Franciscus Hermanus Bach, officieel Bachg, (Groningen, 28 mei 1865 – aldaar, 22 januari 1956) was een Nederlands kunstschilder.
Leven en werk Bach werd geboren in de stad Groningen als zoon van de smid Johann Caspar Bachg en Susanna Hermanna Greven. Zijn vader was vanuit het Duitse Haselünne naar Nederland gekomen.Stamreeks Bachg (Internet Archive) De familienaam wordt officieel geschreven als Bachg, en zo werd Bach ook ingeschreven bij zijn geboorte,Burgerlijke stand van Groningen: geboorten 1865, akte 534. maar naar verluidt kwam hij daar zelf pas op latere leeftijd achter.Henny van Harten-Boers (2005) F.H. Bach, leermeester van De Ploeg. [Slochteren]: Stichting Landgoed Fraeylemaborg. . Hij signeerde zijn werk in de regel als 'F.H. Bach' of 'F.H.B.'. Op zevenjarige leeftijd krijg hij lessen aan het 'Teekenschooltje van Dusselsma' in de Oude Kijk in 't Jatstraat. Toen Bach elf jaar werd hij een leerling van de avondcursus aan Academie Minerva, hij kreeg er les van Johannes Hinderikus Egenberger en Hinderikus Boss.Dirk de Vries Lam (1931) "F.H. Bach", Maandblad Groniningen, 1931. Twee jaar later kreeg hij er een bronzen medaille voor het vak handtekenen. In 1882 werd hij tekenleraar op het doveninstituut in Groningen, hij was op dat moment nog niet afgestudeerd. In 1884 behaalde hij de MO-akte voor het handtekenen"Middelbaar Onderwijs", De wekker, jrg 41, 1884, no 103, 24 december 1884. en ontving hij de Grote Koninklijke Medaille voor anatomie en de Zilveren Academie Medaille voor ornamentcompositie. Minervadirecteur Egenberger haalde het bestuur over om Bach als docent aan te nemen en zo gaf hij er al op 19-jarige leeftijd les.Francis van Dijk (1998) Leraren van de Academie Minerva. Een keuze uit twee eeuwen kunstonderwijs in Groningen Groningen: Benjamin & Partners. . In 1895 trouwde hij met Christina Geertruida ten Velthuis (1865-1930), zij kregen drie zoons en een dochter.
Bach kan als landschaps- en portretschilder worden gerekend tot de impressionisten van de Haagse School. Hij schilderde onder andere negentien portretten van hoogleraren voor de senaatskamer in het Academiegebouw van de Groninger Universiteit.Jolanda Oosterheert (2009) In vol ornaat : Vier eeuwen Groningse senaatsgalerij. Groningen: Universiteitsmuseum Groningen & Barkhuis. .Academieportretten De impressionistische manier van werken kon hij in die portretten niet kwijt, des te meer in zijn vrije werk, waarin hij de beeltenis van vrienden en collega's vastlegde.Bas Roodnat (1981) "Strenge docent F.H. Bach was speelse schilder", in NRC Handelsblad, 24 juli 1981. Naast schilderijen op doek maakte hij kruiswegstaties en muurschilderingen in katholieke kerken in het noorden, oosten en zuiden van Nederland, waaronder de Onze Lieve Vrouw ten Hemelopnemingkerk (Beltrum), de Sint-Martinuskerk (Foxham), de Paterskerk (Groningen) en de Juvenaatskapel in Maastricht. Volgens een anekdote vertelde Bach zelf eens over dit werk: "Kruiswegstaties links. Kruiswegstaties rechts. Half Groningen heb ik er mee vol geschilderd. Portretten van de roomse potentaten. Altijd afdingen. Steeds op je geld wachten. Gierigheid en wijwater gaan hand in hand. Maar die ene deken heb ik als beul van Jezus afgebeeld. Iedereen herkende hem. Behalve hijzelf."Jean-Paul Franssens, "Kunst is kunst (3)" NRC Handelsblad, 14 februari 1994. Bach ontwierp verder ook communieplaten, vaandels voor katholieke organisaties en de tegeltableaus die in de hal van het hoofdstation in Groningen werden geplaatst. In 1904 nam Bach deel aan een ontwerpwedstrijd voor een monument ter herinnering aan dr. Herman Schaepman. Hij behaalde de tweede plaats, maar de jury oordeelde dat geen van de ontwerpen voor uitvoering in aanmerking kwam."Monument Mgr. dr. Schaepman", De courant, 13 mei 1905. De opdracht voor het Schaepmanmonument ging daarop naar Pierre Cuypers. Bach was lid van Arti et Amicitiae, waarmee hij ook exposeerde.Zie onder andere A.C. Loffelt, "Najaars-Tentoonstelling in Arti", Het nieuws van den dag, 14 november 1904; L. "Tentoonstelling van Arti", De Tijd, 14 april 1906. Hij toonde zijn werk daarnaast onder meer bij een tentoonstelling van het St. Bernulphusgilde in Nijmegen (1922),"De Christusfiguur in de Beeldende Kunst", Algemeen Handelsblad, 6 juni 1922. met Alida van Houten en Anco Wigboldus (1936) en solo (1939) bij het Kunstlievend Genootschap Pictura in Groningen"Pictura", Nieuwe provinciale Groninger courant, 30 oktober 1936; "Tentoonstelling van werken van F.H. Bach", Nieuwsblad van het Noorden, 9 februari 1939. en tijdens een tentoonstelling van Groninger schilders in het Belgische Luik (1951)."Groninger schilderkunst in Luik", Nieuwsblad van het Noorden, 7 maart 1951.
