Laurent Garnier (Boulogne-Billancourt, 1 februari 1966) is een Frans technoproducer en dj. Hij wordt gezien als een belangrijke pionier bij het opbouwen van de Franse dancescene.
Garnier begon als dj aan het eind van de jaren 80 in de beroemde club Hacienda in Manchester in het Verenigd Koninkrijk, maar is sinds de vroege jaren 90 vanuit zijn eigen land actief. Sinds die tijd treedt hij over de gehele wereld op in clubs, op festivals, grote en kleine raves, warehouse-party's en in radio-uitzendingen.
Gedurende de jaren profileert hij zich steeds breder als artiest en betrekt hij ook diverse muzikanten bij zijn optredens. Garnier haalt zijn invloeden uit diverse muziekstijlen. Hij weet daarmee subgenres als deephouse, (Detroit-)techno, acid house, trance en jazz te verbinden.
Garnier is een open en uitgesproken persoonlijkheid, die geregeld zijn mening over de muziekscene en de maatschappij deelt met zijn publiek.
Zijn bekendste werken zijn de nummers Acid Eiffel (1993), Crispy Bacon (1997) en The Man with the Red Face (2000). Platen die hem soms tegen wil en dank achtervolgen. Het album Unreasonable behaviour (2000) wordt gezien als zijn beste en succesvolste album.
Jeugd Garnier groeit op in de Boulogne-Billancourt, een voorstad van Parijs. Zijn ouders runnen een bedrijf dat kermisattracties verhuurt. De band met zijn vader is slecht. In interviews laat hij zich later zeer negatief over hem uit.
Garnier’s voorliefde voor dj's en dansmuziek ontstaat wanneer hij dertien is. Met zijn homoseksuele oudere broer bezoekt Laurent in die tijd geregeld stiekem gayclubs. Garnier raakt onder de indruk van de discocultuur van dat moment. Al snel wil hij dj worden, maar die ambities vinden geen steun bij zijn ouders. Wel begint hij zijn eigen piratenstation in zijn slaapkamer.
Wanneer Garnier zestien is, gaat hij een beroepsopleiding volgen in de catering. In 1984, hij is dan achttien geworden, gaat hij daarmee aan het werk als bediende bij de Franse ambassade in Londen. Voor Laurent is deze buitenlandse job een manier om zijn dienstplicht te ontlopen. Wonend in Londen geniet Garnier na zijn werkdagen van het nachtleven. Zijn favoriete club is de Mud Club, waar Mark Moore een vaste stek heeft.
In 1986 heeft hij het in Londen wel gezien en gaat hij met zijn zus in Manchester wonen om daar als restaurantmanager te gaan werken. Hier ontdekt hij de club de Hacienda. Als hij in 1986 de plaat Love Can't Turn Around van Farley Jackmaster Funk voorbij hoort komen, maakt hij kennis met housemuziek. Hij is direct verkocht. Het kost hem twee maanden de plaat te bemachtigen, omdat het populaire nummer steeds uitverkocht blijkt. Hij raakt daarna steeds meer bevangen door de opkomende dancescene. Garnier weer zelf ook een plek als dj in de Hacienda te veroveren, nadat hij een demobandje aan de juiste persoon heeft gegeven. Hij werkt in die periode onder de naam DJ Pedro. Die naam wordt hem toegewezen omdat de eerste avond waar hij moet draaien in Spaanse stijl is, en hij verder toch geen bekendheid heeft op dat moment. De periode daarna staat hij er op de woensdagavonden naast Mike Pickering.
In 1988 keert hij uiteindelijk weer even terug naar Frankrijk om toch zijn dienstplicht te vervullen. Daardoor mist hij de zomer van dat jaar, waar housemuziek definitief doorbreekt in het Verenigd Koninkrijk. Als hij in 1989 terugkeert in Manchester krijgt hij daarom het gevoel de boot gemist te hebben. Na nog zes maanden in Manchester te hebben doorgebracht is voor hem de lol er vanaf. Hij woont daarna nog een korte tijd in New York maar keert al snel terug naar Frankrijk.
