De chinchilla (Chinchilla lanigera) is een Zuid-Amerikaans knaagdier uit het geslacht van de chinchilla's, binnen de familie van de wolmuizen, dat op grote schaal gefokt wordt voor de bontindustrie. In Nederland is de soort verboden om te houden als gezelschapdier en mag niet gefokt of geïmporteerd worden.
De wetenschappelijke naam van de soort werd gepubliceerd door Edward Turner Bennett in 1829.
Leefgebied en verspreiding Oorsprong miniatuur|upright|Plaid van chinchillabont
De chinchilla leefde oorspronkelijk in Chili en Peru in het Andesgebergte in Zuid-Amerika. In de 17e eeuw ontdekten de Spaanse kolonisten het dier en zijn bijzondere vacht. De pelzen werden massaal naar Europa verscheept. In de 19e eeuw was het tezamen met koffie het belangrijkste exportproduct van Zuid-Amerika. Tussen 1895 en 1921 zijn meer dan 3 miljoen chinchillapelsen en een klein aantal levende dieren geëxporteerd uit Chili. In het begin van de 20ste eeuw zijn alleen al in Chili meer dan 20 miljoen chinchilla's gedood. Rond 1910 was de wilde populatie dermate afgenomen dat er pelsfokkerijen werden opgezet eerst in Zuid-Amerika en later ook daarbuiten. Rond de jaren 1960 begon het dier ook als exotisch gezelschapsdier in trek te komen en werden hiervoor ook levende dieren geëxporteerd. Rond 1960 waren de chinchilla's in het wild uitgestorven geacht.
Toch werden in de jaren 1980 en 1990 wilde populaties van beiden soorten herontdekt in Chili.
Hedendaags Het huidige leefgebied van dit bedreigde knaagdier betreft alleen nog twee tot vijf afzonderlijke gebieden met kleine populaties in Chili; in het noorden in het Las Chinchillas-reservaat met omliggend gebied en daarnaast zit een kleine populatie in La Higuera. In 2007–'08 telde het Las Chinchillas-reservaat een populatie van ongeveer 1.400–6.600 chinchillas. Het reservaat telt naar waarschijnlijkheid het grootste aantal wilde chinchilla's, echter de populaties buiten het reservaat zijn niet in beeld.
De soort komt voor op een hoogte van 73 tot 1.900 m.
Bedreigingsstatus De soort is ingedeeld onder bedreigd op de Rode Lijst van de IUCN. Het wordt beschermd tegen internationale handel onder CITES Bijlage A. De chinchilla staat niet op de huis- en hobbydierenlijst en is daarmee verboden als gezelschapdier te houden in Nederland.
Kenmerken miniatuur|Zijaanzicht miniatuur|Zijaanzicht
Lichaamslengte: 22–23 cm (2008) - Animal Life, Tirion Uitgevers BV, Baarn. Staartlengte: 13–18 cm Oorlengte: 4–6 cm Oorbreedte: 3–4 cm Snorhaarlengte: 10–13 cm Gewicht: 450-850 gram Lichaamstemperatuur: 37 °C Gemiddelde levensverwachting: 10-15 jaar (minimaal 8 en maximaal 20 jaar)
De chinchilla is bekend vanwege zijn pluizige staart en zachte en dichte vacht: er groeien 40 tot 120 haren uit elke haarwortel. De dieren kunnen verschillende kleuren hebben: grijs, beige, wit, bruin en zwart. Een combinatie van kleuren en tinten is mogelijk. Chinchilla's verzorgen hun vacht door te baden in zand. Hierdoor worden vuil en vet uit de vacht verwijderd. De snorharen van de chinchilla kunnen tot een derde van de lichaamslengte van het dier zelf bereiken.
Voortplanting Een vrouwtje zal op een leeftijd van vijf maanden voor het eerst bronstig zijn. Vanaf de leeftijd van 9 maanden zijn ze geslachtsrijp. Wanneer een vrouwtje bronstig is, zal een mannetje dat kunnen ruiken. De draagtijd van een chinchilla is 111 dagen. Na de partus is het vrouwtje direct weer bronstig. De zoogtijd is minimaal 8 weken.
Voeding De chinchilla is een herbivoor. Chinchilla's in de vrije natuur eten voornamelijk dorre grassen, kruiden en struiken en leven op drinkwater. In tegenstelling tot andere knaagdieren, is de chinchilla geen graan- of zaadeter.
Net als andere knaagdieren eet de chinchilla af en toe zijn eigen uitwerpselen. Tijdens de spijsvertering in het darmkanaal ontstaat vitamine B12. Door het eten van de ontlasting krijgen ze die vitamine binnen.
Gedrag De dieren komen tijdens schemer en dageraad tevoorschijn om nog even lekker in de zon te kunnen liggen. 's Nachts gebruikt het dier zijn snorharen om de weg in het donker te kunnen vinden. Ze kunnen hun snorharen gebruiken om vast te stellen of de kloven wijd genoeg zijn om doorheen te kruipen. Indien de snorharen niet buigen, zal de chinchilla niet blijven steken.