Van 1884 tot 1927 was Bach als docent aan Minerva verbonden. Tot zijn leerlingen behoorden Jan Altink, Nico Bulder, Johan Dijkstra, Albert Hahn, Johan Huizinga, Cornelis Jetses, Jan Gerrit Jordens, George Martens, Jacob Por, Jan Wiegers en Jan van der Zee. Bach wordt beschouwd als een der meest stimulerende docenten van de Academie Minerva. Hij week deels af van de academische traditie van het werken naar voorbeelden en nam zijn leerlingen mee naar buiten om en plein air te tekenen en schilderen. Hij raadde ze aan om nooit langer dan een half uur aan één schets te werken. In 1918 werd door een aantal oud-leerlingen de Groninger kunstkring De Ploeg opgericht, Bach exposeerde meerdere keren met hen. Bach vierde eind 1924 zijn 40-jarig ambtsjubileum bij Minerva. Wegens een door het Ministerie van Onderwijs, Kunsten en Wetenschappen opgelegde bezuiniging, kreeg hij per 1 september 1926 zijn ontslag, met toekenning van wachtgeld."Voordracht van Burgemeester en Wethouders, tot het verleenen van eervol ontslag aan den leeraar der Middelbaar Technische School e.a. F. H. Bach, met, toekenning van wachtgeld", Groninger Dagblad, 28 juli 1926. Een maand later kreeg hij voor het schooljaar 1926-1927 een tijdelijke aanstelling."Benoemingen", Nieuwsblad van het Noorden, 5 oktober 1926.
Bach overleed op negentigjarige leeftijd en werd begraven op het R.K. Kerkhof in Groningen. Over diens zelf ontworpen grafsteen schreef oud-leerling Johan Dijkstra: "Zonderling die hij ook was, liet hij tijdens zijn leven al zijn grafsteen maken: Op deze steen liet hij zijn geestelijk testament bouwen: de formule die hij had gevonden voor een nieuwe vorm voor de katholieke kerk."Johan Dijkstra (1956) "Franciscus Hermanus Bach † 29 mei 1865 - 22 januari 1956" in Nieuwsblad van het Noorden, 23 januari 1956 In 1965 werd in het Groninger Museum een herdenkingstentoonstelling gehouden.Johan Dijkstra en J. Bolten, "100 jaar geleden geboren F.H. BACH pittoreske figuur", Nieuwsblad van het Noorden, 9 oktober 1965. Het museum heeft ruim 300 schetsen, tekeningen en schilderijen van Bach in de collectie.
