De Roman van Walewein, kortweg de Walewein, is een Middelnederlandse Arthurroman, geschreven door ene Penninc in naar men denkt het derde kwart van de dertiende eeuw, en nog binnen die periode van een slot voorzien door Pieter Vostaert, omdat Penninc bewust of door omstandigheden de roman niet voltooid had. Het oudste bewaard gebleven handschrift dateert van omstreeks 1350.Digitale versie van 1 (f. 1-119): Heinric van Aken, Roman van Heinric en Margriete van Limborch. - 2 (f. 120-182): Penninc en Pieter Vostaert, Roman van Walewein LTK 195 | Digital Collections Universitaire Bibliotheken Leiden
De roman wordt algemeen geprezen om zijn speelsheid en vertelkunst. Het werk behoort tot de Canon van de Nederlandse letterkunde, waar het onder meer deel uitmaakt van de Vlaams-Nederlandse literatuurcanon.
Historiek Vermoedelijk werd het verhaal in het derde kwart van de dertiende eeuw in het graafschap Vlaanderen geschreven door Penninc, mogelijk de 'jongleurs'-naam van iemand die voortdurend geld tekort kwam. Hij begon het boek rond 1250, maar liet het onafgemaakt achter. Het is onduidelijk waarom hij dat deed. Van oudsher neemt men aan dat hij nog voor zijn overlijden zijn werkplan wilde doorgeven aan Pieter Vostaert, die als testamentair executeur de roman voltooid zou hebben door daar ongeveer 3300 verzen aan toe te voegen.Aldus zijn verantwoording in de epiloog van de roman.
Hoewel de exacte overgang van het werk van Penninc naar dat van Vostaert niet duidelijk is, kunnen hun stijlen in de tekst onderscheiden worden: waar Penninc veel aandacht heeft voor details, zoals het belang van hoofsheid, daar verdwijnen de gedetailleerde beschrijvingen in Vostaerts bijdrage: er wordt meer nadruk gelegd op de gebeurtenissen en de actie.
Het bewaard gebleven handschrift werd door de kopiist gedateerd met M CCC ende L, ofwel het jaartal 1350.
Oorspronkelijke teksten thumb|Fragment uit het manuscript van Walewein. Nederlanden, 14e eeuw. Universitaire Bibliotheken Leiden De voltooide tekst waarvan het enig volledig bewaard gebleven handschrift te vinden is in Universiteitsbibliotheek Leiden, telt 11.198 versregels. In de universiteitsbibliotheek van Gent bevinden zich fragmenten van een ander - jonger - handschrift (Ms. 1619). Deze fragmenten, het gaat om twee folio's perkament, werden in de 14e-eeuwse Nederlanden vervaardigd.
Inspiratiebronnen Zolang men dacht dat de Roman van Walewein vertaald was uit een verloren gegane Franse Arthurroman, genoot de tekst eenzelfde waardering als de andere zelfstandig overgeleverde niet-historische Middelnederlandse Arthurroman, de Roman van Ferguut, waarvan men wist dat hij vertaald was van een Frans origineel. Maar nadat men in de loop van de 20e eeuw tot de conclusie kwam dat de Roman van Walewein géén vertaling van een Oudfranse Arthurroman, doch een oorspronkelijk Middelnederlandse roman was, schoot de waardering omhoog. Dat 'oorspronkelijk' moet overigens met een korrel zout genomen worden. De Walewein is niet origineel, maar een creatieve bewerking van bestaande stof, zoals in die tijd gebruikelijk was.
