Shiji (Historische verslagen), ook bekend als Taishigong shu (Optekeningen van de hofhistoriograaf), is het eerste Chinese werk dat de gehele Chinese geschiedenis beschrijft. Het boek heeft een buitengewoon grote invloed gehad op de Chinese literatuur in het algemeen en de Chinese historiografie in het bijzonder. Het werk is begonnen door Sima Tan en is na diens dood voltooid door zijn zoon Sima Qian. Het werk vormt zijn magnum opus. De datum van voltooiing is onbekend, maar ligt na 99 v.Chr. Shiji begint bij de Gele Keizer (Huangdi), de eerste van de mythische Vijf Oerkeizers en loopt door tot in de regering van keizer Wudi (r. 140-87 v.Chr.) van de Han-dynastie en tijdgenoot van Sima Qian. Het gehele werk omvat 130 juan en bevatte volgens Sima Qian 526.500 karakters. Het boek diende als voorbeeld voor alle latere officiële dynastieke geschiedenissen en wordt dan ook beschouwd als het eerste werk van die reeks.

Historiografische vernieuwing Sima Qian paste een historiografische vernieuwing toe. Behalve annalen (benji), tot dan toe de enige vorm van geschiedschrijving, bevat Shiji ook verhandelingen en exemplarische overleveringen (biografieën). Deze vorm van geschiedschrijving werd naar de belangrijkste twee componenten jizhuanti (紀傳體, annalen-biografie) genoemd en diende als voorbeeld voor het Boek van de Han en de daarop volgende officiële dynastieke geschiedenissen. Op die manier liep de invloed van de door Sima Qian ontworpen onderverdeling van Shiji door tot aan het begin van de 20e eeuw.

Bronnen gebruikt door Sima Qian thumb|Portret van Sima Qian. De door Sima Qian gebruikte bronnen kunnen worden onderverdeeld in drie categorieën: Voor de pre-Han tijd gebruikte Sima Qian de werken die op dat moment werden beschouwd als de belangrijkste historische bronnen, zoals het Boek der Documenten, het Boek der Liederen, de Lente- en Herfstannalen en het Commentaar van mijnheer Zhuo. Ook heeft hij een tekst gebruikt die moet hebben geleken op de later door Liu Xiang samengestelde Zhanguoce (戰國策, "Plannen der Strijdende Staten". Verder had Sima Qian de beschikking over twee nu verloren werken, een annalistische geschiedenis van de staat Qin en de "Lente- en herfstannalen van Chu en Han", (Chu Han Chunqiu, 楚漢春秋). Dat was een kroniek van de strijd tussen Chu en Han na de val van de Qin-dynastie, die uiteindelijke leidde tot de vestiging van de Han-dynastie. Voor de Hanperiode heeft Sima Qian gebruikgemaakt van officiële documenten. Als hofastroloog en hofhistoriograaf (Taishigong, 太史公, Grand Sribe) had hij toegang tot alle keizerlijke archieven. Ten slotte heeft Sima Qian veelvuldig gebruikgemaakt van mondeling overgeleverde tradities, die hij had verzameld tijdens zijn vele reizen door het land.

Voltooiing van het werk In veel geschriften worden Sima Qian en zijn vader Sima Tan als de enige samenstellers van Shiji genoemd. Het is echter niet zeker of Sima Qian zijn werk zelf heeft voltooid. Wel heeft hij rond 99 v.Chr., nadat hij vanwege zijn onwelgevallige stellingname gevangen was gezet en vervolgens gecastreerd, verder gewerkt aan Shiji. Het door hem samengestelde werk stond op dat moment bekend onder de naam Taishigong shu (太史公書, "Optekeningen van de hofhistoriograaf", de optekeningen van de Grand Sribe). Na zijn dood zijn er door diverse personen onderdelen toegevoegd. Dit geldt zeker voor de beschrijving van gebeurtenissen die na 90 v.Chr. hebben plaatsgevonden. Zo vermeldde de historicus Liu Zhiji (劉知幾, 661-721) de namen van in totaal vijftien geleerden die materiaal aan Shiji hadden toegevoegd voor de periode na de dood van Sima Qian. Alleen de toevoegingen door Chu Shaosun (褚少孫, ca. 105 - ca. 30 v.Chr.) zijn duidelijk aangegeven door de toevoeging "Mijnheer Chu zei" (Chu xiansheng yue, 褚先生曰). Ook werd reeds in de eerste eeuw na Chr. vermeld dat er tien hoofdstukken aan de tekst ontbraken en dat die pas later zijn aangevuld. Een groot aantal hoofdstukken die gaan over de eerste eeuw van de Han-dynastie (dus de 2e eeuw v.Chr.) komt letterlijk overeen met de betreffende hoofdstukken uit de Hanshu. Het is onduidelijk of die hoofdstukken oorspronkelijk uit Shiji dan wel uit Hanshu kwamen. De sinologen Yves Hervouet (1921-1999) en Anthony Hulsewé (1910-1993) namen aan dat de verloren geraakte oorspronkelijke onderdelen van Shiji zijn aangevuld met die uit Hanshu.