Franse pionier De opkomst van de house en techno blijkt, tot zijn grote teleurstelling, in zijn geboorteland nog niet doorgedrongen te zijn. Hij neemt daarom zelf het initiatief om een scene op te bouwen. Hij begint samen met zijn jeugdvriend Eric Morand dansavonden te organiseren in de Rex club in Parijs. Deze Wake up-party's in de club lopen van 1992 tot 1995 en geven diverse dj's van over de wereld voor het eerst een podium in Frankrijk. Vaak staat hij ook de pers te woord en zoekt hij de publiciteit op om dancemuziek te promoten. In deze periode reist hij nog geregeld naar het Verenigd Koninkrijk, waar hij vanwege zijn reputatie nog steeds boekingen krijgt.
Garnier begint ook met het maken van eigen platen. Zijn eerste single is Who cares van het project French Connection, een samenwerking met de Britse producer Ian Bland, die hij kent uit zijn tijd in Manchester. Een zeer invloedrijke rol krijgt hij ook als hij betrokken raakt bij het opzetten voor een dancedivisie van het Franse muziekbedrijf Fnac, waar hij ook via Morand in terechtkomt. Op dit label brengt Garnier enkele singles en ep's uit. Zo verschijnen de Stronger By Design EP (1992), A Bout De Souffle EP (1993) en de Planet House EP (1993). Hij wordt bij de productie af en toe bijgestaan door Ludovic Navarre (St Germain). Hij maakt ook remixen voor Vernon, Moby en Kevin Saunderson.
Garnier weet zichzelf als producer in de kijker te spelen als onderdeel van de gelegenheidsformatie Choice, een eenmalige samenwerking tussen de producers Laurent Garnier, Didier Delesalle (Shazz), en Ludovic Navarre. In de studio van Delesalle neemt het drietal de Paris EP op. Bij de opnames produceren ze in eerste instantie enkele tracks, waaronder From The Arch en 78 op. Wanneer deze opnames klaar zijn blijft het drietal het gevoel hebben dat de ep toch nog een nieuw en ander soort nummer zou moeten hebben. In de studio van Navarre nemen ze daarna in een sessie van meer dan negen uur het nummer Acid Eiffel op. Acid Eiffel is een dromerige acid-symfonie die bijna een kwartier duurt en valt uit de toon bij de meeste technoplaten van die tijd. Zijn labelpartner Eric Morand vindt de track mooi maar twijfelt aan de mate waarin het bij het label past. Maar als het publiek na een try-out, waarin het nummer de volle dertien minuten wordt afgespeeld, in applaus uitbarst, rent Morand naar de dj-booth om te melden dat de plaat moet worden uitgebracht. Ook Derrick May is enthousiast als hij het nummer hoort en laat het opnieuw uitbrengen op een van zijn labels. Mede daardoor groeit Acid Eiffel uit tot een klassieker.
Garnier werkt in 1994 ook samen met een combinatie van de Berlijnse artiesten System 01 en Dr. Motte. Dat levert het nummer Mind Sensations op.
In 1994 verlaten Garnier en Morand Fnac en gaan ze verder op het eigen F-Communications-label. Op dit label lanceert Garnier in 1994 zijn debuutalbum Shot in the dark, waarop vooral dansbare techno staat. Dat krijgt een vervolg op de Club Traxx EP (1995), waarop ook een samenwerking met Jack De Marseille staat.
Met Pascal F.E.O.S. vormt hij eenmalig het project Dune, waarvan de The Alliance EP (1994) verschijnt.
Technoartiest miniatuur|Laurent Garnier in Parijs in 2005 In 1997 profileert Garnier zich iets breder als het album 30 verschijnt. Het verwijst naar zijn 30e jaar, dat hij geheel nodig had om het album op te nemen. Hier gaat hij soms de meer experimentele kant op. stijlen als triphop en ambient worden niet geschuwd. De dansliefhebbers worden tevreden gehouden met de dansbare track met de bijzondere naam Crispy Bacon. Garnier bedenkt de titel omdat hij het nummer vergelijkbaar vindt met het geluid van bakkend spek in een pan. Het verkeerde gebruik van het Engels, doet Jeff Mills, die de track remixt, vragen waar die vreemde titel vandaan komt. Na uitleg corrigeert hij, dat de track dan eigenlijk Sizzling Bacon zou moeten heten, maar het maakt Garnier juist meer vastberaden de oorspronkelijke naam aan te houden. Het nummer Flashback is een ode aan de in 1996 overleden producer Armando. Het album won de prijs voor beste danceplaat bij de Victoires de la musique. Hij was daarmee de eerste die deze onderscheiding in de wacht sleepte. Bij de uitreiking van de prijs speelde hij Acid Eiffel in een symfonische versie met een violist en een percussionist naast zich.
