Het Hongaars (magyar, magyarul, magyar nyelv) is de officiële taal van Hongarije en daarnaast de taal van de Hongaarse minderheden in de omringende landen. De taal heeft nu in totaal ongeveer 14,5 miljoen sprekers, waarvan 9,9 miljoen in Hongarije. Het is daarmee, na het Turks, de grootste taal in Europa die niet tot de Indo-Europese talen behoort.Languages in the European Union European languages by number of native speakers. Gearchiveerd op 2 juni 2023.
Algemeen Verwantschappen
Oeraalse talen: Fins-Oegrische talen Oegrische talen Ob-Oegrische talen Chantisch of Ostjaaks Wogoels of Mansi(sch) Hongaars Fins-Permische talen Samojeeds Het Hongaars is de grootste van de Fins-Oegrische talen. Binnen de Fins-Oegrische talen vertegenwoordigt het Hongaars, samen met het Wogoels en het Chantisch, de Oegrische tak.
Geen enkele andere Fins-Oegrische taal lijkt in voldoende mate op het Hongaars dat er sprake zou kunnen zijn van onderlinge verstaanbaarheid. Verwante talen als het Fins en het Estisch zijn voor een Hongaar even onbegrijpelijk als voor iemand die alleen het Nederlands beheerst.
Geschiedenis Het Hongaars is in het eerste millennium na Christus met de Hongaren uit het oosten naar Europa gekomen. Onderweg werd de woordenschat uitgebreid met veel woorden uit Turkse en Iraanse talen. Sinds de taal ruim duizend jaar geleden het Karpatenbekken (Pannonische Vlakte) bereikte, onderging de taal invloeden van de omringende Slavische en Germaanse talen en in mindere mate van het Latijn en het Italiaans. Tegenwoordig is het Engels de belangrijkste bron van nieuwe woorden.
De Hongaarse standaardtaal berust op het noordoostelijke dialect. De verschillen tussen de Hongaarse dialecten zijn overigens gering. Het meest afwijkend is nog het Hongaars dat wordt gesproken door de Csángó's in Roemeens Moldavië.
Taalvernieuwing In de 19e eeuw kwam er een taalvernieuwing op gang die werd gevoed door schrijvers als Ferenc Kazinczy. Deze voegde veel nieuwe woorden toe door streekbegrippen te introduceren in het standaard Hongaars, maar ook door Latijnse begrippen letterlijk te vertalen. Zo werd het Latijnse materia (materiaal) anyag in het Hongaars. Verder droeg hij Hongaarse woorden aan ter vervanging van woorden afkomstig uit de Duitse spreektaal; Krumpli (aardappel) werd bijvoorbeeld burgonya in het Hongaars, en Kellner werd pinczér (tegenwoordig gespeld als pincér).
Schrift thumb|Hongaars QWERTZ-toetsenbord, zie Ő en Ű Het Hongaars wordt traditioneel in het Hongaarse alfabet geschreven. De oudste Hongaarse tekst, de zogenaamde Lijkrede (Halotti beszéd) dateert van het einde van de twaalfde eeuw. Het is de oudste bewaard gebleven geschreven tekst in enige Finoegrische taal.
Om de in het klassiek Latijnse alfabet ontbrekende klanken weer te geven worden di- en trigrafen en diakritische tekens gebruikt. Het volledige Hongaarse alfabet bevat 44 "letters".
Voor blinden en slechtzienden is er Hongaars braille.
Belangrijkste kenmerken Kenmerkend voor het Hongaars (2002) Practical Hungarian Grammar. Corvina Books Ltd. (1983) Hongaars. Fundamentele grammatica voor Nederlandstaligen. Dick Coutinho. Muiderberg., zoals voor de meeste Finoegrische talen, is dat veel informatie binnen één woord wordt samengebracht door het gebruik van uitgangen (suffixen), die hun zelfstandige betekenis bewaren. Zulke talen worden agglutinerende talen genoemd. Door woorden aan elkaar te "plakken" worden eenvoudig nieuwe woorden gevormd. Voorbeeld van woordvorming: város (= stad) + térkép (= kaart) → várostérkép = stadsplattegrond. Voorbeelden van uitgangen: házamban=in mijn huis, látlak=ik zie jou.
