Ludwig van Beethovens symfonie nr. 4 in Bes majeur, opus nr. 60, werd gecomponeerd in 1806.
Achtergrond Het werk werd opgedragen aan Graaf Franz von Oppersdorff, een familielid van Beethovens beschermheer: Prins Lichnowsky. De graaf ontmoette Beethoven toen hij onderweg was naar Lichnowsky’s zomerhuis waar die op dat moment logeerde. Von Oppersdorff luisterde naar Beethovens symfonie nr. 2 in D majeur, en die stond hem zo aan dat hij Beethoven een aanzienlijk bedrag aan geld aanbood om voor hem een nieuwe symfonie te componeren. De opdracht luidt: "de Silesische edelman graaf Franz von Oppersdorf".Paul Netl (1976) Beethoven Handbook. New York: Frederick Ungar Publishing Co., p. 262
Instrumentatie De symfonie is geschreven voor 1 fluit, 2 hobo’s, 2 klarinetten in bes, 2 fagotten, 2 hoorns in bes en in es, 2 trompetten in bes en in es, pauken en strijkers.
Delen
De symfonie heeft vier delen: Adagio - Allegro vivace Adagio Allegro molto e vivace - Trio: allegro vivace - Un poco meno allegro Allegro ma non troppo
en duurt ongeveer 33 minuten.
Ontvangst Hoewel alle negen symfonieën van Beethoven regelmatig worden uitgevoerd, wordt de Vierde minder vaak gespeeld. Robert Schumann omschrijft de symfonie nr. 4 als een "slanke Griekse maagd tussen twee Noorse goden", refererend aan de Derde en de Vijfde symfonieën, beide met een fenomenale reputatie.
Externe links Analyse van de symfonie nr. 4 van Beethoven op de “All About Ludwig van Beethoven” website Partituur van de vierde symfonie.
Categorie:Symfonie van Ludwig van Beethoven