Het Poëziecentrum is een informatie-, documentatie- en studiecentrum in de Belgische stad Gent, gericht op Nederlands-talige en anderstalige poëzie, in het bijzonder Zuid-Afrikaanse.
Het doel is om op een laagdrempelige manier zo veel mogelijk mensen te laten kennismaken met poëzie, door hen zo vaak mogelijk te confronteren met poëzie en dichters.
Geschiedenis Het Poëziecentrum werd in 1980 opgericht door Willy Tiberghien en is ontstaan uit de kiemen van de Poëziekrant, een tijdschrift dat voor het eerst in 1976 verscheen. Aanvankelijk had het de vorm van een echte krant, maar over de jaren heen is het geëvolueerd tot een magazine dat acht keer per jaar verschijnt. De Poëziekrant is een blad met en over poëzie, waarin gedichten worden opgenomen van gevestigde waarden, maar ook van debutanten, met daarnaast recensies, essays, interviews, reportages en actualiteit.
Naar aanleiding van het dertigste jubileumjaar van Poëziekrant verscheen een uitvoerig themanummer, Dertig jaar poëzie in Vlaanderen en Nederland. In 2005 verscheen in samenwerking met CANON Cultuurcel een themanummer rond poëzie en onderwijs.
Van 2012 tot 2023 werd het centrum geleid door Carl De Strycker, die dat jaar werd opgevolgd door Dave Van Robays.
Huisvesting Het centrum vond in eerste instantie onderdak op de Sint-Kwintensberg te Gent. De eerste twee jaar was de werking ervan volledig afhankelijk van vrijwilligers. In 1985 werd wegens plaatsgebrek uitgeweken naar een pand in de Hoornstraat. Sinds 2003 is het Poëziecentrum gehuisvest in ‘het Toreken’ op de Vrijdagmarkt in Gent, maar zal op termijn moeten verhuizen, wegens een in 2023 verschenen negatief brandweerrapport.
Afdelingen
Documentatiecentrum In het documentatiecentrum wordt alles over Nederlandstalige poëzie en poëzie in Nederlandse vertaling verzameld, bewaard en ontsloten met het oog op informatieverstrekking. De collectie bestaat uit vijf grote delen: Primaire bronnen, zoals individuele dichtbundels en bloemlezingen, zowel voor volwassenen als jongeren en kinderen (ongeveer 40.000 volumes); Tijdschriftenarchief (200 lopende abonnementen, 20.000 tijdschriftvolumes); Secundaire literatuur over poëzie en, bij uitbreiding, over literatuur in het algemeen (5000 volumes); Knipselarchief, bestaande uit ruim 7500 knipselmappen over individuele auteurs, literaire organisaties en dichtwedstrijden; Non-bookmateriaal (geluids- en beeldopnames en boekobjecten).
Door de schenking van prof. dr. Ernst Van Heerden, een Zuid-Afrikaans dichter, en de goede contacten met de universiteiten van Stellenbosch en Potchefstroom, bezit het centrum tevens een aanzienlijke collectie Zuid-Afrikaanse poëzie.
Het documentatiecentrum is een feitelijke bewaarbibliotheek, waar werken enkel ter plaatse kunnen worden geconsulteerd. Wel is er gekozen voor open kasten, zodat al het beschikbare materiaal direct is in te kijken. De collectie van het documentatiecentrum wordt online ontsloten aan de hand van een catalogus, die gemaakt is met de opensourcesoftware Winisis, ontwikkeld door UNESCO.
Uitgeverij Tijdens de eerste jaren van zijn bestaan zette het Poëziecentrum de oudste poëziereeks van Vlaanderen voort, De Bladen voor de Poëzie (1939). De uitgeverij ging voort op dit elan en publiceerde in de loop der jaren heel wat individuele dichtbundels (Stefan Hertmans, Frederik Lucien De Laere, Roger M.J. de Neef, Dimitri Casteleyn, Mark Insingel, Michel Bartosik), thematische (liefde, seizoenen, vrouwenpoëzie) en literair-historische bloemlezingen. Er verschenen ook verschillende gelegenheidspublicaties, onder meer De Taal vervoert de Dichter heel ver weg, naar aanleiding van Europalia Russia, sms-poëziebundels vanwege het Festival van Vlaanderen. De eigen collectie werd te boek gesteld in de tentoonstellingscatalogus: Vaarwel wat lelijk is.
