Oostvleteren is een dorp in de Belgische provincie West-Vlaanderen en een deelgemeente van Vleteren. De kern Oostvleteren ligt in het noorden van de gemeente. Helemaal in het noorden van Oostvleteren ligt het kleine gehuchtje Elzendamme, langs de IJzer. Oostvleteren was een zelfstandige gemeente tot aan de gemeentelijke herindeling van 1977.
De dorpskern van Oostvleteren ligt iets ten oosten van de huidige verbindingsweg N8 en is geleidelijk in oostelijke richting langs de weg Westvleteren-Reninge uitgegroeid.
Geschiedenis Vleteren werd voor het eerst vermeld in 806, als Fletrinum. In 1076 werd Vleteren verdeeld in twee parochies: Westvleteren en Oostvleteren.
Er lagen op het grondgebied van Oostvleteren twee heerlijkheden: Vleterna en Ten Broucke. Ten Broucke was onder andere in bezit van de familie Van Haveskerke. In 1571 werd Filips van Sint-Aldegonde heer van Oostvleteren.
Demografische ontwikkeling
Bronnen:NIS, Opm:1831 tot en met 1970=volkstellingen; 1976 = inwoneraantal op 31 december
Bezienswaardigheden De parochie en kerk zijn genoemd naar Sint-Amatus. Het is de enige Belgische parochie met deze patroonheilige. De laatgotische Sint-Amatuskerk dateert uit de 15de eeuw en bevatte nog oudere delen. In 1977 werd de kerk door een brand vernield maar heropgebouwd. De Meestersmolen, een houten staakmolen uit omstreeks 1760, oorspronkelijk gebouwd te Gijverinkhove en in 1973 ontmanteld, gerestaureerd en opnieuw opgebouwd te Oostvleteren. Buiten het centrum ligt De Zonnegloed, een kleine dierentuin. Diverse bunkers, door de geallieerden opgericht tijdens de Eerste Wereldoorlog.
Natuur en landschap Oostvleteren ligt op de grens van de IJzerpolders en Zandlemig Vlaanderen. Ten westen van Oostvleteren loopt de Poperingevaart die ten noordwesten van de kom, bij Elzendamme, in de IJzer uitmondt. De hoogte van de kom bedraagt ongeveer 5 meter.
Politiek Oostvleteren had een eigen gemeentebestuur en burgemeester tot de fusie van 1977. Burgemeesters warenTijs Goethals, Gemeentearchief Vleteren: 1796-1799: Pierre François Maieur 1799-1800: Jean Pillaert (agent municipal) 1800-1804: Jean Pillaert (1800: dienstdoend) 1804-1815: Jean Philippe Hopsomer 1815-1820: Pierre Albert Marlyn 1820-1825: Albert Victor Maieur (1820: dienstdoend) 1825-1830: Joannes Baptiste Ignatius Lambin 1830-1859: Joannes Baptiste Criem 1859-1861: Carolus Ludovicus De Puydt (dienstdoend) 1861-1867: Josephus Benedictus Poupart 1868-1869: Carolus Ludovicus De Puydt (dienstdoend) 1870-1884: Carolus Ludovicus Decroos 1884: Amandus Ludovicus Dequeker (dienstdoend) 1884-1897: Remi Louis Marie De Boo 1897: Charles Vandenberghe (dienstdoend) 1897: Eduard Verfaillie (dienstdoend) 1897-1900: Charles Vandenberghe 1900-1903: Remi Louis Marie De Boo 1903-1906: Emilius Augustus Cornelis Decroos (1903: dienstdoend) 1906-1910: Charles Vandenberghe (1906-1908: dienstdoend) 1910-1911: Eduard Verfaillie 1911-1940: Achiel Garmyn (1911: dienstdoend) 1940-1941: Jules Decroos (dienstdoend) 1941-1944: Omer Dehaene 1944-1946: Achiel Garmyn 1947: Hector Gesquiere 1947-1959: Maria Smis 1959-1976: René De Meester
Nabijgelegen kernen Westvleteren, Hoogstade, Reninge, Woesten
Categorie:Plaats in West-Vlaanderen Categorie:Vleteren (België)