Jhr. Nicaise De Keyser (voornaam ook wel Nicaas, Nikaas of Nicasius; Zandvliet, 26 augustus 1813 - Antwerpen, 17 juli 1887) was een Belgisch romantisch kunstschilder en lithograaf. De Keyser was een sleutelfiguur van de Belgische academische kunst. Samen met Gustaaf Wappers was hij een van de leidinggevende figuren van de Belgische romantiek. Hij schilderde voornamelijk portretten en historische taferelen, vaak in opdracht van vorstenhuizen en vooraanstaande en adellijke families. Naar hem is in Antwerpen de De Keyserlei genoemd. Tot zijn bekendste werken behoren De Slag der Gulden Sporen (1836) en de cyclus De Roem van de Antwerpse Kunstschool (1862-1874) in de trappenhal van het Koninklijk Museum voor Schone Kunsten Antwerpen (KMSKA).
Nicaise De Keyser kreeg zijn opleiding aan de Koninklijke Academie voor Schone Kunsten van Antwerpen. Hij was van 1855 tot 1879 directeur van de Antwerpse Academie, voorzitter van het academisch korps en conservator van het Koninklijk Museum voor Schone Kunsten Antwerpen.Nicaise de Keyser, een negentiende-eeuwse beroemdheid, Ons Erfdeel. Jaargang 44(2001), geraadpleegd op 21 oktober 2024
Jeugd en afkomst In 1813 werd De Keyser als landbouwerszoon in Zandvliet geboren op de boerderij van zijn ouders. Zijn vader Henricus De Keyser (1769-1848) was landbouwer en was gehuwd met Marie De Lie (1780-1863). Zijn geboortehuis was gelegen aan de Zuidhavendijk in Zandvliet. Het was later gekend als de Nicaise De Keyserhoeve, maar werd in 1975 gesloopt nadat het omgevormd was tot een tehuis.Inventaris Onroerend Erfgoed, De Keyserhoeve, geraadpleegd op 1 november 2024
Tijdens het hoeden van de koeien en schapen tekende hij de dieren in de weide, voorbijvarende schepen en de mooie polderzichten die hij vaak schetste op papier. Als kind hielp hij zijn buurman en wagenmaker Schroyers met het beschilderen van afgewerkte houten karren. De Keyser mocht er versieringen in de vorm van bloemetjes op schilderen. De verfoverschotten mocht hij meenemen om thuis te oefenen.
Opleiding Dat de jonge Nicasius tekentalent had, werd opgemerkt door zijn ouders. Van zijn vader kreeg hij een kleurendoos die hij had meegebracht uit Antwerpen zodat de jonge Nicasius professioneler aan zijn tekeningen kon werken. Zijn vader liet aan De Keyser toe om kunstonderricht te volgen, hetgeen niet vanzelfsprekend was in die tijd omdat dit impliceerde dat er een kostwinner minder was op de boerderij.
Toen de Antwerpse schilder Joseph Jacops (1808-1856) bij De Keysers oom in Zandvliet op bezoek kwam, zag hij meteen het talent van De Keyser en zorgde hij ervoor dat Nicaise kon studeren aan de Academie in Antwerpen.
Op veertienjarige leeftijd schilderde hij ter gelegenheid van Kerstmis voor zijn buurvrouw het schilderij “Kindje Jezus in zijn kribbe”, een van zijn eerste wapenfeiten. Op die leeftijd kon hij reeds schilderijtjes verkopen zodat hij cadeautjes kon kopen voor zijn zussen. De Keyser woonde toen even in bij mevrouw Isabella Maria Francisca Nauwelaers Carpentero, de weduwe van de kunstschilder Jan Karel Carpentero (1784-1823).
De opbrengst van zijn werken was in die periode reeds voldoende om in zijn eigen onderhoud te kunnen voorzien. Op zijn 18de kocht hij een boerderij in Berendrecht en schonk die aan een familielid die bij een overstroming alles verloren zag gaan.
De talentvolle De Keyser werd voorgesteld aan Mattheus Ignatius van Bree, op dat moment directeur van de Koninklijke Academie voor Schone Kunsten van Antwerpen en werd leerling aan de academie. Hij kreeg er schilderlessen bij Joseph Jacops en van Bree.Mattheus Ignatius van Bree, Artvee.com, geraadpleegd op 1 november 2024Vaderlands gevoel en natievorming, Universiteit Gent, geraadpleegd op 1 november 2024
Stijl en oeuvre Nicaise De Keyser schilderde veel werken die de Belgische geschiedenis verheerlijkten. Zijn stijl was geïnspireerd op die van beroemde voorgangers zoals Peter Paul Rubens en werd gekenmerkt door duidelijke omlijnde vormen, harmonieuze composities en geïdealiseerde figuren.canonvanvlaanderen.be, De intrede van Christus in Brussel in 1889 van James Ensor, geraadpleegd op 2 november 2024
Hij was een veelzijdig kunstschilder met een divers oeuvre: schilderijen met historische taferelen, waaronder veldslagen, portretschilderijen, maar ook landschapsschilderijen, romantische interieurtaferelen en oriëntalistische werken.
