Het Waterschap Noord-Beveland was een fusiewaterschap in de Nederlandse provincie Zeeland opgericht per 1 januari 1959. Het zetelde in Kortgene en omvatte het gehele eiland Noord-Beveland. Het was verdeeld in drie districten: District 1 bestond uit de: Anna-Frisopolder, Camperlandpolder, Heer-Janszpolder, Jacobapolder, Kampensnieuwlandpolder, Mariapolder, Onrustpolder, Rippolder, Soelekerkepolder en de Spieringpolder District 2 bestond uit de: Adriaanpolder, Frederikspolder, Geersdijkpolder, Jonkvrouw Annapolder, Oostpolder, Oud-Kortgenepolder, Stadspolder, Thoornpolder, Vlietepolder, Westpolder, Willempolder, Willem-Adriaanpolder en de Wissekerkepolder District 3 bestond uit de: Katspolder, Leendert Abrahampolder, Nieuw-Noord-Bevelandpolder en de Oud-Noord-Bevelandpolder Het waterschap telde 58,5 km aan primaire waterkering, waarvan 1,4 km dijk met voorgelegen duinen aan de Noordzee, 27,8 km dijk met nollen aan de Oosterschelde, 6,9 km inlaagdijken en 22,4 km dijk langs het Veerse Meer.
Per 1 januari 1980 werd het Waterschap Noord-Beveland opgenomen in het Waterschap Noord- en Zuid-Beveland.
Geschiedenis thumb|left|Kaart van Noord-Beveland uit 1573. Met de lichtblauwe kleur wordt aangegeven dat het eiland onder water staat. thumb|left|Noord-Beveland in 1753. Ook het Zuid-Bevelandse eiland Wolphaartsdijk is aangeven. thumb|left|Topografische kaart van Noord-Beveland in 2020. Hoe het eiland Noord-Beveland er voor het jaar 1530 heeft uitgezien, is moeilijk meer te achterhalen. Uit documenten uit 1468 en 1469 is aangegeven dat Noord-Beveland ooit onder één dijkage zou hebben gelegen. Later (waarschijnlijk rond 1300 - 1350) zou deze echter gesplitst zijn in drie wateringen of dijkgraafschappen: Ooster-, Middel- en Westerderdendeel. In deze zelfde late middeleeuwen zou er ook een periode geweest zijn waarin het eiland in twee regio's was opgedeeld: Beoosten en Bewesten Wijtvliet. Deze Wijtvliet was een kreek die het eiland ten westen van Kortgene in noord-zuidrichting doorsneed. Één ding is in ieder geval zeker; Noord-Beveland werd in deze periode constant door de zee bedreigt, men leefde als het ware van ramp tot ramp. Dit zou duren tot 5 november 1530, de Sint-Felixvloed zorgde er voor dat in drie dagen geheel Noord-Beveland onder water stond. Herstelwerkzaamheden mochten niet baten en in 1532 werd Noord-Beveland voorlopig opgegeven. Het eiland werd een schorrengebied. Enkel de kerktoren van de Nicolaaskerke van Kortgene bleef herinneren aan bewoonde tijden.
Pas aan het eind van de zestiende eeuw begon met weer pogingen te doen Noord-Beveland in te polderen. In 1598 werd de Oud-Noord-Bevelandpolder ingedijkt, dit zou de kern worden van het nieuwe Noord-Beveland. Niet veel later, in 1616 volgde de Nieuw-Noord-Bevelandpolder. Tegenover deze landaanwinning stond wel dat (langzaam maar in 1639 voorgoed) het eiland Orisant, net ten noorden van Noord-Beveland voorgoed in de golven verdween. Dit gaf weinig aanleiding voor nieuwe inpolderingen. Halverwege de zeventiende eeuw begon men weer met het indijken van nieuwe polders, in totaal zouden in de volgende twee eeuwen nog 30 polders van in totaal ruim 5500 ha worden ingepolderd. Sommige van deze polders zouden echter al weer binnen enkele decennia opgegeven moeten worden.
