De Rood-blauwe stoel, ook Rietveldstoel genoemd, werd omstreeks 1918-1923 ontworpen door meubelmaker en architect Gerrit Rietveld. Vandaag de dag geldt de stoel, naast het Rietveld Schröderhuis, de asymmetrische composities van Mondriaan uit de jaren 20 en Café De Unie, als een schoolvoorbeeld van kunstbeweging De Stijl.
Constructie Rietveld reduceerde in dit ontwerp de traditionele armstoel tot 13 beukenhouten latten met een vierkant profiel, twee beukenhouten latten met een rechthoekig profiel en twee rechthoekige, triplex panelen. Voor de latten kan, op aanwijzing van Rietveld zelf, echter ook een andere niet-splijtbare houtsoort gebruikt worden. De latten worden, volgens een ongedateerde werktekening van zijn hand, met 16 ronde, beuken pennen op elk raakvlak aan elkaar bevestigd, en ‘de rug en zitting worden op de latten gespijkerd’.Zie originele, ongedateerde werktekening van Rietveld in:Peter Drijver en Johannes Niemeijer (2001). Rietveld meubels om zelf te maken. Bussum: Uitgeverij Thot, p. 24. Hierdoor was de stoel eenvoudig met behulp van bijvoorbeeld een zaagmachine te produceren. Rietveld hoopte dat machinale productie enerzijds het werk van de arbeider zou verlichten en anderzijds kwalitatief goede producten (zoals zijn stoel) bereikbaar zouden maken voor een groter publiek. Dit idee leefde bij meer ontwerpers uit Rietvelds kringen, zo ontwierp architect Robert van 't Hoff, om niet alleen de opdrachtgever, maar ook de uitvoerder tot dienst te zijn, eenvoudiger te bouwen en makkelijker te onderhouden huizen. thumb|left|Onbeschilderde Rietveldstoel. Afgebeeld als Bijlage XXII in De Stijl, 2e jaargang, nummer 11 (september 1919).
Ontwerp en typen Over de datering van het eerste prototype van de stoel bestaat onder kunsthistorici onenigheid. Sommigen plaatsen hem in 1917, anderen volgen de aanwijzing van oud-Rietveld-medewerker Gerard van de Groenekan, die er stellig van overtuigd was dat hij in de zomer van 1918 is ontstaan. Uit onderzoek van de kunsthistorica en Rietveld-specialist Marijke Kuper kunnen we echter afleiden dat de stoel voor het eerst in 1919 is gemaakt.Marijke Kuper, Lex Reitsma, De stoel van Rietveld, NAi Uitgevers, 2011,
Het eerste model is nog niet uitgevoerd in de kenmerkende kleuren rood en blauw, maar is onbeschilderd en van massief Beukenhout. Bovendien heeft het onder de armsteunen zijpanelen (zie afbeelding links). Het ongekleurde model van hiernaast is er niet meer maar er zijn meerdere andere versies van dit model bekend, onder andere in het Centraal Museum en het Victoria and Albert Museum in Londen.
Later maakte Rietveld een andere versie, zonder deze zijpanelen, om de stoel zowel visueel als fysiek lichter te maken. Zodoende had Rietveld de constructie van armstoel tot een minimum ‘gedeconstrueerd’ en waren alle onderdelen waaruit hij bestaat zichtbaar gemaakt. Ook deze stoel is onbeschilderd en donker. Hij is 87 cm hoog, 60 cm breed en 60 cm diep.Paul Overy (1997). De Stijl. London: Thames and Hudson, ill 5.
Het eerste (onbeschilderde) exemplaar van 1921 werd besteld door P.J. Schelling.Peter Drijver en Johannes Niemeijer (2001). Rietveld meubels om zelf te maken. Bussum: Uitgeverij Thot, p. 98. In 1922 bestelde Dr. A.M. Hartog een exemplaar voor zijn, ook door Rietveld ontworpen, behandelkamer in Maarssen. Het exemplaar dat de Haagse avant-garde dichteres Til Brugman in 1923 bestelde voor haar, door Vilmos Huszár geschilderde muziekkamer, is geheel wit gebeitst.Paul Overy (1997). De Stijl. London: Thames and Hudson, ill. 80. Dit exemplaar werd in mei 2007 bij Christie's in Amsterdam geveild voor € 264 000.Zie Evert-Jan Pol, Christie’s veilt verloren gewaande witte Rietveldstoel (20 mei 2007). Daarnaast zijn er nog bekend: een roze stoel, een zeegroene stoel (besteld door Charley Toorop) en een zwarte stoel met witte kopse kanten (besteld door Paul Citroen).
