De aanval op Pearl Harbor was een verrassingsaanval door de Japanse Keizerlijke Marine onder leiding van admiraal Isoroku Yamamoto op de Amerikaanse marinebasis Pearl Harbor in Hawaï, op zondag 7 december 1941, om 17:55 UTC (op Hawaï in de ochtend, in Washington D.C. om 12:55 EST, in Japan in de vroege ochtend van maandag 8 december; hieronder wordt EST aangehouden). De aanval was bedoeld om het grootste deel van de vloot van de Verenigde Staten te vernietigen, zodat Japan vrij spel zou hebben in de Grote Oceaan.

Hierbij kwamen 2403 Amerikanen om het leven en vielen er 1282 gewonden. De verliezen aan de Japanse kant waren veel kleiner, 65 militairen kwamen om of werden verwond. Een Japanse matroos werd gevangengenomen.

De aanval kwam als een grote schok voor het Amerikaanse volk en leidde rechtstreeks tot de Amerikaanse betrokkenheid in de Tweede Wereldoorlog, zowel in de Stille Oceaan als in Europa. De volgende dag verklaarden de Verenigde Staten de oorlog aan Japan.

Voor de oorlog in Azië begon Op 27 september 1940 tekenden Duitsland, Japan en Italië een pact: het driemogendhedenpact. Hierin stond beschreven dat ze elkaars leidende positie in de nieuwe orde, de nieuwe wereld zoals zij die zagen, zouden erkennen. Ook beloofden ze elkaar militaire steun in het geval dat een van hen zou worden aangevallen.

Er waren al eerder pacten gesloten, maar dit was speciaal, omdat het een extra veiligheid betekende in het geval dat de Verenigde Staten van Amerika zouden deelnemen aan de Tweede Wereldoorlog. Iedereen was van mening dat deze oorlog spoedig wereldwijd zou worden. Duitsland had in 1938 Oostenrijk en Sudetenland al ingenomen en was in september 1939 Polen binnengevallen. De aanval op Polen leidde tot een reeks van oorlogsverklaringen die zou escaleren tot de Duitse aanval in westelijke richting op 10 mei 1940.

In 1940, tijdens de evacuatie uit Duinkerke, had het Verenigd Koninkrijk bijna al zijn militair materieel verloren en ook het aantal soldaten was sterk teruggelopen. Na een vraag om hulp ontvingen de Britten al spoedig materiële steun van de Verenigde Staten. Dit gaf al duidelijk aan aan wiens kant Amerika stond, maar officieel was het land nog steeds neutraal.

thumb|Voorpagina van Vlaams socialistisch dagblad Vooruit, 19 december 1941 In 1940 capituleerde Frankrijk, waarna Japan Indochina bezette, dat voorheen onder Franse controle viel. Ook Siam (het tegenwoordige Thailand) werd onder druk gezet om Japanse ‘protectie’ te aanvaarden. Als reactie hierop zetten Nederland en de Verenigde Staten hun olie-export stop. De Amerikanen deden echter nog meer: ze stelden embargo's in op sloopijzer, staal en vliegtuigbrandstof. Deze beperkingen sneden Japan af van de grondstoffen die het nodig had. Japan was door deze maatregelen bang voor gezichtsverlies en de bevelhebber van hun marine stelde: “Oorlog of Vrede is nu een kwestie van leven of dood.”

Omstreeks dezelfde tijd voelde Japan zich door de VS bedreigd, omdat de VS militair materieel aan het Verenigd Koninkrijk leverde (voor de strijd tegen Duitsland) en dus indirect (via het pact) aan een Japanse vijand. Om zich te verdedigen had de VS een basis nodig in de Grote Oceaan, omdat andere bases, die in de buurt van Japan lagen, te ver weg lagen om binnen korte tijd strategische doelen in Japan te bereiken. Daarnaast hadden ze ook een strijdmacht nodig om hun positie in de Filipijnen te beschermen.

De meest strategische positie voor een basis was Pearl Harbor, een haven in O'ahu, een eiland van Hawaï wat destijds nog een territorium en dus geen officiële Staat van de VS was. De Amerikanen stuurden een omvangrijke vloot naar het eiland. Deze was weliswaar sterk, maar bevatte niet alle schepen van de Pacifische vloot, omdat veel (vliegdek)schepen en vliegtuigen in de Atlantische Oceaan dienstdeden.