Vanaf de late negentiende eeuw komt de samenwerking tussen de afzonderlijke polders op gang. Zo ontstond in 1868 het uitwateringsschap Willempolder c.a.. In 1871 en 1879 zouden de uitwateringsschappen Stadspolder c.a. en Heer Jansz. c.a. volgen. Hoewel de afwatering in deze uitwateringsschappen centraal werd geregeld, bleven de afzonderlijke polders onafhankelijk. Pas in 1935 komt er echte polderconcentratie met de samenvoeging van de Oud-Noord-Bevelandpolder en de Nieuw-Noord-Bevelandpolder tot waterschap de Oud- en Nieuw-Noord Bevelandpolder.
De watersnood in de nacht van 31 januari op 1 februari 1953 zorgde er voor dat hervormingen in een stroomversnelling kwamen. Een kwart van Noord-Beveland (2200 ha) was onder water gekomen. Pas op 25 april viel de laatste ondergelopen polder, de Westpolder, droog. Op 19 februari 1953 ging al een brief van 25 polderbesturen op Noord-Beveland naar de Gedeputeerde Staten van Zeeland omtrent een snelle samenvoeging. Na enkele commissies en het ontwerpen en goedkeuren van een nieuw polderreglement, wordt geheel Noord-Beveland vanaf 1 januari 1959 één nieuw waterschap; het Waterschap Noord-Beveland.
Polders en Waterschappen in Noord-Beveland voor 1959 Het waterschap was in 1959 ontstaan uit een groot aantal kleinere waterschappen, liggende op dat moment in totaal 27 polders. De meeste van deze polders waren te klein om zelf alles te regelen, daarom waren ze verschillende samenwerkingen met elkaar aangegaan. Zo hadden vele polders hun afwateringstaken overgedragen aan drie overkoepelende afwateringsschappen. De meeste polders hadden ook het beheer van zeedijken overgedragen aan enkele overkoepelende Zeewerende waterschappen. Toch bleven de polders tot 1959 zelfstandige bestuurseenheden. De Zeewerende waterschappen van Noord-Beveland werden zelfs pas in 1979 aan het waterschap Noord-Beveland toegevoegd. De volgende polders en waterschappen zijn samengevoegd tot het Waterschap Noord-Beveland: Polders Opp. Bedijkt in:(Bestaan tot:) OverkoepelendAfwateringsschap OverkoepelendZeewerend waterschap Adriaanpolder 58 ha 1686 1872 - 1959: Stadspolder c.a. 1871 - 1979: Waterkering Jonkvrouw Annapolder Anna-Frisopolder 112 ha(1747: 129 ha) 1747 1879 - 1959: Heer Jansz. c.a. 1878 - 1917: Waterkering van de calamiteuze Anna Frisopolder1917 - 1979: Waterkering Onrustpolder, Jacobapolder en Anna-Frisopolder Camperlandpolder 235 ha(1658: 217 ha) 1658 1879 - 1959: Heer Jansz. c.a. Frederikspolder 514 ha 1641 1872 - 1959: Stadspolder c.a. Geersdijkpolder 97 ha(1668: 286 ha) 1668 1870 - 1959: Willempolder c.a. Heer-Janszpolder 331 ha(1699: 316 ha) 1699 1879 - 1959: Heer Jansz. c.a. Jacobapolder 312 ha(1769: 296 ha) 1769 1879 - 1959: Heer Jansz. c.a. 1878 - 1917: Waterkering van de calamiteuze Anna Frisopolder1917 - 1979: Waterkering Onrustpolder, Jacobapolder en Anna-Frisopolder Jonkvrouw Annapolder 217 ha(1727: 245 ha) 1727 1872 - 1959: Stadspolder c.a. 1871 - 1979: Waterkering Jonkvrouw Annapolder Kampensnieuwlandpolder 38 ha 1669 1870 - 1959: Willempolder c.a. Katspolder 78 