thumb|Gerry Anderson in 2009 Gerry Anderson, geboren als Gerald Alexander Abrahams (Bloomsbury, 14 april 1929 – Oxfordshire, 26 december 2012), was een Brits producer, regisseur en schrijver van inmiddels klassieke futuristische televisieseries die vooral gebruikmaakten van "supermarionation".

Zijn eerste tv-productie was de in 1957 uitgebrachte kinderserie The Adventures of Twizzle, gebaseerd op een kinderboekenreeks van de Britse schrijfster Roberta Leigh. Zijn beroemdste en succesvolste serie was Thunderbirds uit 1965–1966. Andersons productiebedrijf stond oorspronkelijk bekend als AP Films (later hernoemd tot Century 21 Productions) en werd geleid samen met zijn partners Reg Hill, John Read en zijn ex-vrouw Sylvia Anderson.

Anderson schreef en produceerde ook enkele films, maar die waren minder succesvol dan verwacht. Toen hij in de jaren zeventig met succes de overstap maakte naar live-actionproducties, stopte zijn lange succesvolle samenwerking met Lew Grades Incorporated Television Company (ITC).

Biografie Jonge jaren Hij werd geboren als Gerald Alexander Abrahams en groeide op in Kilburn, Noord-Londen.Simon Archer en Stan Nicholls, Gerry Anderson: The Authorised Biography, 1996. Zijn familie liet in 1939 hun achternaam veranderen in Anderson. Toen de Tweede Wereldoorlog uitbrak, nam Andersons oudere broer Lionel dienst bij de RAF, om vervolgens te worden overgeplaatst naar de Verenigde Staten voor training. Hij schreef vaak naar zijn familie. In een van zijn brieven noemde hij een militair vliegveld met de naam Thunderbird Field. Die naam bleef Anderson altijd bij.

Anderson begon na de oorlog zijn carrière in de fotografie. Hij ontwikkelde belangstelling voor filmmontage en ging werken bij Gainsborough Pictures, waar hij meer ervaring opdeed. In 1947 moest hij in militaire dienst. Daarna keerde hij terug bij Gainsborough, totdat deze studio in 1950 werd opgedoekt. Hij werkte toen freelance aan enkele films. In die tijd trouwde hij met Betty Wrightman, met wie hij twee kinderen kreeg.

Start van televisiecarrière Midden jaren vijftig ging Anderson als regisseur werken bij het onafhankelijke tv-productiebedrijf Polytechnic Studios. Hier ontmoette hij cameraman Arthur Provis. Nadat Polytechnic failliet was gegaan, richtten Anderson, Provis, Reg Hill en John Read in 1957 Pentagon Films op. De secretaresse Sylvia Thamm werd later Andersons tweede vrouw. Pentagon leek het niet te gaan halen, en Anderson en Provis vormden een nieuw bedrijf genaamd AP Films, met Hill en Read als partners. Anderson ging ook door met freelance regiewerk om geld te verdienen.

AP Films' eerste televisieserie was de productie voor Granada Television van The Adventures of Twizzle (1957–1958). Deze op jonge kinderen gerichte serie was bedacht door Roberta Leigh. Dit was Andersons eerste werk met poppen en de start van zijn lange en succesvolle samenwerking met poppenspeler Christine Glanville, special effectstechnicus Derek Meddings en componist Barry Gray.

Gedurende de productie van Twizzle kreeg Anderson een affaire met Sylvia Thamm. Hij verliet zijn vrouw en kinderen en trouwde met Thamm in november 1960. The Adventures of Twizzle werd gevolgd door een andere lowbudgetpoppenserie, getiteld Torchy the Battery Boy (1958–1959). Hoewel deze series Anderson beroemd maakten, vond hij het zelf maar niets om met poppen te moeten werken. Hij zag deze series dan ook enkel als opstapje naar live-actionfilm en -televisieseries.

AP Films' derde serie was de western-avonturenserie Four Feather Falls (1959–1960). Gedurende de productie hiervan verliet Provis het bedrijf (deels vanwege persoonlijke moeilijkheden met Anderson), maar het bedrijf behield de eerste jaren erna de naam AP Films. Four Feather Falls was de eerste van Andersons series waarin gebruikgemaakt werd van een vorm van supermarionation.