Walewein is een tot Arthurroman omgewerkt sprookje en wel de tot dusver oudst bekende variant van 'Aarne-Thompson 550', een sprookjestype waartoe onder andere Grimms Der goldene Vogel en het in Rusland beroemde verhaal Van Iwan Tsarewitsj, de vuurvogel en de grijze wolf behoren. Andere inspratiebronnen van Penninc waren het werk van Chrétien de Troyes en Gerbert de Montreuil, en middeleeuwse literatuur van en over heiligen (zoals Bonifatius), visioenen van hemel en hel, en beschrijvingen van het verre India.B.Besamusca, E.Kooper (1994), Originality and Tradition in the Middle Dutch Roman van Walewein, Cambridge, p. 79-99
Plaats tussen de Arthurverhalen miniatuur|Het thema van het (magische) schaakbord komt ook in een sage van Lancelot voor: Lancelot en het magische schaakbord. Hier: het door Lancelot overwonnen magische schaakbord wordt aan Guinevere geschonken. (Afbeelding uit 14e eeuw) In dit verhaal van Walewein wordt tegen de destijds heersende mode in de Vlaamse literatuur stelling genomen, vooral tegen de prozacyclus Lancelot-Graal (drie Oudfranse Arthurromans Lanceloet, Queeste vanden Grale en Arturs doet). De Lancelot-Graal was de kern van de latere Lancelotcompilatie, waarbij zeven teksten zijn ingevoegd (onder meer Moriaen en Ridder metter mouwen).B.Besamusca (1993), Walewein, Moriaen en de Ridder metter mouwen, Uitgeverij Verloren, Hilversum, pp 23, 187 Walewein en het schaakspel ging aan deze twee laatstgenoemde verhalen vooraf. In de Lancelot-Graal is Galahad, de zoon van Lancelot, de ideale graalridder en niet Walewein (Gauvain). In de Lancelot-Graal zweeft in het begin de graal binnen, in de Walewein zweeft een werelds voorwerp, een schaakspel, binnen. In de Lancelot-Graal wordt Walewein door Lancelots broer Estor (Hector) overwonnen, terwijl in de Walewein de zwarte ridder Estor wordt verslagen. Zo zijn er tal van verhaalelementen in de Lancelot-Graal, waar de Walewein op reageert.
Cultureel erfgoed De roman is een inspiratiebron geweest voor Vlaamse auteurs. Na de Roman van Walewein ontstonden ook nog de Roman van Moriaen, de Roman van de Ridder metter Mouwen, de Roman van Walewein ende Keye, de Flandrijs… Ze hebben Pennincs ambitie voortgezet: oorspronkelijke romans schrijven, die geen vertaling of bewerking van anderstalige teksten waren.
Veel later, in 1922, heeft Louis Couperus ook een bewerking geschreven van de Roman van Walewein, namelijk Het zwevende Schaakbord. Deze volgt in grote mate de verhaallijn van de Roman van Walewein. De namen van de personages verschillen (bv. Walewein wordt Gawein), en uitvindingen van de tovenaar geven het verhaal een moderner karakter.
In 1957 bezorgde G.A. van Es onder de titel De jeeste van Walewein en het schaakbord,'Jeeste' is Middelnederlands voor een 'waar gebeurd' verhaal een nieuwe kritische editie van de Middelnederlandse teksten zoals bewaard gebleven in LeidenUniversiteitsbibliotheek Leiden, LTK 195 en Gent.Een fragment, in de Universiteitsbibliotheek Gent, hs. 1619
Het verhaal De roman van Walewein is een raamvertelling. Binnen het verhaal van Walewein wordt tevens het levensverhaal van Roges de vos verteld. De twee verhalen worden hier achtereenvolgens beschreven.
Walewein
Koning Arthur houdt hofdag met zijn ridders van de ronde tafel wanneer plots een prachtig schaakspel de grote zaal binnen zweeft en op de vloer landt, als ware het een uitdaging aan de aanwezigen ertegen te spelen. Niemand pakt de uitdaging op en even plotseling als dat het spel zijn entree maakte, verdwijnt het weer. Koning Arthur wil het schaakbord dolgraag hebben en zet zijn hele rijk in het vooruitzicht als beloning aan degene die het spel komt brengen. Walewein besluit zich aan deze zoektocht te wagen.vers 1-169
Walewein volgt het schaakbord met zijn paard Gringolet door de bossen en ziet het schaakbord een berg binnengaan. Daar verslaat hij vier drakenjongen en hun moeder.170-654
Walewein reist verder tot bij het kasteel van koning Wonder en diens zoon Alidrizonder, die het gezochte schaakspel blijken te spelen. Wonder blijkt de eigenaar van het zwevende schaakspel te zijn en zegt het schaakbord wel te willen overhandigen, doch op voorwaarde dat Walewein hem het Zwaard met de Twee Ringen brengt. Dit magische zwaard is in handen van koning Amoraen.vers 655-1350