Het Hongaars verschilt op een aantal punten duidelijk van het Nederlands: de klemtoon valt altijd op de eerste lettergreep van het woord de woorden worden vrijwel fonetisch geschreven zowel de klinkers als de medeklinkers komen voor in een korte en een lange vorm zinnen hebben in het algemeen een dalende zinsmelodie, maar bij beslissingsvragen wijkt deze af klinkerharmonie is belangrijk bij de uitgangen voor naamvallen, bij de vervoeging van werkwoorden en bij de woordvorming grammaticaal geslacht ontbreekt uitgangen bij de verbuiging van naamwoorden, voornaamwoorden en telwoorden lijken sterk op elkaar de vervoeging van werkwoorden wordt mede bepaald door de aard van het lijdend voorwerp: de onbepaalde of subjectieve vervoeging en de bepaalde of objectieve vervoeging bij de vervoeging van werkwoorden zijn er ook uitgangen voor de persoon, het getal, de tijd, de wijs waar in het Nederlands vaak voorzetsels worden gebruikt, heeft het Hongaars achterzetsels en achtervoegsels; deze kunnen ook weer gecombineerd worden met persoonsuitgangen nieuwe werkwoorden en naamwoorden kunnen op een regelmatige wijze gevormd worden met behulp van afleidingsuitgangen om bezit aan te duiden worden persoonsuitgangen gebruikt in plaats van bezittelijke voornaamwoorden na een telwoord staat het zelfstandige naamwoord in het enkelvoud.
Het Nederlands heeft zeer weinig leenwoorden uit het Hongaars. Het Nederlandse woord koets (net als het Spaanse woord coche en het Engelse woord coach) komt uit het Hongaars, van het woord kocsi dat voor auto wordt gebruikt, naar de plaats Kocs waar koetsen gemaakt werden.
Het schrift Het Hongaarse alfabet
De 44 grafemen ('letters') van het Hongaarse alfabetKlinkers A a, Á á, E e, É é, I i, Í í, O o, Ó ó, Ö ö, Ő ő, U u, Ú ú, Ü ü, Ű űMedeklinkers B b, C c, Cs cs, D d, Dz dz, Dzs dzs, F f, G g, Gy gy, H h, J j, K k, L l, Ly ly, M m, N n, Ny ny, P p, R r, S s, Sz sz, T t, Ty ty, V v, Z z, Zs zsIn leenwoorden en verouderd Q q, W w, X x, Y y Weergave van de spraakklanken gebeurt met het Hongaarse alfabet. Het Hongaars is altijd met het Latijnse schrift geschreven. De oudste Hongaarse tekst, de zogenaamde Lijkrede (Halotti beszéd) dateert van het einde van de twaalfde eeuw. Het is de oudste bewaard gebleven geschreven tekst in enige Finoegrische taal.
Om de in het Latijnse alfabet ontbrekende klanken weer te geven, worden digrafen, trigrafen en diakritische tekens gebruikt. Het Hongaars wordt vrijwel fonetisch geschreven met een alfabet van 44 grafemen ("letters"), waaronder een aantal digrafen ("cs", "dz", "sz") en een trigraaf ("dzs").
De lange klinkers onderscheiden zich van de korte door diakritische tekens (boven de letter geplaatste streepjes). Diakritisch teken stellen geen klemtoon voor, want deze valt altijd op de eerste lettergreep. Voorbeelden: hat=zes vs. hát=rug. Zo heeft de plaatsnaam Kővágószőlős allemaal lange klinkers, en de plaatsnaam Magyarhertelend alleen maar korte klinkers.
Ook medeklinkers kunnen kort of lang zijn: lange medeklinkers worden geschreven door een verdubbeling van de korte. Voorbeeld: megy=zij/hij gaat vs. meggy=morel.
Hoewel in woordenboeken de woorden in alfabetische volgorde staan, staan de woorden met korte en met lange klinker bij elkaar. Voorbeeld: woorden beginnend met A staan gemengd met de woorden beginnend met Á, maar woorden beginnend met C staan apart van de woorden beginnend met Cs.
Braille
Het Hongaars braille is afgeleid van unified international braille, maar heeft enkele aanpassingen, waardoor bijvoorbeeld de korte en lange varianten van sommige klinkers elkaars spiegelbeeld zijn.
aábccsdeéfggyhiíjkllymnnyoóöőpqrsszttyuúüűvzs
Runenschrift Er bestaat een Oud-Hongaars runenschrift (székely–magyar rovásírás), dat tegenwoordig weleens langs de weg wordt toegepast bij de aanduiding van plaatsnamen.
Hongaars alfabet a á b c cs d dz dzs e é ë f g gy h i í j k ak l ly m Oud-hongaarse runenUnicode standaardontwerp 13px 12px 13px 12px 13px 13px 16px 13px 11px 10px 11px 13px 13px 13px 13px 11px 12px 10px 13px 12px 13px 13px 13px Hongaars alfabet n ny o ó ö ő p q r s sz t ty u ú ü ű v w x y z zs Oud-hongaarse runenUnicode standaardontwerp 11px 12px 13px 15px 11px 16px 13px 13px 13px 13px 5px 11px 13px 13px 13px 12px 15px 13px 15px 16px 13px 13px 13px
Klanksysteem
Klemtoon en intonatie De klemtoon van een woord ligt op de eerste lettergreep. Dit geldt ook voor lange woorden en voor leenwoorden.