In 1998 brengt hij het verzamelalbum Early works uit, waardoor tracks van vroegere ep's, en drie remixen voor een groter publiek beschikbaar zijn geworden. Zijn niet aflatende inzet voor de Franse dancescene begint in die jaren vruchten af te werpen. Vanaf 1996 breekt een nieuwe generatie Franse danceartiesten door in het kielzog van Daft Punk en Motorbass. Toch blijft het soms nog vechten tegen de bierkaai. Bij een interview in 2000 beklaagt hij zich nog over het gebrek aan steun door de culturele wereld van zijn land.
In de late jaren negentig mindert hij het aantal dj-sets en begint hij zich steeds meer als live-artiest te profileren. Hij is onder de indruk van Britse acts als Orbital en Underworld, maar twijfelt een tijd lang of hij in staat is een dergelijke act op te bouwen. Zijn zakenpartner Eric Morand trekt hem over de streep. Als hij in 1998 op het Montreux Jazz Festival staat komt hij op het idee om jazz in zijn muziek te verwerken.
Eind 1999 verschijnt de single The Sound of the Big Babou. De titel is een knipoog naar een radioproducer die hem deze bijnaam heeft gegeven. Het is een voorbode van het album Unreasonable behaviour (2000), dat het hoogtepunt van zijn roem zal betekenen. Het album is toegankelijker dan 30 en heeft naast een aantal sterke dansnummers dromerige en futuristische soundscapes. Ook wordt op enkele nummers opnieuw de brug met jazz gezocht. Het grote voorbeeld daarvan is het nummer The Man with the Red Face, waarop Philippe Nadaud de saxofoon speelt. Als Nadaud in de studio de saxofoonbijdrage speelt fokt Garnier hem op door via een koptelefoon steeds te melden dat het niet goed genoeg is en harder moet. De uithalen die hij daarmee produceert vormen de belangrijkste basis van het nummer. De titel van het nummer slaat op het rood aangelopen gezicht van Nadaud tijdens de sessie. De single The Man with the Red Face groeit uit tot een klassieker en komt in enkele landen zelfs in de hitlijsten. Het nummer komt in 2017 zelfs nog ludiek in het nieuws als een Spaans straatorkest er een eigen versie van speelt in Madrid.
Een ander opvallend nummer is Greed, dat een protest is tegen het illegaal verspreiden van muziek en andere content waarop het auteursrecht zit via het internet. Voor de promotietournee bouwt Garnier een liveshow met verschillende muzikanten die hem begeleiden. Daarmee verruilt hij de clubs steeds vaker voor festivals. In het jaar 2000 staat hij op vele festivals zoals Pinkpop en Rock Werchter.
Unreasonable behaviour is een groot commercieel succes en in oktober van 2003 zijn er al 250.000 exemplaren van verkocht. Het album en de tournee hebben het meeste succes in België. Op Rock Werchter treedt hij voor een 70.000 lieden tellend publiek op en het album bereikt de elfde plaats in de Ultratop 200 Albums. Iets dat voor een technoartiest in 2000 nog zeldzaam is. In 2001 moet hij zijn tournee echter opschorten wegens ernstige gehoorproblemen. Volgens artsen dreigt Garnier doof te worden als hij zo doorgaat. Daarom moet hij het een geruime tijd rustiger aandoen.
Experimenten Na Unreasonable behaviour volgen enkele jaren met uiteenlopende activiteiten. Een remix van Silver Screen (Shower Scene) (2001) van Felix da Housecat vindt gretig aftrek op diverse compilaties.
Garnier is een tijd bezig met een webradiostation (Pedrobroadcast) waarvoor hij zijn oude alter ego DJ Pedro weer uit de kast haalt. Op het station maakt hij voor zijn fans zijn immense muziekcollectie beschikbaar. Het station is ook opgericht als protest tegen de grote radiostations die in de ogen van Garnier te risicoloos en commercieel draaien.