Zuid-Holland () is een provincie in het westen van Nederland aan de Noordzeekust. De hoofdstad is Den Haag, de grootste stad is Rotterdam. Zuid-Holland is een van de dichtstbevolkte en geïndustrialiseerdste gebieden ter wereld.‘De energietransitie vaart op datatechnologie; daar moeten we wel op inspelen’, MT/Sprout, 22 maart 2022. De provincie meet 3308 km² en het aantal inwoners is (), waarmee Zuid-Holland de dichtstbevolkte én bevolkingsrijkste provincie van Nederland is.

Aangrenzende provincies zijn Zeeland in het zuiden, Noord-Brabant in het zuidoosten en Gelderland en Utrecht in het oosten. Aan de noordgrens ligt de provincie Noord-Holland waarmee Zuid-Holland tot de grondwetsherziening van 1840 één provincie Holland vormde. Tot 1795 was dit gebied Graafschap Holland. In het westen grenst de provincie aan de Noordzee.

Geschiedenis

Prehistorie en Oudheid miniatuur|links|rechtop=0.7|Masker van een Romeinse ruiter, gevonden nabij Matilo in het hedendaagse Leiden Door de vondst van een skelet van een vrouw, die de koosnaam Trijntje heeft gekregen, in Hardinxveld-Giessendam uit ongeveer 5500 v.Chr., is bekend dat er al in die tijd mensen leefden in het gebied dat momenteel tot de provincie Zuid-Holland behoort. Waarschijnlijk behoorde 'Trijntje' tot een groep zonder vaste verblijfplaats, die leefde van jagen en vissen Zo'n 2000 jaar later gingen mensen geleidelijk over tot landbouw en veeteelt, waarbij zij zich vestigden op vaste plaatsen. Daarvan zijn bij Vlaardingen gebruiksvoorwerpen gevonden, gemaakt van hout en bot. Het gaat onder andere om bijlen, naalden en de resten van een primitieve kano, die duiden op een soort beschaving die de Vlaardingencultuur wordt genoemd.

In de tijd van de Romeinen liep de grens van het Romeinse Rijk tot aan de Oude Rijn bij Katwijk en behoorde het gebied bij Germania Inferior. Op de grens werden forten gebouwd, zoals onder andere Lugdunum Batavorum bij Katwijk, Praetorium Agrippinae bij Valkenburg, Matilo bij Leiden, Albanianae bij Alphen aan den Rijn en Nigrum Pullum bij Zwammerdam. In het tegenwoordige Zuid-Holland werd een Romeinse stad gesticht, Forum Hadriani bij Voorburg. Deze ommuurde stad was gebouwd volgens een schaakbordpatroon en er waren tempels, een rechtbank, een plein en een badhuis.

Middeleeuwen miniatuur|links|De Ridderzaal in Den Haag, gebouwd in opdracht van graaf Willem II in 1248 Na het vertrek van de Romeinen door onlusten in het Rijk behoorde het gebied bij het Friese Koninkrijk waarna het in 636 werd veroverd door de Frankische koning Dagobert I. In 690 kwam de Angelsaksische monnik Willibrord aan land bij Katwijk en kreeg toestemming van de Frankische hofmeier Pepijn II om missiewerk te verrichten. Hij zou een kerk in Oegstgeest hebben gesticht en in latere jaren werd het gehele gebied gekerstend. Het gebied was sinds het Verdrag van Verdun (843) onderdeel van het Oostfrankische rijk, waarvan de koning als dank voor steun gebieden schonk aan Gerulf en later ook aan Dirk I. Zo ontstond het graafschap Holland, dat pas echt zelfstandig werd bij het verslaan van het keizerlijke leger bij de Slag bij Vlaardingen (1018). In 1248 werd door graaf Willem II opdracht gegeven om de Ridderzaal in Den Haag te bouwen en later werd door graaf Floris V het graafschap nog eens vergroot.

Rond 1000 vond de Grote Ontginning plaats waarbij een groot deel van het Groene Hart ontgonnen werd. De vrijgekomen gronden werden verkocht door de graaf van Holland en de kennis van het ontginnen werd zelfs geëxporteerd naar Noordoost-Duitsland. Om de waterbeheersing te regelen werden in de 13e eeuw hoogheemraadschappen opgericht, wat een vroege vorm was van democratisch bestuur.

De eerste stad in Holland die stadsrechten kreeg was Dordrecht in 1220. Het aantal steden in Holland was klein gedurende de 13e eeuw, maar dit veranderde rond 1500 toen het de hoogste stedendichtheid van Europa bereikte. Dordrecht was de belangrijkste stad tot de Sint-Elisabethsvloeden van 1404, 1421 en 1424. Als gevolg van deze overstromingen (waarbij de Biesbosch ontstond) vergingen vele dorpen en kon Dordrecht daar geen belasting meer heffen.