In 2007 werden de volgende individuele bundels uitgegeven: Genade met wijnvlek van Paul Cox It was a boring conversation anyway van Jess De Gruyter Omdat van Roger M.J. de Neef Oblomow in Handzame van Joris Denoo Iets, 21 liefdesgedichten van Mark Insingel Terug naar de toekomst. Gedichten 1967 – 2007 van Willie Verhegge Vagant van Jan van der Hoeven
In december 2008 verscheen Hotel New Flanders, een omvangrijke bloemlezing van 752 bladzijden, over 60 jaar Vlaamse poëzie (1945–2005). Het Poëziecentrum gaf aan Dirk van Bastelaere, Erwin Jans en Patrick Peeters de opdracht deze bloemlezing samen te stellen.
Paukeslag In 2014 introduceerde het Poëziecentrum samen met verschillende partners uit het literaire middenveld en de erfgoedsector het project Paukeslag, een multimediaal platform voor 'levend poëzie-erfgoed'. Het is vernoemd naar het gedicht Boem Paukeslag uit de dichtbundel Bezette stad van Paul van Ostaijen. Het doel van Paukeslag is om beeld- en geluidsmateriaal van Nederlandstalige poëzie levend te houden. Een onderdeel van Paukeslag is Poemtata, dat op een toegankelijke manier volwassenen en kinderen warm wil maken voor poëzie. Het organiseert meerdere poëziemanifestaties per jaar, waaronder de Poëziedriedaagse tijdens de Gentse Feesten, de jaarlijkse Poemtata-poëziewedstrijd, en het PoëzieKijkdozenKabinet, dat bij kunstfestivals, bibliotheken en boekwinkels langsgaat.
Activiteiten Poëzieroute Naar aanleiding van het Keizer Karel-jaar (2000) namen het Poëziecentrum en Motte Claus het initiatief om een permanente poëzieroute te ontwikkelen voor de Gentse binnenstad. In de poëzieroute, die momenteel uit achttien gedichten bestaat, werden ook zes poëtisch-plastische concepten van de Honest Art Movement geïntegreerd.
De volgende dichters werden opgenomen in de poëzieroute: Paul Snoek Benno Barnard Roel Richelieu van Londersele Willie Verhegge Paul Van Ostaijen Hugo Claus Guido Gezelle Maurice Maeterlinck Gust Gils Ramsey Nasr Miriam Van Hee Stefan Hertmans Lut de Block Karel van de Woestijne Marcel van Maele Remco Campert Hugues C. Pernath Roland Jooris
Literaire activiteiten Het Poëziecentrum organiseert diverse activiteiten om poëzie onder de aandacht te brengen van het grote publiek, gericht op verschillende doelgroepen: Zaoum is een festival voor ‘jonge’ Vlaamse poëzie, bestaande uit verschillende dichtvormen, waaronder stand-uppoetry, klassieke en experimentele vormen. De eerste twee edities (2005 en 2006) gingen door onder de naam Het Uitzaaiend Kaf. Bij de maandelijkse Middagen van de Poëzie komt er telkens één dichter langs in het Poëziecentrum om te vertellen over diens gedichten. Het tweejaarlijks festival Dichter aan huis wordt georganiseerd tijdens een weekend waarin veertig Vlaamse en Nederlandse dichters in evenveel Gentse woonkamers en ateliers optreden. Bezoekers kunnen een eigen programma samenstellen en per dag vijf dichters bezoeken. Het concept werd ontwikkeld door Stichting Dichter aan Huis uit de Nederlande stad Den Haag, waar het festival al plaatsvindt sinds 1991. In 2007 vond de tweede editie plaats in Gent. Het Poëziecentrum organiseert per jaar ook verschillende boekvoorstellingen en poëzie-avonden met Nederlandstalige, maar ook met buitenlandse dichters (Bulgarije, Slovenië en Zuid-Afrika). Op de Boekenbeurs is het Poëziecentrum jaarlijks vertegenwoordigd.
Educatieve werking Uit hoofde van zijn functie van documentatie- en studiecentrum, vervult het Poëziecentrum op verschillende manieren ook een educatieve taak. Zo levert het onder andere gidsen met lestips, informatiemappen en workshops voor het onderwijs. Externe links Website van het Poëziecentrum Website van project Paukeslag
Categorie:Cultuur in Gent Categorie:Bibliotheek in Gent Categorie:Literatuur