Giselle, ou les Wilis, vaak ingekort tot Giselle, is een ballet uit de romantiek in twee bedrijven. Het stuk ging in première op 28 juni 1841 in de Opéra Garnier in Parijs. Giselle vertelt het verhaal van een volksmeisje dat tot in de dood aan haar liefde vasthoudt. De oorspronkelijke choreografie is van Jean Coralli en Jules Perrot op muziek die Adolphe Adam voor het ballet componeerde. Het libretto is geschreven door Théophile Gautier en Jules-Henri Vernoy de Saint-Georges. Zij lieten zich inspireren door de legende van de Wili's uit De l'Allemagne van Heinrich Heine.

Giselle is het laatste ballet uit de 19e eeuw dat mannelijke dansers een significante rol toebedeelt. Het is ook het enige bewaard gebleven ballet dat strikt binnen de stijlperiode van de romantiek valt. Gautier schreef het ballet voor Carlotta Grisi, die als eerste de titelrol danste. In een productie van 1911 door de Ballets Russes vertolkte Tamara Karsavina de rol van Giselle. Beide uitvoeringen waren een groot succes. Tot op vandaag is Giselle een van de meest populaire balletten.

Verhaal 1e bedrijf Aan beide zijden van het podium staat een rieten woonst. In de achtergrond bevindt zich een kasteel. Ochtend breekt aan.

Giselle, een jonge boerin, is verliefd op Albrecht. Albrecht is eigenlijk van adel en verloofd met Bathilde, de dochter van de hertog. Wanneer hij Giselle ontmoet, vertelt hij haar niet wie hij echt is. Hij beweert dat hij een dorpsjongen is en Loys heet. Albrecht verblijft in de hut tegenover die van Giselle om dichter bij haar te zijn. Hij verleidt Giselle en doet net of er niets aan de hand is. Hilarion, een jachtopziener, houdt ook van Giselle. Hij is jaloers op Albrecht. Op een dag vindt Hilarion zijn rivaal in conversatie met een fraai geklede schildknaap, die buigt wanneer Albrecht vertrekt. Dit wekt bij Hilarion argwaan op.

Albrecht en Giselle ontmoeten elkaar. Zij vertelt hem over een kwade droom waarin hij in prinselijk gewaad een edelvrouw huwde. Albrecht probeert haar angsten te verdrijven, maar Giselle vindt bevestiging in het plukken van bloemblaadjes, vergezeld van een "hij houdt van me, hij houdt niet van me". Albrecht herhaalt de test en verzekert zich van het goede antwoord. Hierna brengt het koppel een pas de deux die hun vreugde en liefde uitdrukt. Hilarion ziet de twee en wordt jaloers. De mannen gaan bijna vechten. Dan komt een groep dorpsmeisjes langs. Ze zijn op weg om druiven te plukken. Giselle overtuigt hen om te dansen. Giselles moeder is ongerust om haar dochters passie voor dansen. Zij waarschuwt dat ze zichzelf nog eens de dood in danst.

thumb|left|300px|Giselle verkozen tot Koningin van het wijnseizoen Hoorngeschal in de verte kondigt de komst van een jachtpartij aan. Albrecht, bang om herkend te worden, moedigt de dorpsmeisjes aan om het werk te hervatten. Hij volgt hen naar de wijngaarden. Intussen sluipt Hilarion de hut van Albrecht binnen op zoek naar bewijs voor Albrechts nobele komaf. De jachtpartij verschijnt met daarbij prinses Bathilde, Albrechts verloofde. De prinses en haar gevolg zoeken verfrissing, die Giselle aanbiedt. Giselle bewondert Bathildes rijke tooi. Ingenomen door Giselles gratie en eenvoud, schenkt Bathilde haar een halssnoer. Ze biedt aan om Giselle in haar gevolg op te nemen. Giselle antwoordt dat ze enkel wenst te dansen en door Albrecht bemind te worden. De prinses en haar vader, de hertog, trekken zich terug in Giselles woonst.

Albrecht en de druivenplukkers keren terug. Onder algemene festiviteit wordt Giselle verkozen tot Koningin van het wijnseizoen. Dan komt Hilarion op. Hij vond het met edelstenen bezette zwaard en de luxueuze mantel van Albrecht. In een jaloerse maar triomfantelijke razernij onthult hij zo de nobele komaf van Albrecht. Hilarion blaast op een hoorn zodat de jachtpartij zou terugkeren. Bathilde en haar vader komen naar buiten en vinden Albrecht in boerenkledij. Giselle herkent nu Bathilde als de dame uit haar droom. De ontdekking doet haar haar zinnen verliezen. Ze grijpt het zwaard en stoot het in haar zij. Na een waanzinnige dans valt ze dood neer.