In de 14e eeuw ontstond een burgeroorlog over de opvolging van graaf Willem VI. Deze Hoekse en Kabeljauwse twisten ging tussen de dochter van Willem VI, Jacoba van Beieren en haar oom Jan van Beieren gesteund door de Bourgondische hertog Filips de Goede. Uiteindelijk trok Jacoba aan het kortste eind en trok zij zich terug in slot Teylingen bij Sassenheim.

Moderne tijd miniatuur|Leidens ontzet in 1574, nadat de stad een jaar lang werd belegerd door Spanje Tijdens de Tachtigjarige Oorlog vonden in het zuidelijke deel van Holland gebeurtenissen plaats als de inname van Den Briel, op 1 april 1572, de moord op de negentien katholieke geestelijken, bekend als de martelaren van Gorcum in 1572, de Eerste Vrije Statenvergadering op 19 juli 1572, het ontzet van Leiden op 3 oktober 1574 en de moord op Willem van Oranje op 10 juli 1584 in Delft. Na het succesvolle ontzet van Leiden werd de eerste universiteit van het hedendaagse Nederland in Leiden opgericht.

Holland ging de Gouden Eeuw in en bracht onder andere wetenschappers als Anthonie van Leeuwenhoek en Christiaan Huygens, filosofen als Baruch Spinoza en Pierre Bayle en schilders als Johannes Vermeer, Rembrandt van Rijn en Jan Steen voort.

In de negentiende eeuw werden de zandgronden nabij Sassenheim, Lisse en Hillegom afgegraven voor verschillende doeleinden, waardoor geestgronden overbleven die zeer geschikt waren voor de bollenteelt. Zo kwam de grootschalige bollencultuur en internationaal opererende bollenhandel op. Verder vond in de negentiende eeuw de Leidse buskruitramp plaats, wat een groot deel van de binnenstad in Leiden verwoestte. Deze ramp kon als de eerste echte nationale ramp worden beschouwd door de hulp van koning Lodewijk en de rest van het land.

miniatuur|links|Het dorp Oude Tonge tijdens de Watersnoodramp van 1953, waarbij in Zuid-Holland 677 mensen omkwamen Hoewel al vanaf 1814 de provincie Holland twee Commissarissen van de Koning had, een voor het noorden en een voor het zuiden, werd de provincie in 1840 opgesplitst in een provincie Noord-Holland en Zuid-Holland. Dit werd gedaan, omdat de provincie Holland: “bij vergelijking met alle andere te groot was in uitgestrektheid, bevolking, rijkdom en opbrengst”. In de loop der jaren werden de Zuid-Hollandse steden Oudewater (1970), Woerden (1989), Vianen (2002) en Leerdam (2019) bij de provincie Utrecht gevoegd.

In 1863 markeerde het graven van de Nieuwe Waterweg het begin van de groei van Rotterdam en de Rotterdamse haven en daarmee ook de werkgelegenheid in de regio. Bijna een eeuw later, in de Tweede Wereldoorlog, werd op 14 mei 1940 het centrum van Rotterdam verwoest door een Duits bombardement. De bezetting door de Duitsers leidde tot Anti-Joodse maatregelen en het gevangennemen en fusilleren van verzetsstrijders op de Waalsdorpervlakte. Aan de kust werd door de Duitsers de Atlantikwall gebouwd om een mogelijke invasie te kunnen tegenhouden.

Na de Tweede Wereldoorlog werden delen van Zuid-Holland en Zeeland getroffen door de watersnoodramp van 1953. Daarbij kwamen 865 mensen uit Zeeland en 677 mensen uit Zuid-Holland om het leven. Als reactie op deze ramp werden de Deltawerken uitgevoerd waarvan het laatste onderdeel, de Maeslantkering, in 1997 voltooid werd.

Geografie miniatuur|Satellietfoto van Zuid-Holland Zuid-Holland is een centraal deel van de Rijn-Maas-Scheldedelta.