ha(1668: 70 ha) 1668 1871 - 1979: Waterkering Jonkvrouw Annapolder (deels)1883 - 1979: Waterkering Leendert Abrahampolder (deels) Leendert Abrahampolder 147 ha 1853 1883 - 1979: Waterkering Leendert Abrahampolder Mariapolder 155 ha(1719: 148 ha) 1719 1870 - 1959: Willempolder c.a. 1878 - 1917: Waterkering van de calamiteuze Anna Frisopolder1917 - 1979: Waterkering Onrustpolder, Jacobapolder en Anna-Frisopolder Nieuw-Noord-Bevelandpolder 516 ha(1616: 502 ha) 1616In 1935 gefuseerd tot deOud- en Nieuw-Noord Bevelandpolder 1871 - 1979: Waterkering Vlietepolder Onrustpolder 339 ha 1846 1879 - 1959: Heer Jansz. c.a. 1917 - 1979: Waterkering Onrustpolder, Jacobapolder en Anna-Frisopolder Oostpolder 51 ha 1686 1870 - 1959: Stadspolder c.a. Oud-Kortgenepolder 277 ha 1667 1870 - 1959: Stadspolder c.a. Oud-Noord-Bevelandpolder 1738 ha(1598: 1895 ha) 1598In 1935 gefuseerd tot deOud- en Nieuw-Noord Bevelandpolder 1883 - 1979: Waterkering Leendert Abrahampolder Rippolder 161 ha(1713: 147 ha) 1713 1879 - 1959: Heer Jansz. c.a. 1878 - 1917: Waterkering van de calamiteuze Anna Frisopolder1917 - 1979: Waterkering Onrustpolder, Jacobapolder en Anna-Frisopolder Soelekerkepolder 475 ha 1818 Spieringpolder 176 ha(1856: 165 ha) 1856 Stadspolder 60 ha 1684 1872 - 1959: Stadspolder c.a. Thoornpolder (Torenpolder) 288 ha 1697 1870 - 1959: Willempolder c.a. 1871 - 1979: Waterkering Vlietepolder Vlietepolder 157 ha(1687: 182 ha) 1687 1870 - 1959: Willempolder c.a. 1871 - 1979: Waterkering Vlietepolder Westpolder 91 ha 1686 1872 - 1959: Stadspolder c.a. Willem-Adriaanpolder 205 ha(1749: 160 ha) 1749 1872 - 1959: Stadspolder c.a. Willempolder 122 ha 1771 1870 - 1959: Willempolder c.a. Wissekerkepolder 687 ha(1652: 667 ha) 1652 1870 - 1959: Willempolder c.a. 1871 - 1979: Waterkering Vlietepolder
De volgende polders en waterschappen hebben bestaan op of rondom het eiland Noord-Beveland, maar waren opgegeven voordat het Waterschap Noord-Beveland werd opgericht.: Polders Opp. Bedijkt in:(Bestaan tot:) OverkoepelendAfwateringsschap OverkoepelendZeewerend waterschap Al te Kleinpolder 10 ha 1670(Verdronken in 1947) 1883 - 1979: Waterkering Leendert Abrahampolder Nieuw -'s-gravenhoekpolder 134 ha 1671Verdronken in 1743 Orizandpolder (Oost-Orisant) 309 ha 1602Verdronken in 1639 Oud-’s-gravenhoekpolder 182 ha 1656Verdronken in 1732 Ouweleckpolder (West-Orisant) 184 ha 1665Verdronken in 1780 Sophiapolder 1894: 71 ha(1775: 95 ha) 1775Verdronken in 1894 1870 - 1894: Willempolder c.a. 1878 - 1894: Waterkering van de calamiteuze Anna Frisopolder
Dijkgraven In haar 21-jarig bestaan kende het Waterschap Noord-Beveland de volgende drie dijkgraven: Naam Ambtsperiode Bijzonderheden M.W. van Arenthals(1896/97 - 1987) 1 januari 1959 - 1 januari 1967 Was van 1942 t/m 1958 al dijkgraaf van de Oud- en Nieuw-Noord Bevelandpolder. C.J. Schippers(1908/09 - 1973) 1 januari 1967 - 5 april 1973† Was van 1945 t/m 1958 al dijkgraaf van de Heer-Janszpolder S.J. van Langeraad(1922 - 1994) 5 juni 1973 - 1 januari 1980
Noord-Beveland Categorie:Noord-Beveland