2e bedrijf Een vochtig en mistig woud. Aan een zijde, onder een cipres, staat een graf met marmeren kruis. Enkele lichtflitsen onthullen de naam op het graf: Giselle.

Hilarion verschijnt aan het hoofd van een groep jagers. Ze zoeken beschutting tegen de aankomende storm. Hilarion vertelt de legende van de Wili's, geesten van bedrogen vrouwen die 's nachts elke man die ze in het bos tegenkomen laten dansen tot hij doodvalt. De groep wordt bang en bij het slaan van een kerkklok vluchten ze allen in paniek. Uit het riet langs een donkere poel komt langzaam een jong meisje naar boven. Het is Myrtha, de koningin van de Wili's. Met een gracieuze en melancholische dans roept ze de overige Wili’s uit hun graf op. Myrtha houdt haar scepter dramatisch boven het graf en langzaam komt ook Giselle tevoorschijn. Een ster wordt op haar hoofd geplaatst en aan haar schouders verschijnen vleugels. Dol van geluk om de bevrijding uit haar graf, danst ze in extase.

Geplaagd door spijt komt Hilarion naar Giselles graf. De Wili's omsingelen hem en laten hun spreuk los. Hilarion danst tot hij van uitputting in de poel valt en verdrinkt. Vervolgens verschijnt Albrecht om bloemen op Giselles graf te leggen. Giselle pleit voor zijn leven, maar de koningin weigert te luisteren. Ze beveelt Giselle om voor Albrecht te dansen zodat ook hij bezeten wordt van een fatale waanzin. Giselle maakt zich kenbaar door Albrecht de bloemen aan te bieden. Ze haalt hem over om zich aan het kruis op haar graf te hechten. Toch raakt hij zo betoverd door haar dans dat hij loslaat en meedanst met zijn geliefde. Net op tijd zet de dageraad in, die de spreuk van de Wili's breekt. Albrecht is gered. De Wili’s verdwijnen. Ondanks Albrechts pogingen om haar vast te houden, wordt ook Giselle naar haar graf getrokken. Langzaam keert ze terug naar de aarde en enkel de herinnering aan haar liefde blijft.

Personages right|250px|thumb|Tamara Karsavina en Vaslav Nijinsky als Giselle en Albrecht (Ballets Russes, 1910)

De volgende personages zijn van belang in Giselle: Giselle - Eenvoudig boerenmeisje dat verliefd wordt op Albrecht. Albrecht - Graaf en doet zich voor als dorpsjongen Loys. Hilarion - Plaatselijke jachtopziener en aanbidder van Giselle. Berthe - Moeder van Giselle. Berthe wil dat Giselle trouwt met Hilarion. Bathilde - Dochter van de hertog. Zij vertelt Giselle dat ze verloofd is met Albrecht. Myrtha - Koningin van de Wili's. Zij roept de Wili's op na middernacht.

Giselles eenvoud blijkt uit haar keuze voor het plukken van bloemblaadjes om Albrechts liefde te testen, eerder dan een eed. Ook de verontwaardiging om Hilarions gedrag en haar verwondering om Bathildes jurk benadrukken haar komaf. In het tweede bedrijf blijft haar naïviteit zichtbaar in het pleidooi bij Myrtha. De emotionele climax voor Giselle komt halfweg het ballet, bij de waanzinnige dans en de sterfscène. Haar zelfdoding is cruciaal voor de ontwikkeling en interpretatie van de rol. Mime: The Theory and Practice of Expressive Gesture with a Description of its Historical Development (1957), J. Lawson Het is de enige daad waarmee ze actief haar eigen lot bepaalt. Het maakt ook dat ze op ongewijde grond begraven wordt, waar Myrtha macht over haar heeft. In het tweede bedrijf speelt Giselle een actieve rol in het redden van Albrecht. Wanneer ze moet dansen, geeft dit een tweede climax in de spanning tussen haar liefde voor Albrecht en de gevolgen van het eerste bedrijf.