Zuid-Holland grenst in het westen aan de Noordzee, in het noorden aan de provincie Noord-Holland, in het oosten aan Utrecht en Gelderland, in het zuidoosten aan Noord-Brabant en in het zuiden aan Zeeland. Zuid-Holland is, afgezien van de duinen aan de Noordzeekust, zo goed als vlak en bestaat grotendeels uit polderland. Het zuidwesten van de provincie maakt deel uit van de Rijn-Maasdelta. Het westen en midden van Zuid-Holland is voor een groot deel verstedelijkt en behoort tot de Randstad, een stedelijk gebied in West-Nederland. Het oostelijk deel van Zuid-Holland behoort, vanwege het open landschap, tot het Groene Hart. In het zuiden bevinden zich de Zuid-Hollandse Eilanden die grotendeels landelijk en open zijn.

miniatuur|links|De Leidsevaart nabij Hillegom, met rechts de bollenvelden

Westen In het noordwesten van Zuid-Holland is de Duin- en Bollenstreek gelegen. Deze streek omvat het duingebied rond Katwijk en het landelijk gebied rond de plaatsen Sassenheim, Lisse, Voorhout, Noordwijk, Noordwijkerhout en Hillegom. Ten zuiden van de streek is het gebied meer verstedelijkt op de as van Katwijk-Leiden. Vrijwel het hele oorspronkelijke reliëf van strandwallen en vlakten is door afgraving verdwenen, alhoewel deze vaak nog aan de slingerende weggetjes in het landschap te herkennen zijn. De wat lager gelegen gebieden worden gebruikt voor de bollenteelt. In het zuiden liggen weidegronden bestaande uit zandgrond, die langs de Oude Rijn de overgang vormen naar het stedelijk gebied. Dit verstedelijkt gebied loopt langs de Oude Rijn, vanaf Katwijk via Rijnsburg naar Leiden en Zoeterwoude-Rijndijk, met uitlopers naar Voorschoten en Oegstgeest. Ten zuiden van dit stedelijke gebied ligt een gebied, grenzend aan Den Haag, Leidschendam-Voorburg, de Noordzee en de A4, waarin het duingebied overloopt in een veenweidegebied. Het Hollands Plassengebied is een gebied ten noordoosten van Leiden, rondom Leiderdorp en de Kagerplassen. Het is een open gebied en op het water is er mogelijkheid tot waterrecreatie. Het vervenen van het gebied in het verleden heeft ervoor gezorgd dat het landschap een verkavelingspatroon vertoont.

miniatuur|rechtop=1.4|De kust van Scheveningen

Tussen de stedelijke gebieden van Rotterdam, Den Haag en Leiden bevindt zich de zogenaamde Groenblauwe Slinger. Dit is een aaneengesloten agrarisch gebied en omvat Midden-Delfland, Oude Leede, de Groenzone Berkel-Pijnacker en het westelijke deel van het Land van Wijk en Wouden, waar voornamelijk melkveehouderijen gevestigd zijn en waar vanuit de omgeving veel gerecreëerd wordt. Grenzend aan de Groenblauwe Slinger ligt een stedelijk gebied met steden als Den Haag, Delft, Leidschendam-Voorburg, Rijswijk en Zoetermeer, dat in het zuidwesten overgaat in het Westland, dat vanwege de glastuinbouw ook een verstedelijkt karakter heeft. Het hoogste punt van de provincie is met 37 meter boven het NAP het Vlaggeduin bij Katwijk.Zuid-Holland: Vlaggeduin, Katwijk, geraadpleegd 3 augustus 2019

miniatuur|links|Polder in Moordrecht, onderdeel van het Groene Hart

Oosten In het noordelijk deel van Zuid-Holland bevindt zich de Rijnstreek, dat tot de eerste droogmakerijen van West-Nederland behoort. Deze droogmakerijen worden omgeven door veengebieden, waar zich ook de Nieuwkoopse plassen bevinden. Ten zuiden van de streek ligt het gebied Midden-Holland, waarvan het landschap voor grote delen wordt bepaald door het soort veen. Rond Boskoop is het veen bepalend voor de boomteeltsector. Door het gebied loopt de Hollandse IJssel en de Oude Rijn, waar langgerekte smalle kavels zijn ontwikkeld, die loodrecht staan op de oeverwallen van die rivieren. De Zuidplaspolder bevindt zich er, een open polder vrijwel zonder bomen, die een van de oudste droogmakerijen van West-Nederland is. Het laagste punt van de provincie en tevens van Nederland ligt op 6,74 meter onder het NAP en in de Zuidplaspolder in Nieuwerkerk aan den IJssel.hotspotholland Het Laagste punt van Nederland, geraadpleegd op 12 mei 2010 Verstedelijkt is het gebied bij Gouda en Waddinxveen. Nog meer naar het zuiden, ten zuiden van rivier de Lek, ligt de Alblasserwaard. De bodem bestaat uit veen met vooral langs de rivieren nog een laag klei erop. In de Alblasserwaard wordt de grond daarom vooral voor veehouderij gebruikt, met verstedelijking rondom de Merwede en Beneden-Merwede, in de steden Sliedrecht, Papendrecht en Alblasserdam.