De Gentsevaart is een historisch, intussen verdwenen kanaal tussen de Belgische gemeente Stekene en het Zuid-Nederlandse Hulst. De Gentse Vaart werd aangelegd op instigatie van Filips IV van Spanje, koning van de Spaanse Nederlanden, bij octrooi van 18 maart 1628. Dergelijk octrooi of koninklijke toelating was noodzakelijk als men tol wilde heffen. Als verlengde van de Stekense Vaart was de Gentse Vaart een 13 kilometer lang onderdeel van de toenmalige historische waterweg tussen Gent en Hulst.Henk Knoester, De Moervaart in het zuidelijke Hulsterambacht, Watergangen tijdens de zestiende en zeventiende eeuw, Tijdschrift voor Waterstaatsgeschiedenis, 29:2 (2020), p. 37-48 Op een figuratieve kaart van het Waasland en Hulster Ambacht van 1656, gedrukt door Peter Verbist, werd de Gentsevaart daarom ook aangeduid als De Nieuwe vaert van Hulst. Zij werd voornamelijk gebruikt voor het transport van turf. Deze turf werd gewonnen in de veengebieden ten oosten van Hulst.

De Gentsevaart liep ten zuiden van Hulst tussen de Clingepolder aan de oostzijde en de Absdalepolder aan de westzijde naar Sint Jansteen en Kapellebrug. In Kapellebrug lag over de vaart een brug. De brug lag ter hoogte van de toenmalige Kapel Onze Lieve Vrouw ter Eecken. Het dorp Kapellebrug heeft hier zijn naam aan te danken. Vanaf de kapel liep het kanaal richting het gehucht Tromp in Kemzeke, deelgemeente van Stekene, waar het aansloot op de Stekense Vaart en vanaf Moerbeke-Waas de Moervaart waarover Gent bereikt kon worden.

De Gentse Vaart werd gedempt en vormt nu de gewestweg N403 in België en de rijksweg 60 in Nederland.

De naam Gentse Vaart wordt ook wel gebruikt om andere waterwegen naar Gent aan te duiden zoals de Sassevaart en het Kanaal Gent-Brugge.

Categorie:Kanaal in Zeeland Categorie:Geografie van Hulst Categorie:Geschiedenis van Hulst