Het Amerikaanse ministerie van defensie had vanaf 1911 een geheim plan ontwikkeld, het War Plan Orange. Na de Japanse annexatie van Korea hield het Pentagon rekening met Japanse expansie richting de Filipijnen. Voor meer bescherming breidden de Amerikanen hun strijdmacht op de Filipijnen in juli 1941 uit met B-17-bommenwerpers. Ze hoopten zo een Japanse invasie te kunnen vertragen. Vervolgens zou de vloot vanuit Pearl Harbor opstomen, en ondertussen zouden de VS genoeg tijd hebben om een legermacht over te zetten naar de eilandengroep. Hoewel Plan Orange door de jaren steeds was bijgesteld, had men in Washington de snelle ontwikkeling van de Japanse onderzeevloot over het hoofd gezien of onderschat.

Op datzelfde moment verkeerde Japan in een slechte economische situatie en dacht het aan uitbreiding in de omringende landen, om zo het broodnodige geld te bemachtigen uit koloniën. Men wilde eigenlijk de leidende natie worden in Zuidoost-Azië, waarbij ze vooral geïnteresseerd waren in Nederlands Oost-Indië. Maar ook wilde Japan alle Britten, Nederlanders, Fransen en Portugezen in het Verre Oosten overheersen. In feite wilde Japan de gehele Stille Oceaan beheersen, en het was duidelijk dat de aanwezigheid van een Amerikaanse militaire basis in deze oceaan daarbij niet gewenst was.

In 1941 hadden de Japanners weinig te vrezen van Nederland of andere Europese landen, omdat die al hadden gecapituleerd voor de Duitsers en/of nog druk bezig waren hun land tegen de Duitsers te verdedigen. De enige macht die Japan nog in de weg stond om de Stille Oceaan te beheersen was de VS. Japan kon voor de VS een bedreiging vormen en daarom was het voor de Amerikanen niet wenselijk dat de Japanners een dergelijk groot gebied zouden gaan beheersen, waarbij tegelijkertijd zoveel militaire macht hoorde.

De Amerikaanse defensie, die uiteraard de dreiging van de Japanners voelde, maakte veel vluchten vanaf Pearl Harbor. Vooral ten noorden en noordwesten werd veel gepatrouilleerd. Er werd gevlogen tot een straal van ongeveer 560 km vanaf de haven. Door een tekort aan vliegtuigen boden deze patrouilles echter geen volledige bescherming.

De haven thumb|Foto vanuit een Japans vliegtuig kort na het begin van de aanval met Ford Island duidelijk zichtbaar Pearl Harbor ligt op meer dan 3600 km afstand van San Francisco en was populair bij de Amerikaanse zeelieden. Als de vijand een schip in de haveningang tot zinken zou brengen, was de basis onbruikbaar. Om open zee te bereiken had de vloot drie uur nodig. Als de vloot binnen was vormde ze, samen met alle voorraden en opslagplaatsen, een aantrekkelijk doelwit. Het volledig mobiliseren en laten uitvaren van de vloot zou echter vele miljoenen dollars kosten en geen bevelhebber wilde het risico lopen voor niets zo'n order te geven.

Admiraal James Richardson, bevelhebber van de basis in mei 1940, vond dat de schepen thuishoorden in veilige havens aan de westkust. Toen hij met zijn bezwaren naar president Franklin D. Roosevelt stapte, werd hij van zijn post ontheven en vervangen door admiraal Husband Kimmel .

Tijdlijn tot 7 december 1941 thumb|Remember December 7th" Amerikaanse propagandaposter over de aanval op Pearl Harbor door Japan van 1942 Al op 16 oktober 1941 waren de Amerikaanse media zich bewust van de dreigende situatie. Ze besteedden in hun nieuwsartikelen dan ook enige aandacht aan deze dreiging. De inwoners van Amerika voelden zich echter volledig beschermd door hun leger en besteedden weinig aandacht aan de artikelen. Henry Stimson, die op dat moment minister van defensie was in Amerika, was zich terdege bewust van de dreiging, want als reactie op de nieuwsartikelen sprak hij: “Het is nu een tijd om te wachten, zodat Japan de eerste stap kan doen, waarna wij ze direct kunnen aanvallen”.

Japan en Amerika waren nog steeds in onderhandeling met elkaar, maar dit wilde niet vlotten. Op 5 november werden zes boodschappen onderschept waarin stond dat de onderhandelingen met Amerika voor 25 november afgerond zouden moeten zijn.