Op weg naar kasteel Ravensteen van Amoraen komt Walewein een schildknaap tegen op een mager paardje. De jongeman is op weg naar koning Arthur om tot ridder te worden geslagen. Als ridder kan hij namelijk in duel gaan met de moordenaar van zijn broer en zo de eer beschermen. Helaas heeft een roofridder hem bestolen. Walewein geeft hem zijn paard Gringolet opdat de schildknaap zijn missie kan voltooien.vers 1350-1534 Zelf gaat Walewein te voet de roofridder tegemoet. Hij doodt de roofridder, moordt iedereen die in zijn kasteel zit, doet de deur op slot en met het weggooien van de sleutel is dit het einde van de burcht van de roofridder.vers 1350-1706
In die tijd bereikt de schildknaap met Gringelot het hof van Koning Arthur. Daar wordt hij verdacht van moord op Walewein, maar dankzij Lancelot kan de schildknaap zijn verhaal doen. Hij leert dan pas dat zijn redder in nood Walewein was. Arthur slaat hem tot ridder, waarna de nieuw geslagen ridder terug naar huis snelt voor het geplande duel.vers 1706-1866
Walewein ziet een grote groep ridders - die naar Koning Amoraen zouden luisteren - en begrijpt dat ze op weg zijn naar het hof van Koning Amadijs voor een gevecht. Dit blijkt precies het gevecht te zijn waar de schildknaap - inmiddels dus ridder - moest zijn. Voor het kasteel van koning Amadijs verslaat de net geslagen ridder de moordenaar van zijn broer in een duel. Het toekijkende leger valt dan de jonge ridder aan. Eerst Walewein en dan Koning Amerijs die even later met zijn leger arriveert staan hem bij en slaan de aanval af.vers 1866-2841
Walewein trekt de volgende dag alleen verder naar Amoraen, die in Ravensteen, een kasteel op een rots in de zee woont. Amoraen wil in ruil voor het Zwaard met de Twee Ringen de schone Ysabele, dochter van koning Assentijn uit het verre Indië, als bruid. Ysabele zou nog schoner zijn dan Isolde. Het magische zwaard blijkt overigens alleen naar de beste ridder nabij te luisteren en het presenteert zich voor Walewein.vers 2842-3648
Walewein verlaat kasteel Ravensteen van koning Amoraen dan ook met het Zwaard met de Twee Ringen en gaat op zoek naar Ysabele. Maar dan ziet hij aan de overkant van een rivier de Rode Ridder op een groot strijdpaard, die een jonkvrouw mishandelt. Walewein steekt over om haar te redden. Wanneer hij hem dodelijk verwondt biecht de Rode Ridder zijn zonden op, waaronder de moord op de broer van de jonkvrouw. Op aandringen van Walewein vergeeft zij hem. De Rode Ridder wenst een ceremonieel christelijk teraardebestelling. In ruil daarvoor belooft hij Walewein terzijde zal staan wanneer hij hem ontbiedt. Dan sterft hij. Na nog wat schermutselingen met strijdmakkers van de Rode Ridder, die Walewein ook doodt, brengt hij de jonkvrouwe naar haar oom.vers ...-4753
's Nachts gaat Walewein terug naar de dode Rode Ridder. Daar ziet hij fakkels en stallampen branden en hoort hij de kyrie eleison. Alles verdwijnt als Walewein dichterbij komt. "Het is immers geen levend schepsel vergund de plaats waar God zelf wonderen verricht te naderen en zijn geheimen te aanschouwen, wees daar zeker van!".De ridders van de Ronde Tafel, blz. 94 De dode makkers van de rode Ridder worden door duivels gehaald. Walewein brengt de Rode Ridder naar een kapel, waar een priester de mis voor de Rode Ridder zingt en waar hij wordt begraven.vers 4754-4920
Walewein reist verder en uitgeput komt hij in het zicht van het kasteel van koning Assentijn, dat onbereikbaar is door een rivier. De aanwezige 'zwaardbrug' biedt geen mogelijkheid om over te steken. Daar ontmoet hij de betoverde vos Roges (lett. de 'Rode'), die hem in zijn slaap eerst besteelt en zijn harnas en schild beschadigt, maar zich na een gevecht overgeeft.vers 5155-5259 Walewein schenkt hem genade en de vos vertelt hem zijn levensverhaal.vers 5260-5755
Dan wijst de sprekende vos Walewein een ondergrondse tunnel aan, zodat Walewein de brandende rivier (het vagevuur, waar zwarte vogels zich in onderdompelen om als witte vogels weer op te stijgenDe ridders van de Ronde Tafel, Ingrid Biesheuvel, blz. 110) kan oversteken en het kasteel kan binnendringen. Maar Roges waarschuwt hem dat het onmogelijk is tot bij de koning en zijn dochter te komen. Het kasteel telt namelijk twaalf muren die elk bewaakt worden door tachtig ridders.