Deze pagina beschrijft de kwalificatie voor het Europees kampioenschap voetbal 1996. De kwalificatie begon op op 20 april 1994 met een wedstrijd tussen Noord-Ierland en Liechtenstein. Van de acht nummers 2 uit de verschillende kwalificatiegroepen plaatsten de beste zes zich direct voor het toernooi. De laagste twee (Nederland en Ierland) moesten in een play-off uitmaken wie het laatste ticket voor het EK kreeg. In vergelijking met vier jaar geleden plaatste alleen Zweden zich niet, het werd uitgeschakeld door Zwitserland en Turkije. Denemarken, Duitsland, Nederland, Frankrijk, Engeland, Rusland en Schotland waren er opnieuw bij en kregen gezelschap van Italië, Spanje, Roemenië, Bulgarije, Kroatië, Tsjechië en Portugal.

Gekwalificeerde landen right|260px|thumb| Land Kwalificatie alsDatum kwalificatie Eerdere deelnames aan EK1 01Gastland 015 mei 1992 41 (1968, 1980, 1988, 1992) 02Winnaar groep 1 0515 november 1995 11 (1984) 03Tweede groep 1 0715 november 1995 33 (1960, 1984, 1992) 04Winnaar groep 2 1215 november 1995 44 (1964,1980, 1984, 1988) 05Tweede groep 2 1315 november 1995 40 (1964, 1984, 1988, 1992) 06Winnaar groep 3 0211 oktober 1995 01 (Debuut) 07Tweede groep 3 1015 november 1995 01 (Debuut) 08Winnaar groep 4 1415 november 1995 01 (Debuut) 09Tweede groep 4 0915 november 1995 34 (1968,1980, 1988) 10Winnaar groep 5 0815 november 1995 30 (19604, 19764, 19804) 11Winnaar groep 6 1515 november 1995 1 (1984) 12Winnaar groep 7 0615 november 1995 60 (19722, 19762, 19802, 19842, 19882, 1992) 13Tweede groep 7 0315 november 1995 01 (Debuut) 14Winnaar groep 8 0215 november 1995 6 (19603, 1964, 19683, 19723, 19883, 19923) 15Tweede groep 8 0415 november 1995 1 1 (1992) 16Play-off 1613 december 1995 41 (1976, 1980,1988, 1992) 1 Een vetgedrukt jaartal betekent een kampioenschap tijdens dat toernooi 2 als West-Duitsland 3 Van 1960 tot 1988 speelde Rusland onder de naam Sovjet-Unie. 4 als Tsjecho-Slowakije

Groepen en wedstrijden Legenda

De winnaar van elke groep plaatste zich voor de eindronde, evenals de zes beste nummers twee. De andere twee nummers twee spelen een beslissingswedstrijd voor de laatste plaats in de eindronde.

Groep 1 Roemenië pikte de draad weer op na een toch enigszins onbevredigend WK, waar het prachtige wedstrijden speelde tegen Colombia en Argentinië, maar in de kwartfinales werd uitgeschakeld door het veel minder getalenteerde Zweden. Het team draaide nog steeds om de absolute leider Gheorghe Hagi, die na zijn succesvolle WK opnieuw werd getransfereerd naar een topclub, FC Barcelona. Na zijn eerdere falen bij Real Madrid werd het opnieuw geen succes, ook andere Roemeense uitblinkers als Ilie Dimutrescu redden het niet in het buitenland. Bij elkaar was het team nog steeds sterk genoeg om een rimpelloze campagne te voeren, voor het nieuwe voetbalseizoen won het vijf van de zeven wedstrijden en het kon zich veroorloven de campagne later rustig uit te spelen.

De andere favoriet in deze groep Frankrijk had het veel moeilijker, in de eerste zes wedstrijden werd maar twee keer gewonnen, de andere vier wedstrijden eindigden in een doelpuntloos gelijkspel. Frankrijk raakte zijn aanvoerder Éric Cantona kwijt, die in januari 1995 voor negen maanden werd geschorst, nadat hij spelend voor zijn club Manchester United een karatetrap uitdeelde aan een fan van Crystal Palace, die hem uitschold. Cantona zou nooit meer voor het nationale team uitkomen ondanks het feit, dat hij na zijn schorsing de absolute uitblinker was van Manchester United. Ook de artiest David Ginola en doelpuntenmachine Jean-Pierre Papin verloren hun plek in de nationale ploeg, Coach Aimé Jacquet koos voor de jeugd, waar de middenvelders Youri Djorkaeff en Zinédine Zidane de belangrijkste exponenten waren. Opvallend was, dat het Franse team gelijkenissen vertoonde met het grote team in de jaren tachtig: het middenveld was zeer sterk, maar de aanval miste stootkracht.