De leider van de Japanse oorlogsoperatie, Yamamoto, wilde het hele Zuidelijke Pacifisch gebied in zijn macht krijgen en daarom ontwikkelde hij een strategie om Pearl Harbor, de Filipijnen en alle andere niet-Japanse plaatsen in dit gebied op hetzelfde moment aan te vallen. Zijn plan hiervoor presenteerde hij op 7 november en hij noemde het plan Z.

Plan "Z" thumb|De Z-vlag in de Slag bij Tsushima Niemand bij de Japanse marine kende Pearl Harbor beter dan Yamamoto. In zijn hut op zijn vlaggenschip Nagato hing een kaart van de basis waarop hij allerlei aantekeningen had gemaakt. Omdat alles op de basis met een vaste regelmaat verliep, kon hij weten wanneer hij daar de grootste scheepsconcentratie kon aantreffen. De luchtafweer was onvoldoende en hij geloofde dat een luchtaanval een grote kans van slagen had. Hij liet zich inspireren door admiraal Heihachiro Togo en noemde zijn plan naar diens Z-signaal tijdens de slag bij Tsushima (1905).

Daarbij wist hij dat vierentwintig Britse vliegtuigen op 11 november 1940 bij een aanval op de Italiaanse vloot in Tarente drie slagschepen tot zinken brachten met een verlies van slechts drie toestellen. Ook de Amerikanen onderkenden het belang van deze aanval, maar admiraal Kimmel weigerde anti-torpedonetten te installeren omdat die de bewegingsvrijheid van zijn schepen zouden hinderen.

Japanse tactiek thumb|Een Japanse Aichi D3A1 bommenwerper in actie right|thumb|Eerste deel van een toespraak van president Franklin D. Roosevelt op 8 december 1941, naar aanleiding van de aanval Yamamoto gaf er de voorkeur aan om eerst en vooral de slagschepen buiten gevecht te stellen omdat hij dacht dat dit een harde klap voor de Amerikanen zou betekenen. Toen hij zijn plan om Pearl Harbor aan te vallen met behulp van vliegtuigen die zouden opstijgen vanaf vliegdekschepen voorlegde aan kapitein Minoru Genda, een specialist in luchtaanvallen, kreeg hij de raad om de Amerikaanse vliegdekschepen aan te pakken omdat die de grootste bedreiging vormden voor de Japanse Keizerlijke Marine.

Japan beschikte over twee van 's werelds grootste vliegdekschepen: de Akagi (36.500 ton) die 91 vliegtuigen kon meevoeren (groter dan de Amerikaanse Lexington en Saratoga) en de 38.200 ton metende Kaga. Samen met de Hiryu, Soryu, Zuikaku en Shokaku telde de Japanse Keizerlijke Marine zes vliegdekschepen. Genda wilde ze alle zes bij de aanval inzetten (441 vliegtuigen in totaal) samen met een vooruitgeschoven strijdmacht van duikboten. Men gaf de voorkeur aan torpedo's, omdat deze krachtiger en nauwkeuriger zijn dan bommen.

Hoewel Yamamoto zelf het bevel bij de aanval wilde voeren, kon hij dit niet doen omdat hij te veel andere verantwoordelijkheden had. De keus viel op schout-bij-nacht Chuichi Nagumo. Hij was geen expert op het gebied van vliegtuigen, maar werd omwille van zijn anciënniteit aangesteld. Hij was ontsteld bij het horen van de verantwoordelijkheid van zijn taak, maar troostte zich met de gedachte dat de aanval misschien niet door zou gaan. Japan was immers nog niet in oorlog met de VS. Bovendien moest het plan nog worden goedgekeurd door het Japans opperbevel.

Twijfels bij het Plan Z Keizer Hirohito werd door zijn ministers en generaals in het ongewisse gelaten over hun concrete plannen om de Amerikaanse basis in Pearl Harbor uit te schakelen. Op 5 september 1941 stond de keizer prins Konoe audiëntie toe, waarin hij met afgrijzen vernam dat de voorbereidingen voor een oorlog voorrang kregen boven diplomatie. Hierop liet hij ogenblikkelijk enige hooggeplaatste officieren, generaal Sugiyama en admiraal Nagano, ontbieden om duidelijkheid te verschaffen. Zij verzekerden hem dat een diplomatieke oplossing nog steeds hun voorkeur had. De volgende dag, tijdens de Keizerlijke Conferentie, kwam de kwestie nogmaals ter sprake. Op de vraag of de voorbereidingen tot een oorlog de voorkeur kregen boven diplomatie, hielden Sugiyama en Nagano hun mond en lieten anderen het woord doen.