Osnabrück (Nederlands voorheen: Osnabrugge of Osenbrugge, Nedersaksisch: Ossenbrügge) is een Duitse stad en kreisfreie Stadt in de deelstaat Nedersaksen. De stad ligt aan de Hase, tussen het Teutoburgerwoud in het zuiden en het Wiehengebergte in het noorden. Osnabrück telt inwoners () en is daarmee de op twee na grootste stad van Nedersaksen. De stad heeft een oppervlakte van km².

Het is een van de twee steden waar in 1648 de Vrede van Westfalen werd gesloten (de andere stad is het nabijgelegen Münster), waarmee de Dertigjarige Oorlog werd beëindigd. Sinds 1974 is er een universiteit.

Geschiedenis Blijkens de aanwezigheid van hunebedden in de gemeente werd het gebied waar Osnabrück nu ligt al in de Jonge Steentijd door mensen bewoond.

Osnabrück heeft sinds 780 een rooms-katholieke bisschopszetel. Het bisdom Osnabrück werd als eerste Saksische bisdom gesticht door Karel de Grote. Rond de bisschopskerk ontwikkelde zich de nederzetting, die in 1147 voor het eerst als stad werd aangeduid. In 1157 kreeg Osnabrück van Frederik Barbarossa het recht zich met muren te versterken. Met het oog op de handel richtte Osnabrück met Münster, Minden en Herford in 1246 de Ladberger Marktbund op, de voorloper van de Westfaalse Stedenbond, die zich in de 14de eeuw bij de Hanze aansloot. Osnabrück was een Prinzipalstadt van de Hanze, waar vooral de lakenhandel belangrijk was. (2019): De Hanze: De eerste Europese handelsmacht, Uitgeverij Omniboek, Utrecht, , p. 134 In 1499 kon een rijke wijnhandelaar, wiens voorvaderen al een stenen toren om o.a. wijn in op te slaan, hadden gebouwd, deze toren uitbreiden tot de huidige Ledenhof. Totdat in 1512 het huidige raadhuis gereed kwam, was de raad gehuisvest in een (niet meer bestaand) gebouw aan de Markt, waar ook de linnenbeurs (Leinenlegge)Een Legge was in Nedersaksen en Westfalen de centrale plaats waar het in thuiswerk geproduceerde linnen door de makers ter keuring werd gelegd en daarna van een keurmerk voorzien. Het textiel werd vaak ter plaatse door groothandelaars opgekocht. Een Legge ontwikkelde zich zo tot marktplaats. De twee belangrijkste steden met een Leinenlegge waren Bielefeld en Osnabrück. Dit verschijnsel eindigde rond 1800 omdat de huisnijverheid plaatsmaakte voor industriële textielproductie. Het gebouwtje, waar de Legge van Tecklenburg was gehuisvest, bestaat nog. was gevestigd.

In 1543 werd de stad, met uitzondering van het als Hochstift onder apart kerkelijk gezag staande gebied rondom de Dom, evangelisch-luthers. Ook in Osnabrück vonden in de late 16e en de 17e eeuw veel mensen, die van hekserij beschuldigd werden, een gewelddadige dood. In diezelfde periode stierven in de stad veel mensen aan pestepidemieën en door oorlogsgeweld. miniatuur|links|Stadsgezicht van Osnabrück(1647), Matthäus Merian Tussen 1643 en 1648 vonden in Osnabrück en Münster de onderhandelingen plaats die leidden tot de Vrede van Westfalen en daarmee tot het einde van de Dertigjarige en de Tachtigjarige Oorlog. Voor Osnabrück zelf leidde dit ertoe dat de regerende prins-bisschop voortaan afwisselend rooms-katholiek en protestants zou zijn. De protestantse bisschop werd daarbij benoemd door de hertog van Brunswijk-Lüneburg. Het prinsbisdom werd, evenals de aparte bestuursstatus van het gebied rondom de Dom, in 1803 opgeheven en Osnabrück werd na de Franse tijd in 1813 aan Hannover toegewezen, waardoor het in 1866 Pruisisch en in 1871 Duits werd. Eind 2018 was ca. 28½ % van de bevolking van Osnabrück evangelisch-luthers en 31½ % rooms-katholiek. Na de komst van de spoorwegen in de late 19e eeuw was er een snelle groei van de industrie. Het Klöckner-concern opende een grote staalfabriek nabij de al eerder geopende steenkoolmijn op de Piesberg. De steenkoolmijn ging in 1898 al dicht, omdat de beste steenkoollaag uitgeput was; na de Tweede Wereldoorlog ging de mijn nog voor enkele jaren opnieuw in bedrijf. De staalfabriek moest in 1989 wegens onvoldoende rentabiliteit de poorten sluiten. miniatuur|Gedenkplaats voormalige synagoge (2004); deze werd tijdens de Kristallnacht (1938) verwoest Ook in Osnabrück was er tijdens de nazi-tijd een heftige jodenvervolging. De oude synagoge werd tijdens de Kristallnacht (1938) verwoest; van de 500 joden, die er voordien woonden, overleefde bijna niemand. De stad heeft weer een kleine joodse gemeente, die over een synagoge beschikt. Grote delen van de stad werden in de Tweede Wereldoorlog door geallieerde bombardementen verwoest, en na de oorlog, waar mogelijk in oorspronkelijke stijl, weer opgebouwd. In 1980 werd het 1200-jarig bestaan van de stad en het bisdom groots gevierd, met o.a. een door 140.000 toeschouwers bijgewoond bezoek van paus Johannes Paulus II aan Osnabrück.