Dat gebrek was nog een aardig probleem in de beslissende fase van de kwalificatie, halverwege stond Frankrijk met tien punten uit zes wedstrijden gelijk met Polen en kwam in de thuiswedstrijd met 0-1 achter door een doelpunt van Andrzej Juskowiak. Het draaide stroef bij de Fransen en tot overmaat van ramp miste Bixente Lizarazu een strafschop. Uitschakeling was dichtbij, totdat invaller Yourri Djorkaeff gelijk maakte met een schitterende vrije trap. Daarna kwam het toch nog goed, het won met 10-0 van Azerbeidzjan (negen verschillende doelpuntenmakers) en won de uitwedstrijd tegen het al geplaatste Roemenië met 1-3 (Zidane en Djorkaeff scoorden allebei). Omdat Polen zijn kansen verspeelde met een 4-1-nederlaag tegen Slowakije kwam kwalificatie niet meer in gevaar. Frankrijk zag het aankomende EK vooral als een goede, generale repetitie voor het aankomende WK in eigen land.

PosLandWedWinGelVerDVDT+/-Pnt1 10 6 3 1 18 9 +9 212 10 5 5 0 22 2 +20 203 10 4 2 4 14 18 –4 144 10 3 4 3 14 12 +2 135 10 3 3 4 13 13 0 126 10 0 1 9 2 29 –27 1

Groep 2 Spanje had ook al een onbevredigend WK achter de rug, waar het in de kwartfinale ongelukkig werd uitgeschakeld door een fortuinlijk Italië. Het nam meteen het initiatief in de groep door twee duidelijke overwinningen op de twee enige concurrenten: 3-0 tegen Denemarken en 1-4 in Brussel tegen België. De Bask Javier Clemente vierde nog steeds de scepter bij de Spanjaarden en onder zijn leiding speelde de ploeg vooral stug en degelijk. Hij negeerde bijvoorbeeld de grote supertalenten van FC Barcelona en Real Madrid respectievelijk Iván de la Peña en vooral Raùl.

België liep al snel achter de feiten aan: zowel uit tegen Denemarken en thuis tegen Spanje nam het een 1-0-voorsprong dankzij Marc Degryse om in de tweede helft compleet in elkaar te storten. Tussendoor werd ook nog slordig puntverlies geleden: thuis tegen Macedonië werd het 1-1. België was veroordeeld tot een inhaalrace en herstelde zich met een gelijkspel in Sevilla tegen Spanje en een 0-5 zege in Macedonië. Omdat Denemarken ook slordig puntverlies leed (gelijke spelen tegen Macedonië en Cyprus) kon België in de thuiswedstrijd tegen Denemarken op gelijke hoogte komen.

Een blunder van doelman Gilbert Bodart en geschutter in de Belgische verdediging leverde tussen de 20e en de 21e minuut een onoverbrugbare achterstand op en de Belgen plaatsten zich voor de derde achtereenvolgende keer niet voor een EK, terwijl het altijd in die periode meedeed aan een WK. Europees kampioen Denemarken verzekerde zich opnieuw van een startbewijs en dreef vooral op de sterkte van de gebroeders Laudrup en de sterke doelman van Manchester United, Peter Schmeichel. Een echte kanshebber zagen de experts niet in deze ploeg, maar dat was ook het geval in 1992.

PosLandWedWinGelVerDVDT+/-Pnt1 10 8 2 0 25 4 +21 262 10 6 3 1 19 9 +10 213 10 4 3 3 17 13 +4 154 10 1 4 5 9 18 –9 75 10 1 4 5 6 20 –14 76 10 1 2 7 5 17 –12 5

Groep 3 Zweden was de grote favoriet in een niet zo sterke groep na de prima derde plaats in de Verenigde Staten. De trefzekere spitsen op dat WK Kenneth Anderson en Martin Dahlin gaven Zweden een 1-2-voorsprong in de uitwedstrijd tegen Zwitserland, maar in de slotfase stortte de anders zo degelijke ploeg in elkaar: 4-2. De volgende wedstrijd tegen Hongarije leverde een tragedie op ondanks de overwinning: sterspeler Tomas Brolin brak zijn been en zou nooit meer zijn oude niveau halen. Zonder Brolin verloor de ploeg van Turkije en Hongarije en met hem speelde Zweden met 1-1 gelijk tegen IJsland. Voor de beslissende fase van de kwalificatie was Zweden al kansloos. Het falen van de Zweden gaven Zwitserland en Turkije de gelegenheid zich voor de eerste keer te plaatsen voor een EK. Zwitserland was al een paar jaar aardig bezig, maar de kwalificatie van Turkije was een grote verrassing na jaren slechte prestaties. Grote man in de kwalificatie was spits Hakan Şükür, de spits van Galatasaray, die in de kwalificatie zeven keer scoorde.