Langzame erkenning van het werk Het kritisch commentaar dat Sima Qian aan het hoofdstuk Xiao Jing benji (annalen van keizer Jing, juan 11) had toegevoegd, wekte de woede op van keizer Wu, zoon van Jingdi. Mogelijk verklaart dit waarom Sima Qian zo zwaar werd gestraft na zijn verdediging van Li Ling, een Han-generaal die zich aan de Xiongnu had overgeven in plaats van door te vechten. Hoewel Ban Gu schreef dat Shiji na de dood van Sima Qian allengs bekend raakte, bleef de feitelijke toegang tot het werk gedurende de volgende eeuw uiterst moeilijk. Het werk dreigde te worden vergeten. Zo maakte de catalogus van de keizerlijke bibliotheek, samengesteld door Liu Xin en vermeld in juan 30 (het bibliografisch hoofdstuk, yiwenzhi, 藝文志) van Hanshu, geen melding van Shiji. Wel is bekend dat Yang Yun (楊惲), kleinzoon van Sima Qian en in bezit van een exemplaar van het manuscript, tijdens de regering van keizer Xuan (r. 73-49 v.Chr.) aan Shiji heeft gewerkt. Mogelijk heeft hij zo het werk van de vergetelheid weten te redden. Uit een verzoek van Liu Yu (劉宇), koning van Dongping (r. 52-20) om een exemplaar van Taishi Gongshu blijkt dat het werk onder keizer Cheng (r. 33-7 v.Chr.) voor sommigen beschikbaar was. Pas onder de regering van de keizers Huan (r. 147-167) en Ling (r. 168-189) maakten geschriften voor het eerst melding van Shiji. Waarschijnlijk kon het werk pas vanaf dat moment worden gelezen zonder dat de lezer gevaar liep in verband te worden gebracht met de politieke misstap die Sima Qian had begaan. De eerste vermelding van Shiji als onderdeel van de 'Drie geschiedenissen' stamt uit de tijd van de Drie Koninkrijken. Toen verscheen ook het eerste commentaar op Shiji, de "Studie van de oude geschiedenis" (Gushi kao, 古史考) door Qiao Zhou (譙周, 199-270).

Commentaar van de Drie Geleerden thumb|Pagina uit Shiji, gedrukt in 1598, voorzien van commentaar door Pei Yin, aangevuld met het commentaar van Sima Zhen en gecorrigeerd door Zhang Shoujie. Deze uitgave bevindt zich in de bibliotheek van zowel de Universiteit van Peking als de Nationale Universiteit van Taiwan. Drie oude commentaren op Shiji worden de 'Commentaren van de drie geleerden' (sanjia zhu, 三家注) genoemd. Dit zijn: Pei Yin (fl.438), met zijn "Verzamelde uitleg op Shiji" (Shiji Jijie, 史記集解, wordt vaak vermeld in verkorte vorm als Jijie). Dit is het meest uitgebreide van de drie commentaren. Sima Zhen (ca. 656-720), met zijn "Zoeken naar het obscure in Shiji" (Shiji suoyin, 史記索隱, wordt vaak vermeld in verkorte vorm als Suoyin). Hij voegde een hoofdstuk over de Drie Verhevenen toe aan het oorspronkelijke werk en plaatste dat voor het hoofdstuk over de Vijf Oerkeizers, waarmee Sima Qian zijn werk liet beginnen. Zhang Shoujie (fl.725-735), met zijn "Correctie op betekenissen in Shiji" (Shiji zhengyi, 史記正義, wordt vaak vermeld in verkorte vorm als Zhengyi). Aan deze drie commentaren werd groot belang gehecht, zodat ze sinds de 11e eeuw integraal aan Shiji zijn toegevoegd.