Enkele werken 1893-1896: Tegeltableaus in de hal van het Station Groningen, aan de westkant de Groningse stedenmaagd met aan weerszijden de Telegrafie en de Post (of het Stoomwezen), en haar overzijde de Arbeid en de Tijd. De tableaus werden uitgevoerd door plateelbakkerij Rozenburg.Wilfred van Leeuwen en H. Romers (1998) Een spoor van verbeelding : 150 jaar monumentale kunst en decoratie aan Nederlandse stationsgebouwen. Zutphen: De Walburg Pers. . p. 102-104. 1897: Museum van Natuurlijke Historie in Groningen, olieverfschilderij (59 x 41,5 cm), collectie Rijksuniversiteit Groningen.Museum voor Natuurlijke Historie. Schilderij van de Groningse schilder F.H. Bach. 1900: Ontwerp van een vaandel voor de 'Afdeeling voor uitkering bij ziekte' van de R.K. werkliedenvereniging St. Joseph.Afbeelding in de Beeldbank Groningen. 1901: Ontwerp van een boekenstander/-kastje van Amerikaans notenhout, uitgevoerd door leerlingen van het doveninstituut, aangeboden aan koningin Wilhelmina ter gelegenheid van haar huwelijk."Huwelijk van H. M. de Koningin", De nieuwe courant, 7 februari 1901. 1902: Schildering van de apsis en kruisweg (1907-1908) voor de Sint-Martinuskerk in Foxham. De kerk werd in 1991 aan de eredienst onttrokken, de staties zijn overgebracht naar de Onze-Lieve-Vrouw van Altijddurende Bijstandkerk in Ens. voor 1907: Muurschildering en kruisweg voor de Paterskerk in Groningen.Dirk de Vries Lam (1907), "Toegepaste kunst in Groningen" en "Toegepaste kunst in Groningen (vervolg)", Onze Kunst, jrg 6 (1907), p. 83-88 en 133-138. De kerk is in 1962 gesloopt. De staties zijn overgebracht naar de Sint-Martinuskerk in Warga. 1903-1916: Portretten van de hoogleraren H.J. van Ankum (1910), E. Baehrens (1906), F. de Boer (1909), P. de Boer (1905), F.J.P. van Calker (1914), G. Diephuis (1903), E.J. Diest Lorgion (1903), J.F. Eijkman (1916), A.P. Fokker (1909), B.J. Gratama (1903), F.J. van den Ham (1914), W.A. Hecker (1909), H.A. Kooyker (1904), N.K.F. Land (1904), W. Modderman (1904), H.E. Moltzer (1909), H.J. Polak (1909), W.A. Reiger (1912) en J. van Wageningen (1913) voor de senaatskamer in het Academiegebouw van de Rijksuniversiteit Groningen.Waar bekend wordt het jaar van vervaardiging vermeld, in een enkel geval is alleen het jaar van aanbieden zeker. Zie Oosterheert (2009). 1907: Portret van Hendrik Paulus Wijsman jr., Leids hoogleraar artsenijbereidkunde en toxicologie, collectie Icones Leidenses van de Universiteit Leiden. 1913 e.v.: Muurschilderingen voor de Heilig Hartkerk aan de Moesstraat in Groningen.Mieke van der Wal en Jan Jaap Heij (2024) "Het verdwenen levenswerk van F.H. Bach: de schilderingen in de Heilig Hartkerk in Groningen", in Groninger Kerken, jrg. 41, nr. 2 (2024), p. 6-17. De kerk is in 1994 gesloopt. 1921: Portret van de schilder Otto Eerelman, collectie Groninger Museum.Otto Eerelman, Groninger Museum. Eerelman had in 1922 een aantal van zijn werken aan de gemeente Groningen geschonken. Bach schonk daarop de gemeente het door hem geschilderd portret van Eerelman."Herdenking Otto Eerelman", Nieuwsblad van het Noorden, 5 oktober 1926. 1921-1922: Processie met de relikwieën van Sint Walfridus en Het aanleggen van de Wolddijk, wandschilderingen op panelen voor de Sint Walfridusschool in Bedum.Afbeeldingen van Processie met de relikwieën van Sint Walfridus en Het aanleggen van de Wolddijk bij het RKD. 1922-1923: Ontwerp van een vaandel voor de afdeling Groningen van de Nederlandse R.K. Bond van Transportarbeiders St. Bonifacius.Afbeeldingen in de Beeldbank Groningen. 1922-1927: Muur- en gewelfschilderingen in de Juvenaatskapel in Maastricht. 1926: Kruisweg voor de Sint-Franciscuskerk in Wolvega. 1929-1932: Schilderingen in het priesterkoor van de Onze Lieve Vrouw ten Hemelopnemingkerk in Beltrum.Bernice Crijns, Rutger Morelissen, Myriam Lewis, Evita Teeuw (2016) Muurschilderingen van F.H. Bach te Beltrum: een casus in het project Leren van restauratieve ingrepen van muurschilderingen uit de Moderne tijd (onderdeel van het Programma Erfgoed van de Moderne Tijd). Amersfoort: Rijksdienst voor Cultureel Erfgoed. 1936: Ontwerp van een vaandel voor de Groninger afdeling van de Algemene Rooms-Katholieke Ambtenaren (ARKA)."Het nieuwe vaandel van de ARKA : Vervaardigd door den heer F. H. Bach", Ons Noorden, 13 mei 1936. 1949: Zelfportret, krijttekening (48,5 x 39,7 cm), collectie Groninger Museum.
Galerij
Categorie:Nederlands kunstschilder