Op 21-jarige leeftijd maakte hij al furore met het schilderij Christus aan het Kruis. Volgens de kunstcriticus Camille Lemonnier wou De Keyser met dit doek rivaliseren met Peter Paul Rubens. Het Salon van 1830, dat een paar weken voorafging aan de onafhankelijkheid van België, impliceerde voor De Keyser een ommekeer.Historische schilderkunst in de 19de eeuw, okv.be, geraadpleegd op 1 november 2024
‘Slag der Gulden Sporen’ (1835) De historieschilderkunst was de meest prestigieuze drager van het beeld. In de eerste helft van de 19e eeuw evolueerde de historieschilderkunst van Bijbelse historiestukken meer en meer naar historiestukken die de vaderlandse geschiedenis uitbeelden.
Een van de hoogtepunten binnen de historieschilderkunst in het nieuwe België betrof het schilderij Slag der Gulden Sporen (1835) van Nicaise De Keyser.Omtrent 1302, Dirk Heirbaut, Dirk van den Auweele, geraadpleegd op 1 november 2024 De publieke impact van dit schilderij was groot. Het historisch stuk over de beroemdste veldslag uit de Vlaamse geschiedenis was het eerste in een reeks waarin later ook de Slag van Woeringen (1839) en de Slag van Nieuwpoort (1844) aan bod zouden komen. De Keyser zou voor het maken van het groot historische doek geïnspireerd geweest zijn door het boek Bataille de Courtrai ou des éperons d'or (1834) van Auguste Voisin, de bibliothecaris van de Gentse Universiteit.
Het doek “Slag der Gulden Sporen”, dat 4m86 op 6m20 groot was, beeldde het ogenblik uit waarop Willem van Saeftinghe Robrecht van Artois doodde. Centraal in het werk stond de Vlaamse overwinning. Het schilderij kreeg veel lof, onder meer wegens de historische accuraatheid. In augustus 1836 werd het tentoongesteld in het Antwerpse Vleeshuis. Een maand later was het te zien op het Brusselse salon. Het betrof het eerste Salon dat een officieel karakter had dankzij het Koninklijk Besluit van 7 januari 1835. Niet alleen De Keyser pakte op het eerste officiële Brusselse Salon groots uit. Gustaaf Wappers toonde zijn Afscheid van Karel I. Tasso in zijn cel van Louis Gallait was er te zien. Ferdinand de Braekeleer stelde er het werk Spaanse Furie tentoon en Hendrik Leys was vertegenwoordigd met Moord op de magristraten te Leuven.
Het schilderij werd door de stad Kortrijk aangekocht voor het Stedelijk Museum. Op 15 augustus 1841 werd “Slag der Gulden Sporen”, dat lange tijd de “Slag bij Kortrijk” werd genoemd, in het museum plechtig ingehuldigd, in aanwezigheid van De Keyser. Het schilderij droeg bij tot de verankering van de Guldensporenslag in het Vlaamse, dan wel Belgische collectieve bewustzijn.Universiteit Utrecht, Visies op de Guldensporenslag, geraadpleegd op 1 november 2024
Het historische werk van De Keyser was een belangrijke inspiratiebron voor andere kunstenaars. Hendrik Conscience werd hoogstwaarschijnlijk geïnspireerd tot het schrijven van zijn boek “De leeuw van Vlaanderen” na het zien van het schilderij.Iconisch schilderij dat Conscience inspireerde voor ‘De Leeuw van Vlaanderen’ gerestaureerd: “Van ongekende historische waarde”, Het Nieuwsblad, 14 april 2021, geraadpleegd op 1 november 2024Iconisch schilderij dat Conscience inspireerde in restauratie, De Standaard, 15 april 2021, geraadpleegd op 1 november 2024Journal Belgian History, Nicaise de Keyser, geraadpleegd op 1 november 2024
Het doek vormde ook de aanleiding voor de Belgische historicus Jules de Saint-Genois om enkele gedichten te schrijven over de Guldensporenslag.Een geheugen in fragmenten: heilige plaatsen van de Vlaamse beweging, door Andreas Stynen, 2005, geraadpleegd op 1 november 2024 Ook Prudens van Duyse had De Keyser’s doek voor ogen toe hij in 1838 het gedicht “Groeninge” schreef.DBNL.nl, gedicht van Prudens van Duyse, geraadpleegd op 1 november 2024
