thumb|Prudens Van Duyse door Eugène Van Maldeghem Prudentius Joannes Maria (Prudens) van Duyse (Dendermonde, 17 september 1804 – Gent, 13 november 1859) was een voorvechter van de Nederlandse taal, auteur van een omvangrijk oeuvre (dichtwerk, geschiedenis, essays) en vanaf 1838 stadsarchivaris van Gent.

Levensloop thumb|Reproductie van een portret van Prudens van Duyse. Vanaf 1823 werkte Van Duyse als notarisklerk in Laken. In 1826 schreef hij zich in aan de universiteit van Leuven, waar hij een jaar studeerde. Vervolgens volgde hij de rechtenopleiding aan de universiteit van Gent, waar hij in 1832 promoveerde tot doctor in de rechten.

Hij schreef aanvankelijk zogenoemde nationale dichtkunst, maar zijn echte debuut maakte hij in 1829 met het gedicht 'Lofdicht op de Nederlandsche taal'. De Belgische Revolutie was bij hem als orangist niet welkom en hij week een tijdje uit naar Noord-Nederland, waar hij deel uitmaakte van de redactie van de Journal de La Haye, een krant die de politiek van koning Willem tegenover de zuidelijke separatisten steunde. Na zijn terugkeer liet hij zich, samen met zijn vrienden en stadgenoten, de gebroeders Leon en Gustave de Burbure de Wesembeek bij herhaling opmerken als orangist en ontsnapte hij ternauwernood aan veroordelingen. Na de erkenning van de scheiding (Verdrag van Londen (1839)) legde hij zich ook neer bij het koninkrijk België en droomde hij van een grote toekomst voor zijn land.

Hij publiceerde zijn meest gewaardeerde gedichten in de bloemlezingen 'Het Klaverblad' en 'Nazomer'. Van Duyse schreef vooral 'vaderlandslievende' poëzie en schetsen uit het Vlaamse volksleven in een plechtstatige en hoogdravende stijl. Van Duyse vertaalde ook uit het Latijn, Oudnoors en Oudhoogduits. Zijn Verhandeling over den Nederlandschen dichtbouw werd in 1851 bekroond. In 1860 werd hem postuum de vijfjaarlijkse Staatsprijs voor de Vlaamse letterkunde toegekend.

Hij is de vader van musicoloog Florimond van Duyse.

Vlaamse Beweging Als medeoprichter in 1836 van het genootschap 'De tael is gansch het Volk' gaf hij een belangrijke impuls aan de Vlaamse Beweging.

Hij nam actief deel aan de polemieken rond het invoeren van de commissiespelling (1839-1842). Hij was stichtend lid van het 'Vlaemsch Gezelschap' (1846) en was redacteur van 'De Eendragt' (1846).

In 1846 richtte hij samen met Etienne Evarist Van Maldeghem het Vlaemsch-Duitsch Zangverbond op te Brussel, dat in de daaropvolgende paar jaar zowel in Brussel als in Keulen zangfeesten organiseerde met Vlaamse en Duitstalige liederen.

In 1849 richtte hij mee het 'Nederlandsch Taal- en Letterkundig Congres' op.

Eerbetoon In 1893 werd in Dendermonde een standbeeld voor Van Duyse onthuld nabij zijn geboortehuis. Het is een beeld door Godefroid Devreese op een sokkel van Victor Horta. Er is ook een Prudens Van Duysestraat in Dendermonde en een Prudens Van Duyseplein in Gent.

Publicaties thumb|Het standbeeld van Van Duyse in Dendermonde.