Inhoud Shiji bestaat uit 130 juan (hoofdstukken), die zijn onderverdeeld in vijf categorieën: annalen tabellen verhandelingen erfelijke geslachten exemplarische overleveringen (biografieën)

Annalen Benji (本紀, annalen), 12 juan. Keizerlijke biografieën in strikt annalistische vorm die een chronologisch overzicht bieden van de belangrijkste gebeurtenissen, gezien vanuit het hof van de heersers. De annalen in Shiji beginnen met de annalen van de mythische Vijf Oerkeizers, gevolgd door een hoofdstuk per dynastie voor Xia, Shang, Zhou en twee voor de Qin-dynastie. Vervolgens hebben de keizers van de Han-dynastie elk een eigen hoofdstuk.

De nominale keizer Yidi (Koning Huai van Chu, 楚懷王) heeft geen eigen benji, maar staat vermeld onder Xiang Yu, de feitelijke machthebber, die hem in 206 v.Chr tot keizer benoemde en kort daarna liet doden. De opname van Xiang Yu is bijzonder, omdat hij na de val van de Qin een eigen dynastie wilde vestigen door Liu Bang te bestrijden, de latere stichter van de Han-dynastie.

Keizerin Lü heeft daarentegen (als vrouw!) wel een eigen benji, die bevat naast haar activiteiten als regentes ook die van haar zoon, keizer Hui (r. 195-188 v.Chr). Haar activiteiten die niet strikt te maken hadden met het bestuur staan vermeld in haar andere hoofdstuk, juan 49.

Juan 1-12: juan Titel Vertaling Opmerkingen 1. Wudi benji, 五帝本紀 Annalen van de Vijf Oerkeizers De Vijf Oerkeizers, beginnend met de Gele Keizer. De commentator Sima Zhen (ca. 656-720) voegde een hoofdstuk over de Drie Verhevenen toe dat hij voor het hoofdstuk over de Vijf Oerkeizers plaatste. 2. Xia benji, 夏本紀 Annalen van de Xia Xia-dynastie 3. Yin benji, 殷本紀 Annalen van de Yin Shang-dynastie 4. Zhou benji, 周本紀 Annalen van de Zhou Zhou-dynastie 5. Qin benji, 秦本紀 Annalen van de Qin De (feodale staat) Qin 6. Qinshihuang benji, 秦始皇本紀 Annalen van de Eerste Keizer van de Qin Qin Shihuangdi, 221-210 v.Chr. 7. Xiang Yu benji, 項羽本紀 Annalen van Xiang Yu hegemoon (Ba, 霸) Xiang Yu (in plaats van benji van keizer Yidi, 義帝). 8. Gaozu benji, 高祖本紀 Annalen van Gaozu keizer Gaozu (Liu Bang), 206-195 v.Chr. 9. Lü Taihou benji, 呂太后本紀 Annalen van de keizerin-weduwe Lü keizerin-weduwe Lü (gemalin van Han Gaozu en regentes 188-180 v.Chr.), haar annalen zijn inclusief die van haar zoon, keizer Hui (r. 195-188 v.Chr.). De twee door Lü aangestelde kindkeizers (Qianshaodi en Houshaodi) zijn genegeerd. Zie ook juan 49. 10. Xiao Wen benji, 孝文本紀 Annalen van (de kinderlijk gehoorzame) Wen keizer Wen, 179-157 v.Chr. 11. Xiao Jing benji, 孝景本紀 Annalen van (de kinderlijk gehoorzame) Jing keizer Jing, 156-141 v.Chr. 12. Xiao Wu benji, 孝武本紀 Annalen van (de kinderlijk gehoorzame) Wu keizer Wu, 140-87 v.Chr., annalen lopen tot 93 v.Chr.

Tabellen Biao (表, tabellen), 10 juan. Chronologische overzichten van de regeringen van de opeenvolgende heersers van de feodale staten uit de Zhou-tijd en de vroege Han-tijd. Tevens zijn de belangrijkste gebeurtenissen vermeld die tijdens hun regeringen plaatsvonden. Hierna volgen overzichten van de hoogste functionarissen onder de Han-dynastie.

Juan 13-22: