De Nenetsen, Nentsen (Russisch: ненцы; nentsy) of Joeraken (oudere benaming) genoemd, zijn een inheems volk in het noorden van Rusland. Volgens de statistieken van de Russische volkstelling van 2010 woonden er toen 44.640 Nenetsen in Rusland. Ongeveer 22.000 van hen spreken nog hun oorspronkelijke taal, het Nenets, maar dit wordt langzamerhand vervangen door het Russisch. De Nenetsen worden tot de Samojeedse volkeren gerekend (sprekers van Samojeedse talen), waartoe ook de Enetsen, Selkoepen en Nganasanen behoren.

Naam De eigenbenaming in het Nenets is n'enyts (meervoud: n'enytsja), wat "man" betekent. In sommige Nenetsische plaatsen wordt de benaming hasaba (eveneens "man") gebruikt. Oude namen voor de Nenetsen zijn Joerak-Samojeden, Samojeden of Joeraken. De naam Joeraken is afkomstig van het Zurjeense (Komi) woord jaran, waarmee de Samojeden werden aangeduid. Deze naam is op zijn beurt waarschijnlijk weer afgeleid van Jar; de naam voor de Toendrafamilie op het Jamal. De naam Joerak-Samojeden kwam via de Komi in het Russisch terecht en vandaar in vele buitenlandse talen. Ook na de naamswijziging in de Sovjet-Unie, wordt deze naam nog veel gebruikt buiten het Russische taalgebied. De naam Samojeed komt waarschijnlijk uit het Selkoeps. De Selkoepen duiden namelijk met samatu of somatu hun buurvolk de Enetsen aan. Hiervan ligt de oorzaak waarschijnlijk bij de Enetsische Madustam, die door hun buren werden aangeduid als samatu of somaut.

Het volk wordt voor het eerst genoemd in de Nestorkroniek uit de 10e eeuw, waarin Nestor de Kroniekschrijver de Samojeden aanduidt als de bondgenoten en buurvolk van de Oegriërs. Missionaris J. S. Vater gebruikte de stamnaam Hasaba in 1787 in zijn fabel Vada Hasovo ("de taal van de Nenetsen").

De naam Nenetsen werd oorspronkelijk alleen voor de noordelijke groep gebruikt, maar wordt sinds de jaren twintig van de 20e eeuw voor de hele bevolkingsgroep gebruikt.

Verspreidingsgebied thumb|400px|Globale verspreidingsgebied van de Nenetsen binnen de 3 autonome districten in 2006 (voor specifieke situatie, zie hier) De Nenetsen wonen in het centrale gedeelte van de leefgebieden van de Samojeedse volken. Dit zijn de poolgebieden van Noord-Oost-Europa en Noord-West-Siberië, van het schiereiland Kanin ten oosten van de Witte Zee in het westen tot de monding van de Jenisej in het oosten. Een aantal Nenetsen woont ook op het eiland Kolgoejev en op Nova Zembla. Bestuurlijk gezien woont het grootste deel in de autonome districten Nenetsië (binnen de oblast Archangelsk in Noordoost-Europa) en Jamalië (binnen de oblast Tjoemen in Noordwest-Siberië, ook wel Jamal-Nenetsië genoemd). Een kleinere groep woont in het voormalige autonome district Tajmyr (of Dolgan-Nenetsië) binnen de kraj Krasnojarsk.

Het leefgebied is vooral gelegen op de toendra en de bostoendraovergangszone en wordt gekenmerkt door permafrost, veel rivieren en uitgestrekte moerassige gebieden. Langs de Ob spreiden de Nenetsische nederzettingen zich uit tot aan de Siberische taigazone.

De Nenetsen kunnen op basis van de economische bestaanswijze en vermenging met andere volken worden opgedeeld in 3 groepen: de Toendra-Nenetsen in het uiterste noorden; de Bos-Nenetsen of Chandejar in de zuidelijkere gebieden; de "gekominiseerde Nenetsen" of Jaranen, die zich hebben vermengd met de Komistam Izjma.

De Toendra-Nenetsen zijn verreweg de grootste groep. De Bos-Nenetsen bestaan uit ongeveer 1500 personen.