De intonatie van vragende zinnen met een gesloten vraagEen gesloten vraag of beslissingsvraag is een vraag, waarop met igen "ja" of nem "nee" geantwoord kan worden wijkt af van die van de overige zinnen, inclusief de vraagzinnen met een vraagwoord (bijvoorbeeld: ki=wie, mi=wat, hol=waar, melyik=welke, hogy=hoe).Küszöbszint (Magyar mint idegen nyelv). Gearchiveerd op 11 april 2023. Deze hebben vaak een nauwelijks dalende intonatie, met een stijging bij de voorlaatste lettergreep (voor zover de zin meer dan twee lettergrepen telt, maar ook kortere vraagzinnen van dit type hebben een specifieke intonatie). Ontbreekt deze intonatie, dan wordt de zin niet als vraag opgevat. Overige vraagzinnen en stellende zinnen hebben over het algemeen een dalende intonatie.
Klinkers
Klinkertypen De Hongaarse klinkers kunnen worden ingedeeld volgens tongstand, ronding, lengte en openheid.
Indeling van de klinkers naar tongstand bij de vorming; de plaats in de mond van articulatie: achterklinkers, achter in de mond gevormd of velair: a, á, o, ó, u, ú voorklinkers, voor in de mond gevormd of palataal: e, é, i, í, ö, ő, ü, ű
Indeling naar klinker- of lipronding; de mate waarin de lippen zich tijdens de vorming van klinkers in een geronde stand bevinden: zonder lipronding: á, e, é, i, í met lipronding: a, o, ó, u, ú, ö, ő, ü, ű
Indeling naar lengte (duur) van de klinkers, waarbij lange klinkers dubbel zo lang worden aangehouden als de korte: korte klinkers: a, e, i, o, ö, u, ü lange klinkers: á, é, í, ó, ő, ú, ű Halflange en stomme klinkers komen niet voor.
Indeling naar openheid van de klinkers: open klinkers: á, e halfgesloten klinkers: a, é, o, ó, ö, ő gesloten klinkers: i, í, u, ú, ü, ű
Klinkerharmonie
De drie klinkertypen bij deHongaarse klinkerharmonieklinker- ofliprondingarticulatieplaats, tongstandachterklinker,lage klinkervoorklinker,hoge klinkerzonderronding«a», «á»«e», «é»,«i», «í»metronding«o», «ó»,«u», «ú»«ö», «ő»,«ü», «ű» Het Hongaars kent klinkerharmonie, waarbij de indelingen naar tongstand en klinkerronding van belang zijn. Klinkerharmonie houdt in dat de klinkers binnen een enkelvoudig woord in beginsel alle voorklinkers of alle achterklinkers zijn. het gebruik van uitgangen bij naamvallen en bij de werkwoordvervoeging hangt af van de (laatste) klinker van de stam van het zelfstandige naamwoord of het werkwoord waaraan de uitgang wordt toegevoegd. Voorbeelden: de woorden fodrászhoz = naar de kapper en találkozunk = wij ontmoeten kennen alleen achterklinkers, terwijl de woorden csütörtökönte = iedere donderdag en üdvözlettel = met achting alleen voorklinkers kennen. De "neutrale" klinkers i, í en é kunnen binnen de regels van de klinkerharmonie zowel in woorden met voor- als achterklinkers voorkomen. Voorbeelden van woorden met neutrale klinkers zijn: hideg = koud, hidak = bruggen, teljesít = volledig maken, szárít = (laten) drogen.
Voor samengestelde woorden wordt voor de regel van de klinkerharmonie slechts het laatste deel genomen. Voorbeelden: Budapest ← Buda + Pest, dus: Budapestre = naar Boedapest; Városliget ← város + liget, dus Városligetnek = aan/van het Városliget.
In leenwoorden (zoals Amszterdam, Amszterdamban = in Amsterdam) zijn soms ook uitzonderingen op de regel van klinkerharmonie: niet altijd bepaalt de laatste lettergreep voor de achtervoegsel welke klinker gebruikt moet worden.
Achter de stam van verschillende woordsoorten (zoals werkwoord, zelfstandig naamwoord) kunnen, rekening houdend met de klinkerharmonie, suffixen, achtervoegsels of uitgangen geplaatst worden. Met het plaatsen van dergelijke uitgangen vindt de vervoeging van werkwoorden plaats, worden de meervouden gevormd, worden naamvallen gevormd, zoals het meewerkend voorwerp (3de naamval of datief) en het lijdend voorwerp (4de naamval of accusatief).