De Aziatische tijgermug (Aedes albopictus, soms aangeduid als Stegomyia albopicta), meestal gewoon tijgermug genoemd, is een tweevleugelig insect uit de familie steekmuggen (Culicidae).
De soort komt oorspronkelijk uit Azië, maar is als larve met de export van allerlei goederen naar andere werelddelen verspreid. De tijgermug komt tegenwoordig ook voor in Amerika en heeft zich in Europa gevestigd in onder andere Nederland, België, Frankrijk, Zwitserland, Spanje, Portugal, Italië en Griekenland. De tijgermug is een zogenaamde vector van een groot aantal ziekten, zoals dengue.
Naamgeving en taxonomie De tijgermug werd in 1894 voor het eerst wetenschappelijk beschreven door Frederick Askew Skuse als Culex albopictus. Pas later werd de soort tot het geslacht Aedes gerekend en tegenwoordig tot Stegomyia. De soortnaam albopicta betekent "wit (album) geschilderd (picta)" en verwijst naar het zwarte lichaam met opvallende witte strepen op met name de poten. De Nederlandse naam is eveneens afgeleid van de kleuren van de mug; in andere talen heeft de soort ook een dergelijke naam, zoals in het Engels (Asian tiger mosquito) en het Duits (Asiatische tigermücke). Een alternatieve Engelse naam, forest day mosquito (dagactieve bosmug), verwijst naar de dagactieve levenswijze van de soort.
De tijgermug is een gevleugeld insect (Pterygota) dat behoort tot de orde tweevleugeligen of Diptera. Tot deze groep behoren ook alle vliegen. De orde Diptera is verdeeld in families en de tijgermug behoort tot de familie steekmuggen of Culicidae.Steekmuggen zijn een grote groep van muggen waarvan de vrouwtjes bloed zuigen om de eitjes te voeden. Hoewel dus alle steekmuggen steken, behoren niet alle stekende muggen tot deze groep. Een voorbeeld zijn de zandvliegen en de knutten, die net als veel steekmuggen ziektes kunnen overbrengen op de mens. De zandvliegen -ondanks de naam zijn het muggen - behoren tot de familie Psychodidae en de knutten worden vertegenwoordigd door verschillende families, waaronder de familie Ceratopogonidae.
Het geslacht Aedes, waartoe de tijgermug behoorde, is een groep van ongeveer 85 soorten steekmuggen.Integrated Taxonomic Information System - Aedes - itis.gov Volgens recentere inzichten wordt de groep ingedeeld in verschillende ondergeslachten, en de tijgermug wordt tot het ondergeslacht Stegomyia gerekend, net als de sterk gelijkende denguemug (Aedes aegypti). De veranderingen in de indeling van de steekmuggen zijn het gevolg van onderzoek door John F. Reinert die in 2005 een nieuwe indeling publiceerde. Volgens de nieuwe classificatie heeft de mug de wetenschappelijke naam Aedes (Stegomyia) albopicta en later Stegmoyia albopicta gekregen.
Verspreiding thumb|left|320px|Verspreiding van de tijgermug (2007) De tijgermug komt oorspronkelijk voor in zuidoostelijk Azië: Bangladesh, Cambodja, China, Filipijnen, India, Indonesië, Japan, Laos, Maleisië, Myanmar, Nepal, Pakistan, Singapore, Sri Lanka, Taiwan, Thailand en Vietnam. Daarnaast is de soort bekend van enkele eilanden in de Grote en de Indische Oceaan tot westelijk op het Afrikaanse eiland Madagaskar.
De mug heeft zich binnen Azië verspreid tot in Nieuw-Guinea en wereldwijd in Noord- en Zuid-Amerika, Europa en delen van het vasteland van Afrika. In Australië en Nieuw-Zeeland is de tijgermug een aantal keer aangetroffen, maar deze heeft zich hier nog niet gevestigd.
In Noord-Amerika komt de soort voornamelijk voor in het oostelijke deel van de Verenigde Staten. Daar werd de mug voor het eerst in 1985 aangetroffen in Texas. In 1987 was de soort bekend in 15 staten en tien jaar later had de tijgermug zich verspreid over 25 staten. De mug is ook aangetroffen in de Caraïben (onder andere op Cuba) en het centrale deel van Mexico. In Zuid-Amerika is de soort gevonden in het zuidoostelijke deel van Brazilië; ook in Colombia en Bolivia zijn populaties bekend.