Geschiedenis Oorsprong De herkomst van de Samojeedse volkeren, waartoe de Nenetsen behoren, is onduidelijk. Volgens sommigen splitsten ze zich af van volken die Finoegrische talen spraken rond 3000 v.Chr., waarna ze naar het oosten zouden zijn gemigreerd en zich vermengd zouden hebben met Turks-Altajse volkeren rond de 2e eeuw v.Chr..Voor een aantal andere hypothesen, zie het Russische artikel in Arktika Segodnja: Гипотезы о происхождении ненцев ("Hypotheses met betrekking tot de oorsprong van de Nenetsen")

Gedurende de eerste eeuwen na Chr. splitsten de Samojeedse volkeren zich in een noordelijke en een zuidelijke tak. De noordelijke tak, waartoe de Nenetsen behoren, trok naar de poolgebieden ten oosten en westen van de Oeral, waarbij ze mogelijk de lokale Arctische volkeren, zoals de Saami, Selkoepen en Ketten assimileerden. Fonds voor de ondersteuning van strategische studies en investeringen van het Federaal District Oeral Население Ямала: Народы Ямала, их языки и диалекты ("Bevolking van Jamal: Volken van Jamal, hun talen en dialecten") In de eeuwen daarop raakten de Nenetsen onderhevig aan lokale invloeden. In noordwestelijk Europa kwamen ze in contact met hun buren, de Oegrische volkeren. Hun reizen voerden hen soms tot aan het Onegameer en de gebieden van de Wepsen.

thumb|Nenetsisch gezin (± 1860)

Invloeden van buitenaf: Novgoroders en Tataren In het begin van de 13e eeuw kwamen de Europese Nenetsen onder invloed te staan van de Republiek Novgorod, waaraan ze vervolgens tot de 15e eeuw schatting moesten betalen. De Siberische Nenetsen kwamen pas in de 14e eeuw in contact met de Russen. Door de opkomst van Wolga-Bulgarije moesten alle Nenetsen daarnaast ook van de 14e tot de 16e eeuw schatting betalen aan de Siberische Tataren.

Inlijving in Rusland: Conflicten in Europa Nadat de Russische legers van tsaar Ivan IV van Rusland in 1552 de hoofdstad Kazan van het kanaat Kazan veroverden en Jermak het kanaat Sibir had verslagen, deden de Russen hun intrede in Noord-Siberië en daarmee ook het oostelijke gebied van de Nenetsen. Toen de ostrog Krasnojarsk in 1628 werd gebouwd, stonden alle Samojeedse volkeren onder Russische invloed. Net als bij veel andere volkeren werd bij de Samojeedse volkeren de jasakbelasting ingevoerd, wat ook hier veel weerstand opleverde. Er waren regelmatig opstanden tegen het Russische tsarendom, dat zijn invloed alleen indirect deed gelden via lokale Nenetsische heersers. De Samojeden plunderden konvooien van de gehate corrupte belastinginners en vielen Russische vestingen in Noord-Rusland aan. De belangrijkste Russische steunpunten in die tijd waren Berjozov, Poestozjorsk en korte tijd ook Mangazeja. Poestozjorsk werd tussen 1662 en 1746 zes keer aanvallen, waarvan de laatste aanval in 1746 uitmondde in een grote aanval op het fort van de plaats. Een grote groep Nenestische aanvallers werd daarbij door een leger uit Archangelsk gevangengenomen en geëxecuteerd. Door de komst van de Russen leerden de Nenetsen ook met vuurwapens omgaan.

Nenetsische samenleving thumb|Nenetsisch kind in traditionele kleding De Samojeedse economie was in die tijd gebaseerd op het houden van rendieren, de visserij en het jagen op zeezoogdieren. Hun samenleving was gebaseerd op clanstructuren, die elk hun afgebakende weide-, jacht- en visgebieden en nomadische routes hadden. Sommige Nenetsen vestigden zich in kleine landbouwgemeenschappen. Voor het hoeden van de rendieren en voor het trekken van de sleden werd een speciaal soort hondenras ontwikkeld, dat later bekend werd als de Samojeed en dat later door de Russen ook voor poolexpedities werd gebruikt vanwege hun aanpassing aan het arctische klimaat. Het rendier vormde het belangrijkste onderdeel van de bestaanswijze van de nomadische Nenetsen. Daarnaast maakte ook vis een belangrijk deel uit van hun dagelijks dieet.

