thumb|Parablennius gattorugine, een slijmvis die wordt aangetroffen in de Atlantische Oceaan en de Middellandse Zee thumb|Parablennius rouxi, een slijmvis die kan worden aangetroffen in de Middellandse Zee De naakte slijmvissen (Blenniidae) vormen een familie van baarsachtige vissen.
Kenmerken De vissen hebben over het algemeen grote ogen, en een lange doorlopende rugvin. Het lichaam is zijdelings samengedrukt en langgerekt, en de huid heeft geen schubben. De vissen hebben tanden die overeenkomsten vertonen met een kam. De grootste soort in deze familie is Xiphasia setifer die 53 centimeter lang kan worden; de meeste andere leden zijn echter veel kleiner. Het zijn actieve en vaak kleurrijke vissen, waardoor het populaire aquariumvissen zijn. De geslachten Aspidontus, Meiacanthus, Petroscirtes, Plagiotremus en Xiphasia bezitten giftanden. Deze vijf geslachten vormen samen de geslachtengroep Nemophini (sabeltandslijmvissen).
Verspreiding Leden van deze familie worden aangetroffen in tropische en subtropische wateren van de Atlantische, Indische en Grote Oceaan. Sommige soorten komen ook in brak en zelfs zoet water voor.
Leefwijze Over het algemeen leven de vissen dicht bij de bodem, vaak in ondiep water. Ze kunnen korte tijd buiten het water leven, bijvoorbeeld tijdens laagwater, waarbij de sterke borstvinnen als "poten" dienen. Ze voeden zich voornamelijk met kreeftachtigen, mosselen en andere ongewervelden. Sommige soorten eten algen en plankton. Sommige naakte slijmvissen vormen kleine groepen, terwijl andere solitair en territoriaal zijn. De wijfjes leggen eieren in schelpen of onder overhangende rotsen. De mannetjes bewaken het nest tot de eieren uitkomen.
Imitatie Van soorten uit de geslachten Apistodontus en Plagiotremus is bekend dat ze andere vissen, zoals onder meer (lipvissen (Labridae)), imiteren op het gebied van kleur, vorm en gedrag, en zich zo als poetsvis voordoen. Hierdoor kunnen ze van sommige vissen een hap nemen van de huid. Zie ook valse poetsvis.
Geslachten Er zijn 371 soorten in 53Blenniidae volgens Fishbase tot 59Systematiek van de levende vissoorten geslachten beschreven: Aidablennius Whitley, 1947 Alloblennius Smith-Vaniz & Springer, 1971 Alticus Lacépède, 1800 Andamia Blyth, 1858 Antennablennius Fowler, 1931 Aspidontus Cuvier, 1835 Atrosalarias Whitley, 1933 Bathyblennius Bath, 1977 Blenniella Reid, 1943 Blennius Linnaeus, 1758 Chalaroderma Norman, 1943 Chasmodes Valenciennes in Cuvier & Valenciennes, 1836 Cirripectes Swainson, 1839 Cirrisalarias V. G. Springer, 1976 Coryphoblennius Norman, 1943 Crossosalarias Smith-Vaniz & V. G. Springer, 1971 Dodekablennos Springer & Spreitzer, 1978 Ecsenius McCulloch, 1923 Enchelyurus Peters, 1868 Entomacrodus Gill, 1859 Exallias Jordan & Evermann, 1905 Glyptoparus Smith, 1959 Haptogenys V. G. Springer, 1972 Hirculops Smith, 1959 Hypleurochilus Gill, 1861 Hypsoblennius Gill, 1861 Istiblennius Whitley, 1943 Laiphognathus Smith, 1955 Lipophrys Litobranchus Smith-Vaniz & V. G. Springer, 1971 Lupinoblennius Herre, 1942 Meiacanthus Norman, 1943 Mimoblennius Smith-Vaniz, 1971 Nannosalarias Smith-Vaniz & V. G. Springer, 1971 Oman V. G. Springer, 1985 Omobranchus Ehrenberg, 1836 Omox V. G. Springer, 1972 Ophioblennius Gill, 1860 Parablennius A. Miranda-Ribeiro, 1915 Parahypsos Bath, 1982 Paralticus V. G. Springer & J. T. Williams, 1994 Parenchelyurus Springer, 1972 Pereulixia Smith, 1959 Petroscirtes Rüppell, 1830 Phenablennius V. G. Springer & Smith-Vaniz, 1972 Plagiotremus Gill, 1867 Praealticus L. P. Schultz & W. M. Chapman, 1960 Rhabdoblennius Whitley, 1930 Salaria Forsskål, 1775 Salarias G. Cuvier, 1816 Scartella D. S. Jordan, 1886 Scartichthys D. S. Jordan & Evermann, 1898 Spaniblennius Bath & Wirtz, 1989 Stanulus J. L. B. Smith, 1959 Xiphasia Swainson, 1839