Ondanks APF's succes met Four Feather Falls, wilde Granada niet nog een serie. Daarom nam Anderson het aanbod van Anglo-Amalgamated Studios aan om voor hen de film Crossroads to Crime te maken. Dit was een lowbudgetmisdaadthriller die niet echt succesvol was. APF raakte in financiële problemen en het bedrijf zocht wanhopig naar een andere koper voor zijn poppenseries. Het werd gered toen Lew Grade, directeur van ATV, de serie wilde kopen. Dit was het begin van een lange samenwerking tussen Anderson en Grade, die zou leiden tot enkele van Andersons beste series.

Veranderingen binnen APF De nieuwe serie Supercar (1960–1961) werd gemaakt door Anderson en Reg Hill, en betekende het begin van enkele veranderingen binnen APF. Sylvia Anderson kreeg een grotere rol en werd partner binnen het bedrijf. De serie was ook het officiële debuut van supermarionation zoals die werd toegepast in latere Andersonseries. Dit systeem liet de marionetten er een stuk realistischer uitzien. Tevens werd tijdens de productie van Supercar een apart bedrijf opgericht genaamd AP Films (Merchandising) Ltd, dat alle merchandisingrechten van de APF-series had. APF's merchandising maakte hen tot wereldleider op het gebied van supermarionationseries. Er verschenen boeken, tijdschriften en speelgoed over de series. Daarmee werd de wereldwijde populariteit van APF gecombineerd met de marketing. Deze combinatie maakte APF tot een van de succesvolste merchandisingbedrijven.

APF's volgende serie was het futuristische Fireball XL5 (1962). Dit was het grootste succes tot dusver en de eerste serie van Anderson die ook werd verkocht aan een Amerikaans netwerk (NBC), iets dat voor Britse televisieprogramma's destijds zeldzaam was. Na deze serie bood Lew Grade aan om AP-films te kopen. Anderson twijfelde aanvankelijk, maar ging uiteindelijk akkoord.

Kort hierna begon APF met de productie van Stingray (1964), de eerste Britse kinderserie die geheel in kleur werd opgenomen. Voor nieuwe producties verhuisde APF naar een studio in Slough. Deze nieuwe studio gaf APF de mogelijkheid grote verbeteringen aan te brengen in de special effects, vooral de onderwaterscènes. Stingray was eveneens een groot succes.

Thunderbirds

APF's volgende serie was geïnspireerd op een mijnramp in Duitsland in oktober 1963. Deze ramp gaf Anderson het idee voor een serie over een hightechreddingsorganisatie. De serie, getiteld Thunderbirds, zou zijn grootste succes worden. De titel van de serie was afkomstig uit de brief van zijn broer Lionel over de luchthaven Thunderbird Field.

Grade was zeer enthousiast over het concept en ging akkoord voor het maken van afleveringen van 25 minuten. Daarmee begon Anderson met de productie van de pilotaflevering "Trapped in the Sky". De productie was al enkele maanden aan de gang toen Grade de 25 minuten lange versie van "Trapped in the Sky" te zien kreeg. Hij was dermate onder de indruk dat hij de lengte van een aflevering verdubbelde naar 50 minuten. Hij verhoogde het budget om de reeds gefilmde afleveringen te laten verlengen naar 50 minuten.

APF, inmiddels Century 21 Productions geheten, beleefde met Thunderbirds zijn grootste succes. De 32 afleveringen tellende serie was aanvankelijk niet echt succesvol in Amerika, doordat de serie daar maar op kleine schaal te zien was. Dit veranderde echter tijdens latere heruitzendingen.

Gedurende de productie van Thunderbirds kwam Andersons huwelijk onder druk te staan. Verder kreeg Andersons bedrijf een financiële tegenvaller te verduren toen de film Thunderbirds Are Go flopte. Anderson en Sylvia dachten erover om te gaan scheiden, maar zagen hiervan af toen Sylvia zwanger bleek te zijn. Hun zoon, Gerry Anderson jr., werd geboren in juli 1967. Rond diezelfde tijd werd ook begonnen met een nieuwe serie, Captain Scarlet and the Mysterons (1967), waarin poppen waren gebruikt die nog realistischer waren.