Stadsdelen

De 23 stadsdelen met hun officiële nummering zijn: (stand: 31-12-2017): Stadsdeel-nr. Naam Oppervlakte(km²) Aantal inwoners inw./km² 1 Innenstadt (binnenstad) 1,71 9.561 5.590 2 Weststadt 3,18 9.626 3.030 3 Westerberg 4,93 10.108 2.050 4 Eversburg 2,98 8.578 2.880 5 Hafen (havenwijk) 4,06 2.678 660 6 Sonnenhügel 3,19 9.371 2.950 7 Haste 7,95 6.757 850 8 Dodesheide 4,49 10.108 2.260 9 Gartlage 1,44 3.729 2.590 10 Schinkel 2,33 14.410 6.180 11 Widukindland 2,76 4.965 1.810 12 Schinkel-Ost 2,92 3.536 1.220 13 Fledder 3,75 2.594 690 14 Schölerberg 3,64 14.672 4.030 15 Kalkhügel 3,02 6.298 2.090 16 Wüste 2,73 14.934 5.470 17 Sutthausen 4,42 4.701 1.060 18 Hellern 12,14 7.034 580 19 Atter 10,67 4.306 400 20 Pye 7,51 2.975 400 21 Darum/Gretesch/Lüstringen 14,34 8.114 570 22 Voxtrup 10,91 7.183 660 23 Nahne 4,75 2.268 480 Totaal: 119,80 164.374 1.410

Economie miniatuur|Steengroeve in de Piesberg met de noordelijke buurgemeente Wallenhorst en het Osnabrücker stadsdeel Pye miniatuur|Haarmannsbrunnen (1909), eerbetoon aan het beroep van mijnwerker, door een staalfabrikant aan de stad geschonken De stad ligt op een al eeuwen bestaand knooppunt van handelsroutes. Bovendien waren de heuvels in de omgeving rijk aan steenkool en andere delfstoffen. De aanwezigheid van helder water trok vanaf ca. 1800 veel, aanvankelijk via watermolens op de Hase werkende, papierfabricage aan. Er bestaan in de stad nog één grote fabriek van decor- en foliepapier e.d. (in stadsdeel Gretesch) en één kleine "gewone" papierfabriek.

Belangrijk is de autoindustrie. De vroegere fabriek van het in 2009 failliet gegane Karmann is doorgestart als een nevenvestiging van het Volkswagen-concern. In en om Osnabrück bestaan diverse kleinere toeleveringsbedrijven voor deze in stadsdeel Fledder gelegen autofabriek.

Van de mijnbouw op de Piesberg resteert alleen een steengroeve, waar zandsteen in dagbouw gewonnen wordt. Het Museum für Industriekultur op deze heuvel toont het verleden van de steenkoolmijnbouw.

In de stad is een fabriek alsmede het hoofdkantoor van het concern KME SE gevestigd, een dochteronderneming van Intek Group S.p.A. te Milaan. Het bedrijf maakt en verhandelt wereldwijd allerlei halfproducten voor ambacht en industrie, die van koper zijn gemaakt.

De handel is een economische factor van belang, alleen al, omdat de stad door honderdduizenden consumenten tot uit de wijde omgeving wordt bezocht om er te winkelen. Ook zijn er diverse grote transportbedrijven, en logistieke centra van (middel)grote ondernemingen gevestigd. Het hoofdkantoor van de op een na grootste keten schoenwinkels van DuitslandReno. Op 28 maart 2023 failliet gegaan.zetelt ook in de stad. Het hoofdkantoor van Piepenbrock, met 25.000 personeelsleden in heel Duitsland een van de grootste schoonmaakbedrijvenHet bedrijf verleent, volgens zijn eigen website, nog talrijke andere diensten voor eigenaren van gebouwen en terreinen, waaronder zgn. energie-management en klein onderhoud aan gebouwen. van het land, is ook in Osnabrück gevestigd. Op het gebied van financiële en commerciële dienstverlening valt o.a. een groot bedrijf, dat callcenters exploiteert op.