De kleuren rood, blauw, geel en zwart werden omstreeks 1923, kort voordat Rietveld het Rietveld-Schröderhuis ontwierp, onder invloed van werk van Piet Mondriaan, Vilmos Huszár en Theo van Doesburg, aan de stoel toegevoegd. In een ongedateerde werktekening van Rietveld, waarschijnlijk uit de jaren 30, die bewaard wordt in het Centraal Museum in Utrecht, geeft hij de definitieve afmetingen en kleuren van de stoel:
Maten in millimetersd=doorsnede van lattenLataantaldoorsnede(mag enigszins afwijken)lengtegatenArmlegger290×30450onder: 245 en 75 van achter, in het middenonder: 75-d van achter, 15 vanaf de buitenkantAchterpoot230×30470achter: d/2 van bovenbinnen:385 van bovenboven in het kopse uiteindeArmleggerstijl230×30430voor: 255 van bovenachter:385-d van bovenbinnen 385 van bovenboven in het kopse uiteindeZijregel230×30660buiten: 45, 215 en 615 van achtervan boven naar beneden: 215-d en 615-d van achterVoorpoot230×30330achter: 45 en 245-d van bovenbinnen: 245 van bovenDwarsregel voor boven130×30600voor: 45 van links, 45 van rechtsWig onder zitplankNiet door Rietveld genoemd, maar voor de stevigheid wordt een wig aan de voorzijde zeer aanbevolen1 of 210×30 (driehoekige doorsnede)345Dwarsregel voor onder130×30600voor: 45 van links en van rechtsonder:45+d van links en van rechtsDwarsregel middenonder130×30600voor: 45 van links en van rechtsonder:45+d van links en van rechtsDwarsregel middenboven130×30600achter: 45 van links en van rechtsDwarsregel achter130×30660boven: 45 van links en van rechtsvoor: 75Rietveld schrijft abusievelijk 105 van links en van rechtsZitplank110450×345Rugplank110880×320 ‘alle latten van 3 × 3 cm zwart gebeitst met gele kopeinden’, de armleggers (45 × 9 × 3 cm) ‘zwart gebeitst’ en ‘kopeinde chromaat geel’, de rugplank (88 × 32 cm, 1 cm dik) ‘vermiljoen rood, ook dikke kanten’ en de zittingplank (45 × 34,5 cm, 1 cm dik) ‘ultramarijnblauw, ook dikke kanten’.Peter Drijver en Johannes Niemeijer (2001). Rietveld meubels om zelf te maken. Bussum: Uitgeverij Thot, p. 24. Van deze definitieve Roodblauwe stoel bevindt zich één exemplaar, uit ca. 1923, in het Stedelijk Museum in AmsterdamBeschrijving in de collectie van het Stedelijk Museum (geraadpleegd 18 september 2013). en één, uit ca. 1925, in het Centraal Museum in Utrecht.Beschrijving in de collectie van het Centraal Museum Utrecht (geraadpleegd 18 september 2013).
Uitvoering Op een door Rietveld zelf geschetste prijslijst uit omstreeks 1923 staan twee schematische tekeningen van de stoel in rood, blauw en zwart. Volgens deze lijst bestond er een 'goedkoope uitvoering' van 15 gulden en een 'fyner uitvoering' van 22 gulden 50. De goedkopere uitvoering werd geproduceerd door de firma C. van 't Hullenaar in Utrecht; de duurdere door Rietveld en zijn assistent Gerard van de Groenekan zelf en was te koop bij kunsthandel Gerbrands, eveneens in Utrecht. Deze handgemaakte exemplaren verschillen door de jaren aanzienlijk van afmeting.
In 1971 verkochten de erfgenamen Rietveld de rechten van de stoel aan de Italiaanse firma Cassina, die in 1972 de productie van de stoel hernam. Door de machinale productie hebben de stoelen afkomstig uit deze firma allemaal dezelfde afmetingen.Paul Overy (1997). De Stijl. London: Thames and Hudson, pp. 76-79.