Dichtwerk Dichtstuk over den heldenmoed der Vlamingen tegen de Franschen betoond onder het bestuur van den graaf Guy van Dampière (1825) (Digitale versie) Griekenland, lierzang. Waterloo, kantate (1826) (Digitale versie) Lofdicht op de Nederlandsche tael (1829) (Digitale versie) De wanorde en omwenteling op den Vlaemschen zangberg. In vier zangen, met eeuwigdurende aanteekeningen, enz. (1830) (Digitale versie) Gedichten (1831) (Digitale versie) De Gentsche vaderbeul. Romance (1839) (Digitale versie) Vaderlandsche poëzy (1840) (Digitale versie) Anton Van Dyck, of De reis naar Italië. Blyspel met zang in drie bedryven (1841) (Digitale versie) De spellingsoorlog. Luimig heldendicht, in vier zangen (1842) (Digitale versie) Godfried, of De godsdienst op het veld (1842) (Digitale versie) Natalia (1842) (Digitale versie) Groentje in vier zangen, met ander luimige gedichten na Gresset (1843) (Digitale versie) Natalia. Vier elegiën (1845) (Digitale versie) De zeilwagen van Simon Stevin naer de Latijnsche gedichten van Hugo Grotius. Tekst in het Latijn en het Nederlands (Digitale versie) De zang van den Germaanschen slaaf, oud-makker van Ambiorix, op een feestijn binnen Rome (1848) (Digitale versie) Het klaverblad, Romancen, legenden, sagen (1848) (Digitale versie) Gedichtjes voor kinderen (1849) (Digitale versie) Nieuwe kindergedichten (1849) (Digitale versie) De koningin der Belgen, twee gedichten (1851) (Digitale versie) Vrolijkheid. Poëzij (1853) (Digitale versie) Verhandeling over den Nederlandschen versbouw (1854) Eerste deel (Digitale versie) Tweede deel (Digitale versie) Jacob Van Artevelde (1859) Nazomer (1859) (Digitale versie) Nagelaten gedichten, 10 delen, (1882-1885) Eerste deel: Lyriek (Digitale versie) Tweede deel: Epiek (Digitale versie) Derde deel: Dichtverhalen Vierde deel: Luim Vijfde deel, 1: Liedekens. Oude en nieuwe Vijfde deel, 2: Laatste kindergedichtjes Zesde deel: Verscheidenheden Zevende deel: Verscheidenheden (vervolg) Achtste deel: Vertalingen en navolgingen Negende deel: Vertalingen en navolgingen (vervolg) Tiende deel: Rijminvallen Bloemlezing uit Prudens van Duyse's gedichten, tijdens zijn leven verschenen (1889) (Digitale versie) Gedichten (1893) (Digitale versie) Gedichten van Prudens van Duyse (1907) I: Uit de werken tijdens zijn leven verschenen (Digitale versie) II: Uit de nagelaten gedichten (Digitale versie) Prudens van Duyse. Bloemlezing uit zijn dichtwerk (1942) (Digitale versie) Vaderlandsche poëzy Deel 1 (2022, e-book) Deel 2 (2022, e-book) Deel 3 (2022, e-book) Jacob van Artevelde (2022, e-book)

Proza thumb|page=4|Handschrift van Prudens Van Duyse (met Joos Schollaert), De Vastenavondfeest te Geeraerdsberge, in: Belgisch museum voor de Nederduitsche tael- en letterkunde en de geschiedenis des vaderlands, 1837 Anneessens (1719), in: idem, 1837 De torenbrand van Mechelen, naer het latijn van L. de Meyer, in: idem, 1837 Sidronius Hosschius, in: idem, 1838 Lierzang van Sarbievius, aen de latijnsche dichters van Belgie, in: idem, 1838 De invloed des toneels op de volksbeschaving, in: idem, 1838 Rosiana Coleners, in: idem, 1838 Aen den slaep. Elegie, in: idem, 1838 Willem Becanus, in: idem, 1839 Verlof om van den steen gesneden te worden, in: idem, 1840 De wilde man te Dendermonde, in: idem, 1840 M. van Rysingen, in: idem, 1841 Ragnar Lodbrog, Yslandsche saga, in: idem, 1841 Zegezang op Lodewyk III, verwinnaer der Noordmannen ten jare 883, in: idem, 1841 Spreekwoorden aen geestelyke zaken ontleend, in: idem, 1841 Nalezingen, in: idem, 1841 Nayver der Gentsche schilders jegens die van Antwerpen, in: idem, 1842 Een zegbrief of arbitragie van den abt van Drongen, van het jaer 1360, in: idem 1842 Lalus, in: idem, 1842 Karel van Mander, in: idem, 1842 Brief van Sanderus over eene stadsbibliotheek, te Gent, in: idem, 1842 Pieter Johan Robyn, in: idem, 1843 Zonderling vonnis van het jaer 1443, in: idem, 1843 A.E. Vanden Poel, Vlaemsch dichter, in: idem, 1843 Herman Hugo, in: idem, 1843 Klagten der zieke poorters in het gasthuis te Gent, ten jare 1349, in: idem, 1843 Pieter-Judocus de Borchgrave, in: idem, 1844 Belgisch museum voor de Nederduitsche tael- en letterkunde en de geschiedenis des vaderlands, in: idem, 1845 Michiel de Swaen, in: idem, 1845 Kaspar Hendrik van Boekel, Jan Frans Brouwenaar, Prudens van Duyse, Frans Rens, Theodoor van Rijswijck, C.P. Serrure en F.A. Snellaert, Redevoeringen en gedichten op het graf van Willems uitgesproken, in: idem, 1846 De bekroonde Else der Gentsche Schoenmakers, in: idem, 1846 Justus Harduyn, in: idem, 1846 Pater Verhegghen, in: idem, 1846 De rederykkamer van den Heiligen Geest, te Brugge, in: idem, 1846 Levensberigt van Josef Bernard Cannaert, in: idem, 1849 Levensberigt van Norbert Cornelissen, in: Jaarboek van de Maatschappij der Nederlandse Letterkunde, 1850 Verhandeling over den Nederlandschen versbouw, 1854 De Trommelaer en eens Graven Dochter, in: De Vlaemsche zanger, 1856 Middelnederlandsche poëzie, deels hersteld, deels voor 't eerst uitgegeven door Mr Prudens van Duyse, in: Dietsche Warande, 1858 Verhandeling over den drievoudigen invloed der rederijkerskameren, voorafgegaan door een overzicht harer geschiedenis, tot antwoord op de volgende prijsvraag: quelle a été l'influence littéraire, ..., 1861 (Digitale versie) Cat's invloed op de Vlaamsche letterkunde, 1861 (Digitale versie) De trommelaer en eens graven dochter, in: Oude en nieuwe liedjes, 1864 Werkmans-lied, in: Oude en nieuwe liedjes, 1864 De Rederijkerskamers in Nederland. Hun invloed op letterkundig, politiek en zedelijk gebied, 1900-1902 Eerste deel (Digitale versie) Tweede deel (Digitale versie)