In Afrika heeft de mug zich gevestigd in de kuststrook langs de Golf van Guinee en in Nigeria, Kameroen en Gabon. Verder is er een geïsoleerde populatie bekend in Djibouti en is de mug aangetroffen in Zuid-Afrika.
Binnen Europa is de mug bekend van een aantal landen rond het Middellandse Zeegebied: in Italië, inclusief de eilanden Sardinië en Sicilië, Albanië, zuidwestelijk Griekenland en het eiland Lesbos, Frankrijk, Kroatië, Monaco, Montenegro, San Marino, Slovenië en Spanje.
In 2007 werd de mug aangetroffen in zuidelijk Duitsland, maar de soort heeft zich hier nog niet gevestigd.
In Nederland thumb|De tijgermug kan zich ontwikkelen in het water dat in een autoband blijft staan. De tijgermug wordt sinds de zomer van 2005 ook gesignaleerd in Nederland, maar het is niet duidelijk of de soort zich hier blijvend heeft gevestigd.
De mug komt onder andere binnen via de sierplant Dracaena sanderiana, ook wel geluksbamboe genoemd, waarvan stekken uit voornamelijk China worden geïmporteerd en in Nederlandse kassen verder worden opgekweekt. Diverse mensen zijn gebeten. Onduidelijk is of daarbij sprake is geweest van overdracht van ziektes. Dit is niet denkbeeldig, omdat de stekken afkomstig zijn uit streken waar bepaalde overdraagbare ziekten endemisch voorkomen.
Er wordt door het Rijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu (RIVM) onderzoek uitgevoerd naar de vestiging en verspreiding van tijgermuggen en naar de aanwezigheid van virussen in zowel de muggen als de gebeten personen. Door het ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en Sport is in oktober 2006 met een aantal bedrijven die de stekken op water importeren een convenant gesloten.row.minvws.nl Al snel bleek dit convenant niet effectief, omdat de meeste tijgermuggen werden gevonden bij bedrijven die de plantjes op gel importeerden, die het convenant niet hadden ondertekend.tijgermug.info In november 2007 is een nieuw convenant in werking getreden, dat ook betrekking heeft op de invoer op gel en dat volgens het ministerie door alle importbedrijven is ondertekend.tijgermug.info Het convenant is echter niet in rechte afdwingbaar en nieuwe importeurs zijn er niet aan gebonden. De Tweede Kamer heeft mede daarom in februari 2008 in een motie aan de minister gevraagd om de plantjes in quarantaine te houden, totdat ze vrij zijn van tijgermuggen.tijgermug.info De minister heeft de Kamer in maart 2008 in een brief meegedeeld dat hij de motie naast zich neerlegt, omdat het beleid volgens hem succesvol was: sinds oktober 2007 werden geen tijgermuggen meer in kassen van de kwekerijen gevangen.MinVWS, Motie tijgermug In juni 2008 zijn er echter opnieuw tijgermuggen aangetroffen in de kassen van vier van de tien importbedrijven.Weer tijgermuggen in kassen gesignaleerd, clm.nl
In 2010 werden er tijgermuggen gevonden bij drie bandenimporteurs in Noord-Brabant.NieuwsLog - De nieuwe krant - Tijgermuggen nu ook via banden ingevoerd Datzelfde jaar werd de staat gedaagd om uit te leggen waarom ze niet tegen de tijgermug optreedt.trouw.nl Toen in juli en augustus 2013 tijgermuggen werden aangetroffen bij een importeur van gebruikte autobanden, trad de NVWA wel bestrijdend op.NVWA bestrijdt Aziatische tijgermug in Oss, NU.nl, 25 juli 2013. Gearchiveerd op 10 augustus 2022. In juni 2014 werden in Assen opnieuw tijgermuggen gevonden. In de winter van 2015 werden ze aangetroffen in Utrecht en opnieuw in de zomer van 2016, toen in een woonwijk van Veenendaal.nos.nl NVWA gaat tijgermug in Veenendaal bestrijden, geraadpleegd op 19 augustus 2016rtvutrecht.nl Tijgermuggen ontdekt in woonwijk Veenendaal - RTV Utrecht, geraadpleegd op 19 augustus 2016 Een poging van het Platform Stop Invasieve Exoten om handhaving bij de importeurs van autobanden in rechte af te dwingen, strandde eerst bij de NVWA en vervolgens bij de Raad van State.https://www.nu.nl/binnenland/6370108/overheid-hoeft-niet-te-handhaven-bij-bandenbedrijven-vanwege-tijgermug.html
In België De aanwezigheid van de tijgermug in België wordt gevolgd door het Instituut voor Tropische Geneeskunde in Antwerpen. De tijgermug komt België binnen via transport, onder andere via schepen en auto's.