Het geloof van de Nenetsen was gebaseerd op sjamanisme en animisme, waarbij respect voor het land en zijn hulpbronnen werd bepleit. De Nenetsische sjaman werd Tadibya genoemd en werd geclassificeerd naar spirituele trouw en functie en naar ervaring.

Intrede van het christendom In de 18e eeuw begonnen missionarissen van de Russisch-Orthodoxe Kerk te evangeliseren onder de Samojeden. In 1824 startte een speciaal op de Samojeden gerichte grootschalige bekeringsactie, hetgeen gepaard ging met pogingen tot onderwijs aan Nenetsische kinderen aan parochiescholen in de plaatsen Bolsjaja Zemlja, Kanin en Timan. In die tijd zouden volgens aardpriester Venjamin, het hoofd van de missionarispost, 3.300 Nenetsen in Europa tot bekering zijn gebracht. Nenetsen die zich niet wilden bekeren vluchtten naar West-Siberië, waarbij naar verluidt hun goden werden verbrand en vernietigd, wat weer leidde tot haat en wrok onder de Nenetsen. In 1846 stichtte een geestelijke genaamd Popov een school in Obdorsk, waar ook enkele Nenetsen studeerden. De bekering tot het christendom kon hen afhelpen van de status van inorodtsy en hen aan het Russische burgerschap helpen. Er vonden echter geen christelijke initiatieven vanuit de Nenetsische gemeenschap zelf plaats. Ook wist het alfabetisme lange tijd geen voet aan de grond te krijgen bij de Nenetsen.

Alcoholproblemen en handelsschulden Naast het christendom en vuurwapens brachten de Russen gereedschappen en handelswaren mee, waarvan de alcoholische dranken een serieus probleem gingen vormen. Ook meegenomen, voor de Nenetsen onbekende, ziekten eisten hun tol. Tot de 19e eeuw waren de Nenetsen vooral afhankelijk van het lokale land, maar vanaf die tijd begonnen handelaren steeds belangrijker te worden en nam de afhankelijkheid van de Nenetsen van verhandelde goederen toe. De handelaren maakten hier op grote schaal misbruik van en eisten extreem hoge prijzen voor basisgoederen zoals thee, suiker, meel, tabak en buskruit voor de geweren. Door de verslaving aan de alcohol liepen de schulden aan dergelijke handelslieden onder sommige Nenetsen al snel hoog op. Het kwam regelmatig voor dat Nenetsen nog huiden betaalden voor de schulden die hun vaders en grootvaders hadden gemaakt.

Conflicten in Siberië Door het afslaan van de aanval op het fort van Poestozjorsk was de weerstand van de Nenetsen in Europa gebroken. In Siberië ontstonden echter ook onrusten door de gedwongen kersteningen, de extreem hoge belastingen en de uitbuiting door handelaren. Met name in de 19e eeuw kwamen de Nenetsen daar regelmatig in opstand, waarvan de bekendste opstand plaatsvond van 1825 tot 1840 tussen de rivieren Ob en Taz onder leiding van Vavljo Nenjang (ook wel Vaoeli Piettomin of "Nenjaga"). Deze rendierherder vocht niet alleen tegen de Russische handelaren en belastinginners, maar ook tegen de rijke Nenetsische en Chantische boeren en prinsen in het gebied, waarvan hij de rendieren afhandig maakte en deze vervolgens aan de armere Nenetsen gaf. Hierdoor werd hij later door de Sovjets gebruikt als een "vroeg voorbeeld van klassenstrijd". Nationaal museum van Estland Eva Toulouze Adaptational Models of Intellectuals among Northern Peoples Paragraaf The personalities inside the model In januari 1841 leidde hij een aanval van ruim 400 Nenetsen op Obdorsk, maar werd gevangengenomen en veroordeeld tot de katorga in Oost-Siberië, waar hij stierf.

Gedwongen verplaatsingen en vestiging van andere volken In de jaren zeventig van de 19e eeuw werd een gedeelte van de Nenetsen door de tsaristische regering gedwongen zich te hervestigen op Nova Zembla, die op deze manier de Noren buiten dit gebied probeerde te houden. Tegelijkertijd werden ook de plaatsen op het schiereiland Kola bevolkt door Russen en andere volken uit het Russische Rijk.

Sovjet-Unie: collectivisatie