De United Grand Lodge of England (Nederlands: Verenigde Grootloge van Engeland, afgekort U.G.L.E.) is een van de oudste reguliere obediënties (koepelorganisatie van vrijmetselaarsloges) ter wereld. Zij is uitsluitend toegankelijk voor mannen.

De United Grand Lodge of England heeft een groot gezag in de maçonnieke wereld. Samen met de Grand Lodge of Scotland en de Grand Lodge of Ireland vormt zij de zogeheten Home Grand Lodges, de oudste grootloges ter wereld met veel aanzien. De Reguliere Grootloge van België en de Orde van Vrijmetselaren onder het Grootoosten der Nederlanden onderhouden vriendschappelijke verhoudingen met de United Grand Lodge of England.

De hoofdzetel van de United Grand Lodge of England bevindt zich in de monumentale Freemasons' Hall in de Londense wijk Covent Garden. In dit pand is ook het Museum of Freemasonry gevestigd, het belangrijkste Engelse vrijmetselarijmuseum.

De United Grand Lodge of England kent een onderzoeksloge, loge nr. 2670 Quatuor Coronati. Deze loge doet onderzoek naar de geschiedenis, gebruiken, beginselen en riten van de vrijmetselarij en geldt als een wereldwijde autoriteit op haar gebied.

In totaal kent de obediëntie anno 2025 ruim 7.000 loges die allen samen 170.000 leden tellen. Het merendeel van de loges bevindt zich in Engeland en Wales, daarnaast zijn er loges in vrijwel alle werelddelen.

Ritus en graden Binnen de loges van de United Grand Lodge of England worden de basisgraden van leerling, gezel en meester verleend volgens de Emulatieritus. De Grand Lodge overziet tevens de toepassing van de ritus van de Royal Arch vrijmetselarij binnen haar jurisdictie middels het Supreme Grand Chapter of Royal Arch Masons of England

Structuur miniatuur|Freemasons' Hall, Londen Aan het hoofd van de United Grand Lodge of Engeland staat de Grand Master (grootmeester). Deze benoemt een aantal bestuursleden of grootofficieren zoals de Grand Secretary en de Grand Chancellor. Als de Grand Master van koninklijken huize is - wat tot op heden vaak het geval is geweest - dan kan hij een Pro Grand Master benoemen als zijn belangrijkste adviseur en om in zijn plaats op te treden wanneer hij vanwege verplichtingen niet aanwezig kan zijn

De loges van de United Grand Lodge of England zijn op verschillende wijzen gegroepeerd:

Loges die in Londen gezeteld zijn, vallen - met een paar uitzonderingen - onder de Metropolitan Grand Lodge of Londen, met aan het hoofd de Metropolitan Grand Master. Loges in Engeland en Wales zijn ingedeeld in Provinces, dit zijn er 48 anno 2025. In elke provincie is er een Provincial Grand Lodge met aan het hoofd een Provincial Grand Master. Loges buiten Engeland en Wales zijn ingedeeld in Districts, dit zijn er 32 anno 2025. In elk district is er een District Grand Lodge met aan het hoofd een District Grand Master. Daarnaast zijn er nog 4 Groups (groepen van loges die te klein zijn voor een District), met aan het hoofd een Grand Inspector. Tenslotte is er nog een klein aantal loges - in Londen en in het buitenland - die direct onder de aansturing van de Grand Lodge vallen, onder de verantwoording van de Grand Secretary.

Geschiedenis

Voorgeschiedenis Al ruim voor het begin van de achttiende eeuw waren er vrijmetselaarsloges in Engeland, Schotland en Ierland. Op 24 juni 1717 kwamen vier Engelse loges bij elkaar in in het Goose and Gridiron Alehouse in St. Paul's Churchyard in Londen, en richtten de Grand Lodge of London and Westminster op, later bekend als de Premier Grand Lodge of England. Als eerste grootmeester werd Anthony Sayer (1672-1742) verkozen, een man over wie verder weinig bekend is behalve dat hij in zijn latere leven een beroep moest doen op liefdadigheid vanuit de Premier Grand Lodge.

Na enkele wisselingen werd in 1721 een edelman grootmeester: John Montagu, 2e hertog van Montagu (1709-1749). Hierdoor kreeg de Premier Grand Lodge meer aanzien, en er sloten zich steeds meer loges aan, ook van buiten Londen.

In 1723 publiceerde de schrijver en predikant James Anderson (1679-1739) in opdracht van de Premier Grand Lodge zijn Constitutions of Freemasonry, waarin de gedragsregels en statuten van de Premier Grand Lodge werden vastgelegd. Dit werk zou later de basis vormen voor de constituties van vele andere grootloges.