Er wordt gezegd dat de vrouwtjes de mannetjes domineren. Hoewel vele bronnen verklaren dat chinchilla's monogaam zijn, is daarvoor weinig bewijs. Deze dieren leven in kolonies die van klein, met enkele individuen, naar groot, met een honderd of meer kunnen variëren.
Chinchilla's zijn behendige klauteraars. Hierbij kan het weleens voorkomen dat er botbreuken ontstaan door een val. Simpele botbreuken genezen snel bij deze dieren.
Chinchilla's kunnen verschillende geluiden maken. In de dagelijkse omgang kunnen ze zacht piepen of knorren. Wanneer er gevaar dreigt, kan een chinchilla ook blaffen om de rest van de groep te waarschuwen. Als een chinchilla kwaad is, gaat hij recht op staan, gromt en zal de potentiële belager besproeien met zijn urine.
Gevangenschap
Taxonomie miniatuur|Mozaïekkleur miniatuur|Wildkleur Eerder werd wel eens verondersteld dat chinchilla's die in gevangenschap worden gehouden, als gezelschapsdier of in pelsfokkerijen voor gebruik in de bontindustrie, hybriden zouden zijn van de twee chinchillasoorten (C. lanigera × C. chinchilla). Echter, onderzoek heeft de aanwezigheid van C. chinchilla-DNA niet kunnen aantonen. Desondanks is er wel een aantoonbaar verschil in DNA tussen de wilde C. lanigera en die in gevangenschap en is het bekend dat pelsfokkerijen in het verleden de twee soorten ook wel hebben gekruist met elkaar, maar de chinchilla in gevangenschap stamt voornamelijk af van de C. lanigera.
Zorg Chinchilla's zijn groepsdieren. Het wordt daarom aangeraden om chinchilla's in gevangenschap in groepen te houden. Het samenhouden van alleen vrouwtjes of alleen mannetjes is geen probleem. Als men meer dan één bokje bij vrouwtjes zet, leidt dit echter tot ruzie onder de bokjes met mogelijk de dood tot gevolg.
De pels van een chinchilla is kwetsbaar, en heeft verzorging nodig. Een chinchilla in gevangenschap kan zelf zijn pels verzorgen, mits hij een zandbad ter beschikking heeft. Dat zandbad dient hij iedere dag minstens een uur te gebruiken. Het is het beste voor de chinchilla als het bad constant in de kooi gelaten wordt, mits het zand elke dag gezeefd wordt. Indien de chinchilla geen bad ter beschikking heeft, kan hij z'n vacht niet schoonmaken.
Vachtkleuren miniatuur|Voorbeelden van kleurvariaties in gevangenschap
Er bestaan tal van kleuren bij chinchilla's in gevangenschap. Hier staan de belangrijkste op een rijtje, alle met een witte buik:
Standaard: wildkleur, grijs met witte buik en witte pootjes, heeft donkere oren en donkere ogen. Beige: licht grijsbruine chinchilla met witte buik, rode ogen en roze oren. Er bestaan drie soorten beige: de homozygoot beige chinchilla is lichter van vacht en heeft fellere rode ogen dan de heterozygoot beige. Mozaïek: overwegend wit met grijze/bruine/beige vlekken, rode of zwarte ogen. Wit: ten onrechte albino genoemd, geheel witte chinchilla, roze oren en rode ogen. Abricot: witte kin met beige kleurschakeringen, rode ogen en roze oren. Violet: recessieve mutatie, de chinchilla is grijs met een paarse gloed, zwarte ogen en violetachtige oren. Saffier: recessieve mutatie, grijze chinchilla met blauwe gloed, zwarte ogen, blauwachtige oren.
Soms kunnen deze patronen samenhangen met een bepaald vachtpatroon, deze patronen kunnen ebony, velvet en bont zijn. Ebony: als een chinchilla ebony is, bedoelt men dat de buik dezelfde kleur heeft als de rest van het lichaam, er bestaat wit-ebony, bruin-ebony, zwart-ebony, violet-ebony, etc. Velvet: een velvetchinchilla heeft een witte buik maar duidelijke donkere strepen op zijn voorpootjes, die al sinds zijn geboorte aanwezig zijn. Velvets hebben ook een 'masker' op hun kop en rug. Dat masker is eigenlijk een donkerdere vacht. Bont: genetisch gezien zijn bonte chinchilla's gelijk aan mozaïek met het verschil dat de vlekken duidelijk afgelijnd zijn (in tegenstelling tot mozaïek waarbij de vlekken geleidelijk overlopen in het wit).
Een chinchilla kan ook velvet, bont en ebony tegelijkertijd zijn, maar dit is zeldzaam.
Wanneer men gaat kweken met chinchilla's moet men op de letale factor letten omdat dit het vrouwtje in levensgevaar kan brengen en/of tot misvormde jongen kan leiden. De letale factor ontstaat wanneer 2 witte of 2 velvetchinchilla's paren, daarom de vuistregel: wit × wit of velvet × velvet = FOUT.
Zie ook cavia's
Categorie:Wolmuizen Categorie:IUCN-status bedreigd Categorie:Dier uit het Neotropisch gebied Categorie:Bont