In België werd in 2000 en 2013 melding gemaakt van een tijgermuggenpopulatie in een bandenopslag van een recyclingbedrijf in Oost-Vlaanderen. Het bedrijf importeerde banden uit de Verenigde Staten en Japan en daarmee zijn de muggen waarschijnlijk naar Europa gekomen. De lokale omstandigheden stonden toe dat de tijgermug er zich wist voort te planten.Schaffner F et al., First record of Aedes (Stegomyia) albopictus in Belgium, J Am Mosq Control Assoc., 2004;20:201-203
In 2018 werden op vijf verschillende plaatsen in België tijgermuggen aangetroffen, meer bepaald in de Waaslandhaven en op parkings langs de autosnelwegen. Wetenschappers stelden bij dat onderzoek vast dat de mug op een nieuwe manier in België terechtkomt. Zij reist mee met auto's die bijvoorbeeld uit Duitsland en Frankrijk komen, waar de mug zich al gevestigd heeft. De aangetroffen populaties waren echter niet groot. Het ging vaak maar om enkele larven en/of individuele exemplaren. De muggen die in 2018 werden aangetroffen, overleefden de winter niet.
Er wordt wel verwacht dat de tijgermug in België zich steeds meer gaat verspreiden. Door de klimaatopwarming zal de mug steeds betere omstandigheden vinden om zich te handhaven. Volgens waarnemingen van Sciensano, daarin geholpen door burgerwetenschap, zijn sinds 21 mei 2024 tijgermuggen aangetroffen op negen verschillende locaties, verspreid over Vlaanderen, Wallonië en Brussel.
Kenmerken thumb|270px|De belangrijkste lichaamskenmerken van de tijgermug. De lichaamsdelen worden in de tekst toegelicht. De tijgermug heeft een typisch steekmugachtig lichaam: zes lange, sprieterige poten, een langwerpig lichaam met een duidelijk te onderscheiden achterlijf en twee vleugels die in rust op de rug worden gevouwen. De lengte is variabel, van 2 tot ongeveer 10 millimeter. De mannetjes blijven ongeveer een vijfde kleiner dan de vrouwtjes en zijn te herkennen aan de duidelijk sterker gepluimde antennes. Hiermee spoort het mannetje een vrouwtje op. De vrouwtjes zijn gevoelig voor geuren van mogelijke bronnen van bloed, zoals zoogdieren en vogels.
De tijgermug heeft een relatief kleine kop, wat opvalt door de lange en harige antennes (1). De antennes zijn voorzien van kleine haartjes of setae. Bij de mannetjes is de dichtheid van de haartjes duidelijk hoger dan bij vrouwtjes. Mannetjes hebben ook langere haren. De haartjes dienen om geluiden waar te nemen. Ze zijn zeer gevoelig voor geluidstrillingen en geuren, die worden doorgegeven aan een gevoelig orgaan in de basis van de antenne. De mannetjesmuggen sporen vrouwtjes op door af te gaan op het geluid, wat hun beter ontwikkelde antennes (haartjes) verklaart.
Kop De ogen (2) zijn relatief groot en duidelijk zichtbaar en zwart van kleur. Ze bestaan uit enkele tientallen individuele oogjes die de ommatidiën worden genoemd. Het geheel wordt een samengesteld oog of facetoog genoemd. De mug kan slecht zien en gaat voornamelijk op geur(en) en geluiden af. De palpen (3) van de tijgermug hebben een sterke chemosensorische functie en dienen voornamelijk bij de vrouwtjes om zweet en koolstofdioxide in de uitgeademde lucht van dieren te detecteren. Opvallend is het witte uiteinde van de palp, dat de mug onderscheidt van veel andere soorten. De sterk op de tijgermug gelijkende gelekoortsmug (Aedes aegypti) heeft ook witte palp-uiteinden. De witte kleur wordt veroorzaakt door witte schubben. De tijgermug heeft net als veel andere steekmuggen een lange proboscis of zuigsnuit (4). Deze is bruin van kleur en wordt in rust verborgen in de onderlip of labium (5), die dikker is en zwart van kleur. Een mug die niet aan het zuigen is, klapt het geheel onder de kop. Opmerkelijk aan de tijgermug is dat hij bijzonder hoge vibraties kan produceren.
Borststuk