Century 21's tweede film, Thunderbird 6, was een nog grotere flop dan de eerste. De problemen zetten zich voort bij de volgende supermarionationserie, Joe 90 (1968). Deze serie was "kindvriendelijker", maar derhalve minder succesvol.

Live-actionproducties Andersons volgende project was de film Doppelgänger uit 1969 (ook wel bekend als Journey to the Far Side of the Sun), waarin live-actionbeelden waren gecombineerd met de special effects van de televisieseries. De film was een duistere, Twilight Zoneachtige sciencefictionserie over astronauten die een nieuw ontdekte planeet bezoeken aan de andere kant van de zon. De film was geen commercieel succes, maar werd vanwege de special effects wel genomineerd voor een Academy Award.

Na de film richtte Century 21 zich weer op televisieseries met de serie The Secret Service, een combinatie van live-action en supermarionation. Anderson putte hierbij inspiratie uit zijn liefde voor Britse komedies, vooral de komiek Stanley Unwin. De serie werd echter al voor de eerste uitzending stopgezet. Slechts 13 afleveringen werden geproduceerd, en die werden slechts in een paar delen van Engeland uitgezonden.

In 1969 begonnen de Andersons met de productie van UFO, Century 21's eerste volledig live-actiontelevisieserie. Aan de serie deed de Amerikaanse acteur Ed Bishop mee (die ook de stem van Captain Blue deed in Captain Scarlet and the Mysterions) als commandant Straker, het hoofd van een geheime organisatie die tot doel had buitenaardse invasies tegen te gaan. UFO was duidelijk op een ouder publiek gericht dan Andersons eerdere series. Hoewel de serie een groep vaste kijkers kreeg, was het geen internationaal succes zoals Thunderbirds. Het was de laatste serie die gemaakt werd onder het logo van Century 21 Productions.

De Bond die er nooit was Gedurende de productie van UFO werd Gerry Anderson benaderd door Harry Saltzman (destijds coproducer van de James Bondfilmserie met Albert R. Broccoli), die hem uitnodigde mee te helpen aan de productie van de volgende film, Moonraker. In samenwerking met Tony Barwick begon Gerry aan de productie. Hij richtte zich vooral op de actiescènes. Anderson schreef een eerste script en leverde dit af bij Saltzman. Saltzman was er enthousiast over, maar kwam toen met het nieuws dat hij en Broccoli hun samenwerking beëindigden. Anderson kreeg wel £3.000 ter compensatie.

Einde van de samenwerking Rond deze tijd verslechterde de relatie tussen de Andersons. Gerry, Sylvia en Reg Hill richtten samen het nieuwe bedrijf Group Three Productions op, maar Gerry wilde zijn vrouw niet betrekken bij zijn volgende project: de ITC-actieserie The Protectors. Dit was een van Andersons weinige niet-originele projecten. Lew Grade was zelf sterk betrokken bij het programma. De productie was lastig voor Anderson. Wel was de serie succesvol in zowel Amerika als Engeland.

Space: 1999 Na The Protectors kwam Anderson met tal van ideeën voor nieuwe series, maar hij kreeg deze niet van de grond. Een tweede serie van UFO werd gepland, evenals een terugkeer naar de oude supermarionationserie. Elementen van het geplande tweede seizoen van UFO werden uiteindelijk omgezet tot de nieuwe Space: 1999, destijds de duurste serie ooit qua productie.

De serie was wederom een futuristische sciencefictionserie. De hoofdrollen werden vertolkt door Martin Landau en Barbara Bain, die beroemd waren geworden door Mission: Impossible.

Scheiding Het huwelijk van de Andersons liep op de klippen gedurende de eerste serie van Space: 1999 in 1975.Sylvia Anderson, Yes M'Lady, Smith Gryphon, 1991. Na de scheiding verbrak Sylvia haar connecties met Group Three en om aan zijn financiële verplichtingen te voldoen, gaf Gerry Anderson zijn deel van de opbrengst van de APF/Century 21-series op. Dit was een beslissing waarvan hij later spijt zou krijgen, omdat toen pas bleek hoe succesvol de series bleven.