Osnabrück is ook een centrum van wetenschap en cultuur en een bestuurscentrum binnen de Rooms-Katholieke Kerk. Ook werken er veel ambtenaren, o.a. die van de Kreisverwaltung. Veel werkgelegenheid in de stad is te danken aan de talrijke ziekenhuizen, klinieken e.d. Tot ca. 2000 was de stad een belangrijke standplaats van onderdelen van de Bundeswehr. Veel kazernes zijn daarna gesloopt of herbestemd tot onder meer bedrijfsverzamelgebouwen en wooncomplexen.

De OsnabrückHalle, dicht bij het Schloss, aan de rand van de binnenstad, is een in 2016 voor het laatst gemoderniseerde congres-, evenementen- en beurshal, met een eigen hotel.

In de periferie van de gemeente zijn nog enige landbouwbedrijven te vinden.

De aanwezigheid van de historische, bezienswaardige stadskern brengt enig toerisme met zich mee.

Stadsbeeld Tijdens de Tweede Wereldoorlog werd de binnenstad getroffen door luchtbombardementen. Het noordelijke gedeelte van de Altstadt biedt een historische aanblik, gedeeltelijk door restauraties. Hier bevinden zich op korte afstand van elkaar twee pleinen: de Markt en het Domhof. Aan de Markt staan het gotische stadhuis (1512), waarin zich de historische Vredeszaal bevindt en verder de Stadswaag en de Mariakerk (St. Marienkirche). Aan het grotere Domhof staan de laatromaanse dom, die een gotische en een romaanse westtoren heeft en het Stadstheater, een gebouw in jugendstil uit 1909.

Kunst en cultuur miniatuur|Sankt Peter (de Domkerk) miniatuur|De Catharinakerk met 103 m hoge kerktoren miniatuur|Haus Tenge (1814) miniatuur|Domschat en museum van het diocees miniatuur|Heger Tor, monument Slag bij Waterloo miniatuur|Het Stadstheater aan de Domhof

Bezienswaardigheden Monumentale gebouwen Het tussen 1487 en 1512 gebouwde, laatgotische raadhuis, waar in 1648 de Westfaalse Vrede (met name de vrede tussen Zweden en de protestantse en katholieke Duitse vorsten en Frankrijk, dus het einde van de Dertigjarige Oorlog) werd gesloten, fungeert nog als raadhuis. Aan het begin van de Tweede Wereldoorlog had men het interieur veiligheidshalve elders opgeslagen; geen overbodige maatregel, want het gebouw brandde op 13 september 1944 bijna geheel af na een geallieerd bombardement op de stad. In 1948, 300 jaar na de beroemde vrede, werd het geheel gerestaureerde raadhuis weer in gebruik genomen. Bij het raadhuis staan diverse standbeelden van o.a. Karel de Grote en andere Duitse keizers; deze dateren van het einde van de 19e eeuw. De Domkerk in laatromaanse stijl, die een gotische en een romaanse westtoren heeft. Mariakerk (St. Marienkirche), dichtbij het oude raadhuis De gotische rooms-katholieke Johannes-de Doperkerk (Johanniskirche) (1256-1292) met binnen o.a. een fraai altaarretabel uit 1512 De laatgotische evangelisch-lutherse Catharinakerk, met 103 m hoge kerktoren, gebouwd 1543, na verwoesting in de Tweede Wereldoorlog herbouwd in 1950, na instortingsgevaar gerenoveerd in 1992, met fraai interieur Het Schloss (bisschoppelijk paleis) uit 1673, thans universiteit De Ledenhof (deels 15e-eeuws), schilderachtig voormalig stadskasteeltje ten noorden van het Schloss, nu kantoor van een federale Duitse overheidsinstantie, die onderzoek doet naar vredesvraagstukken Van de middeleeuwse stadsomwalling zijn enkele delen bewaard gebleven, waaronder de Bucksturm, een stadstoren, die in de middeleeuwen als gevangenis dienst deed en daarna als plaats, waar vermeende heksen werden opgesloten en gemarteld (hierover is in de toren een bescheiden expositie te zien). De poort Hegertor is kort na de Slag bij Waterloo van 1815 vervangen door een gedenkpoort voor de Duitse soldaten, die aan deze slag deelnamen. De toren Bürgergehorsam (1519) diende als gevangenis voor dieven en plegers van andere kleine vergrijpen. Langs het riviertje de Hase zijn enkele stukken van de oude stadsmuur bewaard gebleven. Haus Tenge, gebouwd in 1813/14 als woon- en kantoorpand voor een rijke koopman, herbergde tot 2018 een restaurant, dat twee Michelin-sterren had. Het pand staat (2020) te huur. Het is de bedoeling, hier weer een exclusief restaurant in te vestigen.