Kasper Jansen stelde het volgende overzicht samen op grond van de maatverhoudingen (in mm) van de verschillende bekende Roodblauwe stoelen:Peter Drijver en Johannes Niemeijer (2001). Rietveld meubels om zelf te maken. Bussum: Uitgeverij Thot, pp. 28-29. naam periode profiel latten armleggers zittingplank rugplank breedte lengte dwarslatten Piet Elling Circa 1920 25 × 25 450 × 50 × 25 340 × 450 343 × 900 652 603 Piet Elling Circa 1920 25 × 25 450 × 50 × 25 354 × 450 450 × 718 650 605 Bart van der Leck 26 × 26 450 × 80 × 26 320 × 453 320 × 878 654 600 Purperhart 25 × 25 450 × 57 × 25 330 × 450 330 × 900 603 604 Gerard van de Groenekan Circa 1923-1925 29 × 29 450 × 80 × 29 360 × 460 330 × 880 660 600 Roodblauw Na 1927 29 × 29 450 × 90 × 29 360 × 450 330 × 879 659 600 Baroni 25 × 25 450 × 80 × 25 360 × 460 330 × 870 650 600 Gerrit Rietveld Na 1932 30 × 30 450 × 90 × 30 345 × 450 320 × 880 660 600 Cassina 1972-heden 29 × 29 455 × 85 × 29 400 × 462 344 × 898 655 600
De Stijl thumb|Theo van Doesburg. Compositie X. Olieverf op doek. 64 × 43 cm. Parijs, Centre Pompidou. De stoel is nu hét icoon van De Stijl, hoewel Rietveld hem ontwierp toen hij nog geen lid van deze kunstbeweging was. De opname van Rietveld in De Stijl is te danken aan Robert van 't Hoff, die hem 1919 aanraadde de hierboven afgebeelde foto van zijn stoel op te sturen naar hoofdredacteur van De Stijl, Theo van Doesburg. Deze was direct enthousiast en publiceerde hem van commentaar voorzien in september 1919 in zijn tijdschrift als een voorbeeld van "abstract-reële beeldhouwkunst in het nieuwe interieur".'Aanteekeningen bij een leunstoel van Rietveld', De Stijl, 2e jaargang, nummer 11 (september 1919). Zie Digital Dada Library. Paul Overy wijst op het feit dat een eerder door Van Doesburg gemaakt schilderij, Compositie X (zie afbeelding hiernaast), met zijn kruisende lijnen en zwarte en grijze vlakken, veel overeenkomsten vertoont, zij het in twee dimensies, met Rietvelds stoel.Paul Overy (1997). De Stijl. London: Thames and Hudson, p. 74.
Betekenis Rietvelds Rood-blauwe stoel wordt door onder meer de kunsthistoricus Siegfried Giedion gezien als compleet nieuw. Latere kunsthistorici zijn echter van mening dat de stoel vergelijkbaar is met eerder werk van Frank Lloyd Wright, Hendrik Petrus Berlage, Piet Klaarhamer en anderen. Rietveld werd immers door J.N. Verloop, die in 1914 Robert van 't Hoff opdracht gaf een bungalow in Huis ter Heide te ontwerpen, gevraagd kopieën van Wrights meubels te maken. Dit was echter nadat hij zijn Rood-blauwe stoel had ontworpen. Een andere kunsthistoricus, Frampton, vindt dat de Rietvelds vroege werk kenmerkende kruisende steunen (de zogenaamde Cartesiaanse knoop) ‘een open architectonisch effect tonen en apert vrij zijn van invloeden van Wright’.Paul Overy (1997). De Stijl. London: Thames and Hudson, p. 75.
Literatuur Kuper, Marijke, Lex Reitsma. De stoel van Rietveld. - Rotterdam : NAI uitgevers i.s.m. Premsela Stichting, 2011. - 192 p. + DVD; ill. . Verschenen t.g.v. de tentoonstelling in het kader van het Rietveldjaar 2010 in het Centraal Museum, Utrecht van 20 oktober 2010 tot 11 januari 2011.
Documentaire De stoel van Rietveld. Uitgezonden door AVRO's Close Up op 19-3-2011. Zie: www.uitzendinggemist.nl. Ook verschenen op dvd, zie bij Literatuur.
Externe link Rood-blauwe stoel van Rietveld in Kunstmuseum Den Haag
Noten
Categorie:De Stijl Categorie:Werk van Gerrit Rietveld Categorie:Stoel Categorie:Meubelontwerp