thumb|De Amerikaanse première in 1916 in Philadelphia, met niet minder dan 1068 muzikanten onder leiding van Leopold Stokowski thumb|Een uitvoering van de Achtste Symfonie in Keulen, 27 juni 2009 Symfonie nr. 8 in Es van Gustav Mahler, bijgenaamd Symphonie der Tausend, werd geschreven in 1906 en 1907.

Analyse Erster Teil - Hymnus "Veni Creator Spiritus" In dit deel horen we de volledige en enorme bezetting bestaande uit een groot orkest (met extra koperblazers en slagwerk), orgel, drie gemengde koren, twee jongenskoren, drie sopranen, twee alten, tenor, bariton en bas. Het deel bevat de tekst van de pinksterhymne "Veni Creator Spiritus". In tegenstelling tot de 'vocale' symfonieën 2, 3 en 4, waar zangstemmen in één of twee delen voorkomen, vormen ze in dit werk de basis. Alle solisten zingen in dit deel mee.

Ondanks de grote bezetting van koor en orkest is een groot deel van de symfonie doorzichtig geïnstrumenteerd. Het begint en eindigt volumineus. Vooral het slot van het eerste deel is, wanneer goed gespeeld, een indrukwekkende klanklawine op de oren, met een radicaal slotakkoord van het gehele ensemble.

Zweiter Teil - Schlußzene aus "Faust" Het tweede deel is, zoals meer werken uit de romantische periode, gebaseerd op de slotscène uit de toneeltekst Faust van Johann Wolfgang von Goethe. Het begint instrumentaal en mysterieus. Na de voorzichtige inzet van het koor beginnen de solostemmen om beurten het verhaal te vertellen, in afwisseling met de koren. De kinder- dan wel jongenskoren komen ook nadrukkelijker naar voren. Het deel, dat ongeveer 45 tot 55 minuten duurt, ontvouwt zich als een opera-achtig geheel. Het slot van dit deel, "Chorus Mysticus - Alles Vergängliche", wordt gezien als misschien wel het grootste en zwaarste muzikaal geweld ooit voor een orkest geschreven.

Aanleiding voor deze compositie Aan veel van Mahlers muziek wordt door sommigen een overwegend pessimistische grondtoon en strekking toegeschreven, maar met de Achtste symfonie wilde hij een stralend perspectief bieden. De massaliteit van de benodigde muzikale middelen was niet bedoeld om het publiek te overbluffen, maar om aan de gehele mensheid een universele boodschap van vertrouwen in de eeuwige kracht van de menselijke geest tot uitdrukking te brengen.

Daarnaast wordt de totstandkoming van deze compositie door sommige commentatoren deels toegeschreven aan een persoonlijk motief. In die tijd had Alma Mahler, de vrouw van de componist, een verhouding met Walter Gropius, die haar wél alle liefde en aandacht gaf, wat Mahler door zijn eigenzinnige en starre houding en levenswandel niet kon. Hij wilde er alles aan doen om hen uit elkaar te drijven, maar zag geen kans te vechten. Zijn enige wapen zou dan geweest zijn de gigantische, als hemelbestormend beschouwde Achtste symfonie, die even eerder voltooid was, van een opdracht aan Alma te voorzien als ultieme liefdesverklaring in een vergeefse poging haar hart opnieuw te veroveren. Als dit persoonlijke motief heeft meegespeeld, was het zeker niet de enige of voornaamste reden voor de totstandkoming van deze symfonie.

Première en latere uitvoeringen Bij de première op 12 september 1910 in München waren meer dan 400 solisten, orkestmusici en koorzangers aanwezig. Deze uitvoering, die Mahler zelf dirigeerde, werd bijgewoond door vele (beroemde) collega-dirigenten en -componisten onder wie Béla Bartók, Alban Berg en Camille Saint-Saëns. Het was het allergrootste artistieke succes dat Mahler bij leven geboekt heeft.

Het werk wordt zelden uitgevoerd, vanwege de grootschalige bezetting. De door anderen dan Mahler bedachte bijnaam "Symphonie der Tausend" slaat direct op het grote aantal mensen dat vereist is om het werk uit te voeren, al blijft het werkelijke aantal doorgaans ver onder de spreekwoordelijke duizend. In Nederland zijn er maar enkele concertzalen met een podium groot genoeg om alle medewerkers te kunnen huisvesten: onder meer De Doelen in Rotterdam, het Koninklijk Concertgebouw in Amsterdam, De Oosterpoort in Groningen en het Muziekgebouw Eindhoven. Als zo'n uitvoering plaatsvindt, is het een enorme happening, een hoogtepunt in het concertseizoen. Legendarisch werd de uitvoering onder Eduard Flipse op 3 juli 1954 in het Rotterdamse Ahoy, met medewerking van elf Rotterdamse koren en het Rotterdams Philharmonisch Orkest versterkt met het Brabants Orkest.

Instrumentatie thumb|De eerste pagina van Mahlers autograaf van de partituur van de Achtste symfonie. De volledige instrumentatie van de 8e symfonie is als volgt:

2 piccolo's 4 fluiten 4 hobo's 1 althobo 1 esklarinet 3 klarinetten in bes en a 1 basklarinet in bes en a 4 fagotten 1 contrafagot 8 hoorns in f 4 trompetten in bes en f 4 trompetten in f (off-stage) 4 trombones 3 trombones (offstage) 1 tuba pauken (2 bespelers) grote trom 3 bekkens triangel tamtam buisklokken in as en a klokkenspel Solisten - zang (3 sopranen, 2 alten, een tenor, een bariton, een bas) Koren (jongenskoor, 2 gemengde volwassen koren) celesta piano harmonium orgel 2 of meer harpen mandoline strijkers; violen, altviolen, celli, contrabassen

Externe link Symphony nr. 8 op het International Music Score Library Project

08 Mahler 08 Categorie:Compositie voltooid in 1907