De rol van Albrecht draagt sporen van de serieuze minnaar uit de commedia dell'arte. Net zoals veel mannelijke dansers in de rol van een edelman gedraagt hij zich waardig en leeft hij de etiquette na. Hij drukt zijn liefde voor Giselle helder uit met conventionele gebaren en een ingehouden passie.

Choreografie thumb|250px|Carlotta Grisi en Lucien Petipa dansen de pas de deux als Giselle en Albrecht De originele choreografie bij Giselle is van Jean Coralli. De meeste tot zelfs alle dansen voor de ballerina zijn echter van de hand van Jules Perrot, Grisi’s echtgenoot. Four Centuries of Ballet: Fifty Masterworks (1984) K. Lincoln Perrot koppelde de choreografie voor de ballerina aan de leidmotieven in Adolphe Adams muziek. Duidelijk afgebakende bewegingen worden daarbij herhaald met wijzigingen die de fysieke en mentale karakterontwikkeling van Giselle uiten. De traditionele choreografie die we vandaag kennen, is voornamelijk afgeleid van de reconstructies die Marius Petipa in de late 19e en de 20e eeuw opvoerde met het Mariinskiballet. Het stuk bevat in het eerste bedrijf een aanzienlijk deel conventionele mime. Het tweede bedrijf bestaat volledig uit dans. De choreografie zelf is samengesteld uit een aantal eenvoudige bewegingen, passen en poses. De uitdrukking in een romantisch-klassieke danstechniek laat lyrische en vrije beweging toe, maar beperkt dansers wel tot een stijl en periode van ballet.

Variaties en rollen In het eerste bedrijf heeft Giselle een bekende variatie (solo) waarbij ze een hele diagonaal lang op één pointe springt en vervolgens een manege van pirouettes draait. Deze rol vergt veel van een ballerina. Eerst is ze vrolijk en gretig naar de liefkozingen van Albrecht. Nadien is ze totaal geobsedeerd door het verraad. Het tweede bedrijf vraagt om tederheid en een spookachtige onbereikbaarheid. De naïeve aard van Giselle blijkt uit de reeks passen bij haar leidmotief: ballotté, ballotté, ballonné, coupé-jeté. Allemaal zijn het eenvoudige passen waarmee een ballerina oefent. Vlak voor haar dood voert Giselle diezelfde enchaînement uit, maar dan 'markeert' ze de passen in plaats van ze degelijk uit te voeren. In het tweede bedrijf neemt de choreografie voor Giselle afstand van de basistechniek, met onder meer poëtische beweging van de armen. Carlotta Grisi maakte de rol van Giselle populair. Sindsdien is het een begeerde rol voor ballerina's. Approach To The Ballet (1948), A.H. Franks Een afwijking van de standaard interpretatie van Giselle levert doorgaans controverse op.

Een tweede bekende variatie is de aanval op Albrecht door de Wili's. Daarbij worden veel bourrees gebruikt. De rol van Albrecht vraagt om vitaliteit en een beheersing van mime. Met de choreografie voor Albrecht en Hilarion is Giselle het laatste ballet uit de 19e eeuw om mannelijke dansers een prominente plaats in het stuk toe te kennen. Het wijkt daarmee af van de trend in romantisch ballet om alle aandacht aan de ballerina te schenken. Perrot wist dat hij buiten Parijs de rol van Albrecht kon dansen en zette daar ook dit deel van de choreografie naar zijn hand, vastberaden om de traditie van mannelijke dansers te handhaven. The Beauty of Ballet (1989), F. Hall

Ook de rol van Myrtha vereist een sterk uithoudingsvermogen. Haar lange variatie waarmee het tweede bedrijf begint, is zwaarder dan een doorsnee mannenvariant.

Latere toevoegingen Na de eerste repetities in de Parijse Opera voegde choreograaf Jean Coralli een pas de deux toe op muziek aangepast van Friedrich Burgmüllers suite Souvenirs de Ratisbonne. Deze pas de deux, die als de pas des paysans ('boerenpas') bekendstaat, is deel van de traditionele uitvoering van Giselle. Supplement to the Complete Book of Ballets (1952), C.W. Beaumont Voor een voorstelling van Carlotta Grisi met het Mariinskiballet in 1850, liet Jules Perrot een compositie opstellen door Cesare Pugni voor een nieuwe pas de cinq in het eerste bedrijf. Nadat Grisi uit Sint-Petersburg vertrekt, werd dit deel nooit meer opgevoerd. Cesare Pugni: A Plea For Justice (1983), I. Guest