Cijferfetisjisme is een pejoratieve term voor het obsessief focussen op cijfers, waarbij men het werkelijke resultaat uit het oog verliest.

Cijferfetisjisme wordt gebruikt door mensen of instanties om getalsmatig een waarde toe te kennen aan een resultaat, zonder aan te geven binnen welk bereik het getal kan variëren. Door het gebrek aan relativering verliest de uitkomst haar betekenis. Cijferfetisjisme wordt gebruikt in de politiek, het lobbyisme of in reclameuitingen. In negatieve zin wordt het gebruikt om een slechte uitkomst doelbewust te verbergen.

Een voorbeeld van cijferfetisjisme is: een ziekenhuis scoort 7,8 op een patiënttevredenheidsonderzoek, een ander 7,6. Bestuurders trekken daar conclusies uit, terwijl de foutmarge en de vraagstelling van het onderzoek het verschil volkomen betekenisloos maken.

De term werd voor het eerst genoemd in een krantenartikel uit 1970. Het artikel hekelde dat schoolresultaten uitsluitend op cijfers werden gebaseerd.Leraren en hun ellende. De Volkskrant, 14 november 1970

De Wet van Goodhart uit 1975 is verwant: zodra een meetwaarde een doel op zich wordt, houdt zij op een goede maatstaf te zijn.

Categorie:Politiek jargon Categorie:Reclame