De Antients en de Moderns In de eerste jaren van het bestaan van de Premier Grand Lodge of England waren er verschillende loges die zich hier niet bij aansloten. In de jaren '30 en '40 van de achttiende eeuw ontstond er wrijving tussen de Premier Grand Lodge en de Grand Lodge of Scotland en de Grand Lodge of Ireland. Ierse en Schotse vrijmetselaren in Londen vonden de werkwijze van de Premier Grand Lodge steeds meer afwijken van die volgens de oorspronkelijke rituelen. Ook hadden zij moeite met het aristocratische gehalte van de Premier Grand Lodge.

Dit leidde er uiteindelijk toe dat op 17 juli 1751 een vijftal loges - die niet aangesloten waren bij de Premier Grand Lodge - bijeenkwamen in de Turk's Head Tavern in Soho, Londen en een nieuwe grootloge oprichtten, de Grand Lodge of Free and Accepted Masons of England according to the Old Constitutions. Zij beschouwden zich als de beoefenaars van de oorspronkelijke rituele werkwijze en noemden zichzelf de Antient Grand Lodge of England, ofwel de Antients. De leden van de Premier Grand Lodge werden de Moderns genoemd.

Beide grootloges zouden lange tijd naast elkaar bestaan. Pas in 1809 benoemden de Moderns een Lodge of Promulgation om te trachten hun rituele werkwijze in lijn te brengen met die van de Antients en de Ierse en Schotse grootloges. Na lange onderhandelingen werd op 27 december 1813 de Act of Union getekend, waarmee beide grootloges werden samengevoegd tot de United Grand Lodge of England. De eerste grootmeester van de nieuwe obediëntie was Augustus Frederik, hertog van Sussex(1773-1843), een jongere zoon van koning George III.

Grootmeesters miniatuur|August Frederik van Sussex, portret uit 1793 door Louis Gauffier Onderstaand een overzicht van de grootmeesters van de United Grand Lodge of England vanaf 1813 tot heden. PeriodeNaam1813-1843Prins Augustus Frederik, hertog van Sussex1844-1870Thomas Dundas, hertog van Zetland 1870-1874George Robinson, Hertog van Grey en van Ripon1874-1901Koning Eduard VII van het Verenigd Koninkrijk 1901-1939Arthur van Connaught en Strathearn 1939-1942Prins George, hertog van Kent 1942-1947Henry Lascelles, hertog van Harewood 1947-1950Edward Cavendish, hertog van Devonshire 1951-1967Lawrence Lumley, hertog van Scarbrough1967-Prins Edward, Hertog van Kent

Aanwezigheid in Nederland Rond het midden van de achttiende eeuw waren er verschillende loges in Nederlandse havensteden die werkten met een Engelse constitutiebrief. Dit was onder andere het geval in Amsterdam, Rotterdam en Vlissingen. De leden deze loges waren zowel Nederlanders als in Nederland woonachtige Engelsen. Al deze loges zijn in de tweede helft van de achttiende eeuw opgeheven of overgegaan naar de Grootloge der Zeven Verenigde Provinciën, een voorloper van het huidige Grootoosten der Nederlanden. Enkele loges die overgingen naar het Grootoosten bestaan nog steeds, zoals loge De Drie Kolommen in Rotterdam en de loges La Charité en La Paix in Amsterdam.

Een bijzondere loge is loge nr. 3970 Gastvrijheid Lodge in Londen. Deze loge is tijdens de Eerste Wereldoorlog opgericht in Groningen door daar geïnterneerde Engelse militairen. Na de oorlog verhuisde de loge terug naar Engeland.

Vermeldenswaard is ook loge nr. 5862 Anglo-Dutch Lodge. Deze loge werd tijdens de Tweede Wereldoorlog opgericht in Londen door gevluchte Nederlandse vrijmetselaars. Er was ook een kapittel van de Royal Arch aan verbonden, waaruit na de oorlog de Orde van het Heilig Koninklijk Gewelf in de Nederlanden is ontstaan. De loge is - na een fusie met een andere loge - in 2014 opgeheven.

Anno 2025 is er nog een loge van de United Grand Lodge of England actief binnen het Koninkrijk der Nederlanden: loge nr. 653 Igualdad is gevestigd in Willemstad, Curaçao. Deze loge is opgericht in 1855.

Zie ook

Premier Grand Lodge of England Emulatieritus

Externe link United Grand Lodge of England Museum of Freemasonry

Appendix

Categorie:Britse obediëntie