De Midi-overschuiving (Frans: Faille du Midi, breuklijn van het zuiden) is een belangrijke geologische breukzone aan de noordrand van de Ardennen. Het is een grote overschuiving waarlangs tijdens de Hercynische orogenese het Devoon en Carboon van het Bekken van Dinant over het Massief van Brabant en het Bekken van Namen naar het noorden schoven. De breukzone dagzoomt ongeveer van Charleroi tot Luik als een rechte lijn door het landschap. Verder naar het oosten of westen is de breuk afgedekt door recentere (vooral Mesozoïsche) sedimenten. Naar het oosten voorbij Luik gaat de breuk over in de Akense overschuiving.
De Midi-overschuiving is onderdeel van het Varistisch/Hercynisch front, de noordgrens van het gebied dat beïnvloed is door de Hercynische orogenese.
In de hangende wand ten zuiden van de breuklijn, in de eigenlijke Ardennen, liggen Devoon en Carboon van het Bekken van Dinant aan het oppervlak. De Midi-overschuiving loopt onder het Bekken van Dinant door en kan daarom beschouwd worden als een listrische breuk. In de voetwand ten noorden van de lijn ligt de Condroz, waar de sokkel van het Cambrium, Ordovicium en Siluur dagzoomt als zuidelijke flank van een nauwe synklinale structuur ('synclinorium'). De kern van deze synklinaal wordt gevormd door het Devoon en Carboon van het Bekken van Namen, dat bovenop het Massief van Brabant ligt.
Het Massief van Brabant was tijdens de Hercynische orogenese een hard stuk van de korst waartegen naar het noorden verschoven eenheden als het ware plat gedrukt werden.
Andere namen Eifelbreuk overschuivingsbreuk van de Condroz
Categorie:Tektonische structuur Categorie:Geologie van Wallonië