Ander werk Jubelzang bij de 25e verjaring der Akademie van Teeken- en Bouwkunst, der stad Dendermonde. 6 dec. 1825 (1825) (Digitale versie) M. van Rysingen. (1830) (Digitale versie) Willem Tell. Treurspel in vijf bedrijven. (1836} (Digitale versie) gerem Goethals délivrant à Joppé trois vierges chrétiennes. Episode du Xe siècle. Traduction libre d'une ballade flamande. (1840) (Digitale versie) Vader Adam Vlaminc. Ene scone sproke. (1842) (Digitale versie) Belegering van Dendermonde, door Lodewijk XIV. Historisch tafereel. 1842 (digitale versie) Philips-de-Goede en de dronckaert. Vaudeville in 3 bedrijven. (1845) (Digitale versie) Herinneringen aen het feest gevierd te Merckem, den 20 Augustus 1844, ter eere van den dichter Sidronius Hosschius. (1845) (Digitale versie) D'Hulster's lettervruchten. (1845) (Digitale versie) Simon Stevin, naer Voorduin's bekroond werk, met eenige dichtstukken. Bevat o.a. vertaling van: Laudatio de Simone Stevino door J.C. Voorduin. (1846) (Digitale versie) Pater Verhegghen. (1846) (Digitale versie) Het eerste verjaringsfeest van het Vlaemsch-Duitsch Zangverbond. (1847) (Digitale versie) Inventaire analytique des chartes et documents appartenant aux archives de la ville de Gand. 1849-1853 Den ouden vriende en ambtgenoote Leo d'Hulster, toegewijd. (ca. 1850) (Digitale versie) Wat een boek met twee-en-veertig platen in groot folio eertijds kostte. (ca. 1850) (Digitale versie) Vrolijkheid. 1851 (Digitale versie) Antwerpen bij het vierde eeuwgetijde van het Sint Lucas Gilde. In twee zangen. (1854) (Digitale versie) Volksleesboek voor middelbare en lagere scholen en Vlaemsche huisgezinnen, J.M. Dautzenberg en Pr. van Duyse. 1854 (Digitale versie) Verhalen uit de geschiedenis van België, Johan Michael Dautzenberg en Prudens van Duyse (1855) (Digitale versie) De drie braven van Lith. Ballade. (1855) (Digitale versie) Samenspraek tusschen Martens van Aelst en Erasmus van Rotterdam op den 6.en July 1856. (1856) (Digitale versie) Tollens herdacht in België (1857) (Digitale versie) Teniers te Grimbergen. Operette (1860) (Digitale versie) Over Reinaert de Vos, uit de nagelaten prozawerken van Prudens van Duyse (1882) Reinaard de Vos.Middeleeuwsch dierenepos in zeventien zangen. Voor de eerste maal in zijn geheel en in de oorspronkelijke maat bew. (1887) (Digitale versie)

Vertalingen Virgilius Herderszangen. Vert. van: Bucolica (1859) (Digitale versie)

Literatuur Frans De Potter, Prudens Van Duyse herdacht, Gent, 1860 (Digitale versie) Frans de Potter, Volledige chronologische lijst der werken van Prudens Van Duyse (poëzie, proza, muziek-kompositiën), Gent, 1861 (Digitale versie) Frans de Potter ... et al. Gedenkteeken aan Prudens van Duyse toegewijd (1862) (Digitale versie) Jan MICHEELS, Prudens van Duyse, zijn leven en zijn werken, Gent, 1893. Hendrik CLAEYS, Herdenking der honderdste verjaring van den geboortedag van Prudens van Duyse, in: Verslagen en mededelingen van de Koninklijke Vlaamse Academie voor Taal- en Letterkunde, 1904, p. 31-35. Jan BOUCHERY, Prudens van Duyse. Bij de Honderdste verjaring zijner geboorte, in: Verslagen en mededelingen van de Koninklijke Vlaamse Academie voor Taal- en Letterkunde, 1904, p. 35-45.