Tijdens de Tweede Wereldoorlog wordt het originele schilderij in juli 1944 echter vernietigd door een bombardement op Kortrijk. Gelukkig schilderde De Keyser nog een tweede versie van het werk op een kleiner formaat. Dit werk bevindt zich nog steeds in de collectie van de stad Kortrijk.Schilderij rond Guldensporenslag wordt in ere hersteld, hln.be, 14 april 2021, geraadpleegd op 1 november 2024
Het monumentale schilderij van De Keyser wordt vermeld en staat - gespreid op twee pagina's - afgebeeld in de Canon van Vlaanderen.De Canon van Vlaanderen, hoofdstuk 31 De Leeuw van Vlaanderen, De Slag der Gulden Sporten van Nicaise De Keyser, p.174-175 en p.191
‘Slag bij Woeringen’ (1839) Het succes van Slag der Gulden Sporen bracht De Keyser ertoe om andere veldslagen uit te beelden. Zo zette hij, in opdracht van het Brussels Staatsmuseum, op een niet minder indrukwekkend formaat De slag bij Woeringen op doek. Deze beroemde veldslag op 5 juni 1288 betekende het einde van de Limburgse successieoorlog en was heel bepalend voor de vrede in onze streken.
Het schilderij is gigantisch: 5 meter 25 cm op 7 meter 83 cm. Aan de ene zijde stonden de troepen van Jan I van Brabant gesteund door Arnold V van Loon en burgers van de vrije rijksstad Keulen. Tegenover hen stonden de troepen van de aartsbisschop van Keulen, de Limburgers, de Luxemburgers en de Geldersen.https://www.rijksmuseum.nl/nl/collectie/RP-P-1909-2655
Dat schilderij werd tentoongesteld op het Brusselse Salon van 1839. Na Slag der Gulden Sporen, een Vlaams historisch werk, betrof Slag bij Woeringen een Brabants historisch werk. Beide schilderijen waren ideaal voor de verering van het jonge Belgische nationalisme.
Ondanks een zekere "veldslagmoeheid" bij het publiek, wordt het schilderij toch een succes. Hij wint er gouden medailles mee in Parijs en Den Haag. Hij stelt het werk ook tentoon in Duitse steden. Het hoogtepunt betrof echter een tentoonstelling in het Louvre, waar Slag bij Woeringen tentoongesteld werd naast een werk van Eugène Delacroix.
Op 8 december 1839 krijgt De Keyser een ereteken van de Leopoldsorde.
'Slag bij Woeringen' bevindt zich nog steeds in de collectie van de Koninklijke Musea voor Schone Kunsten van België in Brussel.
‘Slag bij Nieuwpoort’ (1843) Willem II der Nederlanden was een gepassioneerde kunstverzamelaar. Na het zien van De Slag van de Gulden Sporen (1836) en De Slag bij Woeringen (1839), gaf Willem II de opdracht aan De Keyser om een schilderij te maken over een andere veldslag: “De Slag bij Nieuwpoort” (1843). Het succes van “De Slag bij Nieuwpoort” betekende het beginpunt van een serie van werken die De Keyser maakte voor de Nederlandse Koninklijke familie. Een daarvan betrof een schilderij over nog een andere veldslag: “Slag bij Seneffe (1849)”, een werk dat pas voltooid geraakt na het overlijden van Willem II.Willem II, De Koning en De Kunst, 2014, geraadpleegd op 30 oktober 2024DBNL.org, Nicaise de Keyser, een negentiende-eeuwse beroemdheid, geraadpleegd op 1 november 2024
Vandaag is alleen nog een kleinere versie van het schilderij bekend. Die versie (66 x 94 cm) bevindt zich in de Koninklijke Verzamelingen in Den Haag.De zuiderbuur met groots talent, Nicaise de Keyser en Nederland, geraadpleegd op 1 november 2024
De Keyser en Willem II der Nederlanden Ondanks het feit dat De Keyser opdrachten kreeg van meerdere Europese Koninklijke families, was zijn band met het Nederlands Koninklijk Huis sterker dan met andere Europese hoven.
Dit blijkt vooral uit de collectie van Willem II der Nederlanden (1792-1849). Zijn collectie omvatte 7 schilderijen van De Keyser, waaronder het eerder vermelde historiestuk Slag bij Nieuwpoort. Daarmee was De Keyser de meest vertegenwoordigde Belgische kunstschilder in de collectie van Willem II.