PosLandWedWinGelVerDVDT+/-Pnt1 8 5 2 1 15 7 +8 172 8 4 3 1 16 8 +8 153 8 2 3 3 9 10 –1 94 8 2 2 4 7 13 –6 85 8 1 2 5 3 12 –9 5

Groep 4 Italië speelde in deze groep alleen maar tegen nieuwe landen, landen die vroeger deel uitmaakten van de Sovjet-Unie of Joegoslavië. Omdat in het verleden deze landen erg afhankelijk waren van de spelers uit Oekraïne of Kroatië had de UEFA de nieuwkomers bij de loting hoog ingeschat. Oekraïne had duidelijk een mindere lichting, begon de cyclus met een kansloze 0-2-thuisnederlaag tegen Litouwen en zou geen rol van betekenis meer spelen. Kroatië was een ander verhaal, de ploeg had een aantal sterren in huis zoals de kettingrokende middenvelder Robert Prosinečki (zowel bij Barcelona en Real Madrid geflopt), AC Milan-speler Zvonimir Boban en de topschutter Davor Šuker van FC Sevilla. Vooral Šuker maakte veel indruk met liefst twaalf doelpunten in tien wedstrijden. Voor het begin van het nieuwe voetbalseizoen had Kroatië al zes keer gewonnen in zeven wedstrijden en kon het de cyclus rustig uitspelen. Vooral de 1-2-overwinning in Palermo op Italië maakte veel indruk. Wanneer coach Miroslav Blaževic van deze unieke verzameling sterren een elftal kon maken, behoorde Kroatië tot de favorieten en kon het de droom van het oude Joegoslavië eindelijk waarmaken.

Dat Italië de finale haalde op het WK was maar aan één speler te danken: Roberto Baggio, die met sterke individuele acties indruk maakte. Baggio kwam echter geblesseerd terug uit de States en kwakkelde veel met blessures, vertrok daarna naar AC Milan, waar hij weinig succesvol was. Bovendien raakte hij in onmin van bondscoach Arrigo Sacchi,een relatie die al tijdens het WK onder druk stond. Italië begon de kwalificatie slecht met een 1-1 gelijkspel in Slovenië en een thuisnederlaag tegen de Kroaten. Door het gebrek aan tegenstand kwam kwalificatie niet echt in gevaar, ook al ging Sacchi voortaan verder zonder zijn vedette.

PosLandWedWinGelVerDVDT+/-Pnt1 10 7 2 1 22 5 +17 232 10 7 2 1 20 6 +14 233 10 5 1 4 13 12 +1 164 10 4 1 5 11 15 –4 135 10 3 2 5 13 13 0 116 10 0 0 10 3 31 –28 0

Groep 5 Na het WK nam Oranje definitief afscheid van de lichting die in 1988 Europees Kampioen werd. Spelers als Wim Jonk en Dennis Bergkamp moesten nu meer verantwoordelijkheid nemen, terwijl reserve Danny Blind de nieuwe aanvoerder werd. Ondertussen timmerden een heleboel jonge spelers aan de weg bij Ajax, waar coach Louis van Gaal bezig was een Europees topteam op te bouwen. Nederland begon de cyclus niet overtuigend met twee gelijke spelen tegen de enige concurrenten: 1-1 in Noorwegen en 0-0 in Rotterdam tegen Tsjechië. Coach Dick Advocaat kreeg een lucratief aanbod om PSV Eindhoven te coachen en vertrok in december 1994. Onder zijn leiding debuteerden de Ajax-talenten Michael Reiziger, Patrick Kluivert en Clarence Seedorf.

Guus Hiddink volgde hem op en kreeg meteen met tegengas te maken, van Gaal verbood de Ajax-spelers te spelen in een vriendschappelijke interland tegen Portugal, omdat het duel niet paste in het drukke speelschema van de Amsterdammers. Zonder de Ajax-spelers stelde de wedstrijd niets voor en Nederland verloor met 0-1. De eerste belangrijke wedstrijd was in Praag tegen Tsjechië. Dennis Bergkamp zegde af vanwege een mysterieuze blessure. Hiddink verbaasde met de opstelling, Ajax-reserve Peter van Vossen speelde in de spits. Nadat heel Nederland had genoten van een waanzinnige show van Ajax in de halve finale van de Champions League tegen Bayern München maakte dit Nederlands elftal een lauwe indruk. Het kwam nog wel voor rust op voorsprong (Wim Jonk), maar werd na rust overlopen door de Tsjechen, waarbij spits Tomáš Skuhravý de verdediging voor problemen bezorgde en de 3-1-nederlaag was een feit.