tot 2009 min of meer onopgemerkt in een archief bleef liggen. Het bestaat uit ongeveer vijfduizend kaartjes met woorden uit de regio Denekamp, aangevuld met de precieze uitspraak in fonetisch schrift, uitdrukkingen waar ze in voorkomen en Nederlandse vertalingen. Dit levenswerk wordt zelfs niet genoemd in het boek "Uit leven en werk van W.H. Dingeldein" (1988). In het hoofdstuk "Dingeldein en de dialectstudie" van Hendrik Entjes en de uitputtende bibliografie komen wel zijn veel beperkter publicaties van Denekamper zegswijzen en spreekwoorden aan de orde. In de loop van 2009 werden de door Dingeldein opgetekende woorden en uitdrukkingen door Goaitsen van der Vliet opgenomen in zijn (digitale) woordenboek Dialexicon Twents.

Dagboek Van 10 mei 1940 tot en met 11 mei 1945 hield Willem Dingeldein een dagboek bij. Hij schreef zowel over het wereldnieuws dat onder meer via Radio Oranje binnenkwam, maar vooral ook over de gebeurtenissen in en rond zijn woonplaats Denekamp. Het resulteerde in ongeveer 420.000 woorden, genoteerd in 59 schoolschriften en is een historische bron van formaat. Zie literatuuroverzicht: Jaarboek Twente 2026.

Bibliografie Een selectie uit zijn publicaties: Gids voor Denekamp en omstreken. 1923 Het "Losse Hoes" Groot Bavel: uit de geschiedenis van een Twentsch erf. 1947 Het land van de Dinkel : de schoonheid van Noordoost-Twente. 1948 Singraven: beelden uit verleden en heden van een Twentsche havezate. 1948 Acht eeuwen Stift Weerselo. 1951 vele artikelen in tijdschriften en jaarboeken, onder meer in de belangrijke serie 'Verslagen en Mededeelingen van de Vereeniging tot Beoefening van Overijssels Regt en Geschiedenis' Raadpleeg voor een uitgebreide bibliografie de website dboverijssel.nl

Categorie:Dinkelland Categorie:Nederlands heemkundige Categorie:Twente Categorie:Kampgevangene in Vught

Bronnen 't Inschrien, Kwartaalblad van de Vereniging Oudheidkamer Twente: Willem Hendrik Dingeldein (1894-1953) - Een bescheiden veelweter, Jan Hinke en Geert Bekkering, 2023/1 G.J. ter Kuile sr., In memoriam Willem Hendrik Dingeldein, in Versl. & Meded. Ov. Regt & Gesch. 68 (1953), 1-6. Willem Groothuis, Honderd jaar Natura Docet. Zutphen 2011. Guus Goorhuis, W.F.J. Laan en zijn boek SINGRAVEN 1935-2015. Grensoverschrijdende wetenschappelijke geschiedschrijving, in Jaarboek Twente 54 (2015), 69-84) Guus Goorhuis, De Tweede Wereldoorlog en daarna: collaboratie, namen, bronnen, in Jaarboek Twente 65 (2026), 116-129.